archieftoegang 31375, inventarisnummer 505, pagina 13
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
20 een eenzelfde doel nastrevende werkgemeenschap, een deel, dat inzicht moet hebben in het hoe en het waarom om zich volledig te kunnen inzetten voor het bereiken van dat doel. Ad c. — Het wetenschappelijke werk, dat in de academisch ziekenhuizen wordt verricht, zowel het zuiver wetenschappelijk onderzoek als bepaalde onderzoekingen terwille van dissertaties e.d., brengen een aanzienlijke vermeer- dering van het „technische werk”’ voor de verpleegster met zich mee. Men denke bijv. aan de balansonderzoekingen. Deze kant van het werk is zeker slechts voor een betrekkelijk klein deel der verpleegsters aantrekkelijk en dan nog slechts voor zover doel en zin van het onderzoek haar duidelijk zijn en zij zich opgenomen kunnen gevoelen in het team, dat gezamenlijk het onderzoek heeft opgezet. De commissie heeft de indruk, dat aan dit meebetrekken in het team van de verpleegster, zonder wier hulp en medewerking vrijwel geen onderzoek kan worden uitgevoerd, nog veel ontbreekt. Ad d. — Een relatief groot deel der patiënten, die in een academisch zieken- huis worden opgenomen, zijn patiënten met aandoeningen, waarvoor een uitge- breid onderzoek noodzakelijk is om tot een diagnose te kunnen komen, of waarvoor ingrijpende behandeling nodig is. In vele gevallen worden deze patiënten in het academisch ziekenhuis opgenomen, omdat alleen daar de mogelijkheden voor dit onderzoek en die behandeling gegeven zijn. Dit geldt stellig voor de ongeveer 5% van het totaal der opgenomen patiënten, die van buiten Amsterdam komen. 21 voor de verpleegster mee; daartegenover staat de mogelijkheid voor de ver- pleegster om zich meer kennis en inzicht te verwerven. Het zal niet mogelijk zijn, de ongunstige invloed van de verschillende factoren, die aan het academisch ziekenhuis inherent zijn, weg te nemen, maar wel om de positieve mogelijkheden, die daaraan verbonden zijn, beter te benutten. De suggesties, hierboven gegeven, welke ten doel hebben de verplegenden meer te laten delen in het totale werk van het ziekenhuis en welke haar ook duidelijk moeten maken, welke essentiële rol zij in dit geheel dienen te vervullen, gelden uiteraard evenzeer voor het niet-academisch ziekenhuis. De commissie acht het essentieel, dat de verplegenden met de hierboven aangegeven middelen, met de denkwijze van de artsen, met de betekenis van de onderzoekings- en behandelingsmethoden en met de voortschrijding van de geneeskundige wetenschap op de hoogte worden gebracht. Kan enerzijds hierdoor het begrip van de verplegingsstaf voor het werk van de medische staf worden versterkt, omgekeerd zou het zeer wenselijk zijn, de medici reeds van het begin van hun klinische studie af meer begrip bij te brengen voor de betekenis van het werk van de verpleegster. De organisatie van de klinieken van het academische ziekenhuis is niet geschikt om het persoonlijke contact tussen patiënt en verpleegster te bevor- deren; de mogelijkheid om de verpleegsters rechtstreeks te betrekken in het onderzoek en de behandeling en daardoor haar belangstelling te vergroten en te bevredigen, wordt onvoldoende benut. Het wetenschappelijke werk in de academische ziekenhuizen geeft een vermeerdering van het „‚technische” werk; het meebetrekken van de verpleeg- ster in het team, dat dit werk verricht, laat te wensen over. De ver doorgevoerde specialisatie in de geneeskunde en in het academisch ziekenhuis in het bijzonder leidt er toe, dat voor het onderzoek en de behande- ling van de patiënten hoe langer hoe meer specialisten noodzakelijk zijn, die ten dele hun gespecialiseerde werk slechts kunnen uitvoeren met behulp van hun uitgebreide apparatuur en speciaal opgeleide hulpkrachten. Als een mogelijke uitweg uit de moeilijkheden heeft de commissie besproken de suggestie om — naar analogie van de organisatiemethoden in het moderne bedrijfsleven — tot een meer uitgesproken taakverdeling en specialisatie over te gaan. D.w.z. dat de eenvoudiger werkzaamheden van de verzorging van de patiënt zouden worden opgedragen aan die verpleegsters, in wie het verzor- gingselement bijzonder sterk aanwezig is en de meer technische werkzaamheden aan die verpleegsters, die meer verstandelijk zijn ingesteld. Daarnaast zouden dan nog speciale verpleegsters voor het wetenschappelijke werk kunnen worden ingeschakeld. Het zou daartoe aanbeveling verdienen, de studenten in de gelegenheid te stellen, zich kennis van verschillende verplegingshandgrepen eigen te maken. Niet alleen dat het wederzijdse begrip hierdoor zou worden verdiept, deze kennis zal voor de artsen ook in hun latere werk, vooral ten plattelande, van waarde blijken. Dat betekent veelal, dat de patiënt voor het ondergaan van de talrijke onder- zoekingen herhaalde malen van de zaal moet worden weggebracht naar onder- zoek- of behandelkamer in dezelfde kliniek of in een der andere. Als voorbeelden mogen worden genoemd het onderzoek van de patiënten op longkanker, op hartaandoening e.d. De meerderheid van de commissie is van oordeel, dat een dergelijke specia- lisatie niet wenselijk is; de ervaringen hiermee in de Verenigde Staten opgedaan zijn ook niet bemoedigend. Het voornaamste bezwaar is, dat aan de persoon- lijkheid van alle drie de soorten van verpleegster eigenlijk dezelfde eisen moeten worden gesteld, waardoor van de specialisatie dus geen verruiming van het aanbod het gevolg zou zijn. Voor de technisch gespecialiseerde verpleegster zal de mogelijkheid tot contact met de patiënten zeer gering zijn en slechts zeer weinig meisjes zullen op den duur bevrediging in dit werk kunnen vinden. De in verband met de omvang der werkzaamheden in het academisch ziekenhuis reeds plaats vindende taakverdeling werd door de subcommissie in het algemeen als ongunstig beschouwd. De commissie heeft zich beraden omtrent de vorm, waarin dit zou kunnen geschieden. Op het ogenblik plegen studenten soms enige tijd als leerling- verplegenden in de ziekenhuizen te werken. Dit aantal is zeer wisselend en hangt 0.4. af van de vraag, of elders beter betaalde tijdelijke betrekkingen te Voor de verpleegsters betekent dat weer extra werk van klaarmaken voor het transport en bovendien verminderd contact met de patiënt. Het transport zelf geschiedt in sommige gevallen door een speciale hulpkracht, in andere door een verpleegster, die soms ook bij het onderzoek aanwezig moet blijven, vaak zonder dat doel en gang van het onderzoek haar duidelijk worden gemaakt. Elke nieuwe specialist, ja elke nieuwe hulpkracht, brengt nieuw werk met zich mee en maakt het werk voor de verpleegster gecompliceerder. Ook de specialisatie in de geneeskunde werkt in de richting van verminderd contact tussen patiënt en verpleegster en brengt meer en gecompliceerder werk
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 505, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, bijlage R-S, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/