archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 52
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
10 juli 1957 (avondzitting) 844 Schiphol (Meewezen e.a.) Gemeenteblad afd. 2 Schiphol 845 Sprekers fractie kan zich met het voorstel verenigen. geweest, de redevoeringen van voorgaande sprekers over deze kwestie te beluisteren. Spreker kan derhalve niet op de reeds gemaakte opmerkingen reageren, terwijl bovendien de mogelijkheid bestaat, dat hij in herhalingen zal vervallen. Daar nu het moment is aangebroken, afscheid te nemen van Schiphol, aldus spreker, dient de wens uitgesproken te worden, dat de connectie met Schiphol zal blijven bestaan. Hij hoopt, dat de Raad op de hoogte zal worden gehouden van de gang van zaken. Schiphol is een Amsterdamse vestiging en de luchthaven zal dit karakter blijven behouden. De voordracht tot wijziging van de beheersvorm van Schiphol is thans eindelijk aan de Raad ter discussie voorgelegd. Er heeft een langdurig overleg over deze zaak plaats gevonden en het is te hopen, dat dit nu tot een definitief einde is gekomen, hoewel ook de Staten-Generaal nog hun goedkeuring aan deze zaak moeten hechten. Aannemende, dat deze goedkeuring zal plaats hebben, blijft voor spreker nog de vraag, wat er nu eigenlijk gaat veranderen. Schiphol heeft een nieuwe heer gekregen, nl. de algemene vergadering van aandeelhouders, waarin het Rijk de boventoon voert, Spreker zegt ervan over- tuigd te zijn, dat Schiphol zal blijven een Amsterdams begrip, niet alleen voor de Amsterdammers, maar voor geheel Nederland. Hij is ervan overtuigd, dat, zolang de tegenwoordige directeur aan het hoofd van de n.v. zal staan, de leiding in goede hahden is. Spreker zegt, de hoop te koesteren en het vertrouwen te hebben, dat van de kant van Amsterdam de volle belangstelling voor Schip- hol zal blijven bestaan. Voor Amsterdam zullen twee veranderingen plaats vinden. Schiphol zal namelijk als gemeentelijk bedrijf ophouden te bestaan en voortaan gerang- schikt worden onder de gemeentelijke deelnemingen. Wethouder VAN DEN BERGH zegt, de indruk te hebben, dat, hoewel er van verschillende kanten kritiek op het onderhavige voorstel is uitgeoefend, de Raad in meerderheid met dit voorstel akkoord kan gaan. Men zou kunnen zeggen, dat hier sprake is van een zuiver formele kwestie, doch spreker meent, dat aan deze kwestie meer vastzit. Het intensieve contact, dat de Raad tot nu toe met Schiphol gehad heeft, zal wegvallen. Niettemin verwacht spreker, dat de connectie, die de Raad via het College van Burge- meester en Wethouders met de N.V. Luchthaven Schiphol zal behouden, er voor zal zorgen, dat de Raad ook in de toekomst regelmatig zal worden ingelicht over de gang van zaken onder de nieuwe beheersvorm. Spreker meent, dat het wegvallen van Schiphol als gemeentelijk bedrijf toch een gevoel opwekt, als is neergelegd in het Franse spreekwoord: Partir c’est mourir un peu. Spreker uit zijn waardering voor datgene, wat is gezegd over de betekenis van de luchthaven van Amsterdam en hij dankt degenen, die hulde hebben betuigd aan het adres van hen, die de luchthaven hebben gemaakt tot dat, wat zij nu is. Voor zover deze waardering tot uiting is gebracht met betrekking tot anderen dan het College van Burgemeester en Wethouders, wil spreker deze woorden gaarne onderschrijven. Ook in de stukken, die de Regering heeft doen uitgaan, staat, dat Amsterdam met bewonderenswaardige vooruitstrevend- heid maatregelen heeft genomen voor de wederopbouw van de luchthaven, De waardering slaat echter ook op datgene, wat voordien reéds tot stand was gebracht. Daarnaast kan men het echter als een troost zien, dat Amsterdam, na de totstandkoming van de nieuwe beheersvorm, niet meer de zorg zal hebben voor de toekomstige uitbreiding van Schiphol. Voor de Gemeente zal dan immers de mogelijkheid ontstaan om zich van bepaalde investeringen te distanciëren. Hoewel het geenszins de bedoeling van Amsterdam zal zijn, zijn handen van Schiphol af te trekken, laat het zich toch denken, dat onder de huidige finan- cieel-economische omstandigheden, waarbij Amsterdam zoveel moeilijkheden ondervindt op het gebied van de investeringen, bij elke investering de vraag dient te worden gesteld, of de Gemeente wel in staat is, die investering te dragen. In dat verband is het een geruststelling, indien men weet, dat het ín het kader van de nieuwe beheersvorm mogelijk zal zijn, te zeggen, dat Amsterdam aan bepaalde investeringen niet kan deelnemen. Spreker hoopt echter, dat het zo ver niet zal behoeven te komen. Allereerst wenst spreker enige opmerkingen te maken met betrekking tot de vraag, waarom hier een n.v. moet worden opgericht en waarom men geen andere vorm kon aanvaarden. Vervolgens kan men zich afvragen, wat deze verandering voor Schiphol betekent. In de eerste plaats betekent zij, dat Schiphol niet langer de kapitaal- rente voor het geld, dat in de luchthaven is geïnvesteerd, behoeft te betalen. Hiermee is, aldus spreker, een bedrag van ongeveer 1,3 miljoen per jaar ge- moeid. Voor de n.v. maakt het wel degelijk iets uit, dat men met zoveel minder exploitatielasten heeft te maken. Burgemeester en Wethouders ontkennen niet, aldus spreker, dat het moge- lijk was geweest, een lichaam tot stand te doen komen op basis van de Wet van 1950. Hij wijst er op, dat Burgemeester en Wethouders geen duidelijke voorkeur voor een bepaalde vorm hebben uitgesproken; wel hebben zij in de besprekingen naar voren gebracht, dat de mogelijkheid om de Wet van 1950 te gebruiken serieus onder het oog moest worden gezien, Er was, logisch gesproken, iets voor te zeggen geweest, de publiekrechtelijke vorm voor deze samenwerking te gebruiken. Spreker vestigt er echter de aandacht op, dat, wanneer men de Wet van 1950 had gebruikt, de resultaten niet veel hadden verschild van die, welke thans zijn verkregen. Men had voor het doen functio- neren van een dergelijk lichaam een groot aantal commerciële, handels- rechtelijke bepalingen moeten opnemen. Hierbij dient men volgens spreker niet uit het oog te verliezen, dat, waar men niet te doen heeft met een n,v., de be- palingen van het Wetboek van Koophandel niet gelden. In de statuten dient men dan dergelijke bepalingen op te nemen. Hierdoor is Schiphol echter niet uit de brand en nog minder is de mogelijk- heid geschapen, overschotten te kweken, aangezien de afschrijvingen veel groter zijn dan de exploitatie-overschotten. Spreker meent, dat ook in de komende jaren nog bedragen in de orde van grootte van 1 miljoen of meer op Schiphol moeten worden bijgepast. Spreker wijst er op, dat men een aantal argumenten voor het aanvaarden van de n.v.-vorm vindt in de stukken, welke tussen de Regering en de Tweede Kamer zijn gewisseld. Amsterdam kan Schiphol niet langer voor eigen rekening exploiteren; ook is het voor de Gemeente niet mogelijk, de verantwoordelijkheid te aan- vaarden voor de uitbreiding van deze luchthaven. Dit is de reden geweest, waarom men heeft gemeend te moeten samenwerken met het Rijk. Het argument, dat een bedrijf als Schiphol in zo sterke mate een commer- ciële inslag heeft, dat de n.v.-vorm in dezen een vereiste is, acht spreker niet
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/