archieftoegang 499, inventarisnummer 227, pagina 149
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Een andere kijk op Sweers verschaft ons het feit , dat hij voor het talent van Elizabeth Wolff bewondering koesterde . In zijn bibliotheek bevond zich een groot aantal van haar dichtwerken . Wij zien de Amsterdamse regent zelfs met de Beem- ster domineesvrouw in correspondentie treden . Van hem zijn twee brieven bekend , één gedateerd 25 december 1771 , de andere zonder dagtekening , beide door Betje tien jaar later gepubliceerd 1 ; van haar een vijftal 2 . Voor de geschiedenis van onze letterkunde is het van enige betekenis , dat bij het is geweest , die de jeugdige dichteres inspireerde tot het schrijven van de Lijkzang op Noordkerk . In het begin van november 1771 was de advocaat , met wie zij een jarenlange briefwisseling had onderhouden , overleden . Ik verenig mij , schreef Sweers in zijn eerste epistel , met het denkbeeld van burgemeester . ., die versteld staat , dat ' de Lijkbusch van den Grooten Noordkerk tot nog toe door u , zijne hartsvriendin , met geen Cipressen versiert is '. ' Het gantsche Neder- land en in ' t bijzonder mijn Amsteldam , verwagt dit van uwen eerbied voor ' s mans gedagtenis ' en ik voeg er ' mijne bede bij als een vriend des overledenen zedert twee en veertig jaaren ' en ' als een Regent deezer stad , die best weet , welk eenen Burger wij aan hem verlooren hebben en , tenzij de Hemel mirakelen deedde , nooit zullen wedervinden '. De Lijkzang kwam gereed en kon op het laatste ogenblik nog bij Elizabeths op uitgeven staande bundel Mengelingen worden ingenaaid . Onmiddellijk zond zij een exemplaar aan Sweers . Hij antwoordde : ' Wat geluk voor mij het poëtisch vuur der Dichteresse dus te hebben opgewekt !' Maar , vervolgde hij , omdat wij thans ' de eeuw der dichteressen beleven en de Nederlandsche Parnas geraakt is onder eene vrouwelijke Haar schappij 3 , wensch ik met al mijn hart , dat daar eene vrije Republikijnsche Regeering moog ' standhouden en niemand naar ' t opper- gebied zal staan '. Gesloten werd dit tweede schrijven met : ' Houd u ook ver- zekerd van mijne ware vriendschap en leef gelukkig ; de Stadhuisklok roept mij ten Rade '. iyi ) '' . Enige conclusies zijn weer te trekken . Eerst uit Sweers in bezit hebben van Elizabeths literaire produktie . Stellig deelde hij met haar de neiging tot humor en ironie zelfs tot spot . Dan uit de briefcoupures . Zij tonen een hoffelijkheid , die hij mogelijk in Den Haag had aangetroffen . De aan het licht tredende bonhomie daarentegen moet een aangeboren eigenschap zijn geweest . Treffend is de liefde voor zijn geboortestad , in twee woorden uitgedrukt . Treffend met minder de wijze , waarop hij zijn vriend Noordkerk herdacht . Is er ooit schoner in memoriam geschreven voor een gestorven Amsterdammer ? Natuurlijk moest Sweers in het schriftelijk contact met Betje de regent , die in hem woonde , vergeten . Elegant , maar beslist echter , Het hij in de slotperiode van zijn laatste brief weten , dat hij i In dl II van Brieven over verscheiden onderwerpen ( 1781 ), blz . 305 en 308 . » Zie Dr Toh . Dys-rinck , Brieven van Betje Wolff en Aagtje Deken ( 1904 ), blz . 81-90 . » Zinspeling , behalve op Elizabeth Wolff , op Lucretia van Winter , geb . van Merken en enkele anderen . de correspondentie als geëindigd beschouwde . Desondanks schreef zij terug . Na haar in 1772 van de pers komende Geloofsbelijdenis , een persiflage van de Sant- horstse bedrijven , zal hij zich , zonder dat zij de reden vermoedde , het zwijgen hebben opgelegd . De boven opgesomde karaktertrekken meen ik in de gelaatsuitdrukking van Sweers , zoals Troost die schilderde terug te vinden . Wijs ik op de geestigheid en vriendelijkheid uitstralende ogen , zo contrasterend met de hooghartigheid en beslistheid te kennen gevende saamgenepen lippen 1 . Zelfheeft hij er voor gezorgd , dat zijn politieke overtuiging voor ons geen raadsel meer kan zijn . In een met haast geschreven kattebelletje aan een jonge vrouw , die tot partij kiezen nog komen moest , vermocht hij niet na te laten het anti-stadhouderlijke credo , bedektelijk , te formuleren . In weerwil van dit vreemde etaleien van zijn gezind- heid neem ik niet aan , dat hij , was hij blijven leven , in 1787 als patriot naast Gales had willen staan . Het kan onjuist zijn , maar ik geloof , dat Sweers te voorzichtig was en te veel gehecht aan de oude vormen 2 . Misschien is hij door de goden van het ancien régime bijtijds in het Walhalla der regenten opgenomen . Volgens Dr . J . W . Niemeijer moet het portret ca . 1735 tot stand zijn gekomen ( Cornelis Troost , Gron . diss . 1973 , blz . 183 ). ' avec l'esprit d'opposition lé mauvais gout avait fait son entree et s'introduisit rapidement dans toutes les classes de la société '. ( F . J . L . Kramer , Archives de la Maison d'Orange-Nassau , 1779-1782 , T . n , 1913 , p . XXI ). 292 293
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 227, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 70, 1978
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/