archieftoegang 499, inventarisnummer 227, pagina 54
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
TUINEN EN TUINHUIZEN BIJ DE STAD De tuinen in en om de stad waren de oudste buitenverblijven van de stedeling . Tuinen en industrieterreinen waren vaak vermengd . De tuingebieden waren kwetsbaar en weinig statisch ; in korte tijd konden zij van karakter veranderen . Zo werd het tuinengebied tussen de Oudezijds Achterburgwal en de veste in de vijftiende eeuw geheel bezet met kloosters . Het grote tuingebied aan de west- zijde van de stad ging met de uitbreiding van 1614 geheel verloren , slechts enkele buitentuinen bleven binnen de Jordaan nog enige tijd bestaan . Van nog meer betekenis werd nu het tuinengebied ten zuiden van de stad aan weerszijden van de Amstel . Hoewel ook dit gebied bestemd was voor de uitbreiding van de stad tonen kaarten uit het midden van de zeventiende eeuw dat alle weilandpercelen waren verkaveld in tuinen en industrieterreinen , op een klein gebied om de wallen na dat niet bebouwd mocht worden . De gedaante die de stad bij de voltooiing van de zeventiende eeuwse uitleg zou krijgen is op de kaarten aangegeven , zodat iedereen wist dat er weinig van dit gebied in stand zou blijven . Toen deze uit- breiding in 1660 inderdaad plaats vond zijn enkele weilanden ten zuiden van de nieuwe vestinggordel opnieuw tot tuinen verkaveld . De tuinen aan het Regulierspad komen voor op de grote kaart van Amsterdam van Balthasar Florisz uit 1625 . Zij zijn bovendien op groter schaal getekend op een blad uit het kaartboek van de gasthuizen uit 1626 door dezelfde landmeter . Aan dit pad , het eerste buiten de Regulierspoort , stonden enkele bijzondere tuinhuizen met sierlijke torentjes en rijke topgevels . Het is nog niet bekend wanneer men be- gonnen is dit soort fraaie tuinhuizen te bouwen , wel is duidelijk dat men zich niet liet weerhouden door de dreigende stadsuitbreiding ( afb . 11 ). Het huis van Nassau van Jan Jacobsz Huydecoper ( 1541-1624 ) is alleen uit archi- valia bekend . Deze leerlooier bewoonde sinds 1606 een nieuw huis op de Bree- straat , in 1608 verwierf hij de ' Huysinge mette hoffstede genaemt de gouden Hoeff ' bij Maarsen 1 . Bovendien bezat hij een tweetal tuinen bij de Amstel buiten de Regulierspoort . Na zijn dood in 1624 werd zijn bezit geschat . De waarde van Goudenhoef bij Maarssen met 33 morgen grond bedroeg ƒ 16.000 . ' t Huis van Nassauen op den Amstel , buiten de Regulierspoort was ƒ 6400 waard , een ver- verij in dezelfde buurt werd geschat op ƒ 5500 en een speelhuis buiten de Regu- Jierspoort op ƒ 4400 2 . De waarde van deze buitentuinen lijkt erg hoog , vooral vergeleken met een goed als Vogelenzang dat in 1627/5500 opbracht . Het schijnt dat het huis van Nassau door de familie als buitenverblijf werd gebruikt , eerst in 1636 werd het verhuurd 3 . De tuinhuizen waren verwant aan de buitenhuizen in de rooilijn . Zij lagen meestal aan de voorkant in de hoek van de tuin , het liefst door een sloot van het pad gescheiden . Naast het huis was een toegangspoortje voor huis en tuin . Slechts daar waar aan de achterzijde van de tuin een vrij uitzicht was , zoals een breed water , werd het tuinhuis aan de achterzijde van de tuin gelegd . De tuinhuizen waren kleiner dan de buitenplaatsen ; bijgebouwen en stallen waren niet nodig . Soms was er een kamerwoning voor de tuinman , in enkele gevallen was er in een andere hoek van de tuin nog een tuinkoepel of belvedere . Het was een gevarieer- de wereld , samengeperst in een klein bestek . BUITENVERBLIJF EN BOERDERIJ In de zeventiende en achttiende eeuw kwam de combinatie van buitenverblijf en boerderij in één gebouw veel voor . Meestal was dit geen blijvende vorm , de boerderij werd op den duur verplaatst en het huis vergroot . Waarschijnlijk heeft zich deze gang van zaken in de zestiende eeuw ook voorgedaan . De grote ver- nielingen die in het begin van de tachtigjarige oorlog op het platteland werden aangericht zouden er de oorzaak van kunnen zijn dat weinig oudere voorbeelden van dit gebouwentype tot na 1600 hebben bestaan en in tekening zijn vastgelegd . Het schijnt dat alleen omschrijvingen bij overdrachten enig inzicht kunnen ver- schaffen of dit type buitenverblijf in de zestiende eeuw reeds veelvuldig voor- kwam . Een boerderij aan de Sloterweg , naast het huis Te Vraag , zou een vroeg voorbeeld kunnen zijn van de combinatie van buitenplaats en boerderij . In 1632 verkochten Pieter Laurensz Spiegel , Laurens Spiegel en de kinderen van de reeds overleden Annetgen Spiegel dit bezit van 41 morgen , met een welbeplante boomgaard , 1 Elias , o.c . p . 92 . 2 W . van Ravesteyn jr , Onderzoekingen over de economische en sociale ontwikkeling van Amsterdamgedurende de 16de en het eerste kwart der 17de eeuw . Amsterdam 1906 , p . 299 . 8 Rijksarchief Utrecht . Archief Huydecoper . Aantekeningen van de huijsen , of pakhuijsen , welke de eerste Heer van Maarseveen in Amsterdam heeft bezeten , gekogt of getimmert f . 1 . 102 103
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 227, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 70, 1978
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/