Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Pedro van Bengalen, een slaaf van dominee Petrus van der Spuij, vertelde aan de rechtbank van Kaap de Goede Hoop dat hij was weggelopen. De slaaf September, eigendom van kapitein Carel George Wieser, had hem overgehaald om te vluchten. Eind september vluchtte Pedro samen met de slaven April, September en Juli. Ze troffen hun mede-slavin Diana in het veld, die al eerder was weggelopen. Hun medeslaaf Ali voegde zich een paar dagen later bij hen op het Paarlgebergte, boven de boerderij van oud-heemraad Jacobus van der Spuij. Op voorstel van April en Ali sloten drie slaven van dorpsdokter Willem Ferdinand zich bij hen aan.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0197 In Kaap de Goede Hoop deed April van Sambouwa, een slaaf van de predikant van Drakenstein Pretus van der Spuij, een bekentenis aan de rechtbank onder leiding van hoofdaanklager Pieter Reede van Oudshoorn. April, ongeveer 30 jaar oud, verklaarde dat hij op voorstel van een andere weggelopen slaaf genaamd September (eigendom van kapitein Carel George Wieser) besloot om te vluchten.
Eind september vluchtte hij samen met zijn medeslavenbroeders Pedro, September en Julij. Ze troffen in het veld hun al eerder weggelopen medeslavin Diana aan. Later voegde ook hun medeslaaf Ali zich bij hen, die een paar dagen na hen was gevlucht. De groep ging naar Parelsberg, boven de boerderij van oud-heemraad Jacobus van der Spuij. In oktober sloten drie slaven van de burger-chirurgijn Willem Ferdinand zich bij hen aan.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0189 De gevangene verzoekt minder zware straf voor het feit dat hij zijn schip moedwillig heeft verlaten. Hij heeft 2 jaar rondgezworven en zich daarna zelf aangegeven. De rechtbank namens de Staten-Generaal der Verenigde Nederlanden en Prins van Oranje en Nassau als stadhouder veroordeelt hem tot werk in de Compagnie's touwslagerij op het eiland Edam waar hij kost en kleding zal ontvangen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0118 Op last van de prins van Oranje Nassau, die erfstadhouder en opperbevelhebber van leger en vloot van de Republiek was, werd Baatjoe van Boegies veroordeeld om:
De rechtszaak werd behandeld door fiscaal Joseph de Kok uit Straatsburg, die als aanklager optrad. De verdachte zou op het schip Schuilenburg worden gestraft.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0117 De Secretaris Generaal van de Republiek heeft op 30 december 1756 in het kasteel De Goede Hoop een uitspraak gedaan. Andries Tesselaar werd voor altijd verbannen uit het gebied. Als hij ooit gevangen zou worden, zou hij berecht worden. Hij moest ook de proceskosten betalen. De uitspraak werd ondertekend door P.S. Neethling. Bij de uitspraak waren aanwezig:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0115 De Raad heeft een rechtszaak behandeld tegen Andries Tesselaar die niet was komen opdagen. Het ging om doodslag op Sweries Cornelisz op 20 juli van dat jaar. De zaak werd behandeld namens de Staten-Generaal en de prins van Oranje en Nassau, die erfstadhouder, kapitein en admiraal was. De onafhankelijke aanklager had bewijsstukken ingediend.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0114 De weduwe Hasewinkel heeft een slaaf gehad die getuige is en verhoogd moest worden. De slaaf was eerst ontsnapt en gevlucht samen met de beklaagde. De rechtbank wil weten of de slaaf aanwezig was tijdens de moord op de slaaf Taul, en of hij kennis had van de kleding van de vermoorde slaaf die bij de verdachten was gevonden. De fiscaal Pieter Reede van Oudshoorn heeft een zaak tegen de burger Andries Tesselaar ondanks dat de beklaagde niet aanwezig was.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0113 De rechtszaak tegen Augustus van Mallebaar werd voorgelezen door Jacobus Blanckenberg, de voorzitter. Augustus werd beschuldigd van een verraderlijke moord en de straf die daarvoor geëist werd was de doodstraf. Augustus bekende dat hij een schapenherder had vermoord, maar zei dat hij deze persoon niet kende. Hij voegde eraan toe dat hij de moord alleen had gepleegd, zonder hulp van anderen.
De jas van de vermoorde slaaf-bediende, die eigendom was van landbouwer Hendrik Willem Hooij, was in zijn bezit gekomen. Augustus zei dat hij liever zweepslagen zou krijgen en voor de Compagnie zou werken. Hij zei ook dat de Raad hem hier wel kon straffen, maar dat God zijn ziel later zou accepteren.
De Raad vond dat de zaak nog niet klaar was om definitief te worden beslist. Ze gaven opdracht aan de openbare aanklager om verder onderzoek te doen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0112 Willem Watersen werd veroordeeld tot een boete van 100 rijksdaalders plus de proceskosten. Dit gebeurde in het Kasteel de Goede Hoop. De uitspraak werd bekrachtigd door secretaris C. Neethling.
Op donderdag 25 november 1756 kwam 's ochtends de rechtbank bijeen onder leiding van president Sergius Swellengrebel. Twee leden waren afwezig wegens ziekte: Rudolph Siegfried Alleman en Cornelis Eelders. Hun plaatsen werden ingenomen door drie burgerraadsleden.
De zaak werd aangebracht door adjunct-fiscaal Otto Pieter Hemmij, die optrad namens de landdrost van Swellendam, Jan Andries Horak.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0111 Het bestuur van de Verenigde Nederlanden en de doorluchtige prins van Oranje en Nassau als stadhouder, kapitein en admiraal heeft een vonnis uitgesproken. De persoon wordt veroordeeld om bij de scheepswerf door matrozen met zwepen geslagen te worden en daarna verbannen te worden. Het vonnis werd op 11 november 1756 in het fort de Goede Hoop uitgesproken bij aanwezigheid van gezagsdrager Serques Swellengrebel als voorzitter en alle leden, behalve Cornelis die elders bezet was. De secretaris C. Neethling heeft het ondertekend.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0105 Het gerecht van de Verenigde Nederlanden en van Willem IV van Oranje-Nassau als erfstadhouder en kapitein-admiraal heeft Jan Frederik Lutke veroordeeld. Hij moest naar de gebruikelijke plek voor lijfstraffen worden gebracht, waar hij aan een paal werd vastgebonden. Er werd boven zijn hoofd geschoten en hij werd voor altijd uit Nederland verbannen. Hij moest ook de proceskosten betalen. De officier van justitie had om een hogere straf gevraagd maar die werd afgewezen. De aanklager eiste dat Jan Veers uit Dronthem, een matroos op het schip Zuiderburg, streng zou worden gestraft.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0103 De rechtbank heeft een persoon veroordeeld tot 10 jaar dwangarbeid op Robbeneiland zonder loon. Al zijn bezittingen en zijn slaafgemaakte jongen zullen worden geïnventariseerd door afgevaardigden en publiekelijk worden verkocht door de secretaris. De opbrengst zal, na aftrek van kosten, in bewaring worden gehouden voor de veroordeelde.
De officier van justitie vraagt een tweede vonnis tegen burger Andries Tesselaar die wordt beschuldigd van doodslag op medeburger Sweris Cornelisz op 20 juli. Andries Tesselaar moet zich over 14 dagen komen verantwoorden. De raad keurt dit goed.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0101 October van Mallebaar wordt gestraft omdat hij met zijn dronken slaaf ruzie had met de burger Hendrik Gerhard. De Raad, die spreekt namens de Staten-Generaal en de Prins van Oranje en Nassau, bepaalt dat October van Mallebaar aan een paal moet worden vastgebonden en door de Caffers (bewakers) moet worden afgeranseld.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0100 De Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden en Prins van Oranje en Nassau, als erfstadhouder en opperbevelhebber van leger en vloot, hebben een uitspraak gedaan. Ze hebben Evert Colijn veroordeeld tot een boete van 25 rijksdaalders plus proceskosten. Zijn slavin Lea uit de Kaap moet verkocht worden, met als voorwaarde dat ze nooit meer onder zijn macht of die van zijn familie mag komen.
De officier van justitie heeft een schriftelijke aanklacht ingediend tegen de verdachte. Een vrijgelaten slaaf uit Malabar is nu gevangene van de staat en verdachte in een zaak over herhaaldelijke onrust en overlast.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0099
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0098 De slaaf Dam van Bengalen, die eigendom was van de boer Pieter Loret, werd aangeklaagd omdat hij de slavin Rachel had verwond. Dam bekende dat hij dit had gedaan uit jaloezie en verdriet, omdat Rachel, met wie hij al jaren een relatie had, hem ontrouw was geworden en met een ander was meegegaan. De chirurgijn Wijnand Laud heeft een verklaring afgegeven over de verwondingen. Dam bleef bij zijn bekentenis toen hij gevangen zat. De landdrost eiste dat Dam zou worden gestraft door als voorbeeld voor anderen bij een van de kerkdeuren te worden tentoongesteld, en dat de gedaagden de proceskosten moesten betalen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0066 De tekst beschrijft een conflict op een VOC-schip.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0480 Er is een zaak tegen een slaveneigenaar die bekend stond als een wreed persoon met een tirannieke omgang met zijn slaven. Hij was hiervoor al eerder voor de rechtbank gedaagd op 27 december 1732. De aanklager vraagt dat:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0097 Op een avond zat de slaaf Baatjoe in de scheepskeuken met andere slaven. Hij vroeg aan slavin Willemina om een bak, maar zij weigerde dit. De andere slaaf Kees mengde zich in het gesprek en zei tegen Baatjoe dat er een grote beker was die de baas aan iedereen had gegeven om uit te eten. Kees vroeg wat Baatjoe dan met de bak van de slavin wilde doen.
Baatjoe werd boos en liep naar buiten, terwijl hij Kees uitschold. Later kwam Baatjoe terug in de scheepskeuken met een kalebas. Hij vulde deze met water en ging naast een andere slaaf zitten om te eten, terwijl Kees aanwezig was.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0780 De slavin Sinana uit Madagascar werd ondervraagd door rechters van de Raad van Justitie. Ze bevestigde haar eerdere verklaring en voegde alleen toe dat de jongen (een slaaf) haar eerst een doek en daarna een dubbeltje had aangeboden, die ze beide weigerde. Ze gaf toe dat ze had toegestaan dat de jongen haar betastte en op de grond legde. Toen hij probeerde gemeenschap met haar te hebben, begon ze te schreeuwen omdat het pijn deed.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 1007 De zaak betreft een rechtszaak waarbij de fiscaal (openbare aanklager) een aanklacht indient tegen Pieter Reede van Oudshoorn. Als bewijs wordt gebruikt:
De verdachte houdt vast aan zijn bekentenis. Beide partijen zien af van het indienen van meer bewijsmateriaal. De Raad heeft de aanklacht en de bekentenis bestudeerd en doet uitspraak namens de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0116 De vrije slaaf October kwam van de kust van Coromandel. Hij was ongeveer 45 jaar oud. Hij behoorde als lijfeigene aan de Chinese eigenaar Chakorko, zo'n 15 jaar geleden. October verdiende zijn geld met handel. Hij woonde samen met een vrijgemaakte slavin genaamd Mietje. De ondervraging werd uitgevoerd door Pieter Reede van Oudshoorn.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0863 Evert Colijn van Kaap de Goede Hoop werd beschuldigd van het zonder toestemming straffen van zijn slavin Lea uit Kaap de Goede Hoop. Francois Roland uit Philipine, wagendrijver op het schip Barbara Theodora, werd beschuldigd van desertie. Judocus Frans Erasmus Christiaansz uit Amsterdam werd beschuldigd van wrede mishandeling aan boord van hetzelfde schip. Hendrick Pietersen uit Elburg werd als matroos beschuldigd van desertie.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0123 De Chinese slaaf van Chakoako die ongeveer 15 jaar geleden werd vrijgelaten, heeft sindsdien zijn geld verdiend met handel. Hij woonde samen met de vrije slavin Mietje. Hij had ook contact met slavin Hanna, die eigendom was van burger-kapitein Carel Georg Wieser. Hanna moest maandelijks 5 rijksdaalders huur betalen aan haar eigenaar en verkocht levensmiddelen zoals groenten en gevogelte. Naast het huishouden van de ex-slaaf verkocht ze ook handelswaren die deels eigendom waren van de Chinees Onkonko. Op 31 augustus om 9 uur 's ochtends was ze in zijn woning.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0828 Het gaat over een ondervragingsverslag over de relatie tussen een persoon en de slavin Hanna. Hanna verkocht groente, kippen, ganzen en andere spullen voor haar meesteres. Ze deed verschillende kleine handeltjes. De ondervraagde persoon werd gevraagd of hij:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10955 / 0864 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/