archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 4247, pagina 409
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
mitsgads daar door gesogt heeft, denselven tot hun Complot aan te moedigen, en 't geen ook nog verder uijt de bijl: N„o 34 komt te blijken ten aansien, hij derde, dan wel den vierde gev=n den vijf en twintigste gedefineerden sijnde den soldaat George Brihan, wanneer denselven om voor het volk te kooken, de gort van bo„ ven naar omlaag zoude brengen, bij de kombuijs gevraagt heeft, of hij Drikan - wilde meede doen. Behalven dat den tweede get=n ook ad Artc: W1 in de bijl: onder N„o 4. segt, dat deesen derde gev=n, met den vijfde gev=n een mattroos Claude le Brune eenige vreden wisseling zoude ge= houden hebben en 't geen insgelijx afte leijden is, uijt des derde ged„e Confessie ad artC: 5: mitsg„ sub N„o 28 ad artC: 4, 6en ten aansien den derde gev=n aldaar segt, dat hij aan deesen vijfde gev=n le Brune kennis heeft gehad, Invoegen deese kennis ook wel tot het voorneemen, omme te revolteeren, zig zal uijtgestrekt hebben, Betreffende voorts den vierde gev=n Louis Kenard, soo Confesseer N„o 4. denselven, in de bijl: sub L„a E:, en onder N„o 13. ad ArtC: 7 segg: dat den tweede gev=en hem tot de Conspiratie aangesogt, ook met hem blijkens artC: 16 en 30 tweemaalen om laag over de re„ volte gesprooken, en hem uijtwijsens artc: 14 en 23: den toeleg derselven ontdekt had; dog dat hij vierde gev=n naar inhoud van 't 7en 10 artl: aan den tweede gev=n op desselfs aansoek g'ant„ woord had, geen deel daarin te neemen. — Maar! dewijl hier vooren reets beweesen is, dat hij vierde gev=n met den derde gev=n verscheijdene maalen over de Conspiratie gesprooken heeft, vid: bij L: N„o 12 ad artC: 11, en 't geen hij vierde gev=n bij 't 25 en 27:e Artl: ook niet loogenen kan; behal„ ven dat ook uijt 't product N„o 3 artC: 38 Consteert, dat deesen vierden gev=n op de bak heeft zullen Commandeeren, en 't geen, soo wel als den ver„ deren toeleg, den vierde gev=n wel omstandiglijk„ lijk van den tweede gev=n zal gehoort hebben, zou„ der eens aantehaalen, dat hij vierde gev=n ook &„o geschreeven en aan den 3: glt: briefje, ten dien eijnde door 20 toe Art ehand gestelt, te hebben. gesien, als meede, dat hij vierde gev=n de van den tweede gev=n ontfangene boodschap aan den derde gev=e, omme 't gem: briefje te scheuren, wel besorgt heeft, soo is geensints te twijffe„ „len, of deesen vierde gev=n is meede een der hoofd participanten in de gesmeede Revolte geweest, en heeft gelijk hij vierde gev=n ad artc: 36 selfs bekennen moet, in de Conspira„ tie aandeel genoomen, dus overgaande tot N„o 5. den vijfde gev=n in deesen Claude le Brun„ soo blijkt meede uijt de bijl: N„o 3 ad ArtC: 15 en N„ 4ad artc: 11 dat denselven door den twee de gev=n ook tot de Conspiratie aangesogt sijnde uijt sijne Confessie in de bijl: sub L en N„o 12 artc: 4 en 5, mitsgad„s ibid bij 't recol„ lement, alsmeede onder N„o 28ad artC6, 7en 18, of schoon hij vijfde gev=n overal de onweten„ de speelt, genoegsaam en klaarlijk te ken, dat hij vyfde gev=n met de Conspira„ten ken„ „nis gehad heeft, en met den tweede gev=e in eene t' samenspraak geweest is, waar in na alle apparentie het voorwerp van hun discours, de voorgenoomene revolle, en hoedanig zij daardoor hun fortuijn maa„ ken konden, zal geweest sijn, tog 't welk dee„ „sen door trapten Cielt declineert, door 't zeg„ gen: dat sulx alleen daarin bestaan had, dat den tweede gev=n hem iets te zeggen had, 't welk hem aangenaam zoude sijn.— Buijten en behalven dat den tweede gev=n ook in N„o 4 artC: 11. wel uijtdrukkelijk segt, dat hij den vijfde gev=n een dag of twee daaraan gesprooken en gevraagt hebbende, of hij vijff gevn zijne kameraaden had aangesprooken. daarop Ja g'antwoord, en daarneevens te kennen gegeeven had, dat zijn kameraad den derde gev=n Somier was. — Jnvoegen daardoor wel kan veronderstelt werden, dat hij vijfde gev=n, schoon hij hee sulx negeert, en ad artc: 38 zegt, in de uijt„ voering der revolte en voorgenoomene massuire geen hand te hebben willen leenen, tog wel eenig meede aandeel aan de Conspi„ gesien ratie den tweede gev
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 4247, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Kaap de Goede Hoop en Mauritius aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam. Gedeeltelijk met inhoudsopgaven, 1766 - 1767 [1767]. Derde deel
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/