Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
De hoofdbestuurder en plaatselijke leiding, buiten twee luitenants Adriaan van Rheede en K.J. Slotsboo, werden gesteund door drie burgerraadsleden Cornelis Botma, Claas Hendriksz Diepenauw en H. Bouman. De aanklager liet een uittreksel zien van Joan Cornelis d'Ableing uit Batavia, gedateerd 8 november 1707. Deze was ondertekend door Nicolaas Gockelius. Het betrof een officiële kopie van een betalingsverplichting gedateerd 11 januari van datzelfde jaar. Het ging om een bedrag van 609 rijksdaalders dat de overleden boekhouder van het schip Overrijp, Jacobus Fruijtier, schuldig was aan notaris Nicolaas Gockelius en Aarnoud Deldijm in Batavia. Na aftrek van alle gerechtelijke kosten en geld dat al naar het vaderland was gestuurd, bleef er 435,125 rijksdaalders over. De rechtbank besloot op 24 mei 1708 dat dit bedrag betaald moest worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0067 In een rechtszaak verscheen dr. Thibault als aanklager omdat de aangeklaagde niet kwam opdagen. De aanklager toonde een slavin genaamd "kleine Angorie" en een verklaring van de hoofdchirurg J.J. Benraats als bewijs. De aangeklaagde bleef bij zijn bekentenis. De onafhankelijk fiscaal Joan verzocht de rechtbank om de aangeklaagde te veroordelen tot marteling voor verder onderzoek. Er waren meerdere rechtszaken:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0068 Fredrik Petrus Kalden en Daniel Thibault hadden een rechtszaak op 17 december 1707 in Batavia. De zaak ging over een testament en het schip Hoedekenskerke. Hierbij waren verschillende personen betrokken:
De zaak draaide om de nalatenschap van de overleden vrijburger Jan Moors. De weesmeesters van de stad moesten deze nalatenschap overdragen aan de gemachtigden, waarbij de kosten uit de erfenis betaald moesten worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0030 Nadat de raad de dagvaarding had gezien en de uitroeping van de gerechtsbode had gehoord, werd de derde stap in een juridische procedure goedgekeurd tegen Willem Adriaan van der Stel, die voormalig gouverneur was van Kaap de Goede Hoop en raadslid van Indië. De zaak werd aangespannen door oud-burgerraad Henning Huring. Dit gebeurde in het kasteel van Kaap de Goede Hoop op 8 maart 1708.
Bij deze rechtszaak waren aanwezig:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10910 / 0029 Op een rechtszitting behandelde men een zaak tussen een aantal bestuurders. Hendrik Doncker werd toegevoegd aan de zaak. De gedaagde moest een lijst maken met bezittingen, die getaxeerd moest worden. Dit ging over de erfenis van Anna, die de vrouw was geweest van boekhouder Pieter.
Een andere zaak ging over landbouwer Guilliam, die werd vertegenwoordigd door zijn advocaat Niclaas van Leeuwen. Hij erkende zijn schuld nadat hij een eerdere afwezigheid bij de rechtbank had goedgemaakt.
In de rechtszaak waren Willem van Putten en Botma als weesmeesters betrokken, samen met secretaris Otto van Pollinkhooven.
De rechtbank besloot op 13 oktober dat de gedaagde de gevraagde lijst met bezittingen moest inleveren, anders zou hij gevangen worden gezet.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0115 De beheerders van een weeshuis spanden een rechtszaak aan, waarbij Otto van Pollinkhoven als secretaris optrad. De zaak ging over een schuld van de overleden Anthonij Anderson. De verdediging beweerde dat Anderson's vrouw de schuld al had betaald, wat ze onder ede wilde verklaren.
De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor de schuld en accepteerde het aanbod van de verdediging om onder ede te verklaren. De eisers werden veroordeeld tot het betalen van de proceskosten.
Er liepen nog twee andere zaken over schulden aan de boedel van Anthonij Anderson:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0136 Op Kasteel de Goede Hoop kwam de rechtszaak tussen de Vrijburger David Hufke en Anthonij Hoesemans. Hufke verspreidde twee handgeschreven verklaringen als onderbouwing van zijn zaak. Hoesemans vroeg hiervan kopieën om deze te kunnen weerleggen. De rechter gaf toestemming voor het maken van kopieën. De secretaris Am Poulle heeft dit vastgelegd.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0138 Om de volgende redenen:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0139 De eiser wil dat de gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van kosten omdat hij bepaalde bezittingen niet heeft vermeld in de inventaris. De rechtbank accepteert het verzoek van de gedaagde om bij de volgende rechtszitting onder ede een aangevulde inventaris te overleggen.
De heer Pieter de Meijer eist dat Anthonij Vlotman de tweede betaling van 450 gulden voldoet voor zijn gekochte huis. Omdat Vlotman niet is verschenen, verleent de rechtbank een tweede dagvaarding met nog een derde oproep.
De boer Coenraad Cloeten moet 13 rijksdaalders betalen aan dezelfde boedel. Pieter de Meijer eist ook dat oud-burgerraadslid Claas Hendriksz Diepenauw zijn uitgebreide inventaris onder ede bevestigt.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0137 De gedaagde zegt dat hij niet verplicht is andere berekeningen te geven dan hij al heeft gedaan. Hij toont een officiële kwitantie, die ondertekend is door Jan Harmensz van Maarssenbroek. De eiser blijft volhouden dat hij een berekening wil hebben. De gedaagde antwoordt dat zijn eerder genoemde kwitantie voldoende zou moeten zijn en dat de eis van de eiser moet worden afgewezen. Hij vindt ook dat de eiser de kosten moet betalen. De raad heeft beide partijen gehoord en oordeelt dat voordat ze een definitieve uitspraak doen, beide partijen zich beter moeten informeren over de kwestie. Dit geldt vooral voor het geld dat secretaris Willem Helot onder zich zou hebben en de schuld bij de Compagnie. Dit is ondertekend in het Kasteel de Goede Hoop door Willem van Putten, lid van het bestuurscollege.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0101 Op een rechtszitting in het Kasteel de Goede Hoop was A.M. Poulle afwezig als gedaagde secretaris. De vrije burger Jan Laurensz van Maarsenbroek eiste namens Jan Harmensz een afschrift van een veilingboek. Ze wilden dat veilingmeester Poulle een bewijsrekening zou geven over de veiling van Jan Harmensz van Maarsenbroek.
Ook was er een zaak tegen landbouwer Pieter Jansz van Marsseveen over een bedrag van 300 gulden. Een andere zaak betrof Maria Willemsz Schalck, de vrouw van Lammert Smit.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0100 De verdachte Jan Rombout was kort voor de vergadering nog binnen het Kasteel en voor de raadkamer geweest. Hij heeft zich tijdens het oproepen verwijderd en is buiten het Kasteel gegaan. De raad gaf een bevel aan een bewaker om hem te zoeken en voor het gerecht te brengen. Ondertussen werden de aanklachten tegen hem en de eis van de provinciale hoofdofficier voorgelezen. De bewaker rapporteerde dat toen hij de verdachte vond, deze zei dat hij niet onder de hoofdofficier viel maar onder de officier van justitie. De bewaker ging met de verdachte naar de officier van justitie. Deze liet weten dat de verdachte inderdaad onder hem viel en niet zou komen. Als de raad dat wilde, zou de officier zelf naar het gerecht komen om de zaak van de verdachte te verdedigen. De raad stemde hier unaniem mee in. Toen de officier werd uitgenodigd om te komen en de raad op hem zou wachten, liet hij weten dat hij ziek in bed lag.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0124 Joan Cornelis d'Ableing verklaart dat er in het huis van de aangeklaagde enkele dagen geleden door bepaalde personen schade is toegebracht aan zijn gezag en persoon. Hij heeft hiervan al een schriftelijke verklaring. Hij heeft de aangeklaagde eerst 2 keer via een gerechtsbode laten vragen om een getuigenverklaring te geven, en daarna persoonlijk. Omdat dit niet lukte, eist hij nu dat de aangeklaagde wordt veroordeeld tot het geven van een eerlijke getuigenverklaring.
De Raad heeft hierover nagedacht en veroordeelt de aangeklaagde inderdaad tot het geven van een waarheidsgetrouwe verklaring, op straffe van rechtsgevolgen.
Aanwezig waren provinciaal opperhoofd Joan Cornelis d'Ableing en alle andere leden behalve de fiscaal en de burgerraadsleden. De aanklager toont 3 verschillende verklaringen tegen de aangeklaagde en dient een schriftelijke eis in.
De zaak is tegen soldaat Jan Rombout. De provinciale landdrost Samuel Martini de Meurs is aanklager. Ook Maria Lindenhoff, de vrouw van oud-burgerraadslid Henning Husing, moet een getuigenverklaring afleggen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0123 Op 1 december 1707 kwam een zaak voor waarbij Gerrit Jansz van Deventer een bedrag van 400 gulden moest betalen en verantwoording moest afleggen over 5000 gulden. Omdat hij niet kwam opdagen en het bestuur minachtte, werd besloten hem gevangen te zetten en beslag te leggen op zijn bezittingen.
De vrije schoenmaker Jacobus van den Berge kreeg toestemming om een rechtszaak aan te spannen tegen de provinciale landdrost Samuel Martini de Meurs. Dit zou gebeuren als De Meurs niet binnen 14 dagen zijn zaak tegen Van den Berge kon voortzetten.
Dit vond plaats in het Kasteel de Goede Hoop. De secretaris Hendrik Poulle was aanwezig. Alle leden waren aanwezig behalve het provinciale opperhoofd Joan Cornelis d'Ableingh en de onafhankelijke fiscaal Joan Blesius. De burgerraadsleden Cornelis Botma en Hendrik Donker waren ook aanwezig.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0122 Op 22 september 1707 in het Kasteel de Kaap de Goede Hoop vond een rechtszitting plaats. Aanwezig waren:
Afwezig waren:
Er werd een zaak behandeld tegen landbouwer Peere Theunis de Bruijn. Hij moest 2000 gulden betalen voor zijn boerderij in de Paarl. Dit was een achterstallige betaling.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0084 Jacob Vogel, een vrije burger, eist dat zijn leer wordt vrijgegeven van beslag dat door de gedaagde erop gelegd was. De gedaagde zegt dat Vogel als knecht dit eerst met hem had moeten bespreken. De rechtbank heeft het rapport van de aangestelde scheidsrechters bekeken. Omdat de partijen het niet eens konden worden, moet Vogel zijn verklaring onder eed laten afleggen. Jan Basilius Creijtsman legt een verklaring over. De rechtbank geeft hem 14 dagen om extra bewijs te leveren.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0083 Willem van Putten presenteerde namens boekhouder Pieter de Meijer als weesmeester, samen met de burgerraad en weesmeester Botma, een zaak. Hij had ook een machtiging van oud-burgerraad Abraham Diemer. Hij diende een schriftelijke eis in tegen oud-burgerraad Claas Hendrik Diepenauw. Bij de zaak hoorde:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0068 De landbouwer Jan Schepping, die ook heemraad was, had een rechtszaak aangespannen tegen landbouwer Hendrik Jansz van Kemsen. De zaak ging over een stuk land dat Van Kemsen aan Schepping zou hebben verkocht. Van Kemsen ontkende dit echter. Er werd een boete van 475 gulden opgelegd, plus proceskosten. Als bewijs werd een beëdigde verklaring voorgelegd van landbouwer Claas Swart. De eiser vroeg om een kopie van deze verklaring, wat werd toegestaan.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0082 Op 3 november 1707 werd er een rechtszaak gehouden in het Kasteel de Goede Hoop. Abraham Poulle kreeg 14 dagen de tijd om op een voorgelezen tekst te reageren.
Bij de zitting waren aanwezig:
De drie beklaagden waren slaven van de vrijburger Dirk Verweij. Ze hebben een bekentenis afgelegd en blijven daarbij.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0112 Een rechtszaak tussen Dirk Vion en de vrouw van Lammert Smit. Dirk Vion eist betaling van 462 gulden en 6 stuivers volgens twee rekeningen. De vrouw van Lammert Smit erkent één rekening als correct maar heeft de andere nog niet nagekeken. Ze vraagt 2 maanden uitstel voor betaling.
Dirk Vion gaat akkoord met het uitstel van 2 maanden en belooft de juistheid van de niet-gecontroleerde rekening te bewijzen. De vrouw van Lammert Smit belooft binnen de gestelde termijn te betalen.
De rechtbank bepaalt dat:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0069 De rechtbank verleent een eerste aanzegging aan de eiser in een zaak tegen burger Gabriel Doman. Dit betreft een achterstallige betaling van 475 gulden voor de aankoop van een wagen met vier paarden. De zaak werd aangespannen door assistent Nicolaas van Leeuwen tegen Doman. De eerste betaaltermijn was verlopen op 15 maart van dat jaar. De zaak betreft ook een eerder stuk land aan de Deerl dat gekocht was van oud-burgerraadslid Theunis Dirksz Schalkwijk. De rechtbank vraagt om een tweede dagvaarding omdat de gedaagde niet is komen opdagen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0081 De vrijburger Dirk Vion vraagt aan de raad om een vonnis uit te voeren tegen de vrouw van de veroordeelde Lambert Smit. Dit vonnis is op 4 augustus uitgesproken. De rechtbank geeft Vion gelijk en de vrouw van Smit moet de proceskosten betalen. Dit gebeurde in het Kasteel de Goede Hoop. De secretaris Am Hr. Poulle was hierbij aanwezig. Na afloop van de rechtszitting diende de vrijsmid Jan Lourensz van Bremen een klacht in tegen twee secretarissen:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0111 Op het Kasteel de Goede Hoop werd op donderdag 15 september 1707 een rechtszaak gehouden. Aanwezig waren:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0080 De zaak gaat over een boer Guilliam Frisnet die schulden moet betalen aan:
In totaal moet hij 177 gulden en 2 stuivers betalen. De rechtbank geeft de eisers gelijk en roept Frisnet nog een keer op.
Ook is er een zaak tussen Gerrit Daveman als eiser tegen Maria Willemsz Schalk, de vrouw van Lambert Smit. De rechtbank vraagt beide partijen om er samen uit te komen.
Tot slot verzoeken de weesmeesters, behalve Willem van Putten en Cornelis Botma, via hun secretaris Otto van Pollinkhooven om een nieuwe oproep omdat de gedaagde niet is komen opdagen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0110 De hoofdrechter (fiscaal) was aanwezig. Er werden verschillende verklaringen overlegd tegen de gedaagde. Er volgde een schriftelijke eis. De gedaagden ontkenden de aanklacht en vroegen om een kopie van de eis en tijd om bewijs te leveren. De rechters bekeken het bewijs van de eiser en luisterden naar beide partijen. Ze besloten:
Later kwamen verschillende zaken voor:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10909 / 0109 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/