105 Van Macassar onder dato 14=en Julij A„o 1702. Van Macassar onder Dato 14=en Julij A„o 1702. ter leering en onderrigting te doen, bij vE: een vorderlingen indrkk op het gemoet hadden gekregen, in soo verre dat VE er ons net alleen met vereyste Eerbied door den gecommitteerde lieutenamt Ian Riddel mondeling gelast hebt voor te bedanken, maer dat — wy die gratuiteyt nog nader versterkt hebben gesien, in den voorsz: brief, ende dat met Expressien die naer de Letter uijt een opregte hert schenen voor te komen, gelyk wij daer aen ten beste van het binase Rijk ook niet willen twijffelen, ende VE„s ook te gelyk wel mogen versekerd syn, dat alle onse exhortatien tot geen andere Eynde dienen als om de aengegane en besworene Contracten tuwer eyge behoud, en om van alle buijten last en gewelderiijen bevrijt te wesen ongeschonde te conserveeren, als zijnde sulx onse eerste en voornaemste betragting, waer door het dan veelmael gebeuri dat wy te niet eens sonder bewimpeling moeten zeggen, daer het op staet, op dat men van d' eene dwaling tot geen erger komt te ver„ „vallen, gelyk wij bemerken dat sekerlijk soude geschied sijn wanneer ons jongst, ter uwer onderrigting, schoon ongaerne met rond uijt hadden ontlast, van swarigheden die 'er by een continuerent stilswijgen op moeste en ook soude gevolgt zijn, sullende de geallegeerde redenen om daermede het niet over zenden vanden by ons meer als eens versogten Ienelij Sapij te verschonen, schoon Iuijst met voldoende, en blotelyk in voodige uijtvligten bestaende liever voor ditmael passeren, als dat wij VE. ten tweedemael souden verthonen, en Instrueren dat het met ons fatsoen niet over een komt iemant tweemael te ontbieden, veel min dan dat jenelij Sapij, sig naderhand hadde behoren te Exciseren op een kleyn quet„ suertje, ende den Coning en Regenten van bima op hare zorge die sig voor Caraii pomelikan hadden, daer zulx eerst volgens VE: bekentenis voor ons verswegen was, wy zullen dan als boven gesegt, hier niet meer van reppen, maer alles met een genegentlyke stuijer bedekt hebbende jenely Sapij wien wy weten Die openhartige schuld bekentenis over dat men aldaer tot biema tegens de Contracten aen Portugeesen ter negotie gepermitteerd ende met volle Rijst ladinge geaccomedeert heeft, behaegden ons en willen zulx op VE vriendelyk versoek (mede in de beste vouw staende) voor dit mael passeeren, maer dat men tot sijn verschoning quanhuijs heeft willen in brengen, dat de successive Residenten tot den laetsten Resident Christoffel Noodnagel in clusive sulx noijt soude hebben verboden, heeft geen gelykenis naer waerheijt maer wel naer boerten of gekscheren, dewyle VE soo doen niet syn om niet te weten dat de contracten het- tegendeel vorderde, ende dat VE naer den inhoud der zelven, al was het dat de Residenten twelk niet te geloven is, zulx oogluijkende uijt verkeerde en verderfelyke insigten wilde passeren, verbonden waren, daer over te doleren, ende hun aen ons sonder evenwel tusschen beijde moeyelijkheden aen te hegten, te addresseren, om te vernemen — of wy ook in jetwes diergelyx bewilligde, dog het zal om weder tot wat anders over te gaen, ons genoeg sin, datter zulke domme sprongen niet meer gemaekt, ende wy ontheft werden, om andere middelen bij de hand te nemen, die voor het bimase Rijk vrij verstandig ende in de Ryx zaken van bina bedreven te zyn hier Eerlange met lief te gemoed zien, om met hem eens mondeling te spreken, ende te beramen, water al tot welstand, en wederopbouwing van het half verstorvene Rijk van biema benodigt en gepractiseerd diend, wetende wij, behoudens de agtbaerheijt der andere Regenten gene by wien ons net meerder nit soude konnen adresseren, en hier van is het, dat den gouv=r die veele zorge over de onderhouding van een vreede lievende intelligentie op hem neemt (al in het begin van syne Regering een besluyt twrok om d' jenely Sapij ten Eijnde voorsz: eens voor syn E te doen komen gelyk hy daer zyne begeerte op VE toesegging haest in voldaen sal vinden. — verstandig onsmakelijk 1 gen
Quelle Zitat
National Archives / Archiv South Holland, Archivnummer 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), Inventar nummer 1663, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, 1703. RRRRR. Dertiende boek: Batavia's ingekomen brievenboek, deel II: Makassar, Timor, Palembang, Japan, Malakka
Klicken Sie auf das Bild, um es zu vergrößern und die Transkription daneben anzuzeigen
Künstliche Intelligenz (KI)
Die Transkription erfolgte computergestützt mittels automatischer Handschrifterkennung.
Die Zusammenfassung wird vom Computer auf Basis eines Sprachmodells erstellt.
Beide Aufgaben der künstlichen Intelligenz sind nicht perfekt, aber oft mehr als ausreichend, damit das historische Dokument verständlich wird.
Finden Sie Ihre Vorfahren und veröffentlichen Sie Ihren Stammbaum auf Genealogie Online über https://www.genealogieonline.nl/de/
Die Transkription des historischen Dokuments erfolgte mittels automatisierter Handschrifterkennung. Auch eine Zusammenfassung in zeitgenössischem Deutsch kann hier automatisch erstellt werden.
Zur Nutzung dieser Funktionen zu machen, müssen Sie ein Abonnement haben.