Blader door transcripties » Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland
archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 1663, pagina 73



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

134
135
Van Macassar onder Dato 4=en Iulij A:o 1702:
Van Macassar onder dato 4=en Iulij Ao 1702
Ia: en neen te gelyk, Ia: te weten soo ik de Lieden die derwaerts
wilden steken, zoo wel kende als myn vader Cram bontosongo
of dat hij voor een stuk of twee die men hier toe genegen was Consent
te geven wilde borg staen, dat sy daer zulke rodomontados niet
maken, ende de menschen met roven en stropen geen overlast aen doen
soude, ende ter Contrarie wederom neen, om dat ik in regtvaerdige
bedugting leefde, dat men all op de oude voet zouw voortvaren, —
maer dat wij 't egter met een â twee nachodas van Crain
bontosongoe of vanden Coning op goed Hasart nog wel eens
souden proberen, hoewel hun sulx niet konden aenraden om dat andere
het sij bongissen maleijers, etc:) daermede ten handel komende en
Hostiliteyten plegende de maccassaren de naem souden hebben
om dat haer naem op die Eylanden best bekent, en meest gevreest
is, daer dan op batavia wonderlijke gedagten tot hun nadeel van
gemaekt konnen werden, ja seijde den ouden man, dit gelove
ik waer te zyn, en wy zullen ons eerst nog eens bedenken,
en dan des noods ons versoek voor een vaertuijg of twee doen. —
Den gouverneur Crain bontosongoe wel gehumeurt siende konde
met naerlaten boertens wyse op te halen, dat haer Ho: Ed=ns
uijt den brief door haer a„o pass=o na batavia gesz: onmogelyke
souden hebben konnen verstaen, wat sij met het vrijkopen van
hun bloed &=ra wilden te kennen geven, ingevalle wij bij onse
missive haer wel Ed=ns met hadde opgegeven, dat hier de vrouwen
kinderen, en andere bemaegtschapten van Cram Ieremika bij
gemeent wierden, ende zoo voorts, komende het dierhalven gelyk
hier uijt blijkt heef wel dat men ons naer het oude gebruyk bevorens
visie geeft van het geen er staet geschreven te werden, wat ons
aengaet wy begrepen des Conings meijnig heef wel en het wierd
en klaer genoeg in goed maleyts gesegt, sulx wij redenen hebben,
om te twijffelen, of den translateur op batavia over dese post
niet wat te Los is heen gelopen, want anders souw de Intentie
nog naekter by den tweeden opstedin het maccassaers geschreven
gebleken zyn, maer ik bid n Vader vervolgde den gouverneur
sijn zeggen staet my niet te voren, onder het opheten vanden brief
gehoord te hebben, dat dese zaek aen ons gerenvoyjeerd wiert om VE:
in alle billijkheijt te regt te helpen, ja was het antwoord eer den
gouverneur nog ter degen uijt gesproken had, soo schrijven haer Ho:
Ed=ns en ik weet wel wat VE: hier mede zeggen wil, dog het is
mijn schult niet, men wilde doenmaels op VE aenbieding geen
agt en mijne raed geen gehoor geven, segt er vry van wat gij
wili, maer betrekt er mij als onschuldig niet in, nu daer is weijnig
aengelegen, vervolgde den gouverneur sijne redenen, men zal
hope ik iit aenstaende wat voorsigtiger zijn, en sig met dier„
„gelyke kleijne versoekjens eerst addresseren daer het behoort, en
vinden wi ons dan niet gequalificeert om de supplianten te helpen,
soo is het altijd tijd, om sig aen haer Ho: Ed=ns die de gouverneurs
in beuselingen niet bepalen te addresseren alles is wel repliceerde
Craini bontosongoe als VE: nu met syn Cordate aenbiedingh
van bemiddeling; maer soo vaerdig was, als voorleden Iaer
daer moet men seijde den gouverneur den proef eerst eens van
nemer, ik ben in't geheel niet haefdragende, als men sijne
misslagen maer wil bekennen, daer dit praetje al laggende
mede uijt was.—
Dingsdag 2=en Maij Ao 1702.
De Coninginne wed„e Dain Cahalille nu all dry dagen ziekelyk
gelegen hebbende, zond den gouv=r in den voormiddag syn Clercq
den boekhouder Sandbeek ten huijse van haer Hoogheijt
besyden de redhout mandasaha, om te vernemen hoedanig het met
haer Hoogheijts gesontheijt stond, en om ook met eenen wanneer
er occasie was Radja G,oa (die sedert gisteren middagh
met
met

GLOBALISE

Bronvermelding

Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 1663, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, 1703. RRRRR. Dertiende boek: Batavia's ingekomen brievenboek, deel II: Makassar, Timor, Palembang, Japan, Malakka



Ga naar de volgende pagina (74)  Ga naar de vorige pagina (72) Nieuwe zoekopdracht

U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie (AI)

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/