Blader door transcripties » Stadsarchief Amsterdam
archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 32



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

10 juli 1957 804 Watertarieven
(Van Sandick e.a.)
Watertarieven 805 Gemeenteblad afd. 2
Wethouders hebben zich toen niet positief uitgelaten over hetgeen de juiste
uitkomsten zouden zijn, omdat toen de juiste hoogte van een reeks van investe-
ringen in de grote werken van de W.R.K. en de plassen nog niet bekend was.
Thans kunnen zij mededelen, dat, als voor 1958 de verhoging met nogmaals 10%
niet wordt toegestaan, het bedrijf een nadelig saldo zal hebben van ongeveer
500.000. Burgemeester en Wethouders hebben destijds medegedeeld, dat,
als een verhoging met 20% zou worden toegestaan, er op gerekend werd, dat het
bedrijf een winst zou opleveren van in totaal anderhalf miljoen gulden, hetgeen
een aanzienlijke vermindering was in vergelijking met vroegere winstbedragen.
Mede rekening houdende met de budgettaire positie van de Gemeente was een
op zichzelf redelijke verhoging alleszins gewenst en ook geoorloofd.
Spreker juicht het ook toe, als er maatregelen van de Regering komen, die
beogen de prijzen niet te doen stijgen. Hier wreekt zich, dat de waterleiding-
tarieven altijd laag zijn geweest; het was een ‚„antiek”’ tarief en zelfs met een
verhoging van 20 % zouden de tarieven nog op een laag peil staan. Het blijkt wel,
dat, als men in een vroeger stadium te bescheiden is geweest, het niet mogelijk is,
de achterstand, althans op dit gebied, in te halen.
De heer Seegers moet er zich van bewust zijn, dat, voordat Burgemeester en
Wethouders een voorstel tot verhoging van de tarieven deden, eerst met een aan-
tal betrokkenen overleg is gepleegd. De betreffende verhoging was trouwens
niet zo erg, te minder, daar sinds 1898 de tarieven van de Gemeentewaterlei-
dingen, voor zover het kleinverbruik betreft, nimmer verhoogd waren.
Spreker is belangstellend naar het antwoord van Burgemeester en Wethou-
ders op de vraag van de heer Elsenburg. Diens economische redenering heeft
hij niet geheel begrepen, doch ongetwijfeld was zij voor het College helder.
Welke redenen de Regering heeft gehad om hier een enigszins ander stand-
punt in te nemen dan ten aanzien van de verhoging van tarieven voor andere
bedrijven, is Burgemeester en Wethouders niet bekend. De tariefsverhogingen
van gas en elektriciteit waren, wat de bedragen per week en de percentages
betrof, hoger dan die van water; de laatste verhoging kwam neer op gemiddeld
{5 per jaar per woning.
Hetzelfde geldt voor de formele kwestie, in hoeverre nog een tweede besluit
van de Raad nodig is om te komen tot de oorspronkelijke tariefsverhoging.
Spreker heeft geen afzonderlijk besluit nodig, omdat hij con amore aan het
besluit van 3 oktober 1956 heeft meegewerkt. Als Burgemeester en Wethouders
verklaren, dat naar hun mening het raadsbesluit nog van kracht is en dat zij op
die grond bij de Regering er op zullen aandringen om toe te staan, dat in 1958
de tarieven nogmaals met 10 % zullen worden verhoogd, dan is spreker tevreden
gesteld.
Inderdaad heeft het erg lang geduurd, voordat ten aanzien van deze ver-
hoging enige uitspraak van de Regering werd verkregen. Men moet eigenlijk
niet spreken van het standpunt van de Regering, doch van het standpunt van de
directeur-generaal van de Prijzen, die met deze aangelegenheid is belast.
De heer LE CAVELIER zegt, dat het altijd moeilijk is, als men de zaken niet
bij de naam noemt, om het juiste onderscheidingsvermogen te houden. Men
noemt dit bestedingsbeperking, maar dit is geen bestedingsbeperking, doch een
verhindering, dat de gelden komen op de plaats, waar zij moeten komen om te
kunnen worden besteed. Dit is iets geheel anders! Het is het doorvoeren van een
sentimentele gedachte, waarvan het woord ‚„bestedingsbeperking”’ druipt, met
het domme potlood. Als de Gemeente te lage tarieven heeft en de Gemeente-
raad er van overtuigd is, dat zij verhoogd moeten worden, moet men dan van
regeringszijde deze verhoging halveren? Dit is bestedingsbeperking met het
domme potlood! Men kan dit halveren een Salomo’s oordeel noemen, maar
spreker kan het niet toejuichen. Dit is z.i. een dwaas besluit van bestedings-
beperking, dat stellig niet het recht heeft om bestedingsbeperking genoemd te
worden, want het gaat hier om luttele guldens per woning per jaar, die reeds
door vele eigenaars geïnd zijn en als de korting, zoals thans wordt voorgesteld,
moet worden teruggegeven, dan veroorzaakt een dergelijke restitutie meer
moeite, ongemak en kosten dan de gehele bezuiniging oplevert. Spreker ziet in,
dat aan de oekase van de prijsstabilisatie, nu zij er eenmaal is, moet worden vol-
daan, doch de vorm, waarin de Gemeente de zaak gegoten heeft, acht hij ten min-
ste een gemakkelijke en aanvaardbare regeling. Hij hoopt alleen, dat de Rege-
ring snel tot het inzicht zal komen, dat Amsterdam grote uitgaven heeft te doen
voor zijn waterleidingbedrijf; de bevloeiing van de duinen, de reiniging van de
Loosdrechtsche Plassen, enz. vergen hoge investeringen. Op de een of andere
manier moeten deze vanzelfsprekend door de consument worden betaald. Het
geven van versluierde subsidies op leveringen aan degenen, die er van profiteren,
is voor een overheidsinstelling uit den boze. Bij levering van gas, elektriciteit en
water behoort de Gemeente ten minste de prijs te krijgen, die de produkten
moeten kosten.
Burgemeester en Wethouders hebben een reeks besprekingen moeten voeren
met verschillende Departementen en daarbij is hun wel gebleken, dat de opinie
omtrent de juistheid van het raadsbesluit wel verschillend was en dat men dus
niet zonder meer uit het feit, dat de directeur-generaal van de Prijzen dit besluit
genomen heeft, de conclusie mag trekken, dat de berekening van Burgemeester
en Wethouders niet juist is geweest. Als men de cijfers bekijkt, dan levert 1957
met een tariefsverhoging van 10% nog wel een geringe winst op en daarom
neemt spreker aan, dat men zich in Den Haag resoluut op het standpunt heeft
gesteld, dat, wanneer bedrijven nog een geringe winst maken of kunnen maken,
deze bedrijven hun tarieven niet of slechts zeer beperkt mogen verhogen. Burge-
meester en Wethouders herhalen, dat zij dit geen juiste redenering vinden, voor-
al niet, wanneer men weet, hoe moeilijk het is, om de tarieven van gemeente-
bedrijven verhoogd te krijgen.
Wethouder VAN WIJCK merkt op, dat in 1956 bij de indiening van de ont-
werp-Begroting Burgemeester en Wethouders reeds hebben gewezen op de
precaire financiële situatie, waarin het Waterleidingbedrijf verkeerde. In hun
voordracht van 21 september 1956 hebben zij medegedeeld, dat, als de tarieven
voor de waterlevering in het komende jaar niet zouden worden verhoogd, het
bedrijf over 1957 een financieel tekort dreigde op te leveren. Burgemeester en
Burgemeester en Wethouders staan inderdaad op het standpunt, dat, wan-
neer zij nu stappen gaan doen om voor 1958 de verhoging er door te krijgen, die
zij oorspronkelijk hadden voorgesteld, zij toch verplicht zijn, het vraagstuk van
de verhoging van de tarieven opnieuw aan de Raad voor te leggen. In hoofdzaak
om administratieve redenen hebben Burgemeester en Wethouders thans voor-
gesteld, de verhoging van 20 % te handhaven; op die verhoging wordt echter een
korting van 10% toegepast. Het resultaat is voor de betrokkenen dus precies het-
zelfde. Burgemeester en Wethouders blijven hiermede volledig binnen het kader
van de beslissing, die de Regering genomen heeft; gouvernementeler zou het
inderdaad niet kunnen.
Burgemeester en Wethouders herhalen, dat ook zij het jammer vinden, dat

Bronvermelding

Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957




Commentaar

Bent u de eerste persoon die aanvullende informatie levert?


U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen!

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/

Geef samenvatting van transcriptie

De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.

Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.

Naar inlogpagina

Voeg commentaar toe

Heeft u extra informatie over het historische document? Voeg deze dan toe zodat andere onderzoekers hier ook profijt van hebben.

Om spam en schending van de privacy van levende personben te voorkomen wordt het commentaar eerst gecontroleerd voordat deze gepubliceerd wordt.

Als u deze functionaliteit wilt gebruiken dient u eerst in te loggen.

Document markeren als favoriet

De documenten die u tegenkomt op Open Archieven en die nuttig zijn voor uw onderzoek kunt u toevoegen aan uw lijst van favoriete documenten. U kunt deze lijst ordenen en bij zoekacties ziet u direct welke documenten al op uw lijst van favoriete documenten staan.

Favoriete persoonsvermeldingen kunt u downloaden in PDF formaat (ideaal om te printen) en GEDCOM formaat (ideaal om in te lezen in uw stamboomprogramma).

Als u deze functionaliteit wilt gebruiken dient u eerst in te loggen.

Open Archieven Scan & Transcriptie Viewer