Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
De tekst beschrijft een overeenkomst tussen verschillende partijen:
De belangrijkste punten van de overeenkomst zijn:
- De schuldenaren moeten gebouwen verzekeren tegen brand en de polissen aan de schuldeiser geven.
- Bij brandschade gaan de verzekeringsuitkeringen naar de schuldeiser.
- De schuld wordt direct opeisbaar als:
- Het onderpand in beslag wordt genomen of verkocht
- De gebouwen door brand worden vernietigd
- De schuldenaren failliet gaan
- De rente niet op tijd wordt betaald
- Andere voorwaarden niet worden nagekomen
- Een van de schuldenaren overlijdt
- Jozef Baten stelt zich borg voor de schuld van 1850 gulden plus rente en kosten.
De akte is opgesteld in Haarlem en ondertekend door alle partijen, twee getuigen en de notaris. De akte is geregistreerd op 14 februari 1902.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 806 / 0047
Een winkelier uit Haarlem en een landbouwer uit Haarlemmermeer stonden borg voor een lening van 1500 gulden bij een kredietvereniging in Amsterdam. Op het moment van overlijden van de erflaatster bedroeg de schuld nog 800 gulden. De begrafeniskosten waren 319,55 gulden, waarvan 115 gulden werd vergoed uit een begrafenisfonds.
Nicolaas Hendrik Braakenburg verklaarde onder eed dat hij niets uit de boedel had verduisterd. De boedelbeschrijving werd afgesloten om 16:00 uur in Overveen.
Op 26 februari 1903 droeg Willem Anne Reuther, journalist uit Amsterdam, 3/5 deel van zijn helft in twee schuldvorderingen over aan Willem Marie Camp, gepensioneerd generaal-majoor uit Den Haag. Het betrof:
- Een lening van 4500 gulden tegen 4,125% rente
- Een lening van 5500 gulden tegen 4,5% rente
Beide leningen waren belast met vruchtgebruik voor
Adriana Antonia Barbara Helene Camp, weduwe van oud-minister van Oorlog
Antone Ernst Reuther. Als onderpand dienden twee huizen in
Haarlem.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 681 / 0005
De tekst beschrijft verschillende leningen en hypotheken uit de late 19e eeuw:
- Een lening van 2500 gulden aan Pehus Bernardus Verberné, timmerman in Haarlem, met 4,5% rente per jaar, vastgelegd op 27 december 1890.
- Een lening van 800 gulden aan Lucas Hermanus Ledding, aardwerker in Schoten, met 4,5% rente per jaar, vastgelegd op 15 juni 1891.
- Een hypotheek van 4500 gulden aan Karel van Balen, depothouder in Haarlem, met 4,125% rente per jaar, vastgelegd op 19 mei 1899.
- Een hypotheek van 2000 gulden aan Wilhelmus Theodorus van der Vier en Catharina Anthonetta Kottman, brooddepothouders in Haarlem, met 3% rente per jaar, vastgelegd op 23 oktober 1894.
- Een lening van 5500 gulden aan Karel Leonardus Martinus Robbers, architect in Haarlem, met 4% rente per jaar, vastgelegd op 20 juli 1898.
- Twee leningen aan Alexander Cornelis Lubbers, kleermaker in Haarlem, later overgenomen door de weduwe en erfgenamen van J.J. van Daalen:
- 700 gulden met oorspronkelijk 5% rente, later verlaagd naar 4,25%, vastgelegd op 25 maart 1873.
- 250 gulden met oorspronkelijk 5% rente, later verlaagd naar 4,25%, vastgelegd op 22 april 1887.
- Twee persoonlijke leningen aan Anne Willem Tamp:
- 1000 gulden, gedateerd 29 maart 1897.
- 500 gulden, gedateerd 21 juni 1898.
Bij de laatste twee leningen wordt Herckenrath of diens vervanger gemachtigd om bij overlijden van de schuldeiser de rente te innen.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 674 / 0111
De notaris Pierre François de Bordes uit Haarlem legde op 18 juli 1899 vast dat Henen Johan Wilhelm Mous, directeur van de Haarlemsche Maatschappij tot Exploitatie van onroerende goederen, een stuk bouwterrein verkocht aan Ladewyk Frederik Slebos, aannemer uit Haarlem. Het terrein lag aan de Jodensstraat in Haarlem en was 262 vierkante meter groot. De verkoopprijs was 8.620 gulden. De koper kreeg vanaf die dag het bezit en genot van het terrein, inclusief alle rechten en plichten die erbij hoorden. De verkoper stond alleen in voor uitwinning, niet voor de exacte grootte van het terrein.
Deze overeenkomst volgde op een besluit van de Raad van Toezicht van de maatschappij op 14 juli 1899. De maatschappij had het terrein zelf op 8 juni 1899 gekocht.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 543 / 0218
De tekst beschrijft enkele juridische zaken rond erfenissen en hypotheken in Haarlem rond 1900:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 681 / 0259
De notaris Willem Karel Loeff uit Haarlem heeft op 15 juli 1904 een akte opgesteld voor de verdeling van de erfenis van Pieter Vink. De volgende personen waren hierbij aanwezig:
Pieter Vink is overleden op
23 september 1902 in
Schoten. Hij was getrouwd in gemeenschap van goederen. De erfgenamen willen nu overgaan tot de verdeling van de gezamenlijke bezittingen van het echtpaar, die ook de nalatenschap van Pieter Vink bevatten.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 685 / 0027
De tekst beschrijft een testament met de volgende hoofdpunten:
- De erfenis van de testateur zal niet vallen in de huwelijksgemeenschap van zijn dochters.
- Een bewindvoerder zal de erfenis beheren zolang de echtgenoten van de dochters leven.
- Als de dochters overlijden voordat ze erven, zullen hun wettige kinderen in hun plaats erven.
- De bewindvoerder zal de goederen beheren zolang deze kinderen onder voogdij staan.
- Johannes Hendrikus van Veldhuysen wordt benoemd tot uitvoerder van het testament en bewindvoerder.
- Bij zijn overlijden of verhindering wordt zijn zoon Johannes Hendrikus van Veldhuysen Junior benoemd.
- De laatste bewindvoerder moet een opvolger benoemen via een notariële akte.
- De bewindvoerders hoeven geen zekerheid te stellen voor hun beheer.
- De uitvoerder krijgt een beloning van 200 gulden.
- De bewindvoerder krijgt jaarlijks 25 gulden per staak (erfgenaam).
Het testament is voorgelezen aan de testateur in aanwezigheid van getuigen in Haarlem op 15 juni 1903.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0162
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0163
De notaris beschrijft een erfeniskwestie van Antoine Charles Reuther, die op 22 juli 1900 in Haarlem overleed. Belangrijke punten:
- De overledene had geen echtgenoot of kinderen.
- Hij had een testament opgesteld op 22 mei 1900.
- De meeste legaten zijn al uitgekeerd.
- De erfgenamen zijn:
- Voor de helft: de drie kinderen van Antonie Ernst Reuther en Adriana Antonia Barbara Helena Camp.
- Voor de andere helft: Ernest Anne Willem Camp, met de verplichting dit deel door te geven aan zijn kinderen.
- Maria Amélie Henriëtte Reuther heeft haar deel afgewezen op 1 augustus 1900.
- De uiteindelijke verdeling is:
- Er is een inventaris opgemaakt op 1 augustus 1900.
- Roerende goederen zijn verkocht of overgenomen voor 106,59 gulden.
- Aandelen zijn verkocht na toestemming van de rechter.
- 15 januari 1901 is gekozen als scheidingsdag voor de verdeling.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0164
De tekst beschrijft de afhandeling van een nalatenschap. De volgende punten worden genoemd:
- De waarde van de bezittingen is geschat door makelaar Hendrik Christiaan Tombergh uit Haarlem op 12 februari van dat jaar.
- Theodorus Johannes Antonius Duinstee heeft als uitvoerder van de laatste wil verantwoording afgelegd over inkomsten en uitgaven.
- De nalatenschap bestaat uit:
- 4369,40 gulden contant geld
- Een inschrijving van 13.000 gulden op het Grootboek der Nationale Schuld op naam van Antoine Charles Reuther
- Een derde deel van een inschrijving van 6300 gulden op het Grootboek der Nationale Schuld
- Een derde deel van de volle eigendom van een inschrijving van 1100 gulden op het Grootboek der Nationale Schuld
De tekst bevat veel juridische details over de herkomst en verdeling van deze bezittingen.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0165
De tekst beschrijft een financiële situatie met betrekking tot een erfenis:
- Er is een kapitaal uit de nalatenschap van Françoise Antoinette Reuther.
- Adriana Antonia Barbara Helena Camp, weduwe van Antonie Ernst Reuther, heeft het vruchtgebruik hiervan.
- De eigendom is verdeeld onder:
- Dit is vastgelegd in een testament van 16 maart 1891, opgesteld door notaris B. A. van der Maden in Haarlem.
- Het kapitaal bestaat uit:
- Een hypothecaire vordering van 3300 gulden op Pieter Sedel Bleeker in Haarlem, vastgelegd op 3 april 1882.
- Een hypothecaire vordering van 1700 gulden op Willem Wijkhuizen in Haarlem, vastgelegd op 23 januari 1892.
- De totale waarde is 5847 gulden, waarvan één derde 1949 gulden bedraagt.
- De waarde van het vruchtgebruik voor Adriana Antonia Barbara Helena Camp (68 jaar oud) wordt geschat op 467,76 gulden.
- De waarde van de 'blote eigendom' is 1481,24 gulden.
- Er is een afspraak dat na het einde van het vruchtgebruik, Willem Anne Reuther 1000 gulden krijgt, verminderd met 4% rente per jaar sinds 21 juli 1899. Dit wordt geschat op 760 gulden.
- De uiteindelijke waarde wordt geschat op 721,24 gulden.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0166
Deze tekst beschrijft verschillende financiële bezittingen van de overledene, waaronder:
De vorderingen hebben verschillende rentepercentages en betalingsdata. Het totaalbedrag van deze vorderingen en bijbehorende rente komt uit op 29.713,09 gulden.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0167
De tekst beschrijft een overzicht van verschillende vorderingen en schulden uit een erfenis. Hier volgt een samenvatting:
- Er zijn meerdere hypothecaire vorderingen, waaronder:
- Een vordering van 5500 gulden ten laste van Karel Leonardus Martinus Robbers te Haarlem, vastgelegd op 20 juli 1898
- Een vordering van 700 gulden, oorspronkelijk ten laste van Alexander Cornelis Lubbers te Haarlem, nu ten laste van de weduwe en erfgenamen van J. J. van Daalen, vastgelegd op 25 maart 1873
- Een vordering van 250 gulden met dezelfde details als de vorige, vastgelegd op 22 april 1887
- Er zijn ook onderhandse vorderingen:
- Het totaal te verdelen bedrag is 39.432,28 gulden
- Dit bedrag wordt verdeeld tussen:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0168
Op 16 februari 1901 verklaarde Johan Gerard Belterman, broodverkoper uit Haarlem, een schuld te hebben bij de Remonstrantse Gereformeerde Gemeente te Haarlem van 1500 gulden. Hij was getrouwd met Louisa Dina Zirkzee in gemeenschap van goederen. De lening had de volgende voorwaarden:
- 4,5% rente per jaar, ingaand op 1 januari 1901
- Halfjaarlijkse rentebetalingen op 1 januari en 1 juli, beginnend 1 juli 1901
- Niet opeisbaar of aflosbaar voor 1 januari 1906
- Daarna opeisbaar met 3 maanden opzegtermijn
- Vanaf 1 januari 1904 jaarlijks 100 gulden aflossen
- Betalingen aan de boekhouder van de gemeente
- Alle kosten voor de schuldenaar
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0174
Dit is een financieel overzicht van ontvangsten en uitgaven, waarschijnlijk van een nalatenschap. De belangrijkste punten zijn:
- Er zijn verschillende rentebetalingen ontvangen tussen 15 december 1900 en 20 januari 1901.
- De totale ontvangsten bedragen 14.585,76 gulden.
- Uitgaven omvatten onder andere:
- Begrafeniskosten in Haarlem
- Verpleging in Amsterdam
- Belastingen en administratiekosten
- Legaten aan W. Th. van der Veer, A. K. Duynstee en anderen
- Successierechten van 581,40 gulden
- Notariskosten voor het testament en boedelbeheer
- De totale uitgaven bedragen 10.216,33 gulden.
- Het uiteindelijke saldo is 4.369,43 gulden.
- De rekening is opgemaakt in Haarlem op 15 februari 1901 en geregistreerd op 19 februari 1901.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0172
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0171
De tekst beschrijft de afwikkeling van een nalatenschap. De belangrijkste punten zijn:
- Er worden enkele geldbedragen genoemd die deel uitmaken van de nalatenschap, waaronder vorderingen op Ernest Anne Willem Camp en Gerard Stephan Ignatius Camp.
- De totale waarde van de nalatenschap bedraagt 19.716,14 gulden.
- De erfgenamen verklaren dat de nalatenschap naar tevredenheid is verdeeld.
- Ze keuren de afrekening van de executeur-testamentair Theodorus Johannes Antonius Duinstee goed en verlenen hem decharge.
- De kantonrechter keurt de verdeling goed.
- De akte is opgesteld in Haarlem in het Paleis van Justitie.
- Makelaar Hendrik Christiaan Thombergh uit Haarlem heeft als deskundige enkele bezittingen gewaardeerd die deel uitmaken van de nalatenschap van Antoine Charles Reuther, overleden op 22 juli 1900 in Haarlem.
- Het gaat om aandelen in een inschrijving in het Grootboek der Nationale Schuld en enkele hypothecaire vorderingen.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0170
De tekst beschrijft een verdeling van goederen tussen verschillende personen:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 675 / 0169
Op 18 januari 1898 werd in Haarlem een akte van scheiding geregistreerd. De notaris Arnold Joseph Cornelis Daamen uit Haarlem stelde deze op in aanwezigheid van:
- Pieter Buis, landbouwer uit Berkhout
- Karel van Balen, broodslijter uit Haarlem, als gemachtigde van Jacob Buis, landbouwer uit Berkhout
Ze wilden onroerende goederen verdelen die ze samen bezaten. Deze goederen hadden ze geërfd van hun moeder Maartje de Jong, via een scheidingsakte van 2 juni 1882 bij notaris Cornelis Donker in Benningbroek. Het ging om de volgende percelen:
- In Berkhout:
- Een tuin van 8,90 are
- Weiland van 65,30 are
- Weiland van 2,70 hectare
Deze percelen werden geschat op 6200 gulden.
- In Opmeer:
- Weiland van 2,0670 hectare, geschat op 1400 gulden
In totaal ging het om 5,5090 hectare land. De deelgenoten gingen over tot de verdeling van deze goederen.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 594 / 0206
De tekst beschrijft een notariële akte uit 1903 over de overdracht van een deel van een hypotheek in Haarlem. De belangrijkste punten zijn:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 681 / 0006
Op 20 mei 1899 verscheen Gerrit van den Berg Junior, boekhouder uit Haarlem, voor notaris Willem Karel Loeff in Haarlem. Hij verklaarde een huis met erf en grond in Haarlem te hebben verkocht aan Harmen Veldhuis en Janszoon, particulier uit Haarlem. Het pand ligt aan een laantje bij de Kampersingel en staat geregistreerd als:
- Sectie F Nummer 6261: huis en loods, 33 centiare groot
- Nummer 7188: tuin, 1236 centiare groot
De verkoper had het eigendom verkregen op 3 september 1883 via een akte van notaris Johannes ter Hoffsteede in Bloemendaal. De verkoopprijs was 2400 gulden, die de koper contant heeft betaald. Verdere afspraken waren:
- Het pand is vanaf nu voor rekening en risico van de koper
- Het wordt geleverd vrij van hypotheek
- Het pand wordt overgedragen in de huidige staat
- Alle bestaande rechten en plichten gaan over op de koper
- De verkoper is alleen verantwoordelijk voor de eigendomsoverdracht
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 671 / 0074
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 595 / 0076
Op 21 januari 1902 verscheen Karel van Balen, een broodbakker uit Haarlem, voor notaris Willem Karel Holff in Haarlem. Van Balen verklaarde 5500 gulden schuldig te zijn aan:
Dit bedrag was eerder schuldig aan hen door
Karel Leonardus Martinus Robbers, zoals blijkt uit een akte van
15 februari 1901. De lening heeft de volgende voorwaarden:
- Rente van 4,5% per jaar, ingaand op 20 januari 1902
- Eerste betaling op 19 mei 1902, daarna halfjaarlijks op 19 november en 19 mei
- De lening kan niet worden opgeëist of afgelost voor 19 mei 1907
- Na die datum kan de lening worden opgeëist of afgelost met 3 maanden opzegtermijn
- Betalingen moeten worden gedaan aan Duinstee als beheerder van de goederen van Camp
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 677 / 0317
De tekst beschrijft een hypotheekakte waarbij:
- Karel van Balen een lening aangaat bij Willem Karel Loeff
- Er worden twee stukken onroerend goed als onderpand gegeven:
- Een huis in Haarlem
- Een huis met schuur en tuin in Haarlemmermeer
- De leners moeten het onderpand goed onderhouden en verzekeren tegen brand
- Bij wanbetaling of overtreding van de voorwaarden wordt de lening direct opeisbaar
- Jozef Baten en Derk Bijleveld Junior stellen zich borg voor de lening
- Johannes Ratelband, kandidaat-notaris uit Haarlem, bevestigt de akte
De lening bedraagt 800 gulden. Als de leners de voorwaarden niet nakomen, mag de schuldeiser het onderpand openbaar verkopen.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 543 / 0217
Op 29 juli 1710 werden de volgende goederen ingeladen op Ceylon voor verzending:
- 62 pakken ruwe grove salempoeris
- 250 pakken gebleekte salempoeris
- 38 pakken grove guinees
- 150 pakken ruwe guinees
- 8 pakken vlaggedoek (4 wit, 4 blauw)
Er wordt verwezen naar een bijgevoegde vrachtbrief en twee onkostenrekeningen voor leveringen in Cochin en Galle. De totale waarde bedroeg 141.568 gulden, 5 stuivers en 8 penningen.
Er werd opdracht gegeven om oosterse militairen die vorig jaar met het schip Koning Karel de Derde uit Mocha waren aangekomen, te sturen naar Batavia. De helft van deze groep, 15 man (1 korporaal en 14 gewone soldaten), reisde mee met dit schip. Hun namen stonden op een bijgevoegde lijst. De andere 14 zouden later volgen met het schip Bennebroek.
Bij de brief waren ook 15 schuldrekeningen gevoegd van de oosterse militairen op het schip, plus één van sergeant Lanan van Batavia.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1797 / 0308
Vorige paginaVolgende pagina