Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van herkende teksten

Fully AI-GeneratedGebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.


Op 2 december 1752 legde soldaat Hendrik Witsche uit Lunenburg een verklaring af. Hij werkte met een pas bij de weduwe van luitenant Pieter van Saak. Op verzoek van gerechtelijk aanklager Pieter Reede van Oudshoorn verklaarde hij het volgende: Op woensdag 29 november om ongeveer 6 uur 's ochtends was hij met de slaven van de weduwe Van Saak op het land aan het werk om graan te oogsten. Er kwam toen een slavin naar hem toe die vertelde dat schoolmeester August Christiaan Wiedeman de keel van de weduwe Van Saak had doorgesneden.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 1161  


De openbare aanklager Pieter Reede van Oudshoorn heeft een aanklacht ingediend bij de rechtbank van het bestuur, met als voorzitter Sergius Swellengrebel. De aanklacht is gericht tegen Soumath uit Makassar, een slaaf van luitenant-kolonel Isaac Meinertshagen. Soumath wordt verdacht van de moord op een slavin genaamd Rosa. De aanklager heeft 6 verklaringen als bewijsmateriaal toegevoegd aan de zaak.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0649  


De beschuldigde werd achter het huis van Schindelaar door 4 jongens van de families De With en Westpalm voor de tweede keer opgepakt. Ze brachten hem naar het huis van De With, daarna naar het huis van Coele, en vervolgens naar de gevangenis. De beschuldigde verklaart dat hij zijn mes niet uit de schede heeft getrokken en niemand heeft verwond. Hij ontkent ook gezegd te hebben dat hij mensen wilde vermoorden. Deze bekentenis werd afgenomen aan Kaap de Goede Hoop op 25 juli 1752, voor de raadsleden Jan Haeck en Jan Haszingh. Alle betrokkenen hebben het document ondertekend.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0579  


Dit is een rechtszaak waarbij Pieter Reede van Oudshoorn, de openbaar aanklager van het gouvernement, een proces aanspant tegen Brodjo uit Batavia, ook bekend als Tomas. Brodjo was een gevangene die in het ziekenhuis van de Verenigde Oost-Indische Compagnie werkte. Hij wordt aangeklaagd voor het moedwillig verwonden van een andere gevangene genaamd Candase op 11 november. De zaak wordt voorgelegd aan rechter Sergius Swellengrebel en de Raad van Justitie.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0581  


Op 26 juli ging de beklaagde rond 2 uur 's middags naar een vrouw genaamd Candase die ziek op haar bed op zolder lag in de factorij. Hij bracht haar een bord gekookte rijst en een vis. Hij vroeg haar herhaaldelijk om met hem om te gaan en het eten aan te nemen. Zij weigerde dit, net zoals ze eerder al gedaan had. Volgens de beklaagde had Candase eerder wel al contact met hem gehad en toen ook zijn eten geweigerd.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0582  


De zaak gaat over een ruzie waarbij de dader, nadat hij door een Candase vrouw was uitgescholden en zij hem iets weigerde, zo kwaad werd dat hij de vrouw aanviel. Dit gebeurde op het moment dat zij wat water wilde drinken. Hij stak haar onder de borst met een mes dat hij bij zich had. Dit blijkt uit een verklaring van de tweede opperchirurg van het VOC-ziekenhuis. Na de steek vluchtte de dader zonder iets te zeggen, maar werd hij bij de Rooblom opgepakt door de gerechtsdienaar. De chirurg heeft vastgesteld dat de wond onder het borstbeen 3 duim breed was.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0583  


De dader gaf een steek van een halve duim diep die alleen de buitenkant van het lichaam raakte. Het slachtoffer, de dienstmeid Candase, is nu bijna genezen. Toch betekent dit niet dat de steek niet dodelijk had kunnen zijn, ook al was dit toevallig en niet door voorzichtigheid van de dader voorkomen. De steek werd toegebracht nadat Candase de dader had afgewezen. De rechter stelt dat:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0584  


De Rechtbank van het bestuur liet aan een voormalige leider uit Bali zijn bekentenis voorlezen. Hij bleef bij zijn verklaring en wilde er niets aan toevoegen of weghalen. Dit werd vastgelegd in Kaap de Goede Hoop op 31 juli 1752 voor de raadsleden J. Raeck en J. Haszingh. Zij hebben samen met de beklaagde en de beëdigde klerk het document ondertekend. Dit werd bevestigd door klerk C.L. Keethling en secretaris C. Seerfets.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0580  


Corneli (ook genoemd als Cornelis) heeft volgens deze getuigenverklaring een mes afgepakt van een Maleise man genaamd Catter Tagal. De getuige spreekt geen Maleis en heeft daarom niet zelf gehoord dat Tagal dreigde mensen te vermoorden, maar dit werd haar verteld door Corneli. De getuige verklaarde in het bijzijn van Tagal dat dit de waarheid was.

Deze verklaring is afgelegd in Kaap de Goede Hoop op 31 juli 1752 voor de raadsleden Raed en Haszingh. Het document is ondertekend door de getuige en de beëdigde klerk C.L. Seethlijn. De kopie is bevestigd door Diemmendorf en Seefer.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0568  


De slavin Diana van de Kaap verscheen voor de adviseurs van de rechtbank van Kasteel de Goede Hoop. Haar eerdere verklaring werd haar helemaal voorgelezen. Ze bevestigde dat alles klopte en wilde er niets aan toevoegen of wijzigen. Ze merkte alleen op dat ze geen mes in de handen had. De getuigen Daniel Egbert Pfeil en Jan Adriaen Lafebre waren aanwezig. Siemmendorf ondertekende dit als secretaris.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0567  


De compagnie was bang voor onheil toen de slaaf Tagal zich naar de galerij haastte waar alleen de slaven Apollo en Galand waren. De compagnie wilde de slaaf Cornelis, die eigendom was van onderkoopman Jasper Westpalm, te hulp roepen. Cornelis stond al bij de deur. Tagal had een onbedekt zwaard in zijn hand en had in het Maleis tegen Cornelis gezegd dat hij meerdere mensen zou vermoorden. Cornelis greep Tagal eerst vast. Vervolgens kwamen Apollo, Galand en enkele andere slaven op het geroep aanrennen. Samen wisten ze het zwaard van Tagal af te pakken. Bij deze worsteling raakte Cornelis licht gewond aan zijn linkerhand.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0566  


De verklaring werd op 31 juli 1752 opgesteld aan Kaap de Goede Hoop. De leden van de rechtbank waren Jan Raak en Jan Hassing. De verklaring werd ondertekend door de getuige C.L. Neetsling en een klerk in Diemmendorf.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0564  


Op 24 juli 1752 is er een verklaring in het Portugees afgelegd in Kaap de Goede Hoop. Deze verklaring werd afgenomen in bijzijn van klerken Daniel Egbert Pfeil en Jan Adriaan Lafebre als getuigen. De secretaris Siemmendorf heeft dit document ondertekend.

De slaaf Cornelis van Ambon verscheen voor de Raad van Justitie van het kasteel in Kaap de Goede Hoop. Na het voorlezen van zijn verklaring bevestigde hij de inhoud volledig, zonder dat er iets aan toegevoegd of verwijderd moest worden. In aanwezigheid van de kassier Tagal verklaarde hij dat alles de pure waarheid was.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0563  


Tagal werd betrapt met een getrokken zwaard. Toen de verteller hem in het Maleis vroeg wat hij van plan was, zei Tagal dat hij mensen wilde vermoorden. De verteller probeerde het zwaard af te pakken, waarbij Tagal hem in zijn linkerhand stak. De slaven Apollo en Galant, die in de galerij waren, en andere slaven van meneer Jan de Wit kwamen te hulp. Samen overmeesterden ze Tagal en pakten zijn zwaard af. Daarna werd Tagal gearresteerd en naar de gevangenis gebracht. Dit gebeurde in Kaap de Goede Hoop.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0562  


Cornelis van Ambon, lijfeigene van onderkoopman Jasper Westpalm, deed op 6 januari verslag aan de hoofdaanklager Pieter Reede van Oudshoorn. Hij vertelde dat hij op de avond ervoor rond 18:00 uur bij de deur van zijn eigenaar was toen hij lawaai hoorde uit het huis van oud-raadslid Jan de Wit. De slavin Diana, die bij De Wit werkte, riep hem binnen. In de galerij trof hij de uit Kaapstad afkomstige Tagal aan, die een blauwe jas droeg en er wild uitzag.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0561  


Burgemeester Pieter Reede van Oudshoorn heeft een document voorgelegd aan de rechtbank op 3 augustus 1752. Dit is bevestigd door de secretaris Diemmender.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0558  


De strafrechtelijke uitspraak bepaalt dat de veroordeelde gevangene Tegal van Bali naar de gebruikelijke executieplaats in Robbeneiland moet worden gebracht. Daar moet hij:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0557  


De procureur beschreef een situatie waarbij een gevangene, een kaffer (gerechtsdienaar), beschuldigd werd van geweld. Een slaaf genaamd Galant en een vrouw genaamd Panna waren getuigen. Panna had zich uit angst in de keuken verstopt en niet met de beschuldigde gesproken. De procureur vond dat streng straffen nodig was om te voorkomen dat:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0556  


De slavin Sanna, die als bijzit (minnares) van de gevangene had gediend, heeft volgens document L=a D een volledige bekentenis afgelegd. Dit bewijs versterkte de verklaringen van de slaaf Cornelis en de slaven Galant en Diana. Diana had eerder verklaard dat ze de sabel van de gevangene had afgepakt en dat ze hem in het Maleis had horen zeggen dat hij een groep mensen wilde vermoorden, hoewel ze die taal niet verstond. Ook al waren er kleine verschillen in de getuigenverklaringen (documenten B en 6) over hoe de gevangene was overmeesterd, deze waren niet belangrijk genoeg om hem van zijn verdiende straf te vrijwaren.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0555  


Op 28 november 1744 werd een man door de schepenrechtbank van Batavia veroordeeld voor diefstal. Hij werd gegeseld en voor 5 jaar verbannen. Later werd hij door Westpalm opgepakt en naar de galerij gesleept. Tijdens deze worsteling verloor hij zijn zwaard, maar hij had niemand daarmee verwond of bedreigd met moord. De slavin Diana pleitte voor zijn vrijlating. Na zijn vrijlating werd hij door 4 jongens bij de woning van de Chinees achter Schendelaar opgepakt en naar de gevangenis gebracht. Zijn verklaringen werden niet geloofd door de autoriteiten.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0553  


De gevangene wilde naar de opkamer gaan en was al halverwege de trap, toen hij van achteren bij zijn blauwe jas werd vastgegrepen en van de trap werd teruggetrokken. Zijn zwaard werd van hem afgenomen. De slaaf Cornelis kwam op het lawaai en het hulpgeroep van slavin Diana af. De gevangene zag er wild uit en had een getrokken zwaard in zijn hand. Cornelis vroeg hem in het Maleis wat hij met dat getrokken zwaard wilde doen. De gevangene antwoordde dat hij een groep mensen wilde vermoorden. Cornelis, samen met de slaven Apollo en Galant en enkele anderen, greep de gevangene vast en ontwapende hem. Cornelis raakte hierbij licht gewond aan zijn linkerhand.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0551  


De onafhankelijke aanklager Pieter Reede van Oudshoorn heeft een rechtszaak aangespannen tegen de Balinese gevangene Kaster Tegal. De zaak werd voorgelegd aan rechtbankvoorzitter Sergius Swellengrebel en de Raad van Justitie. Als bewijsmateriaal werden ingediend:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0549  


De gevangene werd veroordeeld tot de volgende straffen:

De rechtbank verklaarde ook dat de gevangene sinds zijn gevangenschap geen salaris meer heeft ontvangen van de Oost-Indische Compagnie.

Dit vonnis werd uitgesproken in het Kasteel de Goede Hoop op 8 juni 1752 en uitgevoerd op 10 juni 1752.

Het vonnis werd ondertekend door:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0548  


De Raad van Justitie heeft het strafrechtelijke rapport bestudeerd dat Pieter Reede van Oudshoorn heeft opgesteld tegen gevangene Andries Engelbregt. Na het lezen van de bekentenis van de gevangene heeft de raad namens de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden en Prins van Oranje en Nassau besloten dat de gevangene ter dood veroordeeld wordt.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0547  


Een dronken persoon vroeg aan een slaaf naar een jongen en een vrouw. Toen de slaaf antwoordde dat het zijn zus was, haalde de dronken persoon een mes uit zijn zak. Na het mes even vast te houden zei hij "dan zal ik jouw darmen uit je lijf halen" en stak de slaaf Henbebe aan de onderkant van zijn linkerborst. De wond ging door de huid en spieren tot aan het borstbeen. De dader bleef op de aanlegsteiger zitten waar hij door opzichters werd gearresteerd en aan justitie werd overgedragen.

Dit soort opzettelijke verwonding kon niet worden getolereerd in een land waar recht werd gesproken. De dader moest als voorbeeld voor andere misdadigers worden gestraft.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10951 / 0546  



Vorige paginaVolgende pagina

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/