archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 76
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
24 juli 1957 892 Volgn. 672, 673, 674, adres (Luirink e.a.) | 56° Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 5 juli 1957, tot wijziging van het Ambtenarenreglement voor wat betreft de vakantie voor enkele categorieën van ambtenaren (Gemeenteblad afd. 1, no. 672, bladz. 1033). De voordracht wordt zonder discussie en hoofdelijke stemming goedge- keurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1035 van afd. 1 van het Gemeenteblad. 57° Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 5 juli 1957, De heer LUIRINK wil slechts een enkele opmerking maken, al heeft zij niet direct te maken met de inhoud en strekking van deze voordracht, hoewel daaruit blijkt, dat het mogelijk is voor de Gemeente, voorschotten te verstrek- ken en eerst achteraf een regeling te treffen. pn De voordracht wordt zonder hoofdelijke stemming goedgekeurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1038 van afd. 1 van het Gemeente- blad. 58° Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 5 juli 1957, in zake toekenning aan het gemeentepersoneel van een uitkering-ineens over kindertoelage en -toeslag over het vierde kwartaal van-1956 en tot wijziging van de Kindertoelageverordening (Gemeenteblad afd. 1, no. 674, bladz. 1039). De voordracht wordt zonder discussie en hoofdelijke stemming goedge- keurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1039 van afd. 1 van het Gemeenteblad. 59° Adres van 18 juni 1957, van mr. J. M. Brölmann, namens me}, E. Boom, houdende verzoek, aan laatstgenoemde het voorlopig toegewezen terrein aan de Socratesstraat in erfpacht te geven; — met het Voorstel van Burgemeester en Wethouders, om dit adres te stellen in hun handen ter afdoening. Erfpachtsuitgifte 893 Gemeenteblad afd. 2 De voordracht wordt zonder hoofdelijke stemming goedgekeurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1104 van afd. 1 van het Gemeente- blad. in zake toekenning aan het gemeentepersoneel van een salarisverhoging van °/ en een compensatietoeslag van 5,6 % voor de premie ingevolge de Algemene Is het juist, vraagt spreker, dat een aantal gemeentebedrijven niet in staat zijn om de toeslag voor de huurverhoging per 1 augustus a.s. aan het personeel uit te betalen, omdat dit administratieve moeilijkheden zou geven? Daar de huurverhoging op genoemde datum voor de meeste woningen moet worden betaald, kan dit voor de bewoners moeilijkheden opleveren. Spreker verzoekt Burgemeester en Wethouders daarom, na te gaan, of het betreffende voorschot op de toeslag tijdig bij alle bedrijven wordt uitbetaald. De heer HEREST zegt, dat dit duidelijke en overzichtelijke adres van mr. J. M. Brölmann, namens mej. E. Boom, in wezen over een wat onduidelijke zaak handelt. Volgens het adres zou op 18 maart 1954 de directeur van Pu- blieke Werken aan verzoekster een terrein aan de Socratesstraat in erfpacht hebben toegewezen, waardoor men de gelegenheid heeft gegeven om voor dit terrein ontwerpen voor de bouw van een dubbele woning te maken. Het was bekend, dat verzoekster een bepaalde afspraak had gemaakt met de heer A.J. C. Horstman, die de gelegenheid wilde hebben, op deze grond een dubbele woning te bouwen, waarvan een deel door mej. Boom zou worden bewoond of althans door een via het C.B.H. aan te wijzen gegadigde. Ouderdomswet (januari 1957) (Gemeenteblad afd. 1, no. 673, bladz. 1037). Wethouder RAM zegt, dat Burgemeester en Wethouders van de door de heer Luirink bedoelde administratieve moeilijkheden niets bekend is. Maat- regelen zijn intussen genomen, opdat de uitbetaling te juister tijd kan plaats hebben. Het onduidelijke in deze zaak is nu, dat van de zijde van Publieke Werken is aangenomen, dat mej. Boom op een bepaald ogenblik te kennen heeft gegeven, dat zij de grond niet meer in erfpacht wenste te krijgen. De heer Horstman werd toen door Burgemeester en Wethouders medegedeeld, dat hij geen gegadigde meer kon zijn voor deze grond als erfpachter; hem werd dan ook geen bouwvergunning verleend. Spreker meent goed te doen, deze zaak in vragende zin te houden. Is de inhoud van het adres juist, dan zouden Burgemeester en Wethouders onjuist hebben gehandeld. In dit adres zegt mej. Boom nl., dat van haar zijde nimmer aan Publieke Werken werd medegedeeld, dat zij geen gegadigde meer was. Spreker hoopt, dat Burgemeester en Wethouders hem hierover kunnen inlich- ten. Mocht de zaak liggen, zoals zij in het adres is gesteld, dan dient het verzoek naar sprekers mening te worden ingewilligd, omdat adressante door de gang van zaken benadeeld werd. De heer VAN RIJ zegt, in de vorige vergadering niet te hebben kunnen vragen, dit adres aan te houden, daar hij toen afwezig was, doch nu het aan- gehouden is, wil hij er toch iets over zeggen. Het komt spreker voor — de heer Herfst heeft hierop ook reeds gewezen — dat er enige trieste punten in deze zaak zitten. Hij zou het op prijs stellen, als Burgemeester en Wethouders naar het verloop van de feiten, die zich hierbij hebben voorgedaan, een nader onderzoek zouden instellen. Dit adres loopt parallel met het beroepschrift van de heer Horstman en bij de behandeling daarvan in de Commissie van voorbereiding, bedoeld in art. 22 der Bouw- verordening, kwamen enige feiten ter kennis, waarover spreker gaarne iets zou willen zeggen. Op 18 maart 1954 is mej. Boom uitgenodigd, een waarborgsom te storten voor het terrein aan de Socratesstraat. Zij heeft hieraan gevolg gegeven en op 21 april 1954 werd de waarborgsom ontvangen. Daarna schijnt er een inter- mitterende briefwisseling geweest te zijn tussen Publieke Werken en mej. Boom, waarbij de brieven van de zijde van de dienst werden gericht aan een adres, dat mej. Boom niet meer bewoonde, daar zij uit Assen was vertrokken naar Amsterdam. Op een bepaald ogenblik heeft het Grondbedrijf een bespreking gehad met de heer Horstman en ten aanzien hiervan staan de feiten evenmin vast. Door de heer Horstman werd medegedeeld, althans volgens het Grondbedrijf, dat mej. Boom geen gegadigde meer was. Men meende op deze mededeling te mogen afgaan, omdat hij voor de bebouwing van het terrein een verzoek had ingediend, en men heeft de heer Horstman toen gesuggereerd, te zoeken naar een ander, die met hem samen de bebouwing tot stand zou brengen. Daartegenover staat
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/