archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 4271, pagina 54
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Casper Scholtz en den tweede Geweldiger Carl fred=k Kerkman, volgens aanwijsing van Jan van de Caab, Leijflijgen van den Boekhouder mons„r Elotf Abraham Bergh vervoegt te hebben, op de overseijde van 't Kuijlse rivier, in ze soogen=de blaauwe of stellenbosche duijnen, omtrent een quar„ rier uur van het, de plaats Saxenburg verbij loopende stellenbosche pad, alwaar voorn: Jan ons aantoonde, de plaats waar de wagen van den hout karweijer Casper Herman Greebe /bij wien deselve tot dus in hutur is geweest:/ soude hebben gestaan, alsmeede een voor andere her„ voor ragende duijnen heuvel, waar op deselve op het weijderd vee te passen, sou„ de geseeten en gesien hebben, dat voorn: greebe sijnen slaven jongen, in naame Januarij van Bengalen, aan den wa„ gen gebonden sijnde, geslagen hadde, voortz nog 20: a 30 treeden opwaards, op daar de alderaan zijnde hoogte, een partheij afge„ kapte en op en ander geworpene bosjes leggende, toonde en segde meerm: Jan, daar moet de jongen begraven leggen: Middelerwijl een door ons eenige hon„ dert treeden voor af gevondene en aan het hout roegen synde slaven Jongen gen=t Casar van Boegies, den Burger Casper Holtman toebehoorend, ons met graaf„ en pik quam te volgen en te kennen te geeven, dat hij en sijn makker in naame Passeer meede van Boegies en deselve lijffheer Casper Holtman toebehoorend, op dingsdag Jongstl: uijt deese geegend een gekerm en geschreij hadden vernoomen; Weshalven voorn Casar afgesonden wierd, om desselfs makker Passeer op te zoeken, en meerm: Jan aan 't' werk gesteld, de selfs aange„ weesen plaats op te graven, waar de„ selve drie a vier voelen diep gegraven hebbende, een partheij plunjes vond, die door den weeder te rug gekoomenen Casar (: die sijnen makker niet hadde kunnen vinden:/ voor de kleederen van voorsz: Januarij wieren herkent, beijde Jan en Casas weeder aan 't op delven gegaan, en na gissing een en halven voet dieper gekoomen zijnde, vond Jan het doode lighaam, het welke, hoewel onkenbaar van weesen, dog door beijde voor 't lijk van den slaven Jongen Ja„ nuarij van Bengalen herkent wierd, den, bovengen: Ondermr. Scholtz bij visi¬ tatie van het lijk ^ geene wonde vinden de, bevond egter, dat van 't agterhoofd genaant tot
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 4271, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop en Mauritius aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam. Gedeeltelijk met inhoudsopgaven, 1772 - 1773 [1773]. Vierde deel
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.