archieftoegang 1001, inventarisnummer 2726, pagina 31
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
tis hier Eenige dagen goet weer geweest maer de gront noch so nat dat men geen steen heeft konnen rijden daer om de metselaers aende muer opt kleijne voorburch niet hebbe konne wercken, nu ist volck aent steen te rijde, en de metselaers ondertuschen aen haer aen genoomen werck int Eerste pavelijoen so aent aen plaestere vande muere inde kelder als booven ent legge vande scheijt muere , so haest wat steen bijt werck is ent weer dat nu seer ontstuijmech met snen ee reegen en stercken wint is, wat beeter wort sullens aen muer opt kleijn voorburch gaen, de tim¬ merlie sijn ock aent maecke vande glasraem te en haer verdere aengenoome werck int Eerste povelijoen, wij sijn ock beesich int aen neemen vant volck tot de steen oven, mijn oordeels salt seer noodich sijn dat wij noch dit ijaer steen backe want kan niet sien wij vande oven die staet veel sulle over houde so wij toekonne koomen, salt al wel sijn, want het achterhuijs aent laeste pavelijoen moet noch wt de gront opgehaelt sijn en daer sal noch al hier en daer te maecke sijn ijan peeterse breure wort hoe langer hoe Erpe otte morge leijt ock tot ter doot toe kranck onse stome leijt nu ock te bedt en klaecht seer de heer almachtich wilse alle Een gena dige wtkomste geefve, voort ist hier alles wel so lange het godt belieft hiersterfve ande hier en daer Een en schiechijck ick doe so veel bij al de siecken als ick kan, de heere al machtich wilt seegene naer sijn wel behagen , ick moet inde toekoomende weeck Een keer nae wttrecht doen en met Een vracht wagen rijden want ons berlijnse kales leijt heel aen duijchge kan niet meer gelapt of gemaeckt worden, so mij kolenbel heeft geseijt heeft onsen heer Majoor blansche Een quantiteijt van kalesse laeten maecken waer onder hoope Een voor ons sal sijn die versoeck dat het geene men de portier sou noeme om in de kales te treede Een duijm of anderhal sij wijder mocht weesen als de voorgaen daer ick niet als met moijte in of wt kost koomen, den heer van Suijlisteijn is met sijn Engelse ladi voorleeden dijnsi¬ dach tot laersom getrout alwaer sij van Suijlisteijn met de wage van bellegarde naer toe reede, dat alles so averechts toe ginck datter hier van ijder genoech van te segge valt, waermeede blijfve Mijn heer en lieste hartge onse neef lant uhEd getrouwe wijff neffens preesentasi M Turnor van sijne oot moedigen dienst bedanckt uhEd seer vande Eer die deselfve hem doet van aen hem te dencke ende goede toewensine, al ons jonck volck Kusse groote papa de hande.
Bronvermelding
Het Utrechts Archief, archieftoegang 1001, Huis Amerongen, inventarisnummer 2726, Brieven gericht aan Godard Adriaan van Reede afkomstig van zijn echtgenote Margareta Turnor, 1681-1682
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/