archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 95
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
25 juli 1957 (avondzitting) 930 Volgn. 671 (Damoiseaux e.a.) De conclusie van het preadvies wordt zonder hoofdelijke stemming goed- gekeurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1084 van afd. 1 van het Gemeenteblad. 44° Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 5 juli 1957, tot wijziging van de Verordening tot regeling van de Universiteit van Amster- dam (Gemeenteblad afd. 1, no. 671, bladz. 1009). De heer DE BRUIJNE zegt, dat, aangezien hij de ongetwijfeld belangrijke debatten over de onderwerpen betreffende de kunst niet wenst te vertragen, hij nu slechts een korte vraag wil stellen naar aanleiding van voorstel no. 671, wijziging Verordening tot regeling van de Universiteit van Amsterdam. Op bladz. 1024 en 1025 vindt spreker nl. een aantal politieke en sociale wetenschap- pen vermeld, welke onderdeel uitmaken van het kandidaatsexamen. Onder 8° vindt hij „sociologie van Indonesië” en onder 9° „sociologie van Suriname en de Nederlandse Antillen”. Het is sprekers fractie opgevallen, dat het gebied van Nieuw-Guinea hierbij niet is vermeld. Spreker vraagt nu, of het niet gewenst is, onder 9° ook Nieuw-Guinea als afzonderlijk gebied op te nemen. Hij zal gaarne van de zijde van het College vernemen, in hoeverre men deze zienswijze zal delen. Volgn. 769 931 Gemeenteblad afd. 2 De voordracht wordt zonder hoofdelijke stemming goedgekeurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1011 van afd. 1 van het Gemeente- blad. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, stelt hierna aan de orde: 55* Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 25 juli 1957, tot verhoging van het krediet voor de inenting tegen kinderverlamming met f 221.200 (Gemeenteblad afd. 1, no. 769, bladz. 1151). De heer SEEGERS zegt, het eens te zijn met datgene, wat in het aan de orde zijnde voorstel wordt gezegd. preadvies zal verzetten, omdat hij er aan wil medewerken, te trachten, deze onduidelijkheid in de wet uit de weg te ruimen, hetgeen echter niet inhoudt, dat hij zich hiermede uitdrukkelijk achter de inhoud van het preadvies stelt. De heer SEEGERS betoogt, deze formulering uitstekend te vinden, omdat men hier stilzwijgend tot uitdrukking heeft gebracht, dat Nieuw-Guinea bij Indonesië behoort. Hij zegt daarom, het bezwaar van de heer De Bruijne niet te kunnen delen. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, wijst er op, dat hij niet heeft gezegd, dat het formeel onjuist is, als de Raad thans over de verordening dis- cussieert, maar dat het niet de bedoeling is, aangezien de Raad niet alleen soeverein, maar ook een verstandig lichaam is en slechts discussies voert of besluiten neemt op tijdstippen, die daartoe geschikt zijn. Spreker betoogt, dat voor de jaarklasse 1955 het vaccin gratis door het Rijk beschikbaar wordt gesteld, zodat voor het vaccin geen krediet behoeft te worden aangevraagd. Voor de jaarklassen 1954, 1953 en 1952 wordt een krediet van f 292.000 gevraagd. Spreker meent hieruit te moeten afleiden, dat het Rijk zich met zijn bemoeiingen beperkt tot de jaarklasse 1955. Spreker meent, dat het toch wel de bedoeling zal zijn, voor de jaarklassen 1954, 1953 en 1952 de- zelfde faciliteiten van het Rijk te verkrijgen, als thans voor de jaarklasse 1955 zijn verkregen. Aanvaarding van het onderhavige voorstel mag volgens spreker niet betekenen, dat men hiermede afstand doet van een mogelijke bijdrage, die men later eventueel van het Rijk voor deze jaarklassen zal kunnen krijgen. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, wijst er op, dat de heer De Bruijne een betoog heeft gehouden, dat berust op een misverstand. Er is een verordening vastgesteld, aldus spreker, waarin een aantal wijzigingen moesten worden aangebracht. De wijzigingen hebben betrekking op andere punten, dan waarover de heer De Bruijne heeft gesproken en het is niet de bedoeling, aldus spreker, dat er over de gehele tekst van de verordening wordt gesproken. De heer DE BRUIJNE wijst er nogmaals op, dat hij uitdrukkelijk naar voren heeft willen brengen, dat in de onderhavige verordening in de opgaven- lijst de aparte vermelding van Nieuw-Guinea ontbreekt. Spreker is van ge- voelen, dat het gewenst is, hieromtrent een stemming uit te lokken na deze discussie in de Raad. De heer SAJET zegt, Burgemeester en Wethouders te willen bedanken voor de buitengewoon vlotte wijze, waarop de toezegging aan de Raad is ingelost. Duizenden kinderen zullen hierdoor tegen een besmetting met kinderverlam- ming worden beschermd. Spreker verzoekt daarom de heer De Bruijne, deze aangelegenheid opnieuw aan de orde te stellen, wanneer de Verordening tot regeling van de Universiteit van Amsterdam als geheel aan de orde wordt gesteld. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, vraagt de heer De Bruijne, of hij in deze dan een voorstel wenst in te dienen. Spreker herinnert de heer De Bruijne er echter aan, dat hij gezegd heeft, deze aangelegenheid in de ijskast te zullen zetten. Wethouder IN ’T VELD deelt mede, dat er in Nederland gemeenten zijn, waar niet een aantal jaarklassen worden ingeënt, juist, omdat men wenst af te wachten, of het Rijk in deze verder zal gaan. Burgemeester en Wethouders van Amsterdam stonden voor dezelfde keuze, aldus spreker, maar zij waren van mening, gezien het belang van deze inenting, op de beslissing van de Regering te moeten vooruitlopen. Spreker zegt te hopen, dat in deze is vooruitgelopen De heer DE BRUIJNE zegt, met verwondering van de zijde van het College te vernemen, dat, terwijl de Raad een volledige tekst van de verordening voor zich heeft gekregen, men geen opmerkingen over bepaalde detailpunten in het programma zou kunnen maken. Spreker vraagt zich af, waarom men hieraan dan deze drukkosten en al dit papier heeft gespendeerd. Spreker verklaart zich bereid, de suggestie van de Voorzitter over te nemen en deze aangelegenheid op een ander en juister moment aan de orde te willen stellen; thans zal hij dit onder- werp dus tot zolang in de ijskast zetten. De heer DE BRUIJNE komt er op terug, dat hij gezegd heeft, de debatten over de onderwerpen betreffende de kunst niet te willen vertragen. Daarom wil hij zich opnieuw bereid verklaren om deze kwestie tot een meer geschikt tijdstip aan te houden en zegt, nu geen stemming over het onderhavige voorstel meer te zullen verlangen. De heer SEEGERS zegt, het met de gang van zaken in het geheel niet eens te zijn. Met de opmerking van de heer De Bruijne was spreker het niet eens, maar ook datgene, wat de Voorzitter de Raad voorschotelt, is onjuist. Spreker meent, dat de Raad volkomen soeverein/is, thans een beslissing te nemen over een wijziging van de onderhavige verordening. Of dit een juiste methode zou zijn, is een andere kwestie, maar volgens spreker heeft de Raad volkomen het recht, over deze verordening te spreken, als hij dat wenst.
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/