archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 48
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
10 juli 1957 836 Schiphol (Baruch e.a.) Schiphol 837 Gemeenteblad afd. 2 conjunctuur. Hierbij rijst naar sprekers mening de vraag, wanneer van een wijziging in de conjunctuur gesproken zal kunnen worden. In het jaar 1956 werd in Nederland algemeen gesproken van een grote welvaart, doch in de af- gelopen maanden spreekt men — ook veelvuldig in de Raad — steeds over noodzakelijke aanpassing en bestedingsbeperking. Kan men dit nu beschouwen als een wijziging in de conjunctuur? Spreker zal daarom gaarne van Burgemees- ter en Wethouders vernemen, voor welke periode het reglement voor het perso- neel van de nieuwe n.v. in zijn huidige of eventueel enigszins gewijzigde vorm zal gelden. De discussie over dit punt wordt geschorst. De vergadering wordt geschorst tot des avonds 20 uur. Amsterdam mogen door het brengen van financiële offers ten behoeve van Schiphol niet in het gedrang komen. Amsterdam moet over de nodige middelen kunnen beschikken om aan de financiering van Schiphol deel te nemen. Indien Amsterdam echter over deze middelen beschikt, zal het zeker bereid zijn, een aandeel in de financiering te nemen. Het is echter niet uitgesloten, dat de bestedingsbeperking het de Gemeente in de toekomst onmogelijk zal maken, op verantwoorde wijze middelen voor Schiphol ter beschikking te stellen. Het zal in belangrijke mate mede afhangen van de houding van de Regering ten opzichte van Amsterdam, of Amsterdam op zijn beurt royaal, zoals in het verleden, zal kunnen bijdragen, ook financieel, tot de verdere ontwikkeling van Schiphol. Tevens zal spreker gaarne vernemen, of in het betreffende reglement in de toekomst ook de wijzigingen, c.q. verbeteringen zullen worden aangebracht, die ten aanzien van het Ambtenarenreglement van Amsterdam tot stand zullen komen. Dit is te meer van betekenis, omdat de commissie, die belast is geweest met het ontwerpen van het personeelsreglement voor de n.v., in haar rapport zegt, dat op verschillende punten dit reglement voor het personeel gunstiger is dan de op deze punten betrekking hebbende wettelijke regelingen. Amsterdam kan trots zijn op wat het opgebouwd heeft. Tegelijk is er enige weemoed, omdat Amsterdam dit mooie nu gaat afstaan. Maar Schiphol is te groot geworden om alleen door Amsterdam beheerd te worden. De gemeente Amsterdam heeft Schiphol met veel liefde als een klein kind opgevoed en opgefokt. Zij zet Schiphol nu in de wereld als een flinke knaap, uitgerust met alle mogelijkheden voor een nieuwe en grote ontwikkeling. Men kan slechts hopen, dat ook de nieuwe voogden van Schiphol met Amsterdam oog zullen hebben voor wat de nog steeds groeiende knaap nodig heeft. Genoemde commissie behandelt in haar rapport ook de mogelijkheid voor het personeel om bij geschillen met de vennootschap een zaak voor te leggen aan een beroepsinstantie. Zij wijst er daarbij op, dat geschillen kunnen worden onderworpen aan het oordeel van de bevoegde kantonrechter, doch dat een groot deel van het huidige personeel prijs stelde op de mogelijkheid van beroep bij een daartoe speciaal te vormen college. De commissie heeft gemeend, aan de wens van het personeel te moeten voldoen en in het reglement zijn dan ook bepalingen opgenomen in zake een commissie van beroep. Bij de stukken heeft spreker echter niet kunnen vinden, op welke wijze deze commissie van beroep tot stand zal komen en hoe zij zal worden samengesteld. Hij zal hierover gaarne van Burgemeester en Wethouders inlichtingen ontvangen. De heer GROOT ROESSINK zegt, dat hij na hetgeen door zijn fractie- genoot, de heer Seegers, over deze voordracht is gezegd, gaarne nog enkele op- merkingen wil maken ten aanzien van de arbeidsvoorwaarden van het personeel, dat in dienst van de nieuwe vennootschap overgaat. Men kan het er naar sprekers mening over eens zijn, dat de gemeente Amsterdam een grote verant- woordelijkheid heeft tegenover het personeel van de Dienst Luchthaven Schip- hol, dat zovele jaren zijn beste krachten aan de ontwikkeling van de luchthaven heeft gewijd. In het rapport van de voorbereidingscommissie, waarvan spreker de samenstelling niet kent, wordt medegedeeld, dat de commissie aanvankelijk van mening was, dat haar taak bestond in het ontwerpen van een personeels- reglement, dat niet alleen zou gelden voor hen, die op het tijdstip van oprichting der n.v. uit gemeentedienst in dienst der vennootschap zouden overgaan, doch ook voor degenen, die na dat tijdstip als werknemer aan de vennootschap zouden worden verbonden. Op deze mening is de commissie op verschillende gronden teruggekomen en heeft zich bepaald tot het ontwerpen van een regle- ment, dat alleen zal gelden voor het personeel der vennootschap, voor zover dit bij de oprichting uit gemeentedienst in dienst der vennootschap overgaat. In dit verband zal spreker gaarne van Burgemeester en Wethouders vernemen, of er naast het thans in ontwerp overgelegde reglement ook nog een reglement zal komen, dat uitsluitend. zal gelden voor die personeelsleden, die eerst later in dienst van de vennootschap zullen treden en of dan deze beide reglementen naast elkander zullen blijven bestaan. De rechtspositie van de ambtenaren, die in dienst zullen komen bij de N.V. Luchthaven Schiphol, zal worden geregeld door een reglement, dat met uit- zondering van enkele punten gelijk is aan het huidige Ambtenarenreglement voor het personeel der Gemeente. Bij de overgelegde stukken bevindt zich het concept voor een brief, die te zijner tijd aan de thans in dienst van de lucht- haven zijnde ambtenaren zal worden toegezonden en daarin staat, na de mede- deling, dat het beheer van de luchthaven zal worden opgedragen aan een n.v., het volgende: „Het vorenstaande houdt in, dat op de datum, waarop de Dienst Luchthaven Schiphol zal ophouden te bestaan, Uw betrekking bij die dienst zal zijn opgeheven, zodat U overeenkomstig het bepaalde in artikel 87, derde lid, aanhef en sub f, van het Ambtenarenreglement ontslag uit de dienst der Ge- meente zal moeten worden verleend.” Met belangstelling ziet spreker het antwoord op de door hem gestelde vragen tegemoet. Hierbij wil spreker opmerken, dat het reglement, dat voor het personeel van de nieuwe n.v. zal gelden, praktisch gelijkluidend is aan het Ambtenaren- reglement van Amsterdam, zoals dit in 1956 luidde. Hij zal gaarne van Burge- meester en Wethouders vernemen, of het de bedoeling is, dat in dit reglement alsnog de wijzigingen zullen worden opgenomen, die sedertdien in het Ambte- narenreglement zijn gebracht. Vervolgens wil spreker er op wijzen, dat in het door hem reeds genoemde concept wordt medegedeeld, dat aan de ambtenaren, na hun indiensttreding bij de n.v., een garantie zal worden gegeven, dat in het op hen toepasselijke perso- neelsreglement en de daarbij behorende regelingen geen wijzigingen zullen worden aangebracht, behoudens noodzakelijke aanpassing aan een gewijzigde
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/