archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 1663, pagina 106
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
200 201 Van Macassar onder dato 4=en Julij 1702 Van Macassar onder dato 4=en Iulij 1702. 3000 realen spaens voor de oncosten by haerl. in de optogt tegens de banjaresen gedaen, ende Con: daer en tegens vier siner overwonne negorijen 3000 realen spaens aen de Engelse ook bereets door den Conink van banjar al voldaen. dese periode is bereets by het - . . articul genoeg saem gededuceert. willen bespringen, t geene sy in de neus krygende hadden sij Engelsen in de voorbaet geweest, met sij gelijk hier voren reets op het. . . articul gesegt is, 5 negorien &=ra van haer overweldigt hebben, sijnde de Engelse in desen optogt niet meer dan 10. en de tegens haer op te trecken, en schielijk te overvallen, wanneer met de wapenen soude overwonnen sijn de twee kemphanen syn in waerheijt per den Maleijer Inttche lanting door de broeder van bambang genaemt Carre tacko aen Radja — bonij gesonden. sy eenlyk van de Conink van banjar bedongen, — wederom gerestitueert behoudende sij Engelse eenlyk de negorij banjar massing, om tot haer rendevons plaets, en soo voorts te dienen, aengehouden, sijnde de wat men aldaer van de macassaerse Coningen spreekt, en of er ook niet met eenige der — selve Correspondentie gehouden wert soo jae met wie, en door wat voor middelen. &=ra.— de banjaresen hadden eerst, en sonder reden, de Engelse of het ook in waerheijt soo is gelijk men hier divulgeert dat banjar door de Engelsen ingevalle van Iae, hoedanig die questie van syn begin, en eijnde genomen heeft of 't ook waer is dat een en Carre tacko soon, of broeder van bambang eenige kemphanen aen aron Lony gesonden heeft, met het vaertuijgh van Intje Lantingh. — Tot ampliatie van het gesegde op articul 32. soo dient dat mij onder het Examineren van het daer in gevraegde by topatawan, meergem„t al discurerende te voren quam, dat de twee monster vaetjes buscruijt voorleden Iaer den Coning van goa ende sijn Ryxbestierder Crain bontosongo van banjar toegebragt door den bekenden bambang onder een geleijde briefje uijt de naem vanden Engelsen Cap=n Moor waren overgesonden, waer door hy ook gesegde heer generaels ongenade op syn hals soude gehaelt hebben wanneer dit syn gedoente naderhant aenden dag quam, ik doen al gehoort hebbende dat 'er een weder geschenk van Macassar naer banjar aen den Cap=n Moor onder de bewaring van eenen Carre mangeliki met een baadjos of vissers vaertuijg was afgegaen, ondertaste den voorn: tapatawan bedecktelyk water van dit vaertuijg was, zeggende hoe ik wel wist, dat 'er een diergelyke prauw door de macassaren of er waerlyk Jongst een gesant van Radja Hier na gevraegt hebbende hebben wij topatawan bonij tot banjar met een brief aen het en bambang weten te berigten, dat 'er noijt Engels opperhooft geweest is; behelsende brieven of gesanten van Radja bony aen het veele Complimenten en of juijst op de Engels opperhooft gekomen sijn van vrunden komste van desen briev daer ook een andere tot batavia waer bij den Cap=n moor van batavia soude gebragt zijn, waer bij sodanige vermaningen gedaen syn, als by een aensienelyk heer het Engels opperhooft 't - . artijcul hier voren is ter neder gesteld. aenrade liever van daer op te breken, alsoo Radja bonij met een dodelyke haet tegens haer was ingenomen, over dat sy sijne en andere Colibische volkeren aenhielden, ende ten laetsten of het Engelse opperhooft hier op niet gesegt heeft hoe sal ik dit verstaen de bataviase vrunden seggen mij dat ik soo qualyk by Radja bonij stae, en sie daer des Coninx brief vol strelende en vleijende Complimenten sijn portie niet mede in heeft, dan of de Engelsen pretenderen heeren, en m=rs van dat land te zyn, dit laets te waer sijnde, of de banjaresen het haer wettigh- by geschrift hebben afgestaen, en hun onder dese bescherminge stellen. 29. 30. baugijse maer veertig Coppen sterk geweest. 31 31 30. 29 32 32
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 1663, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, 1703. RRRRR. Dertiende boek: Batavia's ingekomen brievenboek, deel II: Makassar, Timor, Palembang, Japan, Malakka
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.