Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Anthonie van Bengalen bekende dat het mes dat aan hem getoond werd in de rechtszaak, toebehoorde aan een slaaf van de burger Jacob van Boelem. Met dit mes had hij een slavin van zijn eigenaar verwond. De rechtszaak werd gevoerd door officier Daniel van den Hengstucken. De Raad heeft, namens de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden, na het bekijken van alle stukken, Anthonie van Bengalen veroordeeld.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10930 / 0067 Bij een rechtszaak werd gestolen goed getoond dat bij de eerste gevangene was aangetroffen. De eerste gevangene ontkende bij de Olifantsrivier te zijn geweest en zei de spullen van Pieter Hollebroek bij een riviertje te hebben gevonden. De tweede gevangene was Catrijn van Madagascar, een slavin van Francois Dutoit. Ze gaf toe dat de eerste gevangene haar had overgehaald om weg te lopen. Ze werden beiden beschuldigd van veediefstal en huisbraak.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10929 / 0012 In de rechtszaak tegen een vrouwelijke verdachte wordt gezegd dat zij door Engelsen met gestolen goederen naar de hoofdaanklager is gebracht. De verdachte beweert dat ze de goederen op het strand had gevonden en meegenomen. De rechters veroordelen haar om met een bord op haar borst met de tekst "dievegge van gestrande goederen" te pronk te staan. Ook moet ze in het slavenhuis van de Compagnie door de gevangenbewaarders worden gegeseld. Dit gebeurde in het Kasteel de Goede Hoop. De uitspraak is ondertekend door H. Swellengrebel, klerk. Op 22 juni 1722 wordt verder gesproken over 3 slavinnen van de Compagnie die van Madagascar kwamen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10920 / 0039 De fiscaal meldde aan de raad dat de slavin Marief, die gevangen had gezeten voor een misdrijf, was vrijgelaten zonder dat er over de kosten was gesproken. De slavin was later door de kerk verkocht. De fiscaal vroeg nu om een beslissing over de gemaakte kosten. Na overleg werd besloten dat de kosten betaald zouden worden uit de opbrengst van de verkoop van de slavin.
Dit werd vastgelegd in het Kasteel de Goede Hoop door secretaris Sibauld.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10917 / 0043 Een getuige vertelt dat Kruijwagen zei dat hij een jongen nog meer zou slaan nadat de bewakers hem zouden hebben bestraft. De getuige ging buiten wandelen en hoorde dat Kruijwagen de jongen met een zweep sloeg. Na ongeveer 15 minuten ging de getuige weer naar binnen. Kruijwagen zei tegen de getuige dat hij wel zou ontdekken wie de horens had afgevijld. Hij stuurde zijn andere jongen om de gevangenisbewaarder te halen.
Toen de gevangenisbewaarder met twee bewakers kwam, was Kruijwagen de jongen nog steeds op zijn naakte lichaam aan het slaan. Door de vele slagen bekende de jongen dat een jongen van Vrijkuijperwillen de horens had afgevijld en dat de slavin van Boodewitmont hem had vastgehouden. Kruijwagen geloofde dit niet en zei tegen de gevangenisbewaarder dat hij het 'dievenkind' terug naar de gevangenis moest brengen. Hij zou hem de volgende dag opnieuw laten geselen. Kruijwagen bleef de jongen slaan tot deze flauwviel.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10916 / 0706 Een gerechtsambtenaar moet een borgsom van 1000 gulden betalen voor de proceskosten. Het gaat hier over de aankoop van een stuk grond, waar nog een restbedrag open staat. De ambtenaar wil graag de kwitantie zien.
De rechtbank geeft de verdachte 14 dagen de tijd om de kwitantie te tonen. Omdat de eiser geen borg kan stellen voor de proceskosten en hij niet bekend staat als iemand met goed gedrag, zal het geld bij de gerechtsbode Keestok in bewaring blijven tot het proces is afgelopen.
Deze uitspraak is gedaan in het Kasteel de Goede Hoop door secretaris Vlnbault op donderdag.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10916 / 0116
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10916 / 0124 De heren Van Kervel en Blankenbergh rapporteerden dat zij op 24 oktober hadden vergaderd om te bepalen wie er aanspraak kon maken op een bedrag van 1101 gulden en 3 stuivers. Dit geld was in beheer bij de secretaris van de raad en was afkomstig van landbouwer Arend Gelden Huijs. Verschillende personen dienden hun bewijsstukken in en vroegen om betaling, ofwel met voorrang ofwel gelijktijdig met anderen. De raad besloot de zaak uit te stellen om eerst te onderzoeken hoeveel geld Arend Gilden Huijs nog tegoed had uit de erfenis van zijn overleden moeder. Ze wilden kijken of daaruit alle schuldeisers betaald konden worden zonder een rangorde te bepalen.
De fiscaal meldde aan D.M.P. De Chavonnos dat hij volgens het laatste advies de slavin Flora had teruggeboden aan burger Milius.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10916 / 0123 Op donderdag diende burger Anthonij Wicg een verzoek in. Hij wilde een bepaalde slavin, eigendom van burger Christoffel Groenewold, bij zich houden totdat hij betaling zou krijgen van landbouwer Hendrik Roode. Roode had deze slavin eerst van Groenewold gekocht en als onderpand aan Wicg gegeven, maar moest haar later weer aan Groenewold teruggeven. De raad had hier al eerder een definitief vonnis over uitgesproken. Ze besloten Wicg in de raad te berispen voor zijn ongepaste en onordelijke verzoek. Op zijn verzoekschrift werd geschreven dat zijn vraag onredelijk was en werd afgewezen. Dit gebeurde in het Kasteel de Goede Hoop, ondertekend door secretaris Schibault.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10916 / 0078 François Poulle verschijnt voor de rechtbank als vertegenwoordiger van de eiser van de Weeskamer. Hij dient een document in waarin hij vraagt dat de gedaagde Jacobus van der Heijden als een eerlijk man moet erkennen. De gedaagde krijgt een kopie van de stukken en een maand uitstel om te antwoorden vanwege aankomende handelszaken.
De vrouw van de eiser vraagt via een machtiging dat er beslag wordt gelegd tegen Anthonij Vicq. Deze zaak gaat over een slavin met drie kinderen die als onderpand zijn gegeven voor een schuld aan Hendrik Rood. De slavin en kinderen zijn op 3 januari gekocht door de landbouwer Hendrik Rood, maar de betaling is nog niet voldaan. Er wordt gevraagd om toestemming om de slavin en kinderen te mogen verkopen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10915 / 0103 De tekst gaat over de wettelijke straffen op bigamie (met twee personen tegelijk getrouwd zijn) in verschillende gebieden in de 17e eeuw:
De Friese rechter Joan van der Lande beschrijft een vonnis van 28 oktober 1628 waarbij iemand voor bigamie werd veroordeeld tot openbare geseling en 5 jaar verbanning. Dit was gebaseerd op een Friese wet die stelde dat wie een tweede huwelijk aanging terwijl de eerste partner nog leefde, publiekelijk lichamelijk gestraft moest worden. Hendrik Huber bevestigt deze rechtspraktijk in zijn geschriften.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0266 Op 11 september 1677 werd bepaald dat iemand die tijdens een huwelijk overspel pleegde, in het openbaar gegeseld zou worden. Volgens het Romeinse recht stond hier zelfs de doodstraf op.
Simon van Leeuwen, een belangrijk rechtsgeleerde, verklaarde dat christenen slechts één huwelijkspartner tegelijk mochten hebben. Overtreders werden als overspeelders bestraft.
In verschillende besluiten van de rechtbanken van Holland, Zeeland en West-Friesland staat dat als een getrouwde man of vrouw overspel pleegt en dit bewezen kan worden:
De Staten van Holland en West-Friesland legden de volgende straffen op voor overspel:
Volgens Andreas Gail kon een huwelijk ongeldig worden verklaard als het onder dwang of bedreiging was gesloten in Holland.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0267 Jan Calmer krijgt een brief van zijn geliefde, die samen met haar ouders en familie in goede gezondheid in Amsterdam verblijft. Ze is bezorgd omdat ze het afgelopen jaar geen brieven van hem heeft ontvangen, terwijl ze gehoord heeft dat hij in Batavia was. Dit verbaast haar omdat ze de twee jaren ervoor veel brieven en goederen van hem ontving. Ze hoopt dit jaar wel brieven te krijgen of dat haar man zelf naar huis komt. Ze verlangt ernaar hem te zien, vooral omdat mensen allerlei verhalen vertellen vanwege het uitblijven van zijn brieven. Ze zou willen dat hij thuis was zodat al het gepraat zou stoppen. Ze meldt ook dat haar nicht gaat trouwen met een timmerman. De nicht zou graag zien dat Jan bij de bruiloft aanwezig zou zijn.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0279 Jannetie Martens schreef meerdere brieven over de mogelijke tweede huwelijk van haar echtgenoot aan de Kaap. Op 24 september 1710 schreef zij aan timmerman Jan Coerten om voorzichtig te informeren naar dit huwelijk. In een brief van 20 maart aan raadslid Nicolaas Oortman erkende de beschuldigde man zijn fouten. Hij vroeg Oortman om bij de gouverneur en fiscaal Blesius te bemiddelen zodat hij niet in schande zou raken.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0259 Jannetie Martens verlangt er erg naar om haar man Jans Calmer persoonlijk te zien. Dit zou een eind maken aan alle geruchten over zijn vermeende huwelijk in Kaap de Goede Hoop. In een brief die Jannetie Martens op 14 september 1710 aan haar man schreef, uit ze eerst veel liefde en genegenheid. Daarna klaagt ze dat hij te weinig brieven stuurt. Tot haar verdriet hoorde ze dat haar man met een andere vrouw in Kaap de Goede Hoop in goede gezondheid leefde. Dit nieuws deed haar beseffen dat ze verlaten was en dat haar wettige man met een ander getrouwd was. Dit kwetste haar zo diep dat ze hopeloos werd en zich tot God wendde voor steun en troost. Een volgende brief van 2 oktober 1710 bevestigt dit alles en doet een beroep op het geweten van haar man.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0258 De Raad van Justitie heeft de strafzaak bekeken die door de belastingontvanger Willem van Putten was ingediend. Ze hebben ook de bewijsstukken onderzocht en de bekentenis van de verdachte gehoord. De volgende beslissing werd genomen namens de Staten-Generaal van de Nederlandse Republiek:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0320 Jannetie Martens schrijft een brief aan haar man Jan Cabmer. Ze is verbaasd dat ze in 2 jaar niets van hem heeft gehoord, terwijl ze van anderen heeft vernomen dat hij aan de Kaap en elders is gezien. Ze vermoedt dat hij zich misschien heeft verloofd met iemand anders die hij waardiger acht dan haar. Verschillende mensen hebben haar verteld dat hij opnieuw zou zijn getrouwd. Ze vraagt hem eerlijk te schrijven hoe het zit, zodat ze weet waar ze aan toe is. Ze klaagt dat haar trouw met ontrouw wordt beloond. Als deze geruchten niet waar zijn, vindt ze het erg dat ze zulke lasterlijke verhalen moet horen. Ze schrijft dat ze zelf met elk schip dat vertrok een brief heeft gestuurd en had verwacht dat ook van hem te krijgen. De brief is geschreven in Amsterdam op 2 oktober 1710.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0287 Op 23 juli 1711 deed Catharina Marguart een verklaring voor Daniel Vribault, secretaris van de rechtbank, op verzoek van officier van justitie Willem van Zutten. Ze verklaarde het volgende:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10913 / 0313 De rechtszaak ging over een schuld van 715 gulden die betaald moest worden. Willem van Putten, Daniel Vhibault en Maria Liefring (weduwe van Van Rheede) procedeerden tegen landbouwer Jan Houx van Normandie. De gedaagde erkende de schuld maar verzocht 8 maanden uitstel om zijn huis te kunnen verkopen. De eiser wilde dit niet omdat het geld met de volgende retourvloot naar Nederland moest. De raad besloot dat de gedaagde 715 gulden plus proceskosten moest betalen. Als hij niet zou betalen, moest hij ook rente betalen vanaf de datum van de uitspraak. Er volgde nog een tweede zaak waarbij Jan van Vademregt, een overleden soldaat in het hospitaal, een testament had opgesteld op 12 van die maand. Dit testament werd bevestigd door 10 getuigen. J.s. Cruss werd aangesteld als curator. De gedaagde legde zich neer bij het oordeel van de raad.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10912 / 0015 De overheid was een rechtszaak begonnen waarbij Maria van Ceylon als slaaf verbeurd werd verklaard. De 1e verdachte werd veroordeeld tot 4 jaar dwangarbeid zonder loon op Robben Eiland. Na die periode werd hij levenslang verbannen uit het gebied van de Oost-Indische Compagnie. De 2e verdachte werd ook levenslang verbannen. Hij moest op Robben Eiland blijven tot er een retourvloot kwam om hem naar het vaderland te brengen.
Verder was er een zaak tegen Jan Zeehaas, die zich 6 jaar zonder toestemming buiten zijn kolonie in Stellenbosch had opgehouden. Hij moest een boete van 20 rijksdaalders betalen.
Er was ook een zaak tegen de boeren Pieter Bekker en Matthijs Craal vanwege onbetaalde schulden aan de kolonie.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10912 / 0057 De rechtbank heeft een oordeel uitgesproken over twee beklaagden. Ze worden allebei voor de rest van hun leven verbannen uit dit land en uit de gebieden van de Compagnie. Ook moeten ze ieder een boete betalen van 70 rijksdaalders. De helft van dit geld gaat naar de aanklager, de andere helft naar de rechtbank. Het huwelijk tussen de vrouwelijke beklaagde en haar wettige man Karel de Brack wordt ontbonden. Zij mag niet hertrouwen, maar Karel de Brack krijgt wel toestemming om opnieuw te trouwen als hij dat wil. De beklaagden moeten ook de proceskosten betalen. Dit vonnis is uitgesproken in Kasteel de Goede Hoop en ondertekend door secretaris Abraham Poulle.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10911 / 0020 De beschuldigde vrouw zegt dat ze een aanval van epilepsie had en dronken was en daarom niets weet van de zaak. Ze ontkent echter niet dat ze betrapt is zoals in de verklaring beschreven. De rechter vindt dat deze excuses haar niet kunnen helpen. De aanklagers houden vast aan hun aanklacht, en de beschuldigden aan hun verweer. Partijen zien af van verdere bewijsvoering. De rechtbank oordeelt:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0096 Frans van der Stel en assistent Daniel Thibault hebben een rechtszaak over een slavin. Daniel Thibault, bijgestaan door burger David Eijlders en assistent Nicolaas van Leeuwen als zijn advocaat, biedt aan de slavin terug te geven als er nog 40 rijksdaalders worden betaald bovenop de 50 die hij al van Domingo van Bengalen heeft ontvangen. De totale verkoopprijs was 90 rijksdaalders. Van der Stel zal hierover schrijven naar zijn opdrachtgever die in Sint-Jan verblijft.
Burger Jacob Voogel heeft een rechtszaak tegen assistent Daniel Thibault en dient 6 bewijsstukken in.
Landdrost Samuel Martin en rechter Joan Blesius de Meurs hebben een zaak tegen landbouwer Jean de Thuilet. Omdat De Thuilet niet is komen opdagen, wordt verzocht om een derde dagvaarding en een nieuwe rechtszitting op 23 februari.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0028 Engelbertus Franciscus Le Boucq wordt veroordeeld omdat zijn beschuldigingen vooral gebaseerd zijn op wat mensen zeggen en op het verhaal van een zwarte slavin. De raad dwingt hem om:
Dit vonnis is uitgesproken in het Kasteel de Goede Hoop. Nicolaas Toulle was aanwezig als secretaris, en O. Bergh en Willem van Putten waren getuigen. De veroordeelde dominee Le Boucq wil in hoger beroep gaan in Batavia. Dit wordt hem toegestaan door de raad, na advies van commissaris Cornelis Joan Simons, op voorwaarde dat hij de normale kosten voor hoger beroep betaalt en de boete plus proceskosten voldoet.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0054 De raad heeft het verzoek van de gedaagde geaccepteerd om over 8 dagen te antwoorden op straffe van uitsluiting. Dit vond plaats in het Kasteel de Goede Hoop. Willem van Putten, lid van de raad van justitie, was aanwezig samen met de burgerraadsleden Cornelis Botma, Claas Hendriksz en Hendrik Bouwman. De assistent Daniel Thibault toonde een machtiging van de eiser en deed een schriftelijke eis met bewijs. De gedaagde vroeg een kopie van de stukken en tijd om te antwoorden. Frans van der Stel klaagde burger David Eijlers aan voor:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0016 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/