Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van herkende teksten

Fully AI-GeneratedGebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.


De volgende zaken kwamen ter sprake tijdens een vergadering:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 463 / 0121  


De weduwe van Hendrik van Winteroij uit Helmond in de Meierij van 's-Hertogenbosch diende op 24 april een verzoek in. Ze vroeg toestemming voor de benoeming door Barbara van Scherpen van haar zoon Jan van Winteroij voor een kerkelijke functie in het kasteel van Mierlo.

De bestuurders van Son in het kwartier Peelland in de Meierij van 's-Hertogenbosch verzochten toestemming om belasting te mogen heffen voor de kosten uit de jaren 1696 en 1697, zoals ze op 21 juli 1699 hadden gevraagd.

Samuel van Leeuwen, gewone bode van het landsbestuur, vroeg 36 gulden aan voor een nieuwe reistas om zijn werk voor het land te kunnen doen. Dit verzoek werd goedgekeurd en de Raad van State werd gevraagd het geld uit te betalen.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 582 / 0022  


Pieter Lucas Grijmalla, een koopman uit Middelburg in Zeeland, vertegenwoordigde Thomas Boursse. Boursse was boekhouder van een kaperschip genaamd de Neptunus onder leiding van kapitein Cornelis Gerrits. Dit schip had een ander schip genaamd de Maria van Dramme (ook bekend als de St. Antonij van Drontheim) buitgemaakt. De Engelse gezant maakte echter aanspraak op dit schip. Grijmalla vroeg om een kopie van het bezwaarschrift van de Engelse gezant om zich te kunnen verdedigen.

A.L. van Brakel, weduwe van Winteroij, vroeg als moeder en voogd van haar minderjarige zoon Jan van Winteroij om goedkeuring van een schenking. Deze schenking was gedaan door Flocus van Rijck, heer van Mierlo, die handelde namens de weduwe Scherpenseel van Grevenbrock, zijn schoonmoeder. Het verzoek was om rentmeester de Tombez opdracht te geven het inkomen aan Jan van Winteroij uit te betalen totdat hij zijn studie zou hebben afgerond.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 643 / 0224  


In het jaar 1782 werd in Middelburg een notarisakte opgesteld over landgoederen en suikerplantages. De volgende zaken werden vastgelegd:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AZ.5.1 / 0021  


Een aantal personen moest pacht of cijns (een soort belasting) betalen aan de stad voor het gebruik van stukken grond:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 10289 / 0008  


Op 10 maart 1690 hebben Christiaen Leemns (handelaar) en Jan Vandr. van beijder-Burgh (makelaar) uit Amsterdam een verklaring afgelegd voor notaris Dirk vand Groe. Ze deden dit op verzoek van Adriaen Densser Weijle (pruikenmaker). Ze verklaarden dat:

Dit werd bevestigd in aanwezigheid van getuigen David de Pommare en Laurens vander groe.

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 606860 / 163  


Dit is een juridisch document uit 9 mei 1679 uit Amsterdam. Het beschrijft een machtiging waarbij de volgende personen betrokken waren:

In het document wordt toestemming gegeven om:

Het document belooft dat alles wat de echtgenote en haar gemachtigden doen, zal worden nageleefd.

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607606 / 229  


De Raad van State behandelde verschillende zaken in 1787:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 3486 / 0124  


Op 25 januari 1837 werden 4 sterfgevallen in Amsterdam geregistreerd:

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2335881 / 71  


Op 16 januari 1692 werd er vanuit Malacca een bericht gestuurd over:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 8362 / 0210  


In de boekhouding van Fort Kijkuit staat voor de dominee Hubertus Grevenbrok een jaarsalaris van 400 gulden vermeld. Voor de periode 15 juli 1733 tot december 1733 worden de volgende betalingen genoteerd:

In december 1733 ontving Jan Creuningen zijn loon over 2,5 jaar werken, wat neerkwam op 66 gulden, 13 stuivers en 4 penningen. Hij bleef daarna in dienst.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.01.02 / 1068 / 0030  


Op 31 januari 1743 verschenen voor notaris Anthonij Glaviman in Oosterwijck de echtgenoten Joost Jansz van de voort en Maria Peijnenborgh uit Haren. Beiden waren gezond van lichaam en helder van geest. Ze wilden hun testament opmaken vanwege de zekerheid van de dood maar onzekerheid over het moment daarvan.

Ze bevalen aan dat:

Bekijk transcriptie NL-TbRAT / 1703733 / 323  


Lena en haar partner Jochem gingen vanwege het gevaar naar de Vishoek bij de Hanglijx. Daar troffen ze andere gevluchte slaven aan:

Lena ging met Leander, Jochem, Philander en Aron twee keer naar Kaap om meer slaven te halen:

De groep overleefde door het vangen van vis, mosselen, kreeften en andere zeedieren. Ze hoorden dat Philip, een gevluchte werknemer van de Compagnie, zich aan de andere kant van de Palmiet rivier ophield. Volgens de verklaringen van Lena, Philander en December zwommen Leander, Aron en December over de rivier.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10928 / 0430  


Een gevangene ontsnapte ongeveer 3 maanden geleden uit het ziekenhuis van de Compagnie zonder reden. Hij vluchtte naar de bergen boven de schuur van de Compagnie bij het ronde bosje. Daar verbleef hij met 11 andere lijfeigenen van de Compagnie en een slavin genaamd Rea.

De groep verdiende geld door:

Op 27 van de vorige maand ging de gevangene met medeslaaf Valentijn rond 11 uur 's nachts naar de Kaap. Ze gingen naar de schaapskooi van de weduwe van Servaes de Kok. Valentijn sprong over de omheining en pakte 2 schapen, die hij aan de gevangene gaf. Ze wilden de schapen naar hun schuilplaats in de bergen brengen. Bij het huis van burger Tieleman werden ze tegengehouden door de nachtwacht. De gevangene probeerde nog te vluchten met het schaap op zijn schouders maar werd gepakt.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0336  


Lijs van de Kaap, een 18-jarige slavin van landbouwer Gideon Joubert, heeft een bekentenis afgelegd aan landdrost Pieter Lourensz. Ze vertelde dat ze ongeveer 3 maanden geleden was weggelopen met Cupido, een slaaf van landbouwer Jan Hendrik Deber. Ze verbleven bij het gebergte boven de plaats van Deber, bij een plek genaamd Bartholomeus Klip.

Tijdens hun verblijf hebben ze:

Ze hebben al dit vlees samen opgegeten. Later haalde Cupido zijn eigen kind, dat hij had met een slavin van landbouwer Francois du Toit, uit Du Toits huis. Cupido bracht het kind naar Lijs in het veld. Toen Cupido het bos in ging, heeft Lijs het kind met een stok gedood, zoals Cupido haar had opgedragen.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0283  


Lijs van de Kaap was een slavin van 18 jaar die bij landbouwer Gideon Joubert in Groeneberg woonde. Ze was ongeveer 5 maanden weggelopen van haar meester. Ze verklaarde dat ze uit eigen beweging was weggelopen omdat haar meesteres haar altijd sloeg.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0291  


De landbouwer Arij Cusie Leekerwijn beschreef een ontmoeting met een van zijn slaven. Het rapport werd gebruikt in de rechtszaak van landdrost Pieter Lourensz tegen de slavin Lijs van Kaap de Goede Hoop. Ook werd de aanklacht behandeld van fiscaal Daniel Van den Henghel tegen soldaat Jan Van Rossum van Woerden en tegen de slaaf Kindsa van Madagascar. Daarnaast werd een verzoek ingediend over ondermeester Frederik Wieprecht en een aanklacht tegen soldaat Hendrik Willem Peperling.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0009  


De slavin Lijs van de Caab verscheen voor de Raad van Justitie van het gouvernement. Haar eerdere verklaring werd haar voorgelezen in aanwezigheid van de slaaf Joumath van Ternate. Ze bevestigde dat alles de waarheid was en wilde niets toevoegen of weglaten. Dit werd vastgelegd in Kaap de Goede Hoop op 11 februari 1734 en ondertekend door:

Lijs van de Caab zette haar merk (handtekening) op het document.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0068  


Op 31 mei ging de slaaf Jan van Macassar, die eigendom was van burger Johan Christoffel Bek en woonde op diens terrein bij het Ronde Boschje, samen met de slaven Juli en Marcus op zoek naar een varken. Dit varken was kwijtgeraakt door een slavenkind, dat Jan verwekt had bij een slavin van zijn eigenaar. Ze vertrokken om 7 uur 's avonds om te voorkomen dat het kind gestraft zou worden voor zijn nalatigheid. Op het pad tussen het terrein van hun eigenaar en dat van burger Hendrik Heijn kwamen ze twee Europeanen tegen die te paard zaten.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0119  


De hoofdofficier (landdrost) schrijft eerbiedig aan de gouverneur Jan de La Fontaine en de rechters van het bestuur van de Kaap de Goede Hoop. Hij meldt dat in juni een slavin genaamd Lijs van de Kaap, eigendom van boer Gideon Joubert, in de gevangenis van Stellenbosch zat. Daar bekende ze een moord. Op 19 juni legde Lijs van de Kaap een officiële bekentenis af. Ze vertelde dat ze 3 maanden eerder was weggelopen op verzoek van Cupido, een slaaf van boer Jan Hendrik Debes.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0275  


Op 11 februari werd er rechtspraak gehouden over een man die ervan verdacht werd bestialiteit te hebben gepleegd met een hond. De volgende vragen werden gesteld en beantwoord:

Dit verhoor vond plaats aan de Kaap de Goede Hoop in het Nederlands, een taal die de verdachte goed sprak en begreep.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0076  


De slavin Lijs van de Caab moest op 8 januari 1737 voor de rechtbank verschijnen. Ze bekende dat ze samen met 3 mannelijke slaven gestolen had bij haar meester Jan van der Swin. Ze had de sleutels van zijn kast gestolen en daarna de spullen verdeeld. Ook had ze kleren van haar mevrouw genomen. In totaal hadden ze voor 80 rijksdaalders aan spullen gestolen.

Ze had de sleutels op een slimme manier bemachtigd toen haar mevrouw een keer vergeten was ze mee te nemen. Lijs bekende ook dat ze bij andere mensen in Kaap de Goede Hoop had ingebroken en gestolen. Ze had dit allemaal gedaan om een stel mooie kleren te kunnen hebben.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0286  


De slaafgemaakte vrouw Lijs werd verhoord.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10933 / 0298  


De gedaagde krijgt 14 dagen de tijd om een schriftelijk antwoord te geven op de aanklacht. De gedaagde kan daarna een rechtszaak beginnen tegen Jan Nortie. De landdrost Siet Lourentsz heeft samen met twee heemraden onderzoek gedaan naar het lichaam van een kind. De slavin Lijs van de Kaap had gezegd dat dit kind vermoord was door een weggelopen slaaf van de landbouwer Jan Hendrik Debes. Het lichaam zou in een ijzeren varkenshok zijn gestopt. Na veel zoeken hebben ze niets gevonden. Lijs gaf uiteindelijk toe dat ze niet wist waar het kind begraven was. De heemraad heeft hier een verslag van gemaakt dat door de landdrost aan de vergadering is voorgelegd.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10932 / 0058  


De landdrost Pieter Louren vroeg aan de Raad om advies over hoe hij moest handelen in een zaak over een slavin genaamd Lijs van de Caab. Zij was eigendom van landbouwer Gideon Subert. Lijs had eerst bekend dat ze een slavenkind had vermoord. Later trok ze deze bekentenis in. Ze beschuldigde toen een slaaf genaamd Cupido, die eigendom was van landbouwer Jan Hendrik Debes. Lijs was samen met Cupido weggelopen.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10932 / 0054  



Vorige paginaVolgende pagina

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/