archieftoegang 499, inventarisnummer 227, pagina 138
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
als enige in Amsterdam met hun achterzijde aan de Amstel . Symon deed zeer uiteenlopende zaken , o.a . ook in juwelen en beleningen . Na zijn overlijden op 18 oktober 1720 werd op 12 november 1721 de inventaris voor not . Baars vol- trokken , waaruit we het huis leren kennen . De weduwe , Frommet Samuels , stierf enige jaren later , maar pas in 1739 na het trouwen van de laatste van de negen kinderen werd op 3 juli voor not . H . de Wolff de boedel van bijna ƒ 404000 ,— gescheiden . Ik noem hier slechts drie van de kinderen . De tweede dochter , Sara , geboren in 1703 , trouwde in 1722 met Tobias Boas ! De tweede zoon , Benjamin , geboren in 1710 , trouwde in 1733 met Matha Magnus Heymans uit Hamburg , de schoon- zuster van zijn oudste zuster . De op één na jongste zoon , Samuel , die omstreeks 1716 geboren zal zijn , trad vermoedelijk kort vóór de scheiding van 3 juli 1739 in het huwelijk . De bruid was de oudste dochter van zijn eigen zuster Sara , Mietie Boas . D . S . van Zuiden , die in 1939 zijn ' Proeve ener genealogie ' publi- ceerde , plaatste Mietie no . 15 onder de kinderen van Tobias Boas , maar dat was alleen omdat hij haar geboortejaar niet kende . Zo was Samuel Symons niet alleen de zwager , maar ook de schoonzoon van Tobias Boas . Deze laatste speelde in 1739 duidelijk de leidende rol bij de scheiding van de nalatenschap van zijn schoonouders , waarbij Benjamin en Samuel o.a . samen het huis in de Swanen- burgerstraat toebedeeld kregen . Zij vormden sedertdien de firma Benjamin en Samuel Symons , die men sinds 1739 in de boeken van de wisselbank vindt . Ze waren als het ware de voorpost in Amsterdam voor de befaamde Tobias Boas in den Haag . Ik kan hier niet ingaan op de vele thans nog terug te vinden transacties van de broers Symons . Weer beperk ik mij tot de jaren van Casanova's bezoeken . Van september 1758 tot september 1759 werden voor not . G . Bouman een aantal akten gepasseerd over een lening van ƒ 322000 ,— tegen een rente van 5 % aan de keurvorst van Saksen-koning van Polen , waarvoor Ephraim Abraham Levy , hoffactor , bemiddelde en de graaf de Boltza tekende ; 56 kisten met goud - en zilverwerk kwamen als onderpand daarvoor van Saksen naar Amsterdam . Een geheel andere zaak , binnen de Republiek , vormt de verklaring van Benjamin en Samuel Symons - zeer tekenend wordt achter zijn naam toegevoegd : ' schoon- zoon van Tobias Boas ' - en Adam Joseph Levy te Leeuwarden , dat het engage- ment van 5 juli 1760 wegens het leveren van gouden rijders aan de Staten van Friesland voor anderhalf milüoen guldens door hen samen is gedaan . Wanneer Casanova naar Amsterdam komt , bestaat het gezin van Benjamin Symons uit hemzelf , zijn echtgenote en één ongetrouwde zoon , de 18jarige Abraham . De enige dochter , Fronica , is al in 1748 getrouwd met haar volle neef Abraham Boas in den Haag , de oudste zoon van Tobias . De oudste zoon , Emanuel Symons , is op zijn beurt in 1752 met zijn nichtje Fronica Boas in het huwelijk getreden . Samuel Symons en Mietie Boas hebben ook drie kinderen , een zoon Heyman en twee dochters , Sara en Fronica . Heyman en Sara zullen in 1758 ongeveer 18/19 en 16/17 zijn geweest . Hun bestaan kon ik overigens uitsluitend uit een akte van 10 mei 1780 voor not . Marcus Sijthoff in den Haag vaststellen . Het betreft een zogenaamd contract van overleving en wel van 1 oktober 1770 , als gevolg waarvan toen werd vastgelegd , dat deze drie kinderen van Mietie Boas nog in leven waren . Van Heyman en Sara vond ik geen enkel spoor in Amsterdam en het is mogelijk in deze zeer internationaal georiënteerde familie , dat ze al op jeugdige leeftijd elders waren getrouwd . Abraham Symons en zijn nicht Fronica worden in een soortgelijke akte in het Frans voor not . Bouman op 5 september 1758 genoemd . Beiden wonen dan in de Swanenburgerstraat . Of de broers Ben- jamin en Samuel Symons samen hun gemeenschappelijk huis bewoonden , blijkt niet . Daar Benjamin in 1742 dit met zijn gezin bewoonde en Samuel toen nog elders woonde , lijkt het mij aannemelijker dat deze laatste nu een huis in dezelfde straat huurde . In ieder geval moet Casanova in 1758 in de Swanenburgerstraat zijn geweest . Daar de actiën van de Zweedse O.I . Compagnie te Gothenburg daarbij een grote rol spelen , vertel ik hier de versie van Casanova zelf , zeer in het kort . Ik haal daarbij de pagina's aan van deel V van de Brockhaus-Plon uitgaaf ( 1960-1961 ), ' Histoire de ma vie ', de eerste uitgaaf naar het originele manuscript . Men zal zo een goede indruk van de ' Dichtung und Wahrheit ' in Casanova's mémoires krijgen . De markiezin d'Urfé had voor haar actiën 60000 livres betaald , kon ze in Parijs niet goed verkopen en gaf ze daarom aan hem mee naar Holland , na ze hem verkocht te hebben ' sous Ie certificat de Tourton et Baur ' ( 124 ). In Den Haag hiervoor verwezen naar D.O . in Amsterdam ( 127 ), benaderde hij die en daarna onderhandelde D.O . met een koopman van Gothenburg over de 16 aandelen ( 128 ), maar nam ze tenslotte zelf , zodat onkosten van een makelaar en notaris werden bespaard , en betaalde in een wisselbrief op Tourton en Baur 72000 livres , terwijl Casanova niet meer dan 69000 livres had verwacht ( 137 ). In Den Haag bleek Boas uiterst verwonderd over zo'n voordelige verkoop ( 143 ) en de mar- kiezin d'Urfé , die geen winst had willen maken , stuurde 12000 livres aan Casanova in een wisselbrief op Boas ( 148 ). Dit alles speelde zich af vóór Casanova's terug- keer naar Parijs begin januari 1759 ! Voordat ik nu het verhaal uit de bewaarde stukken vertel , eerst één veronder- stelling op grond van de mémoires ! Casanova beschrijft uitvoerig zijn logeer- partij bij Boas en ik neem aan , dat deze tot de ' Wahrheit ' behoort . Boas kan Casanova voor de verkoop van de actiën naar zijn zwagers-schoonzoon Symons in Amsterdam verwezen hebben . Benjamin en Samuel Symons stonden echter blijkens de notariële akten in zeer nauw contact met Tourton en Baur in Parijs en ook de reeds genoemde Kornmann wordt daar wel genoemd . Over beiden vindt men uitvoerige bijzonderheden in Lüthy's La banque Protestante en het lijkt mij mogelijk , dat zij in Parijs al een verwijzing naar de broers Symons in Amsterdam hadden gegeven voor de verkoop van de actiën . Het paspoort voor Casanova dateert van 13 oktober 1758 en pas op 7 december 270 271
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 227, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 70, 1978
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/