archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 67
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
24 juli 1957 874 Woongebouw voor alleenstaanden (Van den Bergh) Volgn. 731 875 Gemeenteblad afd. 2 wilde tot stand laten komen, meermalen „geswitched”’ werd van de Woning- wetbouw-sector naar de premiebouw-sector. Het zou denkbaar zijn, dat de Gemeente de omgekeerde weg moet gaan volgen. Dan zou men moeten trachten, daar de middelen voor de Woningwetbouw, in de enge zin van bijdragebouw, nog beschikbaar zijn, overeenstemming te bereiken over de uitvoering van een bepaald, voorbereid werk in de Woningwetbouw-sector en het plan om het in de premiebouw-sector uit te voeren moeten opgeven. Dit zal op de duur wel tot een vervaging van de differentiatie leiden en het kan natuurlijk ook met de oorspronkelijk opgestelde landelijke verdelingsschema’s van de bouw niet kloppen, maar het zou in ieder geval een vorm zijn om een bepaald, voorbereid werk, dat aanvankelijk voor de premiebouw-sector was bedoeld, toch tot uit- voering te brengen. Spreker kan niet beloven, dat het aldus zal gebeuren, maar wil het alleen als mogelijkheid stellen. Wil de activiteit in de woningbouw niet teruglopen, dan zal men het voorbereide programma zeer streng moeten volgen. Als een voorbereid werk ter zijde wordt gelegd, ontstaat onherroepelijk een lacune. Het is nauwelijks mogelijk om in de voorbereidingssector het tempo van de uitvoeringssector bij te houden. Als er dus te veel werken niet tot uit- voering zouden kunnen komen, zal men op een gegeven ogenblik over onvol- doende mogelijkheden beschikken om nieuw werk te gunnen. Met de mogelijk- heid om werken te brengen onder de Woningwetsector, omdat daar nog middelen aanwezig zijn, zullen Burgemeester en Wethouders ernstig rekening moeten houden. De voordracht wordt zonder hoofdelijke stemming goedgekeurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1051 van afd. 1 van het Gemeente- blad. 25° Voordracht van Burgemeester en Wethouders van 12 juli 1957, tot het maken van nieuwe bodemafsluitingen in het woningcomplex (L) aan de Witte de Withstraat e.0. (Gemeenteblad afd. 1, no. 731, bladz. 1097). dat doet uitkomen, voor de woningbouw, aan te vangen na de datum van de circulaire. Spreker heeft de circulaire nl. zo begrepen, dat de gunningen, die hebben plaats gehad vóór de datum der circulaire, kunnen worden gefinan- cierd zonder de woningbouwlening, voor zover men althans de middelen op een andere wijze kan krijgen. Iedere gunning evenwel, die nu plaats heeft, en ieder besluit, dat nog genomen wordt, zullen moeten worden bestreden uit de woningbouwlening. Dit betekent, dat Amsterdam met de 17 miljoen, die voor dit doel beschikbaar komt, enige maanden vooruit kan. Het betekent echter niet, dat men de gehele woningbouw in 1957 en in 1958, in welke jaren de lening ter beschikking komt, kan financieren. Men mag blijkbaar in deze zaken niet te ver vooruit denken, maar voor wat betreft de te stichten Woning- wetbouw kan men nog vooruit. Ten slotte merkt spreker op, dat de circulaire ook de mededeling bevat, dat, als men met de financiering van de woningbouw vastloopt, men overleg moet plegen met de Minister van Volkshuisvesting en Bouwnijverheid. Hieruit spreekt een zekere wens, dat de woningbouw door de enkele gedachte, dat er geen geld is, niet mag vastlopen. Op hoog niveau zijn hierover besprekingen gaande; spreker acht zich niet gerechtigd om op dit ogenblik te zeggen, welke vooruitzichten hij hierbij ziet. Gezien het feit, dat het in een grote stad als Amsterdam vrij spoedig met de woningbouw kan vastlopen, hebben Burge- meester en Wethouders deze besprekingen aanhangig gemaakt, in het besef, dat het een nauwelijks te dragen verantwoordelijkheid is, dat het peil van uit- voering en oplevering van woningbouw, dat thans is bereikt, wordt aangetast door de moeilijkheden bij de financiering. De Gemeente speelt daarbij een tweede viool, want een ander, nl. het Rijk, geeft hier de maat aan en moet de Gemeente de mogelijkheden verschaffen. De Gemeente is afhankelijk van hetgeen haar uiteindelijk van die zijde wordt geboden. | De voordracht wordt zonder discussie en hoofdelijke stemming goedge- keurd; de Raad neemt mitsdien het besluit, vermeld op bladz. 1098 van afd. 1 van het Gemeenteblad. De circulaire bepaalt ook, dat men met dit geld geen premiebouw mag betalen. Bij het gunnen van premiebouw zal men moeten aantonen, dat er een vaste lening voor is gesloten. Naar sprekers mening zal men zelfs geen goed- keuring op het raadsbesluit krijgen, als men dit niet kan aantonen. Burgemees- ter en Wethouders kunnen thans niet mededelen, dat de Gemeente de vaste lening, die bij dit project hoort, al kan:sluiten. Het plan moet nog verder uitgewerkt worden; het zal dus nog wel een half jaar duren, voordat men met de uitvoering kan starten. Dit is ook de reden, waarom Burgemeester en Wethouders deze voordracht niet hebben aangehouden. Men kan thans niet precies vooruitlopen op de situatie over een half jaar. Spreker zou stellig een fout maken, als hij iets ging temporiseren, zonder volstrekt zeker te zijn, dat men over een half jaar toch niet zou kunnen starten. Of de Gemeente in die tijd enige vaste leningen zal kunnen opnemen en deze gedeeltelijk zal kunnen bestemmen voor dit werk, kunnen Burgemeester en Wethouders thans niet mededelen. Stellig zal de woningbouw eèn enorme prioriteit moeten hebben, als de Gemeente geld zou kunnen opnemen, maar het valt niet te zeggen, voor welk werk het dan zal worden bestemd. Het betreft hier een gebouw voor alleenstaanden. Nu kan men de woningnood van deze categorie niet minder tellen dan die van gezinnen. Als men een keuze uit be- paalde projecten moet gaan maken, zal het een vraag van netto-rendement zijn, wat men het beste tot stand kan brengen. Spreker kan niet zeggen, welke keuze hij zou doen, wanneer er twee plannen gelijktijdig klaar zijn — één voor gezinswoningen en één voor woningen voor alleenstaanden — indien de Gemeente er slechts één zou kunnen financieren. De heer Elsenburg heeft geen ongelijk met zijn vraag, of men de woningnood van de verschillende categorieën niet in cijfers kan uitdrukken. Er bestaan gegevens over van het Centraal Bureau voor Huisvesting, dat de gegadigden heeft ingedeeld in cate- gorieën naar mate van de woninggrootte. Men beschikt daarnaast over een apart rapport over de woningnood van alleenstaanden, dat door de goede zorgen van een bepaalde instantie is gedrukt en verkrijgbaar gesteld. Het C.B.H. beschikt over gegevens en getallen, die betrekking hebben op de geregi- streerde aanvragen van alleenstaanden. Het is dus mogelijk, als men een keus moet maken, deze cijfers voor ogen te houden. Burgemeester en Wethouders geven de Raad de verzekering, dat van hun kant het uiterste zal worden gedaan om te proberen, de bouwactiviteit in Amsterdam, zoals deze thans is gegroeid, in stand te houden. Spreker herhaalt, dat men op dit ogenblik dus geen premiebouw kan gunnen, al betekent dit niet, dat deze bouw niet zou kunnen doorgaan. Dikwijls is het een kwestie van keuze van de financieringsregeling, op welke wijze een bepaalde bouw tot uitvoering komt. Een tijdlang was de situatie zo, dat, aange- zien het Departement ongeveer gelijkelijk premiebouw en Woningwetbouw
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/