archieftoegang 1.04.02, inventarisnummer 1663, pagina 49
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
85 Van Macassar onder dato 4=en Julij 1702. Van Macassar onder Dato 4=en Julij Ao 1702: rugtbaer tot Complacering van syn schoon zoon die doenmaets nog ongeciviliseert, ende om soo te spreken een botterik in de regering was, uijt sekere noodsakelykheyt sig aldus heeft uijtgelaten, voor ons wij twijffelen 'er hartelijk aen, en willen liever uijt de mond van Radja loeboes selfs sprekende die door den gouverneur over dit poinct nu breede gehoord is, geloven dat hy datoea Riloubou als een leermr en navolger van het bonijse hof Conform de belofte die hy met aroe Tanetta matoea, en aron tanetta Matolo mitsgaders veele andere Ryxgrooten aenden ouden radja Palacca gedaen, ende thien dagen voor desselfs dood nog gerenopeert heeft, sijn schoon zoon met dese eers te vrage heeft willen jnstrueren wat hy voor de beswering van het bonayse Contrakt, tot verseke„ „ring van het bonijse Rijk naer de Constitutie der tijden, behoorde voor te dragen wy zeggen, naer de Constitutie der tijden om dat den gem: datoe Riloeboe den gouverneur onder een hoge en duure betuyging verklaert heeft, dat hy zulx gemoets halve soo ten dienste van het algemene bontgenootschap als het welwesen van d' E: Comp: by die gelegentheyt d' Ed„e heer van thije zal „ oordeelde te moeten voordragen, dewyle hy klaer blykelyk inveele gevallen hadde gesien, dat de macassaren met hare pluijm strijkingen en assurante kaken, in onregtvaerdige saken, die syj een schone glimp wisten te geven, veeltijts de hand wierd boven 't hooft gehouden, ofte dat d„ proceduren dan op sijn minste wanneer de maccassaren het hegt inde hand— hadden, wierden slepende gehouden, sulx er onder de Rijx raden, die van de regtmatigheyt der pretentie kennisse droegen al gedoleerd en opentlyk betuijgt was, dat sy bedugting hadden of de mindere bontgenoten en een menigte Coninx kinderen door dese ont„ „moetingen ende de Lugt die er in zommige haer boesems nog voor de maccassaren legt op gesloten, niet souden beginnen te mompelen, dat d' E. Comp: het met de zuijder zon (te weten met de maccassaren) hield, ende dat het dierhalven om de noord Wat de tweede stelling aengaet namentlijk dat bij aldien den Coning van bonij niet voor het hooft der samentlijke bontgenoten aengesteld en Erkent wierd dat dan de vreede en Eenigheijt onder de bontgenoten niet bestaen kon, ende dat zulx door datona Riloubou bij syn eerste seggen met een statig wesen was gevoegt, en driftig voortgeket dierwegens sullen wij de woorden by den briev de dato 6=en october 1698 besz: staen, in hunne woorden latende hier maer blotelijk aenhalen wat Radja Libon 'er tegens den gouv„r van gesegt heeft het welk wel op het vorige uijt quam edog met dese kleene verandering dat hy wegens de vreede en Eendragt twijffelagtig en met absolut hadde gesproken, voorgevende syne woorden die misschien qualykt vertolkt wierden, aldus geweest te zijn, bij aldien den Coning van bonij niet voor het hooft der algemene bontgenoten erkent wierd dat hij als dan in twijffel trok en bevreest bleef of het onder de mindere bontgenoten wel vreedsaem soude toegaen; beleydende wijders sonder dat hij 'er evenwel geheugen van droeg hoe het wel konde zyn, dat hy te dier tijd een weynig g'animeert syne woorden en stellingen drijftig hadde voort gebragt, seggende van dit laetste, het welk hij moest geloven waer te wesen de oorsaek te zyn, om dat hy door eenige ontmoetingen al een wil hadde getwijffelt of hij niet suspect gehouden wiert van Radja bam tot onbillycke proceduren tegens de maccassaren te hebben aengeset, daer het tegendeel (treckende by syn baert) bereijt was, met Eede te sterken ja hij sustineerde met aron banette Matoea de eenigste geweest te zijn, die aron Lonn met een soer lijntje op het regte padt gebragt bitter kond stond te werden, in welken alle hy Radja Loubou verklaerde veel werp gehad te hebben, om het gistend' huimeur van Radja bon die nu al regeerde, wanneer hem sulx voor= en ter-oren quam, ter neder te zetten. bitter inde
Bronvermelding
Nationaal Archief / Rijksarchief Zuid-Holland, archieftoegang 1.04.02, Inventaris van het archief van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), 1602-1795 (1811), inventarisnummer 1663, Heren Zeventien en kamer Amsterdam, INGEKOMEN STUKKEN UIT INDIË, Overgekomen brieven en papieren, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, Overgekomen brieven en papieren uit Indië aan de Heren XVII en de kamer Amsterdam, 1703. RRRRR. Dertiende boek: Batavia's ingekomen brievenboek, deel II: Makassar, Timor, Palembang, Japan, Malakka
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.