Samenvatting (ook van de volgende pagina)De gevangene ontkende alles hardnekkig. In artikel 31 gaf hij aan niet bij Rhenius thuis te zijn geweest die avond. Dit was in directe tegenspraak met de verklaringen van de slaven Sicko en Meij en slavin Truij. In artikel 32 probeerde hij zich te redden met zwakke uitvluchten. Hij trok zijn eerdere uitspraken tegen de aanklager in het bijzijn van de gecommitteerde heren in door te zeggen dat hij niet wist dat hij dat gezegd had omdat hij ziek was geweest. Bij zijn verhoor probeerde hij dit te herstellen door te zeggen dat hij wel tegen de aanklager had gezegd dat Rosa zijn vrouw niet was, dat hij haar niet kende en nooit had gezien, maar dat dit door zijn ziekte kwam. Dit bevestigde dat slavin Rosa door hem was gewurgd.


Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 10951, Kamer Zeeland, INGEKOMEN STUKKEN VAN DE KANTOREN IN INDIE BIJ DE HEREN XVII EN DE KAMER ZEELAND, Stukken van de gouverneur en raden van Kaap de Goede Hoop, Kopie-criminele rollen van de Raad van Justitie van Kaap de Goede Hoop, 1752
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/