archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 4247, pagina 405
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
het volk om laag komt, nog eenmaal swee„ „ren, en de vingeren opsteeken sult: Invoegen ten tweede ged=n, dewijl den eerste gev=n hem nog bovensdien bedreijgt had, dat indien hij het niet quam te doen, hij hem met sijn mes doorsteeken zoude, genoodsaakt was te sweeren; dat hij wil„ de, dat nooijt geen god voor hem sijn mogte, in„ dien hij tweede gev=n hem eerste gev=n zoude ver„ klappen, dan wel dusdanig niet doen, als den eerste gev=n hem tweede gev=n quam te zeggen. Waarna zij beijde als toen, om dat het volk om laag was gekoomen, van elkander gescheijden waaren, terwijl den eerste gev=n bij 't scheijden nog gesegt, had: Ik spreek je wel op een ander keer. gelijk hij eerste gev=n ter opvolging van dien, ook een dag vier of vijf daarna, op een morgen, toen het van de wagt gekoomen volk reets in hunne kooijen lag, terwijl den eerste en tweede gev„s de wagt hadden, bij den tweeden gev=n was gekoomen, en onder het seggen, sub sus, tot den tweede gev=n substantieelijk had gesegt, dat hij bij hem selven overdagt had, hoe men best de revolte beginnen soude, mitsg„s, wan neer door den tweede gev=n daarop g'antwoord was, dat hij eerste gev=n voorsigtig sijn moeste in 't geen hij deed, want indien het uijt quam zij als dan alle beijde ongelukkig zouden zijn, dat den eerste gev=n toen wederom gerepliceert had, dat hij tweede gev=n maar geen vrees moest hebben, door dien hij eerste gev=n daar voor repondeerde en vast verseekert was, dat het volgens 't overleg, 't welk hij gemaakt had wel gaan zoude: Hebbende den eerste gev=n vervolgens den tweede gev=n ook nog toegevoegt: wel verseekert te sijn, dat se met de geenen die hij eerste gev=n zoude aanspreeken, en die door hem tweede ged=e zouden werden aange„ sprooken wel met hun vijftig sterk zouden zijn, en dat daaronder eenige oude mattroosen waaren Tog. t dat hij tweede gev=n de naam van hem eerste gev=n, aan de geenen, die hij quam aan te spree„ ken niet noemen moeste vid: artC 2 N„o 24 en N„o 3 ad artl: 17. Synde het door den eerste gev=n gemaakte, en daarop aan den tweede gev=n toenmaals gedecourreerde toeleg, hoe= danig zij de revolte zouden ter uijtvoer brengen, gelijk te zien is bij N„o 3 ad artC: 39, 40 en 42 mits. gad„s N„o 4 ad atC:3, en't daaragter genoomene recollement, 't volgende geweest, Dat de revolte 's nagts in de honde wagt zoude beginnen, en hij tweede gev=n met twaalf man agter op gaan, omme den wagt hebbenden shuir¬ man aan de praat te houden, terwijl een an„ der met een knuppelkogel denselven den kop inslaan, en dus om 't leeven brengen zoude; waarna van de voorsz: twaalf mannen, ses man den Capitain en verdere officieren in hunne hutten bewaaren, die hutten toespijkeren, mitsga de overige ses mannaarde kajuijt gaan, als meede na alvoorens zig van de halve pieken meester gemaakt te hebben, van daar de ge„ weeren haalen en onder de verdere Complicen uijtdeelen zouden: waarna ses andere den Schieman beneevens het op de bak sig bevindende volk moesten overmeesteren, mitsg„s de overige van hunne Complicen op 't geroep van overaltusschen de Hollandsche mattroosen zig begeeven, en aldus na dat het veld geschreij van Courage François gegeeven en den oploop ondersteunt was, een ieder zijn man massacreeren, Inmid„ dels dat bij deesen oploop, en daarbij geprojec„ teerde massacre, volgens Bijl: N„o 3artl: 38, den eerste gev=n in de kuijl zoude gecommendeert, en den derde, neevens den vierde gev=n op de bak 't gesag gehad, mitsgad„s Jean Etienne de Noel„ ofte den attestant sub L Ben N„o 3, in gevalle denselven had willen meede doen, het Comman„ do van de kajuijt af, tot aan de timmermans bak waargenoomen hebben. Buijten en behalven, dat den eerste gev=n wan„ neer hij dien eijgensten dag bij den tweede gev=n aan stuurboords zijde tusschen deks gekoomen was, al verder gesegt had, dat een ieder van hun na dat het schip afgeloopen was, eevenveel zoude te zeggen hebben, als meede dat den tweede gev= als de stuurmanskonst verstaande /:volgens zijn zeggen:/ sub N„o 3 ad artC: 35, het schip over zee moest brengen, en daarmeede naar Genua zeijlen, als wanneer zij het selve op strandzetten, en 't geld, 't welk in sesthien kisten bestond, na het zelve in vaaten, van onder - danig
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 4247, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop en Mauritius aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam. Gedeeltelijk met inhoudsopgaven, 1766 - 1767 [1767]. Derde deel
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/