Transkripte durchsuchen » National Archives / Archiv South Holland
Archivzugang 1.04.02, Inventarnummer 1663, Blatt 291



Verwenden von Textkoordinaten

Transkription

11
Van Palembangh de dato 18e meij 1702.
Van Palembangh onder dato 18„e maij 1702
goede gestalte der gemeene
lands saken.
missive vande macharam
alhier g'arriveert.
dog welkers contenus van
geen belang is.
het voorval van pangerang
is alhier met denselven —
g'adjust. t
heer sch sugtigheyt van
continuerende slegten
stand der jambyse regering
bedugtingen gestelt zijn, konnende niet twijffelen of VE hoog Edelh=s
sullen dit ons gedoente gunstiglijk gelieven te approberen, als hebbende
in die sake sodanig gehandelt als wij naer onse geringe kennise hebben
g'ordeelt met den dienst van d' E Comp=e op de Efficatieurte wijse te —
hebben gequadereert.
Aangaende nuw de verdere landsaken, daer van kunnen we VE hoog
Ed„s geen naamwaardige veranderingen of eenige nieuwigheden
in desen te voren brengen, als gaande het met de regering als anders
nog al op den ouden voet en sodanig als wij daer van jn onsen
onderdanigen de dato 4=en novemb„r A:o pass„o in het breede hebben
twee brefdragers met een genarreert, zijnde wel tsedert van sekeren radeen Sinderaija, twee
afgesondene briefdragers met een missive uijt name van den sousou„
„hoenang matharam door dien radeen aen pangeran batho gesz:
van Java alhier g'arriveert, en ook in geselschap van twee diergelyke
boodschappers met een brief van den laatsten aen den eersten wederom
van hier vertrocken, dog is ons na een nauwkeurig gedaen ondersoek
niet anders gebleken als dat deselve brieven over en weder eenelijk
de gewoonelijke Complimenten behelsen, jnvoegen daer van
niets verder te seggen valt gelijk mede niet van het voorgevallene
rathos vaartung op malacca malacca tusschen die regering en dien quastigen nachoda van
het bewuste vaartuijg door pangeran Ratho onder VE hoog Edelh=s
gunstige permissie en verleende pascedulle over dien weg naer.
aan hun gesonden, en sedert alhier wederom gereverteert, als
hebbende uijt de brieven door den h„r gouverneur en raad van daer
aen ons sub datis 6„en octob„r des jongst afgeweken en 25„e Januarij
deses jaars geschreven en waer van de Copijen jn desen gesloten
mede overgaen, ontwaard dat VE hoog Edelh„s het afvorderen en
doen betalen der thollen aldaer (als bellijk sijnde) volkomen hebben
g'approbeert, dog moeten hier eenelijk nog bij voegen dat gemelte
pangeran jnden beginne daer over wel wat ongemarkelyk geweest
sig laaten ontvallen heeft, dat daer over selfs aen VE hoog Edelh=s
syn beklag wilde doen, maer egter na der hand en wanneer wy hem
de regtmatigheijt van het gedoente der malaxse regering daer
omtrent met genoeg fondamentele en niet min ernstlyke redenen
quamen te verthonen, heeft hij de redelijkheijt evenwel in so —
verre plaats gegeven dat hij sig daer in te vreden gestelt of ten
minsten sodanig sig verthoond heeft, sonder dat wij egter nodig
g'agt hebben daer van heel veel beweginge temaken, of ons te
bekommeren hoedanig die verthoning van wel te vreden heijt
by hem jnderdaat gemeent is, als onder correctie het beter vordelende
hij aldaer naer regtmatigheijt gehandelt zij, als dat sijn hoogheijt
(dien weg dus gemarkelijk en plausibel vindende) daer door soude
aengespoort werden tot VE hoog Ed„s jn het toekomende met een
tweede versoek van die nature wederom te vermoeijelijken,
wesende het anders hier en alomme dit rijck alles gelijk gesegt—
in een goeden en vredigen toestand, te wenschen sijnde dat wij
dat van die desolate regering tot jambij mede konnen seggen
alwaer die twee onrustige gebroeders nog als voren tegens den
anderen leggen te quarelleren, buijten dat ook dien heersch —
„sugtigen pringabaija het mom= aensigt hoe langs hoe meer
begint van sig te leggen zynde niet langer met syne gebedelde en
g'usurpeerde tituls van sulthan en regent over de jambijse boven„
„landen vergenoegt, maer schrijft sig selven thans sulthan over pangerang pringabaija.
het geheele Coninkrijk van jambij synen broeder niet anders als
eer absoluten onder daan taxerende, onder pratext dat gem=ten sijnen
broeder, het rijk aen hem met bewilliging en eenparige toekemming
van alle de rijks groten souden opgedragen, en sig selven onder
sijn gehoorsaamheijt gestelt hebben, gelyk VE hoog Edelh=s het
een en ander uijt een sekere, bij hem pringabaija op een seer
en
arrogante

GLOBALISE

Quelle Zitat

National Archives / Archiv South Holland, Archivnummer 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), Inventar nummer 1663, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, 1703. RRRRR. Dertiende boek: Batavia's ingekomen brievenboek, deel II: Makassar, Timor, Palembang, Japan, Malakka



Zur nächsten Seite (292)  Zur vorherigen Seite gehen (290) Neue Suche

Sie sind noch nicht angemeldet.

Anmelden
Noch kein Abonnent? Abonnements ansehen

Scan + Transkription


Klicken Sie auf das Bild, um es zu vergrößern und die Transkription daneben anzuzeigen

Künstliche Intelligenz (KI)

Die Transkription erfolgte computergestützt mittels automatischer Handschrifterkennung.
Die Zusammenfassung wird vom Computer auf Basis eines Sprachmodells erstellt.
Beide Aufgaben der künstlichen Intelligenz sind nicht perfekt, aber oft mehr als ausreichend, damit das historische Dokument verständlich wird.

Finden Sie Ihre Vorfahren und veröffentlichen Sie Ihren Stammbaum auf Genealogie Online über https://www.genealogieonline.nl/de/