archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 106
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
25 juli 1957 (avondzitting) 952 (Voorzitter) Nederlandse Opera Gemeenteblad afd. 2 Nederlandse Opera 953 Spreker wijst er op, dat voor het aanstaande seizoen de oorspronkelijke be- groting met f 175.000 is besnoeid en hij meent, dat het bestuur thans met beperking niet verder kan gaan. Opera te krijgen. Het bestuur van de Nederlandse Opera heeft dergelijke contacten reeds gelegd. Naar aanleiding van de opmerking, dat men op de premières zou kunnen bezuinigen, betoogt spreker, dat, als het aantal voorstellingen, die als première worden aangeduid, wordt verminderd, het peil van de Nederlandse Opera be- langrijk zou dalen. Volgens spreker is het een bekend feit, dat elke opera zich- zelf moet vernieuwen. De artistieke prestaties moeten steeds een stimulans kunnen geven om het peil van de instelling als geheel te handhaven. Spreker betoogt, dat het laten vervallen van een première geen bezuiniging van f 100.000 te weeg brengt; het gaat in deze om een bedrag van enige tienduizenden guldens en zeker niet om meer. Hij gelooft niet, dat het aantal premières op dit ogenblik te groot is; men heeft hier te maken met een net nog aanvaardbaar minimum. Burgemeester en Wethouders geloven niet, dat daarin de oplossing ligt. Als er bezuinigd kan worden, zijn zij gaarne bereid, met het bestuur na te gaan, op welke posten dit mogelijk is. Zij kennen echter de ‚‚in-en-outs”’ van het financiële beheer van de Opera volkomen. Alle posten worden sinds een reeks van jaren gecontroleerd en zij weten, welke mogelijkheden er binnen de dagelijkse leiding van de Opera bestaan. Die mogelijkheden zijn echter vrij gering! Naar aanleiding van de opmerkingen, die zijn gemaakt over de verhouding tussen de recettes en het subsidie, wenst spreker onderscheid te maken tussen de kosten van de Opera zelf en de kosten van het ballet, in die zin, dat er een ge- scheiden boekhouding is, maar dat het niet zo is, dat het ballet voor f 300.000 te boek staat. De f 300.000 vormen het bedrag, dat door de Nederlandse Opera in het geheel aan het ballet wordt besteed. Burgemeester en Wethouders menen, dat het niet de juiste weg is om bezui- niging te bereiken door zo maar een subsidie met een bepaald bedrag te ver- lagen. Liever willen Burgemeester en Wethouders met het bestuur nagaan, hoe ook in het nieuwe seizoen in het kader van de Begroting de exploitatie kan worden gevoerd. De vraag kan rijzen, of dit bedrag niet te hoog is. Spreker wijst er op, dat het tekort bij het Ballet der Lage Landen veel kleiner is, maar dat de omstandighe- den daar veel moeilijker zijn, omdat de salarissen laag zijn en de bedrijfs- voering plaats vindt op een niveau, dat ligt beneden de drempel van het mini- mum. Het tekort van het Nederlands Ballet is opgelopen tot f 340.000 en in dat opzicht kan men volgens spreker niet zeggen, dat het bedrag voor het opera- ballet hoger zou zijn, of naar verhouding te hoog zou zijn, al kan men de vraag stellen, of Amsterdam dit bedrag kan opbrengen binnen het geheel van de kunst- subsidies. Burgemeester en Wethouders zetten hierachter een vraagteken, aldus spreker. Het voorstel van de heren Van Rij en Le Cavelier lijkt Burgemeester en Wet- houders niet praktisch; het is ook volkomen willekeurig door een bedrag te schrappen en dan te zeggen: als ik dat doe, heb ik laten blijken, dat het mij ernst is met het vaststellen van de bedragen. Dit is niet de juiste weg; reeds eerder is gebleken, dat deze onbegaanbaar is. Voorts is een dergelijke handeling onrede- lijk ten opzichte van hen, die de verantwoordelijkheid dragen. Naar aanleiding van de vraag, of dit is veroorzaakt, doordat men een top- zware positie heeft gekregen, zegt spreker, dat Burgemeester en Wethouders de indruk hebben, dat geleidelijk in de Nederlandse balletwereld een topzware situatie is ontstaan, doordat de verschillende balletten zich aan elkaar hebben opgetrokken. Daarom geloven Burgemeester en Wethouders, dat de tijd is ge- komen, met het Rijk overleg te plegen inzake de situatie in de Nederlandse balletwereld. Het College heeft in deze met het Rijk reeds contact opgenomen om te zien, of daar belangstelling bestaat voor dit probleem. Spreker deelt mede, dat Burgemeester en Wethouders het voornemen hebben, onmiddellijk na het reces de kwestie van het ballet onder ogen te zien. Het spreekt vanzelf, aldus spreker, dat het College aandacht schenkt aan de verschillende voorstellingen van het ballet der Nederlandse Opera, echter niet in die zin, dat het zich bezighoudt met de kunstkritieken, die zeer eenzijdig zijn. Spreker vindt het zeer merk- waardig, dat al deze kritieken zo eenzijdig zijn. Toch kunnen er enkele ele- menten naar voren worden gebracht, die voor de beoordeling van de ballet- situatie in Nederland van belang kunnen worden geacht. Men kan zich o.a. afvragen, hoe de organisatie dient te zijn. De heer Van Rij heeft gezegd, dat er verschil was, omdat men bij de Orkest- stichting in vrijheid werkt en dit bij de Opera niet het geval is, maar Burge- meester en Wethouders herhalen, dat het bestuur van de Orkeststichting op dezelfde wijze wordt samengesteld als het bestuur van de Opera. Spreker zegt, wel eens de indruk te hebben, dat hier een behoefte wordt gekweekt door meer balletten in stand te houden dan strikt noodzakelijk is. Hij meent, dat het noodzakelijk is, een scherp onderzoek in deze in te stellen, doch dat het moment thans nog niet daar is, dit te doen. De mededeling van de heer Luirink over de ontslagen solisten is niet juist. Het Gewestelijk Arbeidsbureau heeft deze zaak nog in behandeling. Door het bestuur van de Opera werd nog geen mededeling hierover ontvangen. Ook Burgemeester en Wethouders wachten op het resultaat van het onderzoek van genoemd bureau. Spreker wijst er op, dat Burgemeester en Wethouders niet van mening zijn, dat de leiding van de Opera, met name de topleiding, altijd bevredigend is ge- weest. Volgens hem stuit de leiding van een grote opera-instelling op moeilijk- heden, die hierin zijn gelegen, dat de mensen, die in deze instellingen goed lei- ding kunnen geven, schaars zijn. Hierbij dient men volgens spreker niet te ver- geten, dat men hier te doen heeft met een jonge instelling zonder enige traditie. De heer Sajet meende, dat bij gewone operavoorstellingen de eerste solisten van het ballet niet optraden. Dit is echter niet juist, want bij verschillende opera’s (bijv. Aïda, Faust, Parelvissers, treden bij iedere voorstelling de eerste solisten ook op. Er bestaat geen reden voor Burgemeester en Wethouders om met het bestuur van de Opera overleg te plegen over de vraag, of er verandering moet komen in de wijze, waarop de dansers en danseressen worden verdeeld over de verschillende voorstellingen. Spreker meent, dat het bestuur zeker niet kan worden verweten — zoals hier en daar wel gebeurt — dat het niet let op de financiële situatie van Amster- dam. De suppletoire begroting, waarover is gesproken, had betrekking op een speciale loonronde. Herhaalde malen is het gebeurd, dat het operabestuur er in is geslaagd, tekorten in te lopen, waartoe ingrijpende maatregelen moesten worden genomen. Een volgende concrete vraag heeft betrekking op de subsidiëring van het ballet. Men heeft zich afgevraagd, of er geen reden is tot verlaging, ook o.m. in verband met de verschillende opmerkingen naar aanleiding van artikelen in „De Groene” en andere persorganen. Hoewel daarop niet direct de nadruk is gelegd,
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/