gesteld zijnde. zoo moet en kan den gevange niet anders geconzidereerd werden, als te zijn, een man des doods. En dierhalven met een swaarder straffe als de ordinaris doodslaagers, competente straffe: (vermits de enormiteijt van het feijt, ende conditie van zijn perzoon) moet werden geboet. De kanonike, en keijzerlijke regten, straffen niet alleen de doodslaagers zelfs, maar ook de wil, wanneer dezelve door uijtterlijke teekenen is g'openbaard. Gelijk in cas Zubject genoegzaame teekenen g openbaard zijn. Ziet den vermaarden Damhouder in zijn practijk Crimineel, Capl. 67. fol: 490. verso primo, al„ waar hij zegd in 't eijnde. Indien ijmand een mensch quetst, met dat voor¬ neemen om den zelven te dooden, dezelve werd als een doodslaager veroordeeld. Liet meede Simon van Leeuwen, in zijn rooms Hollands regt, het 4e. boek fol: 442. het 32e. deel, van verbintenis uijt misdaad, het 2. e versch. Alwaar gezege werd. Zoo word in veele zaaken, de wil voor de daad genoomen, en schoon het tot de zaak niet is gekoomen, gestraft, gelijk of het volbragt was. Leggende vorders, gelijk als ijmand met op zet 650 (gelijk in dit geval een volkoomen op zet con„ steerd) om een ander te vermoorden, gewaapend aanvald, (gelijk hier is gedaan) en het zelve mislukt, of belet werd. waar meede over een komt Andreas Gail in zijn 2. e. boek fol: 450. obzervationem 109. den 7e. titul. Alwaar in 't eijnde geschreeven staat met deeze woorden. Want in bijzondere groote delicten, werd ook den wil, opzet, en het quaad voorneemen voor de daad gehouden, alzoo dat de straffe ook plaats heeft, hoewel de misdaad niet volbragt is. Ziet verder over dezelve materie, de hr. Claudius de bruijn in zijn proces Crimineel, Capittel van doodslag, folio 84. het 5e. versch. Alwaar hij meede Zegd. Dat de voorzigtigheijd des regters werd g'adver¬ teerd, dat de regten, en meijninge, vande keijzeren en regtsgeleerden, in haat van dit odieus Crimen Niet alleen de volbragte feijten willen gestrecft hebben, op den welken de dood vanden gewonden niet gevolgd is. Maar ook de wil ende geneegentheijd om te dooden g'openbaard door uijtwendige jnditien. dewelke u Ed. e en Agtb: den regten genoeg zijn gebleeken, en den ged. e vande wil, en voorneemen, ten vollen moet zijn geconvinceerd. Want op een gantsch verradelijke wijze is de slag gedaan, ende woorden van jouw hond gij (gelijk zult es
Quellenangabe
Nationalarchiv / Reichsarchiv Südholland, Archivzugang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), Inventarnummer 4053, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop en Mauritius aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam. Gedeeltelijk met inhoudsopgaven, 1705 - 1706 [1706]. Tweede deel
Klicken Sie auf das Bild, um es zu vergrößern und die Transkription daneben anzuzeigen
Künstliche Intelligenz
Die Transkription erfolgte computergestützt mittels automatischer Handschrifterkennung. Die Zusammenfassung wird vom Computer auf Basis eines Sprachmodells erstellt. Keine dieser Methoden ist perfekt, doch oft reichen sie völlig aus, um das historische Dokument verständlich zu machen. Die Ergebnisse der Anwendung (europäischer) künstlicher Intelligenz wurden nicht von einem Menschen überprüft.
Finden Sie Ihre Vorfahren und veröffentlichen Sie Ihren Stammbaum auf Genealogie Online über https://www.genealogieonline.nl/de/