Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
In het gebied Kempeland moesten deze aantallen mannen beschikbaar zijn voor militaire dienst:
Het gebied Kempeland moest in totaal 890 mannen leveren.
In het gebied Oisterwijk moesten deze aantallen mannen beschikbaar zijn:
Bekijk transcriptie kronieken / 367609 / 236 In J. C. W. Prager kreeg korting op zijn pensioen als kapitein van het Indische leger. Dit werd gemeld aan hem.
Op het salaris van J. W. Hofman werd 1520 gulden ingehouden.
De echtgenote van J. de Kock vroeg korting op zijn verlofssalaris voor levensonderhoud. Ze kreeg te horen dat ze later opnieuw een verzoek kon indienen wanneer ze een specifiek bedrag te vorderen had.
Er werd korting verleend op de inkomsten van V. C. A. Zeikel voor 395,73 gulden.
J. W. Velsman vroeg korting op zijn pensioen voor 4076 gulden. Hij kreeg te horen welke papieren hij nog moest inleveren.
Het verzoek voor korting op het salaris van M. M. Janssens werd afgewezen.
De verzoeken voor korting op het salaris van C. Abel en H. van Kanten werden afgewezen.
D. Haagsma kreeg korting op zijn salaris voor het betalen van registratierechten.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 2.10.02 / 5761 / 0533 Op 12 augustus 1648 verscheen Paulus van Voorsz. voor notaris Jaer Schabaelje in Amsterdam. Hij vertegenwoordigde David Rutgers Junior, Dirck Gout, Pieter van Halmael Adams, Adriaen Rutgers, Jacob en George Roeters. Deze mensen hadden belangen in het schip de Elisabeth, met schipper Pieter Hopies. Dit schip was in 1696 verongelukt bij Nordhepping.
De eigenaren gaven toestemming aan Jan Bellyn, raadslid van Stadt, om namens hen spullen op te halen bij George Liberton. Het ging om:
Op dezelfde dag verscheen Johannes Voordagh, koopman uit Amsterdam, voor notaris Pater Schabaelje. Hij droeg een schuldbewijs over aan Abraham Keller. Dit schuldbewijs:
De overdracht werd bekrachtigd in aanwezigheid van getuigen Willem Herman en Pieter Blijden.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320417 / 6 Er waren meerdere rechtszaken waarbij verschillende mensen waren aangeklaagd:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 4146 / 0059 In 1740 werd er verslag gedaan over een incident op een schip. 3 matrozen vroegen hulp om 5 geldkisten naar de wal te brengen. Toen de verslaggever de rest van de bemanning om hulp vroeg, weigerden verschillende mensen, waaronder de commandeur, de trompetter en de slotenmaker om te helpen. Ze riepen vanaf het halfdek dat ze weigerden hun handen aan de geldkisten te slaan. Uiteindelijk hielpen alleen:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 4146 / 0132 Op 4 juni 1740 verscheen bij de Raad van Justitie van het kasteel aan Kaap de Goede Hoop de korporaal Erik Tieman uit Stockholm. Zijn eerdere verklaring werd hem voorgelezen. Hij bevestigde zijn verklaring en wilde er alleen aan toevoegen dat de soldaat Martinus Waldauw niet aanwezig was bij de handelingen van de commandeur en andere bemanningsleden, omdat hij ziek in zijn kooi lag. Hij deed deze verklaring in aanwezigheid van:
Hij bevestigde dit onder ede voor De Javoije en De Voor Grand preez.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11015 / 0169 Er zijn verschillende aanklachten ingediend tegen een groep mensen, waaronder:
De landdrost Pieter Lourensz heeft ook een rechtszaak aangespannen tegen twee veroordeelde slaven:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11015 / 0010 In deze rechtszaak verschijnen de volgende beklaagden:
De eerste beklaagde bekent schuld en onderwerpt zich aan de straf. Hij zegt dat hij gedronken had, maar de anderen niet heeft afgeraden om de geldkisten naar de wal te brengen. De andere beklaagden, behalve de zevende, bekennen ook allemaal schuld.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10939 / 0029 Het document beschrijft een openbare verkoping van verschillende percelen land in de gemeente Meerselo. De verkoping vond plaats op 15 mei 1844. De volgende personen waren betrokken:
De verkochte percelen betroffen het bouwmansplaatsje genaamd Snijders. Dit werd in 7 percelen geveild:
De totale opbrengst van alle percelen samen was 850 gulden.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 40 / 0139 Dit is een lijst van bemanningsleden van een schip uit 1653. De bemanning kwam uit verschillende steden en had verschillende functies zoals bootsgezel, metselaar en blokkenmakker. De meeste mensen kwamen uit Delft en Delfshaven. Enkele andere plaatsen waren Kampen, Rotterdam, 's-Gravenzande, 's-Gravenhage, Leeuwarden en Arnhem.
Belangrijke functionarissen waren:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 4043 / 0494 Het gaat om een contract waarin een aantal personen wordt genoemd met hun leeftijden en moeders. De genoemde personen zijn:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937379 / 121 Dit is een opsomming van juridische handelingen en contracten uit een historisch register. De belangrijkste zaken waren:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1176042 / 864 Op 3 juni 1839 vond er in de herberg van Benjamin ten Brugguncate in Almelo een openbare verkoop plaats van domeingoederen. Deze verkoop werd geleid door notaris Jacobus van Riemsdijk in aanwezigheid van:
De belangrijkste verkoopvoorwaarden waren:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 35 / 0044 Op juni 1763 verscheen voor de Raad van Justitie van het gouvernement aan de Kaap de Goede Hoop de soldaat Jan Hendrik Willem Liberton van Griethuijssen. Hij was 20 jaar oud en was bemanningslid op het gezonken schip 'de Vis'. Op verzoek van fiscaal Daniel van den Henghel verklaarde hij dat:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 4146 / 0144 De soldaat Johannes Pollansel uit 's-Gravenhage moest een verklaring afleggen. Hij verklaarde dat hij had gezien dat een soldaat genaamd Hendrik Willem Lieberton een schot met een kanon had afgevuurd terwijl de commandant ernaast stond. Dit werd vastgelegd aan de Kaap de Goede Hoop op 30 mei 1740. De raadsheren Bergh en Cornelis Eelders waren hierbij aanwezig. Op 4 juni 1740 werd deze verklaring aan Pollansel voorgelezen door de raadsheren P.R. de Savoije en J. de Grandpreez. Hij bevestigde toen dat alles klopte en er niets hoefde te worden toegevoegd of verwijderd.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11015 / 0182 In Jan Wassenburg uit Amsterdam bevestigt onder ede zijn eerdere verklaring over het ongeluk met het schip 'de Vis', waar hij als hoofdtimmerman werkte. Hij weet niet meer wie het tweede schot heeft afgevuurd. Hij verklaart ook dat de volgende mensen niet hebben geholpen met het redden van de laatste 5 geldkisten van het schip:
Deze verklaring is afgelegd voor de getuigen Adriaan Van Schoor en Hendrik Emanuel Blanckenberg.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11015 / 0161 Dit is een overzicht van verschillende leningen en onroerend goed uit de jaren 1790-1845. Het bevat:
Ook wordt er onroerend goed beschreven dat eigendom was van Herman ter Kuile Hoedemaker:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 42 / 0091 Op 31 maart 1818 verschijnt Cornelis de Boer, een winkelier uit de Nieuwesluis in de gemeente Zwartsluis, bij notaris Coenraad Jurgen Freislich in Hasselt, provincie Overijssel. De Boer maakt zijn testament op in aanwezigheid van getuigen. Hij benoemt zijn aanstaande echtgenote Jacoba Johanna Boerrigter tot zijn enige erfgenaam van alles wat hij bij zijn dood zal nalaten, behalve dat deel waarover hij volgens de wet niet vrij mag beschikken.
Als getuigen zijn aanwezig:
Het document is geregistreerd in Zwolle op 13 maart 1841. Er is 2 gulden en 40 cent betaald voor de registratie.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 2051 / 0050 De erfgenamen bezitten samen het Erve (boerderij) Meijerink in Losser. De volgende personen zijn eigenaar:
Het vroegere hofhorige (pacht)goed is vrij eigendom geworden door een afkoopakte tussen Gerrit van Riemedijk, beheerder van staatseigendommen in Arnhem, en de familie Meijerink. Deze akte is op 31 augustus 1829 opgesteld door notarissen Frederik Carel Willem Stork uit Oldenzaal en Jan Hendrik Wainaars uit Almelo.
Het landgoed bestaat uit vele percelen met bouwland, weiland, heide en bos, verspreid over verschillende gebieden in Losser. De totale waarde werd geschat op 5.670 gulden. Er rust nog een schuld op van 4.188 gulden plus 1.047 gulden aan rente, in totaal 5.235 gulden. Deze schuld had op 11 november 1832 afbetaald moeten zijn.
Op 31 mei is besloten dat de meerderjarige erfgenamen het hele landgoed krijgen en de schuld overnemen, omdat het niet in delen gesplitst kan worden. Ze moeten de minderjarige erfgenamen wel uitkopen voor hun deel van de restwaarde.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 30 / 0186 Op 30 september 1834 werd in Almelo een huurcontract gesloten tussen graaf Adolph Frederik Lodewyk van Rechteren Limpurg, eigenaar van het Huis Almelo en de Heerlijkheid Almelo en Vriezenveen, en Janna Wagenvoort, weduwe van Gerrit Bakhuis. Ze was tapster en bleekster in de gemeente Ambt Almelo.
Het contract bevatte de volgende bepalingen:
Notaris Jacobus van Riemsdijk stelde de akte op in aanwezigheid van getuigen Hendrik Jan Derksen en Berend Wolters.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 30 / 0189 De notaris Jacobus van Riemsdyk uit Almelo zet de inventarisatie voort voor Lambertus ten Cate, die wordt vertegenwoordigd door zijn broer en gemachtigde Sijbrunt ten Cate. Dit gebeurt in aanwezigheid van twee getuigen uit Enschede: Jan Hendrik Fleddeman (winkelier) en Derk Lemink (spinner). De volgende schulden worden genoteerd:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 14 / 0151 Op 9 juni 1817 verschenen voor notaris Jacobus van Riemsdijk in Almelo de volgende personen uit Losser:
Ook aanwezig waren Hermannu Bonke, waarnemend schout, en Hermen Boerrigter, schoenmaker, beiden uit Losser. De zaak ging over het testament van Anna Reijlvers, weduwe van Lucas Verwoolde, dat zij had opgesteld op 20 december 1697.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 11 / 0099 Egbert Boerrigter en zijn vrouw Hermiena Kolembrander stellen hun bezittingen als onderpand voor een lening van 500 gulden. Het gaat om:
De akte is opgemaakt in Almelo op het kantoor van notaris Jacobus van Riemsdijk op 10 juli 1815. Als getuigen waren aanwezig: Deodatus Colard (gepensioneerd sergeant-majoor) en Arnoldus Bloemen (schoenmaker), beiden uit Almelo. Hermiena Kolembrander verklaarde niet te kunnen schrijven of tekenen. De akte is geregistreerd op 7 juli 1815 en een kopie is verstrekt aan Hendrik Wannaars.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 9 / 0096 In de tekst gaat het over de verdeling van een nalatenschap. De schrijfster regelt het volgende:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 8 / 0053 Op 7 september 1802 werd er in het dorpje Kasteel een veiling gehouden. Deze werd geleid door notaris C.J. Freisluk. Er werden verschillende dieren geveild:
De totale opbrengst was 446 gulden en 5 stuivers. Bij de veiling waren S.T. Tijl en D.L. van Terney aanwezig als getuigen. Op 1 november 1802 werd er een openbare verkoop aangekondigd van goederen die toebehoorden aan Berend Dorst.
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 2044 / 0021 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/