archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 97
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
25 juli 1957 (avondzitting) 934 (Luirink e.a.) Concertgebouworkest Concertgebouworkest 935 Gemeenteblad afd. 2 sproken mag worden van een juist financieel beleid. Spreker wil hieraan toe- voegen, dat het blijkbaar voordelig is, wanneer men vroegtijdig, dus gedurende een reeks van jaren, bij de gemeente Amsterdam om subsidies aanklopt. De definitieve regeling met deze Orkeststichting dateert nog maar van enkele jaren geleden en dat heeft dan ook tot gevolg, dat deze stichting zich in haar beleid veel meer heeft ingesteld op de sfeer van vrijheid, waarin zij zich vroeger be- wogen heeft, dan de Opera, die ten volle is blijven leunen op de arm van Am- sterdam, die naar verhouding dan ook een veel groter bedrag aan subsidie geniet en die zich tegelijkertijd van alle adviezen, die gegeven zijn, om te komen tot een verhoging van inkomsten, niets aantrok, dit in tegenstelling tot de Orkeststichting, die dit juist wel heeft gedaan. dat de thans voorgestelde subsidies maximaal zijn en dat, wanneer er dus verdere kosten komen, zij zelf maar moeten zien, hiervoor dekking te vinden. Dit lijkt spreker een buitengewoon gevaarlijk standpunt. Bij de vorige be- spreking over de kunstsubsidies heeft sprekers fractie reeds tegen dit standpunt gewaarschuwd. Zij is van oordeel, dat de door de Regering opgelegde beste- dingsbeperking niet zal mogen gelden voor de kunst. Spreker wil met nadruk verklaren, dat zijn fractie ten allen tijde zal blijven opkomen voor het geven van een subsidiebedrag, dat deze instellingen redelijkerwijze gesproken nodig hebben. Wanneer men zich thans reeds op het standpunt stelt, dat de subsidies niet verhoogd mogen worden, dan is het naar sprekers mening geenszins uit- gesloten, dat de gezelschappen in de grootste moeilijkheden komen, wanneer straks een compensatie voor de huurverhoging en nieuwe salarisverhogingen betaald moeten worden. Spreker is het dan ook in het geheel niet eens met dit standpunt, daar de enige consequentie er van is, dat de toegangsprijzen ver- hoogd zullen moeten worden. Spreker wijst er op, dat de Nederlandse Orkeststichting uit het feit, dat de lonen en prijzen op een hoger niveau zijn komen te liggen, de consequentie heeft getrokken, de entreeprijzen te verhogen. Door de verhoging van de entree- prijzen en de abonnementsgelden is deze stichting thans in staat, toe te komen met vrijwel eenzelfde subsidie, als verleden jaar door de gemeente Amsterdam is toegekend; het bedrag is slechts f 15.000 hoger. Spreker wijst er op, dat de Nederlandse Opera het advies heeft gekregen, zich, wat betreft de entreeprijzen, ook enigermate aan te passen aan de werkelijke situatie. Door mej. Luns is gezegd, dat zij in de voordracht betreffende de Opera een gevaarlijk zinnetje had ontdekt. Door spreker is in de thans aan de orde zijnde voordracht eveneens een gevaarlijk zinnetje ontdekt. In de voordracht staat nl.: „Dank zij een belangrijke verhoging van de abonnements- en entreegelden met ongeveer 25% zijn de inkomsten voor het komende seizoen aanzienlijk hoger geraamd.” Uit een circulaire heeft spreker begrepen, dat deze prijsver- hoging per 1 september ingaat. Spreker zou aan Burgemeester en Wethouders de vraag willen stellen, of deze prijsverhoging is voorgesteld door de Regering dan wel door het Gemeentebestuur, ten einde deze instelling te dwingen, zonder een subsidieverhoging tot een sluitende begroting te komen. Spreker kan deze drastische prijsverhoging niet bepaald een vorm van actieve cultuurpolitiek vinden, want een dergelijke verhoging leidt ongetwijfeld tot een verminderd bezoek en mocht dit misschien in eerste aanleg niet zo zijn, dan staat het in ieder geval toch vast, dat een dergelijke politiek er toe leidt, dat deze kunst- uitingen op de duur alleen nog maar toegankelijk zijn voor degenen, die deze hoge toegangsprijzen betalen kunnen. Er is in de Raad meermalen gezegd, dat men voor een bezoek aan dergelijke instellingen bereid moet zijn, een offer te brengen. Dit is natuurlijk gemakkelijk gezegd, maar voor degenen, die dit zeg- gen, betekent het betalen van een hoge toegangsprijs geen offer en degenen, die er een offer voor zouden moeten brengen, kunnen dat niet. De steeds verder- gaande verhoging van de toegangsprijzen betekent derhalve, dat de mensen, die gaarne de voorstellingen van deze instellingen zouden willen bezoeken, maar het nu reeds moeilijk kunnen betalen, op de duur geheel van deze kunstuitingen worden uitgesloten en dat alleen degenen, die voldoende geld hebben, deze kunstuitingen zullen kunnen bezoeken. Sprekers fractie is het dan ook in het geheel niet eens met de thans ingevoerde verhoging der toegangsprijzen. Spreker betoogt, dat in Barcelona ongeveer f 36 voor een plaats op de eerste rang wordt betaald, in Milaan wordt ongeveer dezelfde prijs gevraagd, terwijl in Wenen de prijzen voor die plaatsen, naar spreker meent, {30 zijn. Hij meent, dat dit prijzen zijn, die zijn aangepast aan de moderne tijd. De maximum- prijzen bij de Nederlandse Opera zijn nog steeds f 7,50 per plaats. Thans over- weegt men, de prijzen met 10 % te verhogen, terwijl pas een verhoging met 100% de prijzen enigermate in overeenstemming met de prijzen van andere opera’s in Europa zou brengen. De gemeente Amsterdam moet jaar op jaar de tekorten aanvullen. Spreker meent, dat dit niet een juist subsidiebeleid is en hij con- stateert, dat er met betrekking tot de Nederlandse Orkeststichting met heel wat meer waardering over het beleid mag worden gesproken. De heer VAN RIJ merkt op, dat het naar zijn mening bij de behandeling van deze voordracht juist is, een woord van lof te laten horen aan het adres van het bestuur van de Orkeststichting voor de wijze, waarop het in staat is geweest, de begroting voor het seizoen 1957/58 op te stellen. Wanneer men deze Orkeststichting stelt naast de Opera en het Operaballet en nagaat, zoals de accountantsdienst van de Gemeente heeft gedaan, wat er per bezoeker aan subsidie moet worden betaald, dan komt men voor de Orkeststichting op een bedrag van f 2,86, voor de Opera op f 8,17 en voor het Operaballet op f 25,47. Uit deze cijfers blijkt al direct, dat ten aanzien van deze Orkeststichting ge- Spreker vraagt zich echter af, of de begroting van de Nederlandse Orkest- stichting niet wat krampachtig sluit. Hij wijst er op, dat men vermoedt, dat er een verhoging van de auteursrechten tot stand zal komen, terwijl er ook nog uitgaven zullen moeten worden gedaan in verband met voorzieningen in zake pensioenen enz., welke uitgaven door de accountant van de Gemeente zijn geschat op 124% van de totale uitgaven. Het bedrag, dat Amsterdam meer aan subsidie moet betalen, wordt gevormd door de verhoging van de vergoeding, die de stichting aan de N.V. Concertgebouw moet betalen. Spreker vraagt zich af, of het niet meer in overeenstemming met de geest van burgerzin was geweest, door deze groep van burgers vroeger altijd betoond, als de N.V. Concertgebouw de vergoeding, die door de Nederlandse Orkeststichting aan haar moet worden betaald, niet had verhoogd, gezien de financiële positie van de gemeente Amsterdam en hij verzoekt, na te gaan, of het niet mogelijk is, de verhoging van deze uitkering ongedaan te maken. Spreker zou gaarne vernemen, of de entreeprijzen voor concerten ook in steden als Rotterdam, Arnhem enz. zullen worden verhoogd; uit de voordracht heeft hij dit niet kunnen afleiden. Van het bedrag van f 935.000 voor salarissen betaalt het Rijk de helft; daarnaast zijn er nog enige kosten, die f 26.400 bedragen en geheel voor reke- ning van de gemeente Amsterdam zijn. Spreker vraagt, of dit voortspruit uit
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/