Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Cornelis van der marel heeft deze verklaring afgegeven.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 9369 / 0372 Op 28 december 1693 maakte notaris Dirck van der Groe drie documenten op over wisselbrieven:
Op 27 december 1693 verscheen Samuel Keunen voor de notaris. Als voogd over de kinderen van Jacob de Roo en Catharina verkocht hij een obligatie van 3.500 pond die oorspronkelijk op naam stond van Harman Tielman.
Op 28 december 1693 stelde Reij van Broechuijsen, handelaar in Amsterdam, Fredrico Metselaer, handelaar in Madrid, aan als zijn vertegenwoordiger om zaken te regelen met Gaspar Nines Viseo.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 606952 / 34 De volgende mensen kregen een promotie:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10560 / 0034 Een soldaat uit Brabant die diende in de Engelse compagnie had nog geld tegoed op zijn rekening.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.02 / 94 / 0183 Op 25 februari 1808 verscheen voor notaris Johan Adriaan van Meurs in Tilburg de heer Aart Hendrikze van den Hoven. Hij verklaarde dat hij een schuldbrief overdroeg aan Johan Adriaan van Meurs, schout van Selvoort. De schuldbrief was van:
De schuldbrief was gedateerd op 9 februari 1807 en betrof een bedrag van 99 gulden en 19 stuivers, plus 8 gulden rente. De rente was ingegaan op 9 februari 1808. De overdracht werd getekend in aanwezigheid van getuigen Willem Brordus Antonius Damis en Jan Mulsaarts, beiden uit Tilburg.
Bekijk transcriptie NL-TbRAT / 1818975 / 28 Deze tekst gaat over een lijst mensen uit Oosterhout. Het is een soort register of index met de letters A tot en met H. De tekst noemt:
Bekijk transcriptie NL-TbRAT / 1912372 / 2 Op 27 augustus 1900 in Kerkrade verklaarde Antoon Josef Schleijper, wonend in Kaalheide, dat hij 300 gulden had ontvangen van zijn zoon Hendrik Schleijper, die als mijnwerker ook in Kaalheide woonde. Dit bedrag was de koopprijs volgens een verkoopakte van 6 juni 1900.
Bij deze verklaring waren aanwezig:
Antoon Josef Schleijper kon niet tekenen omdat hij niet kon schrijven. De getuigen en de notaris hebben wel getekend.
Bekijk transcriptie NL-MtRHCL / 09.009 / 9208 / 0184 In september 1878 werden er verschillende beslissingen genomen over militaire pensioenen:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 2.10.02 / 5727 / 0441 Jacob Kraaij (arbeider), Jacob Koning (visverkoper) en Cornelis Duivenvoorden (wagenvoerder) uit Zandvoort waren bestuurders van het Armenfonds in Zandvoort. Ze hebben voor notaris AEgidius Walaardt Sacré in Haarlem verklaard dat ze, met toestemming van de koning (besluit van 20 maart 1847, nummer 81), geld hebben ontvangen van:
Deze heren handelden samen met de inmiddels overleden dokter Gerardus Coelen uit Haarlem namens Adriana Rijkelijkhuysen, weduwe van Cornelis de Wit. Zij was overleden in Haarlem op 22 november 1846. Dit was vastgelegd in haar testament van 23 december 1841, dat officieel was geregistreerd in Haarlem op 23 november 1846. Voor deze registratie was 2 gulden en 40 cent betaald, plus 38% opcenten (3 gulden, 31,5 cent). Het testament was aangeboden aan kantonrechter Pieter Elias in Haarlem op 22 november 1846.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 89 / 0342 De notaris Isaac Pool uit Amsterdam laat op 9 september 1775 weten dat hij namens Louis Schumacher, een koopman uit Amsterdam, bij Johannes van de Velde is langsgegaan om een wissel te innen. Het ging om een bedrag van 642 gulden. Van de Velde weigerde echter te betalen. Hij wilde eerst nog aan de ontvanger schrijven. De notaris heeft toen officieel bezwaar aangetekend tegen deze weigering tot betaling. Dit gebeurde in het bijzijn van twee getuigen: Willem Andries Werson en Pieter Lindrajer Junior.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1486113 / 221 Op 30 juli 1766 verschenen voor notaris Isaac Pool in Amsterdam de volgende personen:
Ze verklaarden dat ze, verwijzend naar een eerder document van 25 juni 1766 ten behoeve van Zacharias Zylmans, een obligatie overdragen aan Johannes Menkema. Deze obligatie:
Ze bevestigden dat de koopsom volledig was betaald en dat ze geen rechten meer hadden op de obligatie. Als getuigen waren aanwezig Gerrit van Houten en Barend Engelbertis Santhagens.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1486088 / 398 Op 19 september 1775 verscheen voor notaris Hendrik Daniel van Hoorn in Amsterdam een getuigenis over gebeurtenissen van dinsdag 12 september. De getuigen waren:
De eerste twee getuigen verklaren dat bij Johanna Seegers, die een drankhandel had, regelmatig Gabriel Snijders kwam. Hij woonde in de Negelantierstraat in de Strobolsengang bij de Baangracht. Hij kende haar en haar overleden man eerder al, maar was een tijd weggebleven. Bij zijn laatste bezoeken gedroeg hij zich zeer brutaal.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 604357 / 738 Johannes van de Velder belemmerde ambtenaren in hun werk. De ambtenaren waarschuwden hem dat hij verkeerd bezig was met het hinderen van hun inspectie omdat ze niet uit eigen beweging kwamen maar gestuurd waren door hun meerderen. Ondanks deze waarschuwingen bleef Van de Velder zich brutaal gedragen en noemde hen "allemaal canaille" (schorriemorrie). De vrouw van Van de Velder riep tegen het volk dat ze alleen maar geld wilden innen van de mensen om dat onder elkaar te verdelen. Hierdoor verzamelde zich een grote menigte rond de ambtenaren. Ze moesten toen stoppen met hun werk omdat ze bang waren dat het volk geweld zou gebruiken.
Dit werd vastgelegd in aanwezigheid van:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 604357 / 736 Op 1 september 1775 werd het volgende vastgelegd door notaris Mr. Hendrik Daniel van Hoorn in Amsterdam. Op 26 augustus gebeurde er iets tijdens de gebruikelijke ronde in de Korte Leydse dwarsstraat. Johan Rutgert Wieskot (belastinginner), Casparus Geudichem (deurwaarder) en Antony van Peeteren (bode) legden een verklaring af.
Ze vertelden dat Johannes van de Velden en zijn vrouw een conflict hadden over een dubbeltje belastinggeld. Van de Velden beweerde dat zijn vrouw twee dubbeltjes had betaald de zaterdag ervoor, terwijl uit de administratie bleek dat er maar twee dubbeltjes geregistreerd stonden. Toen de belastinginner weigerde nog een dubbeltje te geven, werden Van de Velden en zijn vrouw brutaal. Er verzamelde zich een grote groep mensen rond het conflict.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 604357 / 734 Op 1 juni verscheen Johannes de Velde voor notaris Jan Burel in Amsterdam. De Velde stond op het punt om als bosschutter te vertrekken op het schip Jarenberg van de Verenigde Oost-Indische Compagnie naar Indië. Hij verklaarde een schuld te hebben van 64 gulden aan Jannetie Jacobs voor kost en inwoning. Hij beloofde dit bedrag terug te betalen uit zijn te verdienen maandloon bij de VOC.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510572 / 911 Op september 1775 stelde notaris Jan Alphen een document op met nummer 64. Johannes van de Velde was hierbij de hoofdofficier.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 604357 / 733 Op 5 april 1647 verscheen Crijn Arentssen van de Linde, handelaar uit Rotterdam, bij notaris Francoijs Meerhout. Van de Linde was samen met Samuel Hoorn aangesteld als curator over de bezittingen van Edmond Charman. Deze aanstelling gebeurde op 16 maart door de baljuw en schepenen van Rotterdam. Samuel Hoorn had op 27 maart 1647 een volmacht gegeven bij notaris Johan Troost. Van de Linde verklaarde geld ontvangen te hebben van Jacob van Leeuwaerden, namelijk 54 gulden. Dit bedrag was nog verschuldigd aan Edmond Charman voor geleverde handelswaar. Van de Linde beloofde dat deze betaling geldig was en dat Van Leeuwaerden niet nogmaals hoefde te betalen. Als extra zekerheid voor Jacob van Leeuwaerden trad Servaets Supbrebis, ook een handelaar uit Rotterdam, op als borg voor Crijn Arentssen van de Linde. Supbrebis beloofde Van Leeuwaerden te beschermen tegen eventuele claims over de betaling van 803 gulden en 18 stuivers.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510576 / 7 Voor de notaris Frans Wtenbogaerdt in Amsterdam kwamen de volgende personen:
Ze waren allemaal erfgenamen van Marritgen Wijbrants, weduwe van schoenmaker Claes Claesz Blom. Ze verdeelden de erfenis in goede harmonie. Hendrick Maijer en zijn vrouw kregen een huis in de Nieuwe Leliestraat naast de zonnewijzer. De anderen kregen hun deel uit de overige bezittingen. Ze beloofden elkaar niet meer lastig te vallen over deze verdeling.
De akte werd opgemaakt in Amsterdam in aanwezigheid van getuigen Guillem Laurens en Adriaen Vrijburch in juni 1657.
Daarna verscheen Lambertje Gerrits, die had gewerkt bij Willem Jansz van Arnhem. Zij gaf volmacht aan Alexander Rosenel.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1936870 / 214 Op 5 april 1654 verschenen voor notaris Michiel Bock in Amsterdam de volgende personen:
Zij verklaarden dat ze van Pieter Aerts 49 gulden hebben ontvangen. Dit geld kwam uit de huur van huizen van Geertruijd Alders. Ze beloofden dat ze Pieter Aerts hierover niet meer zullen lastigvallen of naar de rechtbank stappen. Als getuigen waren aanwezig Nicolaes Vos en Willem Kick.
Een vergelijkbare verklaring werd ook op april 1674 afgelegd, waarin ze bevestigden 49 Carolusgulden te hebben ontvangen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2360979 / 339
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 210 Op 6 juni 1682 hebben de inventarisbeheerders aan mevrouw Heems in het sterfhuis 90 ducatons (283 gulden en 10 stuivers) gegeven voor het betalen van de doodschulden. Het geld werd als volgt besteed:
Op 13 juni 1682 heeft mevrouw Heems aan Willem Cleermont 193 gulden en 15 stuivers overhandigd. Er moesten nog rekeningen betaald worden voor metselaar, timmerman, drukwerk voor kranten en andere kleine zaken. Roeloff van Eems vroeg nog salaris voor 5 tot 6 maanden werk aan kranten tijdens het leven van Cornelis Roelandsz de Vries.
Deze inventaris werd opgesteld in Amsterdam op het sterfhuis aan de Gelderse Kaij tussen 8 en 18 juni en 7 en 22 juli 1682. Willem Clermont en dominee Johannes Martsz verklaarden dat alles eerlijk is opgeschreven. De getuigen waren Jan Oorthoorn en Jan Perdon.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 209 De bruidegom krijgt, als hij langer leeft dan zijn bruid, alle juwelen terug die hij haar heeft gegeven. De bruid behoudt het beheer over haar eigen bezittingen, zonder dat de bruidegom zich daarmee mag bemoeien. Anna van de Velde overleed voor haar man Cornelis Roelandsz de Vries, met wie ze een zoon had genaamd Cornelis de Vries. Anna van de Velde maakte een testament op 8 november 1681 waarin ze:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 208 Dit is een lijst van verschillende boeken, voorwerpen en documenten uit een boedel. De lijst bevat:
Er worden ook twee huwelijkscontracten beschreven:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 207 Dit is een lijst met boeken, vermoedelijk een catalogus. De lijst bevat onder andere:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 206 Het betreft een lijst van boeken uit een bibliotheek of boekenverzameling. De belangrijkste vermeldingen zijn:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605123 / 205 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/