archieftoegang 499, inventarisnummer 227, pagina 44
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
BUITENVERBLIJVEN VAN AMSTERDAMMERS VOOR 1625 DOOR IR . R . MEISCHKE GRONDBEZIT EN BUITENPLAATS De verwerving van grondbezit van stedelingen buiten de stad geschiedde op twee manieren . In de eerste plaats trokken bewoners van het land naar de stad en hiel- den daarbij hun grondbezit in eigendom . In de tweede plaats kochten stedelingen zodra zij tot enige welvaart waren gekomen grond en rechten buiten de stad . Reeds in de veertiende eeuw verhuisde de landadel naar de steden en bouwde daar grote huizen . Hun kastelen behielden zij , maar het waren niet meer de woon- plaatsen waar zij het meest verbleven . In de vijftiende eeuw zijn de kastelen bui- tenverblijven geworden , centra voor het beheer van landerijen en aanknopings- punten van rechten en aanzien 1 . Zodra het kasteel tot buitenverblijf werd ontstond er een band tussen de steden en de kastelen , die zowel voor de ontwikkeling van de steden als van de kastelen van betekenis was . De grote adellijke woningen binnen de stadsmuren bepaalden het karakter van sommige stadswijken en tonen nog heden hoe sterk de band van een bepaalde stad was met de kastelen in de omgeving . Amsterdam is een der weinige steden waarbij deze adellijke stadswoningen geheel ontbraken . De oorzaken liggen voor de hand , er waren nauwelijks kastelen in de omgeving en het was een kleine jonge stad , zonder een zetel van grafelijk of bisschoppelijk bestuur . Het grondbezit werd de Amsterdammers slechts in geringe mate aangebracht door immigratie , doch moest worden verworven door aankoop . Nu was er in de naaste omgeving van de stad meer water dan land , zodat de terreinen die de Amsterdammers zich konden verwerven vaak ver van de stad lagen . In vele streken was het grondgebied versnipperd , zodat grotere bezittingen zelden in één aankoop konden worden verkregen . Soms waren er enkele generaties voor nodig eer een bezit van enige betekenis was verworven . Een voorbeeld van het verkrijgen van grondbezit buiten de stad tonen de ac- tiviteiten van de Amsterdamse koopman Willem Eggert . Hij zal geen uitzonde- ring zijn geweest ; andere families zullen op kleiner schaal en met minder succes 1 Jhr . H . A . van Foreest , Oosterwijk in Kennemerland , in : Berichten Rijksdienst Oudheidkundig Bodemonderzoek 1960- 1961 , p . 534 . een soortgelijk beleid hebben gevoerd . Hoe ver van de stad deze bezittingen soms lagen blijkt uit de polder Westenrijk te Putten , die door Willem Eggert was aangelegd 1 . Met de opbouw van het bezit ten noorden van het IJ had zijn vader Jan Eggert reeds in 1346 een begin gemaakt 2 . Als sluitstuk van de ver- werving van vele belangen ontving Willem Eggert in 1410 van de graaf van Hol- land de ambachtsheerlijkheden Purmerend en Purmerland in leen . Daarna bouw- de hij te Purmerend een kasteel , het eerste dat door een Amsterdams burger ge- bouwd zou worden . Het zou echter niet lang in Amsterdams bezit blijven . Dit laatste was wel het geval met de heerlijkheid Randenbroek bij Amersfoort , waar- mee Willem Eggert in 1405 door de bisschop van Utrecht beleend werd en die tenslotte vererfde op zijn afstammeling Jacob van Campen 8 . Dat er in de vijftiende eeuw meer heerlijkheden in handen van Amsterdamse families waren bewijst de verkoop van de heerlijkheid Achttienhoven in 1490 door Hendrick Willemsz aan Pieter Hendricksz 4 . Ook deze heerlijkheid is sinds- dien Amsterdams bezit gebleven 5 . Het is wel mogelijk een vage indruk te krijgen van de aard van het grondbezit buiten de stad in deze vroege jaren , over de buitenhuizen die behalve de pacht- boerderijen misschien op deze grond hebben gestaan ontbreken gegevens . Slechts een enkele maal geven de acten een aanduiding van iets dat een buiten- verblijf zou kunnen zijn . Toen in 1346 gravin Margaretha de bezittingen van het klooster Mariëngaard op Marken en in Waterland verkocht , kwam een deel daarvan in handen van Amsterdamse burgers 8 . Klaas Cop Heinezoonsz verwierf het huis met de grond die de monniken te Monnikendam bezaten '. Mogelijk diende dit voor het beheer van landbezit in de omgeving . In 1386 ontving Willem Noort Willemsz van de graaf in erfpacht : ' Veertien morgen lands mitter hofstede , daer nu ter tijt sijn huus op staet ter Oude Aemstel ' 8 . Hofstede is van oorsprong een terreinnaam en betekende : plaats van het huis , welk laatste onderdeel zelden apart genoemd werd . Later heeft hofstede de betekenis van gebouw gekregen , het kan dan zowel een boerderij als een kasteel zijn . Willem Noort die hier genoemd werd , was vermoedelijk schepen van Amster- dam 9 . Wanneer het huis dat hij hier bezat slechts een boerderij was , zou het waarschijnlijk niet zo nadrukkelijk apart genoemd zijn . 1 Jaarboek Amstelodamum LIV ( 1962 ), p . 36 . 2 Drs . P . H . J . van der Laan , Oorkondenboek van Amsterdam tot 1400 . Amsterdam 1975 , no 74./Jaar- boek Amstelodamum LI ( 1959 ), p . 12 . 8 Jaarboek Amstelodamum LIV ( 1962 ), p . 31 . 4 Johan E . Elias , De vroedschap van Amsterdam . Haarlem 1903-1905 . p . 235 . 6 Elias , o.c . p . 215 . 6 Van der Laan , o.c . no 70,71,72,74 . ' Van der Laan , o.c . no 73 . 8 Van der Laan , o.c . no 421 . 9 Van der Laan , o.c . no 594 . 82 83
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 227, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 70, 1978
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/