Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
De slavin Selvi verklaart:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0813 Op 12 september 1785 in Kaap de Goede Hoop werd een verklaring afgelegd voor de heren Johannes Marthenus Horak en Coenraad Gie. Het ging over een diefstal waarbij een slavin genaamd Sima een sleutel uit een broekzak had gestolen, een lessenaar had opengemaakt en geld had weggenomen. Ze had dit in haar kist verstopt. Toen Sima niet meer wilde bekennen waar de rest van het geld was, bleek later dat een soldaat-schoenmaker genaamd Jacob het andere deel van het geld bewaarde. Bij Jacob werd 355 rijksdaalders aan papiergeld gevonden. In de kist en zak van slavin Sima werden ook 3 diamanten ringen aangetroffen. Zowel het geld als de ringen werden in bewaring genomen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0810 Op 16 december 1785 is in Kaap de Goede Hoop een vonnis uitgesproken waarbij drie beklaagden werden veroordeeld. Ze mochten nooit meer naar de Kaap komen en moesten de gerechtskosten betalen. Dit vonnis werd op 24 januari 1786 in het Kasteel de Goede Hoop voorgelezen en uitgevoerd.
Het vonnis werd ondertekend door:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0857 Op 12 september 1785 en 1 november 1785 legde August van Ternaten een getuigenis af bij de raad van justitie aan de Kaap de Goede Hoop. De leden van de raad waren:
Omdat August niet kon schrijven, zette hij een kruisje als handtekening. Het document werd mede ondertekend door klerk R. van der Riet. August verklaarde dat zijn verklaring de waarheid was en dat er niets aan toegevoegd of weggehaald mocht worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0838 Sima en Silia hebben na de dood van hun meesteres een aantal diefstallen gepleegd. Ze sliepen samen in een kamer bij de kinderen. Ze besloten geld van hun eigenaar te stelen. Ze merkten op dat hij zijn sleutel van zijn bureau altijd in zijn broekzak hield en zijn broek op een hoge stoel hing.
Als hun eigenaar 's ochtends vroeg opstond om de slaven te wekken en instructies te geven, stalen ze:
Sima heeft haar deel van het geld aan soldaat Bernhard gegeven.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0802 De gerechtelijke zaak speelde tussen aanklager Gabriel Exter aan de ene kant en de slavinnen Sima uit Batavia en Silia uit de Kaap aan de andere kant. De slavinnen waren eigendom van burger Johan Jacob Meyer.
Op 2 september ontdekte Meyer dat er papiergeld verdwenen was uit zijn lessenaar waar hij het de avond ervoor had opgeborgen. Hij wist niet hoe dit was gebeurd, maar kreeg argwaan tegen zijn twee slavinnen. Hij liet Sima naar de gevangenis brengen waar zij bekende dat zij samen met Silia het geld had gestolen. Ze gaven ook toe dit meerdere keren te hebben gedaan.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0801 Jan Jacob Meyer verscheen voor het bestuur van justitie in het bestuur van de Nederlandse kolonie bij Kaap de Goede Hoop. Nadat zijn verklaring was voorgelezen zei hij dat dit de waarheid was en dat er niets aan toegevoegd of weggehaald moest worden. Dit gebeurde op 1 november 1785.
De verklaring werd ondertekend door:
Daarna verscheen Sima uit Batavia, een slaaf van burger Jan Jacob Meyer, voor de afgevaardigden van de Raad van Justitie. Dit was op verzoek van waarnemend aanklager Gabriel Cater.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0811 De ondervraging van Sima en Silia vond plaats aan de Kaap de Goede Hoop op 1 november 1785. Sima werd beschuldigd van diefstal en beweerde dat Silia, een slaafgemaakte van burger Jan Jacob Meyer, haar had aangezet tot het stelen van goederen. Silia ontkende dit en zei dat ze alleen had voorgesteld om van andere slaafgemaakten te stelen, niet van haar eigenaar. De ondervraging werd uitgevoerd door:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0820
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0722 De soldaat Johan Muller van Keulen en Gillis Joseph Tesseur uit Anne, die bij de artillerie diende, moesten voor de rechter verschijnen. Johan Muller van Keulen was aangekomen met het schip De Paerl en werkte bij het Jager Corps. Hij wilde in oktober vluchten met Engelse schepen. Hiervoor had hij zijn eigen mantel en die van een collega meegenomen.
Op 27 september ging hij naar het Engelse ziekenhuis. Daar ruilde hij zijn kleren met die van een Engelse matroos. De volgende ochtend ging hij, gekleed in alleen een hoedje, jasje en broek, zonder kousen en schoenen, met de bemanning naar de kade om aan boord van een Engels schip te gaan.
Hij passeerde de wacht op de kade, maar werd herkend door een soldaat die hem achtervolgde. Om te ontsnappen sprong hij in zee, maar werd gevangen genomen en gearresteerd.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0723 De verdachte heeft op zondag 12 september rond 7 uur 's avonds, nadat hij terugkwam van de Houtbaai naar de Kaap, zich gemeld bij de gerechtsdienaar. Daarna ging hij naar het huis van de onderkoopman en secretaris van de weeskamer Tobias Christiaan Bonnenkamp om daar, zoals hij vaker deed, de nacht door te brengen bij de slavin Rosette. De verdachte ging via de achterdeur naar binnen en zat daar bij de slaven Hamerlan en Manga (die eigendom was van luitenant ingenieur Schull). Hij bleef daar tot hij samen met Rosette naar de slavenzolder ging om te slapen. De volgende ochtend rond 4 uur werd Rosette wakker.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0719 De getuige verklaart dat hij in de ochtend niets had gezien of gehoord omdat hij sliep. Bij het opstaan had hij wel lawaai gehoord en een vermoorde dienstmeid gezien. Een jongen had hem daarna via de voordeur naar buiten gelaten.
Deze verklaring is afgelegd in Kaap de Goede Hoop op 24 september 1786 voor de raadsleden Johannes Marthinus Horak en Jan Coenraad Gie van de rechtbank. De verklaring is ondertekend door de getuige, de raadsleden en de beëdigde klerk R.S. van der Relt.
De getuige kreeg nog extra vragen voorgelegd:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0714 Een verhoor over de gebeurtenissen bij het huis van Bonnenkamp, waar er sprake was van een jongen met de bijnaam Kokki. De ondervraagde persoon wordt geconfronteerd met het feit dat hij tussen 4 en 5 uur is opgestaan, wat hij ontkent. De slaaf Padang zegt dat hij de ondervraagde heeft gezien bij het hek met een slavin genaamd Rosetta. De ondervraagde geeft toe dat hij beneden bij het hek is geweest, maar zegt niet te weten of Rosetta daar ook was. Hij ontkent tijd te hebben doorgebracht met haar. Ook wordt er gevraagd of hij die nacht samen was met de huisslaaf Tamerlan en met hem gegeten heeft.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0713 Adulla (voorheen Manga) verklaarde onder verhoor dat hij een 25-jarige slaaf was uit Boeginese afkomst, in eigendom van luitenant Schult. Op 12 (van de maand) was hij 's avonds aanwezig in het huis van onderkoopman en secretaris Ronnekamp. Hij kwam die middag via de achterpoort binnen. De slaaf uit Padang heeft hij niet gezien maar wel gehoord in het huis.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0712 De Kaapse slaaf/gevangene Padang van Padang verscheen voor de rechtbank in Kaap de Goede Hoop op 24 september 1785. Hij werd ondervraagd en zijn antwoorden werden voorgelezen. Hij bevestigde dat alles klopte en dat dit de waarheid was. Omdat hij niet kon schrijven, zette hij een kruisje als handtekening. De documenten werden ondertekend door:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0711 In deze situatie heeft een aangeklaagde een meisje genaamd Rosetta (die dienstmeid was) om het leven gebracht. Hij heeft haar met een mes vermoord. Dit gebeurde toen zij bij het hek stond met een jongen genaamd Manga, die bij een officier werkte. De dader nam het mes dat naast haar kist lag. De dader verklaart dat hij niet weet hoeveel steken hij heeft toegebracht, omdat hij door drift werd meegesleept.
De jongen Manga was al vóór de dader aanwezig en hij hield zich op bij Tammerlang. Zodra de jongen de dader zag, ging hij er vandoor. Op de vraag of de dader met de intentie kwam om de dienstmeid te vermoorden, geeft de tekst geen duidelijk antwoord.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0708 De tekst gaat over een verhoor. De verdachte verklaart rond 19:00 uur via de achterpoort het huis binnengekomen te zijn. Hij was daar voor een vrouw genaamd Rosetta. Alleen de huisslaaf Lammerlan en zijn vrouw Rosetta wisten dat hij die nacht in het huis was. Hij heeft bij Rosetta geslapen zonder kwade bedoelingen. Er wordt hem gevraagd of hij vaker in het huis van Rennekamp is geweest, of de huisleraar daarvan wist, of de huisslaven hem hebben gezien en waarom hij daar die avond was. Ook wordt gevraagd of hij die avond naar het woonhuis van de onderkoopman en secretaris van de weeskamer Ronnenkamp is gegaan en daar de nacht heeft doorgebracht.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0707 De tekst beschrijft een rechtszaak waarbij een vreemde jongen betrokken was die de nacht ergens had doorgebracht. Deze jongen kwam met dezelfde bedoeling als twee andere gedaagden. Hoewel de jongen en de huisslaven het ontkenden, was er bewijs dat:
De aanklager verwijst naar het strafrecht van de Saksen volgens Carpz, waarin staat dat moordenaars die met voorbedachte rade handelen ter dood gebracht moeten worden. Er wordt een uitzondering gemaakt voor mensen die handelen:
Dit komt overeen met de verordening van Keizer Karel V (artikelen 137 en 148), die onderscheid maakt tussen moordenaars die in koelen bloede handelen en zij die uit drift of emotie handelen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0702 De gedaagde had met voorbedachte rade een moord gepleegd. Hij was speciaal een geschikt wapen gaan halen van zolder. Hij stopte niet na één steek maar stak meerdere keren op dodelijke plekken. Hij was ook zonder toestemming van de huiseigenaar binnengekomen en had daar de nacht doorgebracht. Deze omstandigheden maken zijn straf zwaarder.
De rechterlijke officier vindt echter dat er ook rekening gehouden moet worden met het feit dat de aanleiding voor de moord was dat de gedaagde dacht dat Theyd ontrouw was geweest. Na een relatie van 16 jaar dacht hij daar recht op te hebben. Hij pleegde de daad uit jaloezie, een algemeen menselijk gevoel dat hem overweldigde. De huisslaven zijn ook te berispen omdat ze de gedaagde zonder medeweten van hun meesters binnen hebben gelaten.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0701 Een document werd opgesteld en ondertekend door G. Exter op de rand van het papier in Ondrico op 29 september 1785. Het betrof een strafrechtelijke aanklacht waarbij de artikelen 2 tot en met 37 werden gebruikt als bewijs. De overige artikelen waren inleidend en volgens het recht algemeen bekend, waardoor ze geen extra bewijs nodig hadden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0696 Op 12 juli 1771 werd Padang van Padang als balling voor 25 jaar uit Batavia naar de Kaap de Goede Hoop gestuurd. Vanaf 1772 werkte hij als kaffer (huisbediende). Op zondagavond na 7 uur ging hij naar het huis van de onder-koopman en secretaris Renne Camp. Hij ging er naar eigen zeggen op bezoek bij zijn vrouw Josetta, die een slavin was van Camp. Toen hij op de slavenzolder kwam, ontmoette hij een jonge slaaf genaamd Manica die bij luitenant-ingenieur St Schult werkte. Padang verdacht Manica ervan een relatie te hebben met Josetta.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0699 Rond 4 uur werd er een steekincident gepleegd. De dader stond op uit bed waar hij met zijn dienstmeid lag. Bij het hek naast het voorhuis zag hij de dienstmeid samen met een jongen genaamd Marca. Hij werd woedend, ging terug naar binnen en haalde een mes uit de hooi-kist van de dienstmeid. Toen hij haar tegenkwam, stak hij haar 3 keer. De jongen vluchtte weg. De dienstmeid overleed ter plekke. Bij onderzoek door aangestelde heren bleek dat 2 van de steekwonden dodelijk waren. Dit werd beschouwd als een opzettelijke moord waarvoor de dader gestraft moest worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0700 De slaaf (Caffer) Padang van Padang werd ondervraagd door de rechtbank. Hij verklaarde:
Deze verklaring werd afgenomen op verzoek van de tijdelijke aanklager Gabriel Exter.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0706 De tweede chirurg van het ziekenhuis van de Oost-Indische Compagnie heeft op verzoek van waarnemend officier van justitie G. Ekster een overleden slavin genaamd Rosetta uit Batavia onderzocht. Dit onderzoek vond plaats in het huis van secretaris Ronnencamp van de weeskamer op 13 september 1785 aan de Kaap de Goede Hoop. Bij het onderzoek waren aanwezig de commissieleden van de raad van justitie Aan Horak Zalomon van Echte en Hapred Johannes van der Riet.
De chirurg constateerde drie steekwonden:
De eerste twee wonden werden als direct dodelijk bestempeld. Dit werd bevestigd door chirurg J. Leuwer.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0705 De rechterlijke officier vertelde aan Versveld dat het onverantwoordelijk zou zijn om een jongen te laten straffen. Versveld wilde de jongen op zijn rug laten slaan omdat hij de grootste onruststoker was. De rechterlijke officier stemde uiteindelijk in om de jongen in de boeien te slaan.
Versveld liet bovendien een band om de hals van de jongen maken met aan beide kanten uitstekende oren. Dit was zonder toestemming van de bewaker. Versveld beklaagde zich bij de rechterlijke officier dat de jongen zou weglopen en vroeg wie dan voor de kosten zou opdraaien.
Na enkele uren was de jongen inderdaad weggelopen. Hij verklaarde later dat dit kwam omdat hij:
De rechterlijke officier vermoedde dat dit allemaal opzettelijk was opgezet door Versveld om zijn doel te bereiken. Want zodra de jongen in de gevangenis zat, kwam Versveld al naar de ondergetekende om zijn tevredenheid te tonen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10985 / 0117 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/