myn prochianen al hoe zijt gij dus in pijn, om datter in de tor den brandt nu komt te zijn den brandt, Ja Ja den brandt den pastoor slog ## gebrult flucx naer de tor en sag daer quam gevlogen ter clocke gaeten uyt veel mesien in getal of vliegkens soo het scheen als roock en vlammen al, den pastoor seijdt gaet seer daer hangen in de zaele, nog seulen vijf of ses gaet en neemtse al te maele den beurman nam de leer, met haest hij boven sat de leer schoot aghter uijt en hij viel op sijn gat had t achter blad geweest dan vol van oblien gebakken tis seker den gebeur had noijt meer Connen kacken men hadde noijt dien vendt sien de processie gaen, al dansen als een sot, t wierd draeyen waer gedaen den pastoor liep met hem met opgeschorte ### recht naer de torre toe gelyckewijs een meyrel naer drooge biesen doet en dit geen wonder ### men schreeuwde brandt t is brandt gedeurigh ### t geruchte was soo groot dat selfs de maeren Liepen twee uren buijten stadt de bellenaers die riepen tis nu tot popering brandt het klopt alomme ### de Clocken creegen in geen ure stillestand, ik ben verwondert wel dat dese gydianen, aensiend al sulcken brandt, den weg niet gingen ### naer Ipre om aldaer de spuiten thaelen uijt, maer laes daer was ter handt nog binlander ### de borgers van de stadt de boeren oock van ### elck sochte syn cateel uijt desen brandt te ### die om den ooreloog vast laegen in de ker## elck sleepte soo hy kost op straet in t'open ### hun coffers pakken goet en alles wat sij ### om die met allen vlijdt en haesten weg te ### een boerken oudt ontrent de jaeren acht ### 250 quam om syn cofferken oock naer de kercke zien het sleept het tot tportael het creeg bij naer zyn wille maer hij was maghteloos dit t'effen op de zille het hygde dat het bloes, het siet het meeste oock dat men het portael tot op de koormarckt roock door fellen brandt en roock de locht die wiert geheel duijster het scheen als nacht te zyn de son verloos haer luijster gelyck in een eclips, de vlam om hooge slog, als icarus wel eer, met synen vleugel joeg, zelfs d oijvaers daer ontrent, die in de bosschen woonen, niet anders dochten als, dat popering ginck verloonen, an viering van de peijs, sy vloogen elck om best, om niet verbrand te zijn, verlieten bosch en nest, de duijven steeds gewoon, in dese thor te schuijlen, verhuijsden altemael met al de kercke- uijlen, de swalmen insgelijck, de vlindermuijsen oock, de musschen riepen dief, niet siende van den roock, de honden van gelijck hun meester niet en kenden, om dat den doom des roocks hun hoogen soo verblenden, elck dochte komt de thor in brande sonder vier, de gheele stad sal t haest moeten betaelen dier, elck sorgde voor zyn huijs om in de noodt te bluysschen ten laesten quaem de maer gevlogen ondertusschen, dat was gemisten brandt, dat was de sonnestrael, de meesien waeren roock, denckt eens wat sot verhael, den borgemeester sprack, met ander groote heeren, elck met ons spotten sal, al waer wij gaen verkeeren, wien stack dien brandt eerst uijt, dit onderhoorden sy, den hospes was daer juijst, den weert van ’t sothuijs bij, een rechten guijgelaer, hij seijde twas de pape, of pastor soo geseijdt, naer t seggen van de knaepe, wel was den pastor blindt spraeck een die jaques hiet, of wel was hij begijpt, sag hij de muggen niet, en ’t daelend t' sonneschijn; den weert naer oude treken, klucht spelende met hem liet jaques niet meer spreken, maer stopte sijnen beck; en seyd hoord jaques dan, gij rechten vuylen klap gij sotten koeterman, was gij oock heersenloos wanneer gij hebt geropen, brandt dat de klocke klopt de deure en ginck niet open
Bronvermelding
Lokale Kronieken uit de Nederlanden 1500-1850, archieftoegang 1695_Iepe_Anon, Anoniem. “Kroniek van Ieper, 180-1695, Met Talrijke Legendarische of Anecdotische Onderdelen.” Ieper, 1695. Boekentoren, BHSL.HS.0616/MICRO. UB Gent.,
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.