Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via handschriftherkenning tot stand gekomen transcripties een samenvatting laten maken.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond.
Deze tekst beschrijft een veiling van verschillende goederen, zoals hout, planken, deuren en ramen, die plaatsvond in het verleden. De goederen werden verkocht aan verschillende kopers voor uiteenlopende bedragen in guldens.
Hier volgen de belangrijkste punten:
Bij geschillen over de veiling beslist de notaris. Daarna volgde een nieuwe veiling van brandhout en balken:
De totale opbrengst van de veiling was ƒ144,75.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 5351475 / 59
Op
een onbekende datum werd een veiling gehouden met strikte regels:
- Als de hoogste bieder niet betaalde, mocht deze geen voordeel houden uit een eventuele herveiling.
- Alle ruzies over de veiling werden beslist door de notaris, en alle partijen moesten zich hierbij neerleggen.
De veiling bracht de volgende verkopen voort (namen van kopers en bedragen in Nederlandse guldens en cents):
Hout en balken:
- Twee drempels: S. de Jong voor 2 gulden.
- Brandhout: L. J. Verkleij (1 steenkamp), L. J. Verkley (75 steenkamps voor 2 gulden 90 cent), van der Neut (5 steenkamps voor 2 gulden 25 cent), H. Strijland (25 steenkamps voor 2 gulden 25 cent).
- Eikenhout: D. Verstoep (8 stukken voor 8 gulden 40 cent), N. Visser (3 stukken voor 2 gulden 26 cent), Mierk (50 stukken voor 2 gulden 27 cent), C. Spaans (40 stukken voor 1 gulden 40 cent), van Gelderen (60 stukken voor 2 gulden).
- Planken: W. van Vliet (70 stukken voor 2 gulden 70 cent), Houweling (2 stukken), D. van Dyk (1 stuk voor 1 gulden 60 cent), L. Wahlen (75 stukken), Murk (2 stukken voor 1 gulden 50 cent), Jansen (3 stukken), N. Visser (1 stuk voor 1 gulden 40 cent), D. van Zanten (1 stuk), T. de Kuiper (1 stuk voor 1 gulden 80 cent), C. Wahlen (1 stuk voor 1 gulden 60 cent), P. Bakker (1 stuk voor 1 gulden 60 cent), H. Bank (1 stuk voor 1 gulden 60 cent), C. Spaans (1 stuk voor 80 cent), M. Blom (1 stuk voor 1 gulden 50 cent).
- Latten: W. Engel (1 stuk voor 1 gulden 50 cent), J. Winkel (3 stukken voor 3 gulden 50 cent).
- Riggels: E. van der Jagt (3 stukken), A. Koppenol (1 stuk), Oliemans (1 stuk).
- Lijsten: Oliemans (80 stukken voor 65 cent), P. Bakker (bintenbalken).
- Balken: 6. Massé (1 stuk), W. de Wit (1 stuk voor 1 gulden 80 cent), J. H. Koppenol (1 stuk voor 1 gulden 80 cent).
Transportkosten:
E. van der Jagt betaalde 312 gulden 50 cent voor transportkosten.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 5351497 / 71
Op
18 mei 1894 gingen
Johannes Arnold van Muijen, een koopman en slager uit de
Nes of Zwaluwenbuurt in
Nieuwer-Amstel (nu
Amstelveen), en
Antonie Gerrit Bloem, een kandidaat-notaris uit
Uithoorn, naar notaris
Cornelis Jan Boerlage in
Uithoorn.
Van Muijen was de vader en wettelijke voogd van zeven minderjarige kinderen:
Petrus Nicolaas,
Maria Alida,
Mida Apolonia,
Nicolaas Petrus Johannes,
Theodorus Petrus en
Maria Apolonia van Muijen. Hun moeder,
Wilhelmina Johanna de Bruijn, was overleden.
Bloem handelde namens
Petrus Johannes de Bruijn, een timmerman en
toeziend voogd (iemand die toezicht houdt op het beheer van de voogd). Deze was op
8 november 1888 benoemd door de rechter in
Amsterdam.
Van Muijen wilde als zekerheid voor zijn beheer over het geld van de kinderen (een bedrag van
₣7.837,69½) vier stukken weiland met water langs de
Amsteldijk in de
Bovenkerkerpolder (
Nieuwer-Amstel) als
onderpand (hypotheek) geven. De percelen waren:
- Kadastrale aanduidingen: sectie Knommers nummers 288, 290, 291, 292, 741, 742 en 681.
- Totale grootte: 4 hectare en 8 are (40.008 m²).
Van Muijen verklaarde dat hij:
- De percelen 288, 290, 291 en 292 had gekocht op 23 december 1886.
- De andere percelen (741, 742, 681) had gekocht via een veiling op 19 april 1894.
- De akten hiervan waren ingeschreven bij de hypotheekkantoor in Amsterdam (op 8 januari 1887 en 15 mei 1894).
- Op de percelen rustte alleen een eerdere hypotheek van ₣7.000.
In de tekst stond ook een lijst met verkochte houtvoorraden (balken, planken, palen, enz.) van de percelen, met namen van kopers en opbrengsten. Enkele voorbeelden:
Niet alle genummerde items waren verkocht. Het proces-verbaal (officiële verslag) werd ondertekend door
Bloem, de getuige
Comferius en notaris
Boerlage. Het document werd geregistreerd in
Amsterdam op
4 juni 1894, met een registratiekost van
₣11,60.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 5351455 / 188
Op
4 maart 1895 ging
Gerrit Hendrik Lieberton, een boerenarbeider uit
Hoorn (wonende aan de
Boterdijk), naar notaris
Jean Frederik Herbschleb in
Nieuwer-Amstel. Bij hem was
Dirk van Hees, een werkman uit
Amstelveen (gemeente
Nieuwer-Amstel), die getrouwd was met
Elisabeth Reering.
Elisabeth was eerder getrouwd geweest met
Jan Lieberton, een overleden werkman uit
Nieuwer-Amstel. Uit dit eerste huwelijk was
Gerrit Hendrik Lieberton geboren.
Toen
Elisabeth hertrouwde met
Dirk van Hees, was er geen lijst gemaakt van de bezittingen uit haar eerste huwelijk. Omdat
Gerrit Hendrik toen nog minderjarig was, bleef de gemeenschap van goederen uit het eerste huwelijk bestaan.
Gerrit Hendrik Lieberton verkocht nu al zijn rechten als erfgenaam aan
Dirk van Hees. Dit betrof:
Op dat moment behoorde tot de gemeenschappelijke bezittingen van
Elisabeth Reering en
Dirk van Hees:
- een huis met tuin en land in Amstelveen (gemeente Nieuwer-Amstel), kadasternummer Sectie G, nummer 698, met een oppervlakte van 5 are, 46 centiare.
Dit huis was eerder door
Dirk van Hees gekocht op
7 februari 1877. De verkoop werd vastgelegd in deze akte, met toestemming om deze in te schrijven waar nodig.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 4871604 / 97
-
Op 2 januari 1834 richtten Louis Disma (fabrikant in Leeuwarden) en Wind. Barometerston Comperatuur (zonder beroep, woonachtig in Boksum) een handelsvennootschap op. Deze vennootschap had als doel:
- Het voortzetten van de productie van wijn en mineraalwater onder de naam Gebroeders Fisma.
- De handel in deze en verwante producten.
- Het kopen, bewaren en verkopen van materialen voor maximaal ƒ200.
De vennootschap was gevestigd in Leeuwarden en zou 10 jaar duren, vanaf 1 januari 1831, met automatische verlenging tenzij een van de vennoten uiterlijk 6 maanden voor het einde opzegde.
-
Op 26 januari 1834 werden schuldeisers opgeroepen voor de afhandeling van de nalatenschap van Iohannes Hogersdijk (overleden in Haarlem). De afwikkeling vond plaats op het kantoor van notaris W. A. Zoef in Haarlem, Groote Houtstraat 35.
-
Weer- en waterberichten van 11 januari 1834 meldden:
- Strenge vorst in Oost-Europa, mildere temperaturen in West-Europa.
- In Nederland was er weinig verandering; de barometerstand in Amsterdam was 765,4 mm.
- Waterstanden in Gorinchem (5.40 m), Schoonhoven (2.40 m), en Dordrecht (1.35 m).
- In Lobith en Nijmegen dreef ijs op de rivieren.
-
Een proces tegen Vaillant, die een bom gooide in de Franse Kamer van Afgevaardigden, leidde tot zijn terdoodveroordeling. Hij weigerde cassatieberoep en vroeg geen gratie.
-
In België dreigde het kabinet te vallen door conflicten over een wetsvoorstel voor kerspacht (landpacht). Minister Beernaert overwoog ontslag, maar de oppositie probeerde het kabinet te redden.
-
In Duitsland werd een zoon van graaf Harry von Arnim (die in 1881 door Bismarck was veroordeeld) gearresteerd wegens laster tegen Bismarck. Hij beweerde dat zijn vader onschuldig was en dat Bismarck zich onrechtmatig had verrijkt.
-
In Haarlem overleden op 10 januari 1834:
- Jan ter Louw (73 jaar), een voormalig opperhoofd van de Derwisjen.
- J. H. Dazzw, schrijver van de Schildonis van Amsterdam.
-
Een discussie in de Arnhemsche Courant ging over de kieswet en belastingherziening. De krant kritiseerde het voorstel omdat het oneerlijk zou zijn voor groepen die niet in de geplande categorieën pasten.
-
Bij de Koninklijke Militaire Academie in 1833:
- 252 cadetten aan het begin van het jaar, 1020 aan het einde.
- Eén cadet, Cort van der Linden, werd weggestuurd wegens slecht gedrag en overleed later aan pokken.
- De gezondheidssituatie was goed; er waren geen ernstige ziekten.
-
Een advertentie meldde dat de Vereeniging voor Drankbestrijding een algemene vergadering hield in Rotterdam op 10 februari. Leden konden voorstellen indienen tot 31 januari.
-
In Krakau liep een rechtszaak tegen 118 boeren en burgers die zich gewapenderhand hadden verzet tegen gezondheidsmaatregelen tijdens een cholera-epidemie in 1832.
-
In Abessinië leed het leger van Lobengula zware verliezen tegen de Derwisjen, met naar schatting 1000 doden.
-
Een briefwisseling tussen twee tantes en een nicht (Helene) onthulde financiële zorgen en familieperikelen. Mevrouw Rlatt kon haar nicht niet in huis nemen wegens geldgebrek en sociale verplichtingen.
-
Praktische informatie:
- Abonnementskosten voor een krant: ƒ5,30 (voor Haarlem en Amsterdam), ƒ3,50 (rest van Nederland), ƒ5,60 (buitenland binnen Postvereniging).
- Advertenties voor onderwijzers tegen alcoholmisbruik werden aangemoedigd.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 404 / 0020
Op 21 januari 1687 ontvingen ambtenaren in Bandam (Banda) een brief waarin de beschuldigingen van Jajadita tegen Ningrat als onzin werden bestempeld. Ook meldden ze dat medicijnen voor het schip Maccassar, die eerder waren aangevraagd, nooit waren aangekomen. De kwartiermeester van de patchallang (een soort schip) bevestigde dit en zei dat de medicijnen in Kosti waren achtergebleven.
Verder werd bekend dat de Chinees Goutseenko met een schip van de Chinese kapitein Theko naar het oosten was vertrokken, maar snel terug werd verwacht. Zijn borgsom (een soort garantie voor schuld) zou bewaard blijven tot zijn terugkeer, zodat hij dan op zijn schuld kon worden aangesproken.
Er werd ook gevraagd om 10 tot 12 pond potlood voor Pangiran Wiera Goena, om ramen te repareren. Daarnaast herhaalden ze een verzoek om 100 houwelen (kleine boten) of momotjes (soort vaartuigen), die ze dringend nodig hadden maar nog niet hadden ontvangen.
De dag ervoor was het schip Nederhorst aangekomen met 50 lasten (gewichtsmaat) rijst voor de koning. Twee zieke soldaten die aan boord waren, konden niet goed verzorgd worden. Een van hen was ernstig gewond, de andere kon niet genezen. Ze werden, samen met nog een zieke soldaat, met de patchallang (die een nieuwe zeil had gekregen) teruggestuurd. Het schip vertrok met brieven aan boord.
De brief was ondertekend door Salomon Lehage, N. Feijth, W. Caaf, Johan de Moor, Christiaan Duijker, Coert Brandt, Abraham Pedel en Gerrit Pietersz in Bandam op 27 januari 1687.
Uit Lampung was geen nieuw bericht ontvangen van commandant De Rande. Er lag ongeveer 400 bahar (gewichtsmaat) peper klaar, zoals geadviseerd door Batavia. Deze informatie was bestemd voor gouverneur-generaal Joan Camphuijs en de Heren Bewindhebbers van de VOC.
Op 28 januari 1687 schreven ze aan de Heren Bewindhebbers over een gesprek met Pangiran Diepaningrat over de brief van Angebeij Jajadita aan majoor St. Martin. Pangiran Diepaningrat vond de redenen van Jajadita voor zijn komst naar de VOC ongeloofwaardig, omdat Jajadita bekendstond als een oplichter. Ook twijfelde Pangiran Diepaningrat eraan dat Jajadita niet zou weten wie de 70 tot 80 mannen waren die twee maanden op Solor en Liboton waren geweest.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1430 / 1588
Op
24 april 1818 werd door
Ieremias Jacobus Ernst Pilgrim, een openbare notaris werkzaam in het kanton
Bemmel (onder kwartier
Tiel, provincie
Gelderland), een openbare veiling gehouden in
Huissen.
De veiling vond plaats op verzoek van
Hendrik Egges, een tabaksplanter uit
Huissen, en werd gehouden in diens woning genaamd
De Hoeven. De veiling begon om
9 uur ’s ochtends en betrof de volgende goederen:
- Huishoudelijke spullen
- Gerookt vlees en spek
- Bijenkasten
- Een park (omheind stuk land)
De veiling gebeurde onder deze voorwaarden:
- Betaling moest direct gebeuren voor goederen onder de 6 gulden.
- Voor goederen van 6 gulden of meer mocht de koper krediet krijgen tot
1 november 1818, mits:
- De koper of een borg zich garant stelde voor betaling.
- De borg zich ook verplichtte tot betaling als de koper dat niet deed.
- Bij niet-betalen op de afgesproken datum, moest de koper of borg alsnog betalen, plus een boete van 10% op de koopsom.
De koper moest zich houden aan de veilingvoorwaarden en kon zich niet beroepen op uitzonderingen die de wet misschien zou toestaan.
Bekijk transcriptie NL-AhGldA / 0168 / 948 / 0035
Deze tekst is een overzicht van een verkoop van sparrenbomen in
Huissen en omgeving, met de namen, beroepen, woonplaatsen en betaalde bedragen van de kopers. Ook staat er wie erbij waren als getuigen en wie de akte heeft opgesteld.
- Fraus Gorie, landbouwer in Huissen, kocht 14 sparren voor 14,85 gulden.
- Gerardus Naij, landbouwer in Pannerden, kocht 14 sparren voor 14,45 gulden.
- Jan Peters, landbouwer in Pannerden, kocht sparren voor 8,30 gulden.
- Fredeut Hatschler, particulier in Huissen, kocht sparren voor 5,90 gulden.
- Willem Schulling, kainer (een soort ambachtsman) in Huissen, kocht sparren voor 1,90 gulden.
- Willem Valke, winkelier in Huissen, kocht sparren voor 2,50 gulden.
- Jan Suring, winkelier in Huissen, kocht sparren voor 1,80 gulden.
- Jan Keuperman, dagloner in Huissen, kocht sparren voor 4,20 gulden.
- Willem van Staat, landbouwer in Ter Doornenburg, kocht sparren voor 2,20 gulden.
- Jacob de Lange, timmerman in Angeren, kocht sparren voor 5,55 gulden.
- Casel Jock, landeigenaar in Anderen, kocht sparren voor 21,05 gulden.
- Cornelis van Erpers, raadsheer (een soort bestuurder) in Huissen, kocht sparren voor 29,90 gulden.
De totale verkoop bedroeg
124,55 gulden. De verkoop vond plaats in het huis van
Jan Peters in
Huissen. Als getuigen waren aanwezig:
De akte werd opgesteld door notaris
G. A. Wert en goedgekeurd door
P. Beleven en
H. Liebeton. De akte werd ook geregistreerd door
Jeremias Jacobus Ernst Pilgrim, een openbare functionaris in het kanton
Bemmel, tegen een belasting van
2 gulden. De koper beloofde dat het hout goed en netjes zou worden gebruikt.
Bekijk transcriptie NL-AhGldA / 0168 / 948 / 0034
Op
15 april 1800 organiseerde notaris
Ieremias Jacobus Ernst Pilgrim uit
Huissen een openbare veiling namens
Nicolaas Libeton, een houtkoper uit
Griethuizen bij
Kleef (Duitsland). De veiling vond plaats bij het huis van
Jan Peter Veerman aan
het Zooveer in
Huissen en betrof enkele parcellen met dennensparren.
Pilgrim legde de volgende regels vast:
- De biedingen moesten contant betaald worden; uitstel was niet mogelijk.
- Kopers moesten naast de koopsom ook de notaris- en registratiekosten (6%) betalen.
- Alle geschillen over de veiling of de waardebepaling werden beslist door de notaris.
- Na de toewijzing was de koper direct verantwoordelijk voor risico’s en het gekochte hout.
Tijdens de veiling werden twee boden uitgebracht:
- Hendrik Huisen, een herbergier uit Pannerden, bood 3 gulden en 40 cent voor enkele sparren.
- Peter Ratjer, een koopman uit Huissen, bood 8 gulden en 55 cent voor 95 sparren. Hij beloofde het hout netjes en ordelijk af te voeren.
Bekijk transcriptie NL-AhGldA / 0168 / 948 / 0033
- 7 april 1815, om 1 uur 's middags, werd de overlijdensakte opgemaakt van Johann Gerhardus Meijs. Hij was 8 maanden oud en overleed op 6 april 1815 om 1 uur 's middags in Amsterdam. Hij was geboren in Amsterdam als zoon van Johann George Meijs en Catharina Atens. De akte werd ondertekend door:
- J.G. Meijs (37 jaar, schoenmaker, wonende op dezelfde plek als de overledene).
- Willem Carsteys (48 jaar, steenprooiwerker, wonende aan het Kleiren Slootje).
De akte werd bevestigd door David Bierens, lid van de commissie voor de burgerlijke stand van Amsterdam.
- 8 april 1815, om 10 uur 's ochtends, werd de overlijdensakte opgemaakt van Sophia de Klijn. Zij was 66 jaar oud en overleed op 7 april 1815 om 8 uur 's avonds in het Buikengasthuis in Amsterdam. Zij was weduwe van Willem Kien en dochter van Dirk de Klijn en Clara van Ek. De akte werd ondertekend door:
De akte werd bevestigd door David Bierens, lid van de commissie voor de burgerlijke stand van Amsterdam.
- 7 april 1815, om 5 uur 's middags, werd de overlijdensakte opgemaakt van Barend Timmerman. Hij was 10 jaar oud en overleed op 6 april 1815 om 11 uur 's avonds in het Jodenbreestraat 143 in Amsterdam. Hij was geboren in Amsterdam als zoon van Barend Timmerman (sjouwerman) en Grietje Beyer. De akte werd ondertekend door:
De akte werd bevestigd door David Bierens, lid van de commissie voor de burgerlijke stand van Amsterdam.
- 8 april 1815, om 10 uur 's ochtends, werd de overlijdensakte opgemaakt van Maria La Haije. Zij was 57 jaar oud en overleed op 7 april 1815 om 7 uur 's avonds in het Oudemannenhuis in Amsterdam. Zij was weduwe van Albert Daniel Nicol en dochter van Jan La Haije en Maria Roger. Zij werkte als wasvrouw. De akte werd ondertekend door:
De akte werd bevestigd door David Bierens, lid van de commissie voor de burgerlijke stand van Amsterdam.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2335716 / 51
Herman Jquatuid Truppelvoet (rentmeester) leende een bedrag (de exacte hoogte wordt niet genoemd) tegen de volgende voorwaarden:
- De lening moest jaarlijks 3,5% rente opleveren (dus 3,5 gulden per 100 gulden).
- De rente moest betaald worden binnen 3 maanden na 11 november elk jaar.
- Als de lener op tijd betaalde, hoefde hij slechts 3% rente (3 gulden per 100 gulden) te betalen.
- Zowel de geldschieter als de lener mochten de lening met 6 maanden opzegtermijn beëindigen.
Als zekerheid voor de lening dienden:
- Alle erven en goederen van de geldschieter in de provincie Overijssel (of elders).
- Specifiek de vrije, onbelaste landerijen in de Stavesale van Saasveld, waaronder:
- De huizen: Blenke, Bril, Brils NijEvers Besch, Compagnie, Hoershorst, Hoveman, Holtkamp, Heuer, Hevers Lambert, Kamphuis bij Klopper, Konink, Kockoek, Lokken Lubberthuijs, Reschot, Schepen Schulte, Smitkamp, Smitman, Schutterij, Strenge Wever, Wolg Mulders Rotter.
- De twee huizen op ’t Loo.
Bij niet-betalen mocht de geldschieter zonder verdere waarschuwing of rechtszaak:
- De panden in bezit nemen.
- De kosten en schade verhalen op de lener.
De lener deed afstand van alle juridische bezwaargronden, zoals onjuist getelde bedragen of andere excuses.
De overeenkomst werd opgesteld en ondertekend door:
Datum:
november 175 (waarschijnlijk
1750 of
1751).
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 5799334 / 9
Op
15 januari 1754 werd een officiële verklaring opgesteld over een schuld die al dateerde uit
28 oktober 1700. Deze verklaring, ondertekend en verzegeld in
Oldenzaal, bevestigde dat:
- Hendrik Jan Bos, als rechter, en Hendrik Vrilink uit Rossum hadden een eerdere overeenkomst getekend, samen met Jenne Stuthof, de vrouw van Hendrik Vrilink.
- Op 7 november 1700 (geschreven als "Drie en Zestig") verklaarden Hermen Blenke, Berend Olde Rosen (namens hun schoonmoeder, de weduwe Gerrit Blenke), Berent Hulst, Jan Hulst en Hendrik Kaverik (als erfgenamen van de overleden Gerrit Blenke) dat Gerrit Hertsemolle uit Rossum hen de volle waarde van een schuldbrief van 100 dalers had betaald.
- Daardoor gaven zij hun rechten op de hypotheek en schuldbrief aan Gerrit Hertsemolle en zijn erfgenamen, zonder iets voor zichzelf te houden.
- De verklaring werd bevestigd door rechter Hendrik Jan Bos en burgemeester Herman Bos, omdat de betrokkenen niet konden schrijven of een zegel hadden.
- Op 7 november 1700 werd de akte ook getekend in aanwezigheid van keurnoten (getuigen) Hermanus Bloemers en Jan Kloppers, samen met Jan Abel.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 5102436 / 39
Op 3 mei 1700 bevestigde Hendrik Jan Bos, rechter in Oldenzaal, dat vijf erfgenamen van Gerrit Blenke en diens vrouw Maria Derkink – namelijk Hermen Blenke, Berend in ’t Olde Rosen, Jan Hulst, Berend Hulsz en Gerrit Kaverik – persoonlijk verschenen voor hem en twee schepenen: Willem Stork en Engelbert Krop. Zij verklaarden een stuk land, genaamd ‘de halve paalmaat’ achter ‘de duistere voort’ in de Markte Rossum, te hebben verkocht aan Hermen Bos (burgemeester). De andere helft van dit land behoorde toe aan burgemeester Palthe.
- De verkoopprijs was betaald in penningen (munten), waarvoor de verkopers een kwitantie afgaven.
- Zij droegen het land met alle rechten en plichten over aan Hermen Bos en diens nakomelingen, zonder iets voor zichzelf te houden.
- De verkopers beloofden de verkoop te zullen verdedigen als dat nodig mocht zijn.
Omdat de verkopers niet konden schrijven of een zegel hadden, ondertekende Hendrik Jan Bos de akte namens hen, samen met Engelbert Krop.
Op 3 mei 1706 bevestigde Hendrik Jan Bos opnieuw als rechter dat Hermannus Nijkamp van Bome (schoolmeester) en zijn vrouw Jenneken Grootenhoff (dochter van de overleden kostersvrouw Marts Grootenhoff) een stuk land, ‘de halve hooimaat’ genaamd ‘de Vondermaat’ in Zaasveld, hadden verkocht aan Goossen Kamphuis. Het land was geërfd van Jennekens vader, de voormalige koster Hendrik Grootenhoff.
- De verkoopprijs bedroeg 350 gulden in contant geld, zonder korting.
- De verkopers bevestigden dat het bedrag was betaald en gaven een kwitantie.
- Zij droegen het land met alle rechten en verplichtingen over aan Goossen Kamphuis en diens erfgenamen, zonder iets voor zichzelf te houden.
- De verkopers beloofden de verkoop te zullen verdedigen als dat nodig was.
De akte werd ondertekend door Hendrik Jan Bos, Hermannus Nijkamp en Jenneken Grootenhoff in Oldenzaal. Ook hier werd het document verzegeld met het officiële lakzegel ("L.S.").
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 5196781 / 12
In 178? (het exacte jaartal ontbreekt) organiseerde een notaris in Harlingen een openbare veiling van roerende goederen. Deze veiling was goedgekeurd door de regering van Harlingen met een vergunning ("patent") voor 4,25 jaar, afgeven op 7 januari van datzelfde jaar.
De veiling had de volgende regels:
- De prijs werd vastgesteld door opbod in Nederlandse guldens en cents.
- De koper moest direct betalen aan de notaris, plus 5% extra kosten voor de notaris (zoals loon, administratie en advertenties).
- Na de aankoop was de koper direct verantwoordelijk voor het gekochte item, inclusief eventuele gebreken. Klachten over beschrijvingen of fouten waren niet mogelijk.
- Als de koper niet volledig betaalde, bleef het gekochte item belast met een voorrangsrecht (de verkoper kon het alsnog opeisen).
- Door te bieden, ging de koper automatisch akkoord met deze voorwaarden.
De veiling bestond uit verschillende items, zoals:
- Twee karaffen
- Potloodhouders
- Schilderijen
- Flessen
- Pothaakjes (kleine haakjes voor potten)
- Een naaidoos
- Theekistjes
- Spiegels
- Kroppen (kleine mandjes of bakjes)
- Een blad (mogelijk een dienblad of schoteltje)
De veiling trok kopers uit verschillende plaatsen, zoals Akkrum, Oldeboorn, Sneek, Nes en Langweer. Enkele kopers en hun beroepen:
- Harmen Bontsma (smid, Akkrum) – kocht voor 1 gulden en 4 cent.
- Douwe van der Goot (koopman, Akkrum) – kocht meerdere items, zoals een transport voor 2 gulden en 40 cent.
- Pieter de Vries (uitslaper, een soort dagloner, Akkrum) – kocht voor 30 cent.
- Sake Veenstra (bakker, Akkrum) – kocht voor 60 cent.
- Wiebe Weimar (schipper, Akkrum) – kocht voor 3 gulden en 30 cent.
- Reinder Brouwer (herbergier, Akkrum) – kocht voor 2 gulden en 80 cent.
- Klaas de Groot (koopman, Akkrum) – kocht voor 50 cent.
- Antonia Rood (commis, een soort kantoorbediende) – kocht voor 80 cent.
- Willem Kuipers (kuiper, iemand die vaten maakt) – kocht voor 1 gulden en 20 cent.
De prijzen van de items varieerden van 4 cent (een "bladje") tot 3 gulden en 30 cent (een schilderij of spiegel). De meeste kopers waren afkomstig uit Akkrum en omstreken.
Bekijk transcriptie NL-0400410000 / 26 / 001005 / 000153
Op
12 december 1670 werd in
Amsterdam een officiële lijst gemaakt van alle spullen, meubels en huishoudelijke zaken die hadden toebehoord aan
Jacob Waijer (overleden) en zijn vrouw
Barbara van Nieulandt. Deze spullen werden geërfd door hun kinderen:
Deze kinderen hadden op
25 november 1666 van de
Hoge Raad van Holland toestemming gekregen om alleen verantwoordelijk te zijn voor de schulden van de erfenis tot het bedrag van de waarde ervan ("beneficie van inventaris").
De lijst werd opgesteld door
Pieter De Ruijter, een beëdigd ambtenaar van de
Hoge Raad, in aanwezigheid van
Cornelis de Vrijp. De waarde van de spullen werd geschat door de beëdigde taxatrices
Weijntie Willems en
Grietie Arents uit
Amsterdam.
Een deel van de inventaris in het
voorhuis bestond uit:
Totaal voor dit deel:
74 gulden.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937021 / 141
- Op 4 mei 1812 huurde Schuttmakers knecht een pand in Akkrum (bij Aknim) voor een jaar. De huurprijs was 72 frank en 40 centime.
- De huurder, de batellier (een soort bootwerker), accepteerde de voorwaarden en beloofde de huur te betalen. Als borg stond Rienk Hendriks Boxum, scheepstimmerman uit Akkovom (Akkrum), garant met zijn huis en timmerwerkplaats.
- Later werd hetzelfde pand opnieuw verhuurd, nu aan de hoogste bieder: Philippus Valk, een tabaksverkoper uit Akkrum. Hij bood 67 frank en 65 centime en kreeg de huur voor een jaar, vanaf 12 mei 1812 tot 12 mei 1813.
- Als borg voor Philippus Valk trad Luitjen Jacobs de Groot op, die zijn eigen huis en herberg (nummer 124) als waarborg gaf.
- De akte werd opgesteld door notaris D. Suringar in het huis van Luitjen Jacobs de Groot (herbergier in Akkrum). Getuigen waren Rinse Jelles Siesma, Freerk Johannes Langweer (eerste veldwachter), en de tweede bode van Akkrum.
- De huurovereenkomst werd later goedgekeurd door de prefect (een Franse bestuurder).
Bekijk transcriptie NL-0400410000 / 26 / 009004 / 000104
Op
onbekende datum tekende notaris
Oebele Braunius Oeberuis uit
Sint Anna Parochie (in de buurt van
Leeuwarden, provincie
Friesland) een verkoopakte op.
Twee mannen waren hierbij betrokken:
Steensma verkocht een stuk bouwland aan
Osinga. Dit land had de volgende kenmerken:
- Grootte: ongeveer 1 bunder (ruim 1 hectare), 38 roeden (ca. 145 meter) – volgens de oude maten. Volgens het kadaster: 1 bunder, 37 roeden en 77 ellen (ca. 1 bunder en 33 meter).
- Locatie: op de voormalige zathe* de Kas (een oud bestuursgebied), in het Oud Bildt onder Sint Jacobi Parochie, in de Zuid-Ooster Watermolenpolder. Het kadaster noemt het: gemeente Sint Jacobi Parochie, sectie O, nummer 569.
- Buren:
- Bijzonderheid: Aan de westkant van het land loopt een pad (reed) en een watergang (drift) voor land dat vroeger bij de Kas hoorde. Het gekochte land moet deze toegang blijven toestaan.
* Zathe = oud-Fries bestuurlijk gebied, vergelijkbaar met een kleine rechtsstreek.
Bekijk transcriptie NL-0400410000 / 26 / 005024 / 000236
In
1614 werden er afspraken gemaakt tussen
Hans Schrijver (wijnkoper) en
Joris Jorisz (timmerman) over de bouw van 12 huizen in
Amsterdam. De huizen lagen in de
Spui(der)straat en de
Spanjeaarderdwarsstraat (nu
Spanjaardstraat).
-
Joris Jorisz mocht de huizen bouwen, maar moest ervoor zorgen dat de daken (van "wolfdaken", een soort schuine daken) minimaal 7 voet (ruim 2 meter) overstaken. Hij mocht niet:
- Gaten of ramen in de dakpannen maken voor licht, behalve bij 5 huizen in de Spanjeaarderdwarsstraat. Daar mocht hij aan de achter- en zijkant 3 of 4 pakken dakpannen met glas gebruiken om licht binnen te laten.
- De gang in de Spanjeaarderdwarsstraat (die al door Joris Jorisz was overtimmerd) ooit lager maken. Deze moest altijd minstens zo hoog blijven als het huidige "vierkant" (een bepaalde maat) of de hoogte van de "puibalk" (een balk in de gevel).
-
Hans Schrijver mocht een poort bouwen in de gang van de Spanjeaarderdwarsstraat, maar moest:
- Deze aan beide kanten verbinden met de gemeenschappelijke muren, met een halve steen diepte.
- Als hij dieper in de gang timmerde of werkte, moest hij hiervoor betalen: 15 daalders (een oude munt) per jaar, naar rato van het gebruik.
- De muur aan de westkant van de gang (tot dezelfde hoogte als hierboven) als gemeenschappelijke muur laten gelden. Joris Jorisz mocht deze muur ook gebruiken voor zijn eigen doorgang, met dezelfde voorwaarden.
-
Hans Schrijver moest 200 Carolusguldens (een groot geldbedrag) betalen aan Joris Jorisz voor de bouw van de overdekte gang, de poortverbindingen en andere werkzaamheden.
-
Beide partijen beloofden dat zij en hun erfgenamen zich aan deze afspraken zouden houden. De overeenkomst werd op 15 september 1614 getekend in Amsterdam, in aanwezigheid van getuigen zoals Pieter Thijn en Dirck Fransz.
Op 11 september 1644 werd in Amsterdam bevestigd dat Hans Schrijver en Joris Jorisz eerder deze afspraken hadden gemaakt. Getuigen hierbij waren Pieter Jacobsz en Juriaen Schrijver.
In dezelfde tekst werd ook kort vermeld dat:
- Een zekere Nieulant (mogelijk een directeur) ziek was geweest en niet aanwezig was bij een aanval op een Portugees fort (Fort Real) in het gebied Colria dala (vermoedelijk in Brazilië of Afrika).
- De heer Directeur Morthamer met luitenant Hiadersum en militairen aan land was gegaan om de stad São Paulo de Loanda (nu Luanda, Angola) in te nemen.
- De Portugezen een legerkamp hadden bij de rivier de Bengo (in Angola).
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510385 / 197
De tekst bevat een lijst met juridische documenten uit het verleden, zoals huwelijksvoorwaarden, verklaringen, testamenten en transportakten (eigendomsovereenkomsten). Hier volgt een samenvatting van de belangrijkste gegevens per document, gerangschikt op volgorde van vermelding:
- Jacob Kith heeft een verklaring (attestatie) op een bladzijde (folio).
- Joris Gijs, advocaat, heeft een volmacht (procuratie) voor huwelijksvoorwaarden op folio 168 voor Jacobs (aan de ene kant) en Neeltge Hendrick Backer (weduwe van Rocuws).
- Een verklaring over bier van Gerritsz, een bierverkoper, staat op de achterkant (verso) van folio Tonger en folio 169.
- Jacob Gerrit Barentsz heeft een verklaring op folio 212.
- De Clercq heeft een volmacht op een bladzijde voor Hendrick Dommer (aan de ene kant) en Cor (aan de andere kant).
- Een overeenkomst (accoord) tussen Jeronimes Charasen en een andere partij staat op een bladzijde.
- Een akte van verklaring tussen Etge Heeres (aan de ene kant) en Hille Ringe (aan de andere kant) staat op folio 214.
- Hendrick Jan Wijnants heeft een inkomen met Josua Keijdorp als borg. Een procesvolmacht staat op folio 174 en de achterkant van folio 218.
- Een huwelijksschuldverklaring tussen Hendrick Arentsz, Claes Arentsz, Jacob van Nieulandt (in een bedrijf) en De Vidder (aan de ene kant) en Oijtge (aan de andere kant) staat op de achterkant van folio 229.
- Jan Jansz Jaantij Jans heeft een volmacht voor huwelijksvoorwaarden op folio 176.
- Beertgen Jans en Onnetje Jans hebben verklaringen op een bladzijde.
- Jan Jansz de Ginnon heeft een volmacht op folio 220.
- Een overeenkomst tussen Pans van Cursen (kapitein, aan de ene kant) en een andere partij staat op folio 85 en folio 178.
- Lucas Gilles heeft een verklaring op een bladzijde voor Jannetge Wiggerts.
- Jan den Walles van Westerver heeft een verklaring op folio 179.
- Een huwelijksvoorwaarde en volmacht staan op de achterkant van folio 239 voor Claes.
- Jan Loots (in een bedrijf) heeft een akte van verklaring op de achterkant van folio 192.
- Jan Stappert en Elisabet hebben een verklaring. Jan Bom Claesz (overleden) en Iscom Gerrits (zijn vrouw) hebben een testament dat is ingeschreven op folio 493 en folio 198.
- Jan Jansz de Quinoij heeft een volmacht op folio 201.
- Jan Barentsz, een schout (een soort bestuurder), heeft een verklaring in een inventaris op de achterkant van folio 2.
- Jan Oom Claesz (in een bedrijf) heeft een document op een bladzijde.
- Jan Jansz de Onnoi heeft een volmacht (aan de ene kant) en Claes Jansz Root (schipper) heeft een overeenkomst met Matheus Caroe over een transport op de achterkant van folio 2123.
- Jacob van der Bercen, wijnkoper, en Ma Jeremias Goesaert hebben een verklaring. Olfsen van Campen heeft een volmacht. Michiel Gilles heeft een goedkeuring op een bladzijde.
- Jan Jansz de Guinon heeft een verklaring op folio 105.
- Marten Papenbroeck heeft een volmacht voor Oom Claesz de Jonge op de achterkant van een bladzijde.
- Jan Claesz (aan de ene kant) en Marre hebben een document. Marten Papenbroeck heeft een verklaring op de achterkant van folio 71.
- Jacob Jansz Duijnkercker heeft een verklaring voor een huwelijkspas uit Engeland op folio 108.
- Machtelt Eenten heeft een verklaring op een bladzijde.
- Jan Eeckhorst heeft een verklaring op een bladzijde.
- Jan Roose (uit Moorwer) en Pietersz (een schuimaker) hebben een volmacht op een bladzijde.
- Jan Oom Claesz (oud) heeft een volmacht en een curatie (voogdij) op de achterkant van een bladzijde.
- Jeronimus de Pever heeft een transportakte op folio 115.
- Jeronimus de Vase heeft een volmacht op een bladzijde.
- Jan Pietersz van Amsterdam heeft een volmacht op een bladzijde.
- Jan Oom Claesz Soude heeft een volmacht voor Jeremius de Hijse.
- Maria de Veuwel en Gara Jan Kermgn hebben een protest op een bladzijde.
- Een kwitantie (bewijs van betaling) staat op de achterkant van folio 6.
- Jan Gom Claesz heeft een protest. Margriettge Mentis heeft een testament. Oom Claesz de oude en Jam Andriesz Frus hebben een verklaring op folio 46.
- Jan Heijndrickxz heeft een transportakte op folio 48 en folio 195.
- Jacob Gerritsz (visverkoper) heeft een transportakte. Marten Godde heeft een protest. Jos Gerritsz (in een bedrijf) heeft een overeenkomst met Pieters van Hoorn op folio 146 en folio 53.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937412 / 266
In
1624 werd een financiële afrekening gemaakt voor
Heindrick Nachtegael Strijcker, een opperkoopman van de
Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC). Hij had goederen (zoals wijn, boter en andere voorraden) uit het magazijn van de Compagnie gebruikt, maar deze waren nog niet verrekend. De rekening werd nu opgemaakt, waarbij verschillende posten werden goedgekeurd of verrekend met anderen.
Nachtegael kreeg credit voor de volgende uitgaven, die hij voor rekening van de VOC had gedaan:
- Wouter van Goutswaart: ƒ 250 voor een vat wijn, bevestigd door Jacob van Nieulandt (onderkoopman).
- Cornelis van Maseyck: 45 realen (ƒ 67,50) voor 60 kannen wijn, geleverd aan heer Lodestein. Lodestein moest hiervoor nog 48¾ realen (ƒ 73,12) bijbetalen, omdat hij eerder te weinig was afgerekend.
- Uitgaven voor feesten en begrafenissen:
- Bruiloft van heer Putmans: 142 realen (ƒ 213).
- Martin Isbrantsz: 220½ realen (ƒ 330,75).
- Kapitein-majoor: 67 realen (ƒ 100,50), waarbij hij zelf 34¼ realen (ƒ 51,37) moest terugbetalen.
- Kapitein Deutecom: 51¼ realen (ƒ 76,87).
- De Diaconie (kerkelijke armenzorg): 122¼ realen (ƒ 183,37), waarbij de helft door anderen werd betaald.
- Gaspar van Beringen: 122¼ realen (ƒ 183,37), onder voorbehoud van terugbetaling.
- Joris Bricxis (meester-kuiper): ½ vat wijn voor Jephs Pieters, met borgstelling.
- Pieter Pollet (vendrich): 89 realen (ƒ 133,50), waarbij hij zelf 65 realen (ƒ 97,50) moest terugbetalen en de rest door Hans Boon was voldaan.
- Maria Nugts: 54¼ realen (ƒ 81,37) voor de rekening van Pieter Nugts.
Daarnaast werden door de
Gecommitteerden (bestuurders van de VOC) extra posten goedgekeurd, omdat
Nachtegael aantoonde dat deze uitgaven waren gedaan met toestemming of als compensatie voor geleverde diensten. Dit betrof onder andere:
- Giften bij begrafenissen:
- Overige vergoedingen:
Het totaalbedrag dat
Nachtegael in credit kreeg, was
377¾ realen (ƒ 566,62) plus een kleine correctie van
8 realen (ƒ 12), samen
377¾ realen (ƒ 566,62).
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1115 / 0431
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1936960 / 48
Op 15 december 1692 gingen Lourens Lasonder (een smid) en zijn vrouw Barbara Bormeester naar notaris Joannes Boots in Amsterdam. Ze woonden in de Kerkstraat bij de Amstel en waren gevraagd door hun buurman Hendrick Nieulandt, een timmerman.
Ze verklaarden onder ede dat de dag ervoor, rond 3 uur 's middags, de vrouw van Hendrick Nieulandt en mevr. Baseliers (een weduwe) bij hen op bezoek waren geweest. Tijdens dat gesprek had de weduwe Baseliers gezegd:
- Ze had haar erfenis oorspronkelijk met ducaton-munten (gouden munten) betaald.
- Nu zou ze dezelfde erfenis voor schellingen (minder waardevolle munten) aan Hendrick Nieulandt hebben verkocht.
De verklaring werd opgesteld in het bijzijn van de getuigen Gysbert van Slingelant en Joris van der Valck.
Daarnaast werd eerder die dag nog een andere verklaring afgenomen over een schipbreuk op Sumatra, waarbij een wisselbrief (een soort schuldbewijs) was verloren gegaan. Deze verklaring werd getekend door Math: V: Heel en Peter Tulcken, met een bedrag van 55 gulden en 59 stuivers genoemd.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320297 / 381
De tekst bevat voornamelijk
lijsten met namen van personen, waarschijnlijk uit historische archieven of registers. De namen zijn onderverdeeld in groepen met verwijzingen naar nummers en soms beroepen of herkomst.
-
Eerste groep (met nummers zoals 15668, 15681, etc.):
Hierin staan achternamen als Schoenmaker, Sachs, Sluimer, Slotboom, Smit, Scheffelaar, Straatman en Scholing, vaak gecombineerd met voornamen als Pieter, Willem, Johannes, Cornelis en Hendricus.
-
Tweede groep (met nummers zoals 16013, 16027, etc.):
Bevat namen als Starren, Stein, Snel, Schoenmaker, Swidde, Snijders, Spaargaren en Stolting, met voornamen zoals Henri, Wilhelmus, Antonius, Gerrit en Petrus.
-
Derde groep (met nummers zoals 16458, 16505, etc.):
Hier staan onder andere Schroeders, van den Staaij, Schaaij, Stolwijk, Scholte, Schols, Smid en Schild, met voornamen als Lodewijk, Johan, Cornelis, Arnoldus en Godefridus.
-
Vierde groep (met nummers zoals 16995, 17003, etc.):
Bevat namen zoals Steffens, Smit, Sevenich, Sluijters, Schuurman, Steen, Schmitz en Schoonderman, met voornamen als Hendrik, Antonius, Johannes, Wouter, Dirk en Matheus.
De namen zijn mogelijk afkomstig uit een
148 jaar oude bron (
augustus 1363 wordt genoemd, maar dit lijkt een fout, aangezien de nummers en namen uit een veel latere periode komen). Er wordt ook verwezen naar
artikel 313 en een getal
70.000, maar de context hiervan ontbreekt.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 2.10.50 / 569 / 0134
Op 4 mei 1741 bevestigde Joan Nilant, waarnemend rechter in Oldenzaal, dat J.C. Nagel en zijn vrouw Maria Sibilla van Eijbergen (als zijn echtgenote en voogd voor Dr. G.H. Heir en diens vrouw Jonnedonia Hunevelt) een stuk land genaamd Telgenkamp hadden verkocht. Dit land lag bij het erve Stoepel in het boerschap Dulder onder het gericht van Oldenzaal. De koper was de weduwe van Henrick Jurriaan Bussemaker en haar erfgenamen. De koopsom was 160 Carolusguldens, die direct betaald werd. De verkopers beloofden dat de koper het land zonder problemen kon gebruiken en dat ze geen rechten meer op het land hadden.
Op 28 mei 1741 bevestigde Joan Nilant opnieuw dat Willem Moesel uit Geesteren (namens zijn vrouw) een stuk land genaamd Stege Berentskamp in Haaksbergen had verkocht aan Harm Wessels. De koopsom was al betaald, en Moesel droeg het land officieel over zonder enige rechten te behouden.
Op 22 mei 1741 verklaarde Berent Jan ter Schiphorst uit Denekamp (namens zichzelf en zijn afwezige vrouw Aaltjen Herick) dat hij een stuk land genaamd Dodencamp in Boninge (met bijbehorende weide Averskamp en kamp Hogenrade) had verkocht aan Jan Braakman en Engele Maldereren. Het land was vrij van belastingen, en de koopsom was al betaald. Het land werd officieel overgedragen zonder verdere rechten.
Op 23 mei 1741 bevestigde Jan Braakman en zijn vrouw Engele Maldereren dat zij een deel van Dodencamp in Boninge hadden verkocht aan Gerrit Wegters en Lambert Ballers. Het land was vrij van belastingen, en de koopsom was al ontvangen. Ook hier werd het land officieel overgedragen zonder verdere rechten.
Op 23 mei 1771 (30 jaar later) bevestigde Joan Nilant opnieuw een verkoop: Jan Braakman en zijn vrouw Engele Maldereren hadden een deel van Dodencamp verkocht aan Gerrit Wegters en Lambert Ballers. De koopsom was betaald, en het land werd definitief overgedragen.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 6527999 / 18
Op
22 december 1920 gingen de volgende personen naar het rechtsgebouw in
Hoofddorp, gemeente
Haarlemmermeer:
Hendrik de Ron was benoemd en beëdigd als voogd door kantonrechter
Ten Bokkel Kuinink op
1 november 1917. Hij vertegenwoordigde de belangen van de kinderen, omdat die botsen met die van hun vader.
Deze akte was een kopie van een eerdere akte, aangevraagd door
mevrouw Benit (een schuldeiser) op
5 maart 1921. De kosten waren:
- Zegelrecht: €1,48.
- Inschrijfkosten bij de hypotheekkantoor in Haarlem op 27 december 1920: €1,36.
- Totaal: €2,84.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 5351835 / 68
Volgende pagina