Een verzoek om Barendt te helpen met een betere positie in het leger
Op 4 september 1671 schrijft hij aan neef Jeronimus Hinlop in Colombo:
Hij bevestigt de ontvangst van brieven
Hij herinnert Jeronimus eraan om mevrouw Coijmans te bedanken voor haar hulp en reisgeld van 150 gulden
Hij raadt hem aan gehoorzaam te zijn en God te vrezen
Op 4 oktober 1679 schrijft hij aan nicht Gerars dat hij de volgende dag via Haarlem naar Westerhout gaat en bij haar wil langskomen voor het middagmaal.
Op 17 oktober 1679 schrijft hij aan zijn schout over een conflict over patrijzen en kwartels die nog geleverd moeten worden volgens een oud contract.
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Ao. 1671 En maer moeyte te vergeefs: Den ingeslooten addresseert sig aen enen Jan Casenbroot, gelieft deselve syn behoorlyck op schrift te geven. Met de voorgemelte scheepen soo is myn mede ter handt gekoomen een brief van Barendt stuurman Corporael wonendl op columbo: hebbende de EC. 15: jaren gedient met een swaerhuyshouden belast, en kunnende qualyckaer de kost koomen, hy heeft myn recommandatie versocht. die hem niet heb willen weygeren, synde met hem groot gem: alsoo in een buurt hebben gewoondt, en dien voegende oude kennis syn UEd gelieft hem inde militie te avanceren, of hier of daer een slag te voegen en sal myn vrinds: geschirden ondertussen soo sal ick blyven Etc. Aen neef Jeronimus Hinlop: Amsterdam Den 4: Dito: UE. 2: brieven van den 1: en 17 Decembr uijt Colombo geschreven syn myn wel ter handt gekoomen, uyt dewelcke met lief UE. gesontheydt heb verst: als mede Hoe dat UE. suster Cornelia Isabella, met enen P. Hofmeester was getroudt: gelyck alse wy dan van deselve over Batavia mede brieven hebben be, koomen: wy hebben UE. voorleden jaer gesonden een hoet met strickken een dasije om den hals en een paer poveretten die ick wil verhoopen UE. wel sullen toegekoomen syn Als gy occasie hebt soo en laet niet naa een briefken aan mijn schoonmoeder Coijmans te schryven haer bedanckende voor alle eer en vrindts die sy aen UE: voor d: vertreck heeft be wesen jder 150: vererende tot reys geldt. wacht v voor de fout van ondanckbaerheijdt, latende het oog soo seer met gaen op de toekomende dat ay daer door de genotene weldaden komt te vergeeten. Draegft v gehoorsaem tegens die gene die het opper, gesag over v hebben, past wel op v schryven, en vreest Godt Ao. 1679 October Amsterdam Den 4: Dito Aen nicht Gerars van intentie sijnde om morgen met mijn huijs provover Haerlen naa Westerhout te gaen, en onderrecht synde dat de vrou van Aelblasserdam, en den hr V: Nieuwael tegenwoordig vanhuys syn: soo ben ick genootsaeckt de vryigheydt te gebruycken om UEd: op het middagmael by te koomen, met vertrouwen dat dese myne vrymoedigheydt door UEd. gewonelycke beleeft syne excuse sal erlangen. Ick ben verobligeert voor de eere van UEd: presentie hui laetst mael genooten: UEd: versoeckende myn te willen Conserveren in UEd affectie en gunst als dul geene die met alle iver sal betrachten te syn EtC Ahi Den 17: Dito Amsterdam Aen myn schout UE. brief van den 16: deses, nevens verscheyde manden met mispelen, en met kool myn wel toegekomen synde: soo het ick nodig geacht op het poinct van de patrysen, en quartel al wederom iets te repliceren. De patrysen die UE. syn geremit syn die geene geweest die UE. Zedert de doodt van myn vader saliger tot A. 1666: manqueerde te voldoen volgens het contract van het schouts Amt gemaeckt, die niet veel minder syn als diegene, die nu wederom te quaedt staen. Wat UE. Zederdt het voornoemde jaer 1666 dies aengaende heb geschreven ken gesien worden uyt den brief van den 18 Decem. 1669: en van den 12: october 1670: dese materie raeckende. Ick laet UE, soon naa het overlyjden van syn oom: het secretarisschap van Maerseveen 3: jaren om met bekleden, en dat ten opsicht van f10o: die UE. segt aen hem te hebben uyt gekeert, om dat Ampt in sijn plaets waer te nemen, en niet tegenstaende het selve soo soudemen garen met een gefingeert voorgeven de voldoeninge van dese resterende patrysen, en quartels ontgaen Ick sal in het toekomende sorg dragen. die geene vrindschapte bewysen, die het met meerder civiliteyt, en beleeftheydt sul arkennen
Bronvermelding
Het Utrechts Archief, archieftoegang 67, Inventaris van het archief van de familie Huydecoper 1459-1956 (1997), inventarisnummer 57, Familie Huydecoper - Joan Huydecoper (1625-1704) - Brieven, uittreksels, dagboekaantekeningen en jaaroverzichten 1671-1674
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/