Blader door transcripties » Het Utrechts Archief
archieftoegang 1001, inventarisnummer 2722, pagina 27



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

Edelen haer dat selfs so hadde thuijs gebracht sij niet min
koste doen alstaeneeme, waer op ick seijde tot mijn leet
weese wel te hoore ia dat de kinders op de straet wiste
te segge met wat droijgemente en belofte sij dat hadde
doen doen, en wat uhEd aenginck dat ick wel geloofde
het gepleechde so gevalich niet soude sijn dan dat ick

wel wiste wat uhEd dies aengaende soude met sijn
Eerste briefve schrijfve dat het sal sijn dat uhEd
sich geluckich sal achten in dien raet niet geweest
te sijn noch part noch dees aen dat doen te hebbe
voor de reste dat uhEd hem daer seer gerust in sal
konne stellen, hij seijde ock dat sij nu getoont hadde dat
de heere Edelen so veel macht niet hadde alse meende
ick seij sij soudent niet getoont hebbe ten waere de
lasgeteijt van somige heere Edele diet recht ende
oude preevileesge so onoodich weehgaetve dat ick
ock niet koste sien het sulcke groote saecke waeren
diese gedaen hadde dat het geen kunst was den arme
heer van langeraeck op so Een manier buijten boort
te werpen als dat geschiet was dat me al haer doen wel
wiste, hij seijde het sijne daer almeede int Een en tander
af det daer toe gedaen te hebbe ick antr der
van heel wel verseeckert te sijn dan dat dat sulcke
romeijn stuck niet svas hij seijde daer ock niet van
te roemen, ick hij en hamel seijde ock dat de
kerckelijcke haer ooren so besoste op te steecken
ick seij gehoort te hebbe dat se den heer van Amero
dat al meede te laste leijde, en tegens hamel seij
ick dat het belachlijck was dewijlle uhEd so veer
van honck is dan dat me wel sach dat hij selfs
voor sijn schaduwe vervaert was, voor mijn
schaduwe seijde hij ick ben voorgeen mense ver¬
vaert, ick antwoorde het andert bleeck, in
somae men heer wee scheijde naer wel drij Eure
bij mij geseeten te hebbe en malkander vrij wat
geEeerst en de ronde waerheijt geseijt te hebbe
soot scheen goede vriende met preesentasie van
veel dienste, deese valt vrij wat lan dan ick most
uhEd van alles verhaelle, nu het so leijt moet
men maer tien watter noch in te doen staet
veel meene die drie heer dit so niet hebbe konne
doen en nu sij haer kontentement hebbe welweer
sulle om tsaen daer om men noch al moet som
muleere, ick kan niet seage wat tpijt 1c5 noer
Ameronge den 5
Auijusti 1667
Mijn heer en lieste hartge
voorleedene maendach ben ick alweer Eens te wttrecht omt be¬
kende werck geweest alwaer ick dijnsdaechs smergens uhEd
mesiefve vande 26 ijuli heb ontfange, en also dien merge de state
en Eenige heere vande ridderschap soude vergadere heb ick al
vroech aent huijs vande heere vande draeckesteijn geweest die noch
bij sijn hEd bedt was doch ontrent acht Eure bij mij aenthuijs
van beusekom quam, ondertusche ginck ick bij den heer van
hoeflaecken dien ick den inhout van uhEd brief voor so veel
ick noodich en dienst ich achte komuniseerde en versocht sijn hEd
het selfve aende heer van Mijnde beliefde bekent te maecken, seij
de ock hoe mij met groote verwonderin was voorgekoome het

deseijn dat de drie heere Edelen hadde vandiendach om dien dach
op de staets vergaderin so met het maecken vant reegeement
als het geene verder bij de heere vande vroetschap sou werde ge¬
reeselveert voort te gaen en de gedistineerde heere vande vroet
schap haer wil te doen en also de oude preerileesie ent recht
van de ridderschap over te geefve het welcke seijde ick niet
kost vande heer van Mijnde geloofve en badt sijnhEd maer
weijnich tijts beliefde paeseijensie te hebbe dat hij kost verseecke
sijn alles wel te recht soude koome en ijder sijn kontente¬
ment Erlange, waer op hij mij als voor deese verseeckerde
dat sijn vader geen ander deseijn had als dat al de nieu
beschreefve Edelen soude in koome en aengenoome worde
of geen en datter in sulcke geval niets goete soude gedaen
worde, thuijs koomende quam de heer van draec nesteijn
bij mijn dien ick het selfve int gemoete voerde en seijde
hoe verwondert aldewellt was te sien dat de heere Edele

so Een konsept reeglement in hande vande state overgeleevert hadde
daer geen noot haer droug alse maer Een weijnich paesijensi
wilde heb haer alles so schoon op deede, int Eerst antwoor
sijn hEd mij als de heer van hoeflacke gedaen had dat was
dat alde heere soude aengenoome worde of datter niets sou
worde gedaen maer alles tot uhEd komste wt gestelt worde
maer verder in diskoors koomende hoorde ick wel wat sijn
deseijn was, en seijde niet te weete wat de heere vande vroet¬
schap diet konsept reeglement in hande van ge komisarise
omt selfve te Exsamineere hadde gestelt soude doen maer da
bij bij sijn vriende niet kost verantwoorde om Een die mischien
gereeproscheert sou worde dat alde anderen daerom wt soude
blijfven

Bronvermelding

Het Utrechts Archief, archieftoegang 1001, Huis Amerongen, inventarisnummer 2722, Brieven gericht aan Godard Adriaan van Reede afkomstig van zijn echtgenote Margareta Turnor, 1667 juni-aug., 1671 sept.-1672 dec



Ga naar de volgende pagina (28)  Ga naar de vorige pagina (26) Nieuwe zoekopdracht

U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie (AI)

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/