Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van historische documenten

Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via handschriftherkenning tot stand gekomen transcripties een samenvatting laten maken.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond.


De comparant aan de andere kant kreeg van de vennootschap een krediet verleend, met hypotheek als zekerheid. Hij mocht dit krediet gebruiken volgens de regels uit de statuten. Alles wat hij aan de vennootschap schuldig werd, moest hij met renten en kosten terugbetalen op de afgesproken vervaldagen en binnen de afgesproken termijnen. Het verschuldigde bedrag kreeg een rente van 2,5 procent boven de discontorente voor promessen van de Nederlandsche Bank (met een minimum van 6 procent per jaar). Deze rente ging in op de dag dat en voor het bedrag waarvoor het krediet werd gebruikt. Onder het verschuldigde en door de hypotheek verzekerde bedrag viel niet alleen wat hij wegens wissels, acceptaties en geldleningen schuldig was, maar ook wat hij door borgstelling of andere oorzaken aan de vennootschap moest betalen.

Het verschuldigde bedrag werd altijd direct opeisbaar bij:

In al deze gevallen werd het verschuldigde bedrag, ook al was de vervaldag nog niet verstreken, terstond opeisbaar zonder dat een ingebrekestelling, bevel of andere soortgelijke akte nodig was. Het werd dan geacht van de kredietnemer te zijn opgeëischt.

Bekijk transcriptie 


25 februari 1920 verscheen Cornelis Johannes Roos, machinist wonende te Haarlem, voor plaatsvervangend notaris Nicolaas Jan Hoef lake. Hij verklaarde schuldig te zijn aan Karel van Balen, broodbakker wonende te Haarlem, een bedrag van 9.000 gulden, dat hij vandaag had ontvangen.

De voorwaarden van de geldlening waren als volgt:

De akte werd ondertekend door de verschenen personen, de getuigen en de plaatsvervangend notaris.

De akte werd geregistreerd te Haarlem op 5 maart 1920 voor een bedrag van 378,75 gulden aan registratierecht.

Op 1 juni 1920 werd op verzoek van Karel van Balen een eerste grosse (officieel afschrift) uitgegeven.

Bekijk transcriptie 


Er worden verschillende hypothecaire vorderingen opgesomd: