Blader door transcripties » Noord-Hollands Archief
archieftoegang 186.8, inventarisnummer 15, pagina 11



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

ceel nommer 2. of ook met de perceel
nommers 2 en 3. mag het hooi en stroo
dat op de bij hem getuurde landeigen
wordt ingezamely evenmin als de
mest daarop vallende verkoopen of
op eenige andere wyze aan anderen over
doen, maar is verpligt dat alles te vervoederen
op- en te gebruiken en aantewenden tot verbete
ring en vruchtbaarmaking der by hem gehuurde
lundergen.
De mest die in het laatste hun jaar op zijn
gehuurde - tot hy hetzelve verlaat comt te vallen
zoomede het stroo als dan daarop aanwens moet
bij aan den eigenaar daarvoor of van den hem op.
volgenden huurder achterlaten
Artikel twaalf.- Indien de perceelen nommen
2 en 3 niet gecombineerd met perceel nommer
maar afzonderlyk worden verhuurd zynde huur
ders dier perceelen verpligt om in elk der negen
laatste huurjaren van ieder dier perceelen eene
oppervlakte lands van minstens vier bunders
groot te bemester en daarover per bunden te ver
spreiden en te verwerken eene hoeveelheven van
zestig gewone voeren of wagenvrachten mest van
goede en deugdzame hoedanigheid
zoodra de huurden die mest naar het land
aan zyden moeten zij den daarover gestelden
rentmeester of opzigten hiervan kennis geven
opdat deze in staat zy na te gaan of zij ten dien op
zigte behoorlyk aan hunne verpligtingen voldoen
De huurders verbinnen ten behoeve van de neige
naar den by hen gehuurde perceelen voor elken
wagenvracht mest die zij te weinig op het land
brengen eene boete van vyf en twintig gulden
Artikel dertien. By afsonderlyke verhuring der
perceelen hebben de huurders van het eene perceel
geen regt van uitweg over het andere maar moe
ten de huurden hunne perceelen doen uitwegen
op den openbaren weg waaraan zy grenen en
zich ten hunnen kosten dien uitweg door betaan
leggen van een dam of brug maken als zoodanige
uitweg nog niet aanwezig is.
Ook moeten zy alidaar voor gesamenlyke reke
ning hunne perceelen zoodanig van elkander af
scheiden of afsluiten dat zy van elkanden veel
geen overlast kunnen lijden, zynde noch de ver
huurder noch diens lastgeven hiervoor eenig
aansprakelijk
Artikel veertien. - De huurders mogen dese
hen gehuurde landeryen voor bouw- en weiland
aanwenden naar verkiering, maar zijn niettemin
verpligt in ieder hun jaar in elke perceel eene
oppervlakte van minstens vier bunders in wel
of met klaver bewassen te hebben en daarop het
noodige vee te doen groven
Inde perceelen mag geen mosteid- ofzomer
koolraad worden verbouwe. Van ieder derzelve
mag in ieder huurjaar maar eene oppervlakte
van twee bunders met beet-knol- en andere wor
telgewassen worden beteelen
In het eerste en laatste kningaan mag geen
vlas in de perceelen worden verbouwd en in de voe
rige huurjaren mag van elk perceel niet meer
dan eene oppervlukte van vijf bunden voor de
verbouwing van dit gewas gebezigd worden
Artikel vyftien. In het laatste hun jaars ten tyde
waarop de verhuurde bouwlanden door de neige
„ur der perceelen of een nieuwen huurder kunnen
worden aanvouw is de huurder van het eerste per
ceel verpligt om van dien eigenaar of aan dien
nieuwen huurder zooveel mogelyk in zijne gehuur
de woning eene plaats aantewijzen ter stallin
hunner paarden en ter berging hunner bouwg
reedschappen, en hun den vryen toegang tot die
plaats en het land te geven.
overigens heeft de eigenaar van de verhuurde
perceelen het regt om gedurende den huurtje wan
neer hij dit zal verkiezen de verhuurde perceelen
te bezoeken of door iemand daartoe door hem a
gevaardige te doen bezoeken, ten einde te kunnen
nagaan of de huurders in alle opzigten aan hun
ne verpligtingen behoorlyk voldoen.
Artikel zestien. Het regt tot uitoefening der
jagt op de perceelen gaat met de verhuring der
zelve niet op de huurden over - Ditregt blyft
aan den eigenaar van de perceelen behooren en
mag deze dus geduurende den huurtge in den dade
voor niet verbonden tijd op de perceelen zagen of
ook door anderen die van hem daartoe het verlo„
bekomen hebben doen jagen, even alsofde percee
len bij hem in eigen gebruik waren
Artikel zeventien. - De humders zyn verpligt
om hun gehuurde op de voor het eindigen der
huur bepaalde tyd stippen, zonder vermin te
ontruimen en te verlaten en mogen - al waren z
na die tijd stippen nog in het bent van hun gehuur
de gebleven aan den verhuurder of den eigenaar
van de perceelen geene continuatie of voortduim
van huur tegenwerpen
Artikel achttien. De huurden zyn verpligt om
dadelyk na den afloop der verhuring alhier ter
plaatse aan den notaris over de verhuring staande
te voldoen een een vierde ten honderd van hunnen
huurpigs over den geheelen huurtyn van tien jaren
tot bestigding van het honorarium van den notaris
wegens de verhuring en tot goedmaking der kos
ten van de billetten en advertentien dezegels van
de minuut van het proces-verbaal van verhuis
van de daarvan aan den verhuurder ende hun
den aftegeven eerste grosse afschriften af uittien
sels, de registratie regten, het verlloon en andere
kosten op de verhuring vallende uitgezonderd
die wegens door de huurders te stellen borgtogt
verschuldigd voor welke kosten, indien en bod
stelling van hen gevorderd wordt, zij bovendien
tegelykertje nog een zesde ten honderd van hun
nen huurprys over den geheelen huurtge moeten
voldoen.
Artikel negentien. - De huurpenningen over
ieder hun jaar verschuldigd moeten in elke
huurjaar worden betaalen op den vier en twin
tigsten December alzoo die over het eerste hun
jaar verschuldigd op den vier en twintigsten De
cember Achttien honderd achten zestig die over
het tweede huurjaar verschuldigd op den vier
en twintigsten December achttien honderd negen
en zestig en zoo vervolgens zoodat de huurprys
over het laatste hun jaar te voldoen zal moete
worden gekweten op den vier en twintigsten De
cember Achttien honderd zeven en zeventig
Die betaling moet geschieden aan en ten woonhuis
ze van den verhuurden den heer Bouhuijs te Heem
stede of aan en ten woonhuise van den genedie
na hem met het oprigt over de verhuurde percee

Bronvermelding

Noord-Hollands Archief, archieftoegang 186.8, Notariële akten van notarissen in de gemeente Haarlemmermeer, kantoor I (Nieuw Notarieel Archief Haarlemmermeer), inventarisnummer 15, Johannes Leonardus van der Moer, Minuutakten, 1861-1886, 1868 akte 447-533



Ga naar de volgende pagina (12)  Ga naar de vorige pagina (10) Nieuwe zoekopdracht

U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie (AI)

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/