Berigt gehad van Knijpe dat het meisje van broeder Thijs, nog geen 1½ jaar oud, een lintworm bij zich had. - Van waar komt deze worm? Levend barend of door eijeren? En hoe komt hij in het menschelijk ligchaam, vooral in de ingewanden nu van zoo een jong kind? Wij hebben uit nieuwsgierigheid de weduwen van ons dorp Oldeboorn eens nagezocht, en bevonden meer dan 80 stuks. Ongeveer 1/3 van dit getal weduwnaars. - De eetprodukten rijzen niet, doch zakken ook niet veel in prijs, doch meer dalend dan rijzend. Rogge 200 het last, brood 4 de 5 N.ld, meel 40 ld 7, iets meer. Erwten en boonen als vroeger, 10 min en meer de mud naar zoort, groenen het duurst. Aardappelen blijven tamelijk veel, worden niet beter, de prijzen ook niet hooger. Vele harde (uitgewassenen) en weke, taaije, slijmerige, deze beide zoorten zijn slecht, doch er zijn genoeg in bewaring; zij zullen niet bevriezen, zoo zij niet verbroeijen. Wij hebben hier in de Sjoukesloot voor ons huis een water eb en vloed opgemerkt, dan rees het eenige N. duimen, en dan zakte het ook weder, nu eenige dagen, soms 3 à 4 maal op een dag, bij harde wind en maling, als bij een doodstilte. De textwoorden Nieuwjaarsdag 1 Januarius waren uit Mozes' laatste lied Deut. 32 vs 7a,: "Gedenkt aan de dagen van ouds". Ons Froukje is schijnbaar hersteld van een verstoppende ziekte in de onderbuik. Kleur is nog bleekachtig; zij zegt dat zij gezond is, God dank! Ons Beeukje had een dik ettergezwel aan het voorhoofd. Haar aangezigt was als een gebalde kaas, het eene oog digt, het andere bijna, misvormd gelaat. Nu als genezen boven verwachting. Ik zelver heb zwaar gehoest door verkoudheid, en velen met mij, doch ook mij betert, God dank! Bij het verslag der notitiën wegens de doding der longzieke koejen is dagelijks bij de besturen, wekelijks in de couranten, een verschil bij ons van 18 stuks. Ik noteerde de eerste drie dagen Januarius na de week met vier dagen. December 1852 geheel 89, was per dag 13 bijna, berekend December 83, Januarius 36, doch is geweest December 71 stuks, Januarius slechts 18. Zoo had ik Januarius te veel genoteerd. Onkundig. - Februarius 1. Als doodstil, Zuidelijk, mistachtig; de lucht verheldert. Tegen middag Oostelijk windje en dikke mist; de lucht betrekt. 2. Komt Oostelijk windje, betrokken. 3. Het zelfde. 4. Oostelijke wind, vorst, ook sneeuw. 's Namiddags verergerd, sneeuw gemengd met fijne losse hagel. 5. Oostelijk, sneeuw en hagel is weinig, helder. De vorst is er nog ofschoon gering, de kimmen blaauw, dampachtig, wolkenwindstreken bleekrood gekleurd in de lucht, verdonkerd, dooi en gestild. 6. Zondag. Betrokken is de lucht, stil, Oostelijk, iets vriezend. 's Namiddags meer dooijend.
Bronvermelding
Lokale Kronieken uit de Nederlanden 1500-1850, archieftoegang 1855_Popp_Jong, Jong, Lieuwe Jans de. De Dagboeken (1825-1855) van Lieuwe Jans de Jong, Boer Te Poppenhuizen Onder Oldeboorn. Edited by L. J. de Jong. s.n., 1998.,
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.