archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 4247, pagina 392
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
/is geteekent/ /En geteekent:/ e 2 geteekent:/ //en geteekent/ Lae den Gesaghebber hervat had: dat is goed, laatse maar eerst eeten; en sprak ter bevestiging der waarheijd van dien, in praesentie van den twee„ den neeger Capitain Massavana, ter bevestiging der waarheijd van dien, de solemneele worden: soo waarlijk help mij God almagtigh /onderstond:/ Aldus gerecolleerd en beeedigt aan Cabo de goede hoop den 2 8. o Julij 1766 /:was geteekent:/ Pieter Teket /lager:/ Mij Praesent L: Neethling Secret„s /in margine:/ als Gecommitt„s M. Bergh en A: V: Schoor.— Huijden den 10e Compareerde voor mij Christiaan Ludolph Neeth¬ ling, secretaris van den E Agtb: raad van Justitie deeses Gouvernements praesent de naargen: getuij„ gen, den op de hoeker de Meermin bescheijden geweest sijnden matt„s Pieter Nieuwenhuijs van Amsterdam, van Competenten ouderdom, denwelken ter requisitie van den het fiscaals ampt pro interim waarneemenden onderkoop= man, d' E Otto Luder Hemmij, verklaarde hoe Dat naar dat de slaven, die van 't Eijland madagas„ „car met den hoeker de Meermin Caabwaards aan„ gevoerd wierden, gem: hoeker op den 18: feb„j deeses jaars in den voordemiddag afgeloopen hadden, op een tijd dat het volk van 't Graaf Mourits Quartier de wagt had, die neegers alle de geene die op dek geweest waaren, behalven den Comp„t den mattroos Johannes Lubbert, en scheeps Corporaal Johan Christiaan Schek, wreedelijk vermoord, of leevendig over boord geworpen had„ den, sijnde den thans gevangen sittenden, soo genoemden tweeden Cap=n dier neegers, en naast denselven, seekeren op mannebach geruijlden slaaf, in de wandeling Adam genoemd, in 't bedrij„ ven dier vreedheeden wel de eerste en grootste voor„ gangers geweest; als hebbende den eerstgem: den bootsmansm„t, en nog een paar andere scheepe„ lingen, met de assagaaij vermoord, sonder der„ selver naamen te kunnen noemen, nog te weeten hoe veel meerdere door dien tweeden Cap=n, of voorsz: Adam vermoord geworden sijn, alsoo 't hem Comp„s uijt hoofde der groote doodsangst, waar in sig geboeijt sijnde, bevonden had, onmogelijk geweest neegen laat de slaven maar eerst eeten! waarop waar is. — Junij 1766. was, op de Elenden der overige syner meede scheepelingen attentie te gebruijken, hebbende hij Compt„s vervolgens in den naar de middag ge„ sien, dat voorsz: Adam den op dek te zieltoogen geleegen hebbenden Commies Crause, 't zij met een stompbijl, dan wel met een smids hamer, een slag in der nek toegebragt had, welke eeven gem: Adam ook nog verscheijde op 't dek dood geleegen hebbende vermoorde scheepelingen, met een dier„ gelijken instrument, nog een slag voor 't hoofd had toegebragt. — Niets meer verklaarende geeft den Comp„t voor ree„ denen van wetenschap als in den text, praesentee rende 't selve met solemneele Eede te staven. — Aldus verleeden Jn 't Casteel te goede hoop, ten overstaan der Clercquen Jochem Hend„k Borgwede en Johann Adolph Kuichl als getuigen, die de minute deeses, beneevens den Comp„s ende mij secret„s meede behoorlijk hebben onderteekent C: L: Neethlingseer J Veijge /was geteekent:/ /onderstond:/ 'T welk ik G Recollement. Compareerde voor ons onderget„e Gecommitt„s uijt den E Agtb: raad van Justitie deeses Gouvernement den Matt„s Pieter Nieuwenhuijs, denwelken sijne voorenstaande verklaaring klaar en duij¬ telijk, voorgeleesen sijnde, verklaarde daarbij te per„ sisteeren, niet begeerende dat er iets meer bij gedagt ofte van gedaan werden sal; als alleenig, dat den Comp„s vermeijnd, deese verklaaring naar sijn beste weeten, en voor soo veel de doods angst hem had toegelaaten de bedreevene wreedheeden gade te slaan verleend te hebben, betuijgende het selve in praesentie van den tweeden neeger Capitain Massavana gen„t, al het voorenstaande de waarheijd te sijn /:onderstond:/ Julij 1766. Aldus gerecolleerd aan Cabo de Goede hoop den 28 /was geteekent:/ Pieter Nieuwenhuijslager:/ Mij Praesent is /in margine:/ als Gecommitt„s C: v: Neechlingseeret : M: Bergh en A: V: Schoor. Huijden den 10:' Iunij 1766 Compareerde voor mij Christiaan Ludolph Neesk¬ ling secretaris van den E Agtb raad van Justitie deeses Gouvernement, praesent de naargen: getuijgen den op 't afgeloopene hoeker de Meermin bescheijde„ was/ geweest t 6 7
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 4247, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop en Mauritius aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam. Gedeeltelijk met inhoudsopgaven, 1766 - 1767 [1767]. Derde deel
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/