Blader door transcripties » Stadsarchief Amsterdam
archieftoegang 499, inventarisnummer 266, pagina 12



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

haard kon vallen . Deze oplossing komt bij diepe panden meer voor .
De gang liep door over de binnenplaats tot aan de O.Z . Achterburgwal .
Op de kaart van Balthazar Florisz . zien wij daar dan ook een poortje ge-
tekend , ( afb . 1 .) Het komplex was dus van de twee Burgwallen af bereik-
baar . De gang zelf had twee niveaux , één op het peil van de parterre van
de Voorburgwal en één op sousterrain hoogte . Deze laatste gang was
overwelfd en is weergegeven op de foto in het september-oktobernummer .
Het sousterrain van het hoofdhuis was geheel overwelfd . De kolommen
en gewelven volgden de sprong in het huis . Hiertoe was de derde kolom
breder gemaakt ( fig . 3 ). De gewelven zijn nu vervangen door een balklaag ,
doch de zandsteen kolommen zijn nog aanwezig . Via de souterraingang
kon met vanuit de kelder van het hoofdhuis de overwelfde kelder bereiken
onder de zomerkeuken en het sousterrain van O.Z . Achterburgwal 102 .
Via de parterregang werden het hoofdhuis , de zomerkeuken , het binnen-
erf en de parterre van O.Z . Achterburgwal 102 met elkaar verbonden .
Of ook de begane grond van nr . 104 via een paar treden met de gang ver-
bonden was , is niet meer na te gaan .
In het pand O.Z . Achterburgwal 104 zijn twee pilaren gevonden waar
wij geen raad mee wisten . Bij det tekenen van het gehele komplex wordt de
situatie echter wel duidelijker . Het achtererf ( of de binnenplaats ) werd
begrensd door een galerij die op dezelfde hoogte lag . Dit was de reden dat
O.Z . Achterburgwal 104 geen sousterrain heeft . Er is geen zekerheid hoe
diep de galerij is geweest . De galerij doet sterk denken aan de vele voor-
beelden op de architectuurprenten van Vredeman de Vries ( 1526 - ca . 1606 ).
In de Vlaamse steden zoals Brugge en Antwerpen komen bij de grote woon-
huiskomplexen deze galerijen veel voor . Vergelijken wij de bestaande
voorbeelden daar met deze situatie , dan waren er twee mogelijkheden .
De eerste mogelijkheid is dat de galerij de volle diepte besloeg van het
pand nr . 104 en diende als een ruime entree , met aan de straatzijde een
toegangspoort in het midden met daarnaast twee kleine vertrekjes of één
vertrekje en een trap naar boven . Op de kaart van Balthazar Florisz . is
duidelijk een deur waar te nemen in een blinde ondergevel . Het is ook
mogelijk dat deze deur toegang gaf tot één vertrek en dat de galerij slechts
een beperkte diepte had van b.v . 4 voet of 1,20 m . Op de overzichtsteke-
ning is ervan uitgegaan dat de gang ter plaatse van het binnenerf aan deze
zijde ramen had . De grootte en het aantal van de huidige ramen is als
basis opgenomen voor de rekonstruktie . Het is niet onmogelijk dat de
muurdammen oorspronkelijk een pilasterstelling hebben gehad , b.v . van
tapstoelopende pilasters . De rijkdom van de gevel sluit deze extra deco-
ratie niet uit . Het is ook mogelijk dat de gang aan de binnenplaats kant
open is geweest , waarbij het dakje dan gedragen werd door zuiltjes , ver-
bonden door een balustrade . Dit zou geheel naar de voorbeelden van
Vredeman de Vries zijn geweest . De vermaardheid die het pand had zal
zeker niet alleen de eigenaar en de gevel betroffen hebben . Het totale kom-
plex met zijn verrassende aspekten op het binnenerf zal zeker tot de ver-
beelding gesproken hebben .
Een bijzonderheid bij dit komplex is dat de zomerkeuken gelokaliseerd
Fig . 4 Detail kaart Baltbasar Florisz 1625 .
is . Bij veel panden is sprake van zo'n zomerkeuken doch de plaats op het
achtererf was nooit te bepalen . De kelder met kruisribgewelven geeft wel
aan dat het een belangrijk onderdeel van het komplex was . Na de dood van
de weduwe van Jan van Wely in 1652 zal het komplex reeds gesplitst zijn .
Bij de verkoop in 1664 volgt de definitieve splitsing . In het september-
oktobernummer geeft mej . dr . I . H . van Eeghen op blz . 124 een verkoop-
voorwaarde weer die moeilijk te begrijpen was . Hieruit blijkt dat Jan van
Wely Jr . zelf op O.Z . Achterburgwal 104 woonde . Na de dood van zijn
moeder kan het hoofdhuis reeds verhuurd zijn geweest . Als afscheiding
tussen de beide panden had Jan van Wely een scheidingsmuur opgetrokken
op 2,75 m achter nr . 104 . De voorwaarde gaat over deze scheidingsmuur .
De koper van het hoofdhuis Pieter Poulle mocht deze muur ( of het nu
een gemeenschappelijke of eventueel twee muren achter elkaar waren )
optrekken als achtergevel van een achterhuis . Ook Jan van Wely mocht
deze muur gebruiken om zijn huis tot deze maat uit te breiden . Dit laatste
is in ieder geval gebeurd . Deze situatie bestaat nog steeds . Het is voorlopig
nog niet na te gaan of er ooit een achterhuis achter het huis Smyrna is
gebouwd .
De verkoopakte van 1664 geeft nog enkele bijzonderheden die de moeite
van het vermelden waard zijn . De eigenaar van het pand O.Z . Voorburgwal
125 mocht zijn pand vertimmeren ( verhogen ) mits hij rekening hield mat
de ankers en de sprongen van de lijsten in de gevel van nr . 127 . Er was
10
11

Bronvermelding

Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 266, AANVULLING 2006, Maandbladen, jaargangen 1 - 87, 67-69, 1980-1982



Ga naar de volgende pagina (13)  Ga naar de vorige pagina (11) Nieuwe zoekopdracht

U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie (AI)

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/