Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
De moeder heeft bepaald dat haar bezit verdeeld moet worden tussen haar 3 dochters:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 2051 / 0049 Een bericht van Lieven Cornelisz uit het fort Frederick Hendrick op Sawayiang in Banda aan de heer Arent Verhderen in Timor op Coepang. In de brief staat dat er om 4 uur 's ochtends een pakket is ontvangen via Pieter Victoors met:
Op vrijdag zagen ze het schip Negombo aankomen. Op 24e rond 11 uur 's nachts kwam er een boot uit Landanees aan die snel weer moest vertrekken. Het fort is alert op mogelijke nachtelijke aanvallen. Er wordt gewaakt rondom het dorp en er staan geladen kanonnen klaar. Ze vragen om nieuwe kanonaffuiten (onderstellen voor kanonnen).
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 8310 / 0173 Op 17 oktober 1624 verscheen voor notaris Jacob Veerhout in Amsterdam de wijnhandelaar Garbrant Claesz. Hij was de oom en voogd van de kinderen van zijn overleden broer Pieter Claessz Codzelver, die touwmaker was geweest.
Garbrant Claesz stelde Abraham Anthonissz, een burger van Amsterdam, aan als vertegenwoordiger. Deze kreeg de macht om:
Dit gebeurde in het huis van de notaris, in aanwezigheid van de getuigen Jacob Eeuwoutsz en Reijnert Roijer.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510990 / 138 Thomas Joannis Graat was getrouwd met Engeltje Vermeer zonder huwelijkse voorwaarden. Engeltje Vermeer woonde in Haarlem en overleed daar op 24 januari 1867. Ze had een testament opgesteld op 4 maart 1864 bij de notaris in Haarlem.
Haar erfgenamen waren:
Notaris Henricus Adrianus Franciscus Daniel van Meereroen uit Haarlem maakte een inventaris op in het huis aan de Hagestraat (hoek Beeksteeg) in Haarlem. Makelaar Adelbertus Engesmit uit Haarlem deed de waardering van de goederen. Getuigen waren Johannes Petrus Geerlofs en Bernardus Hendrikus Bruinig.
De inventaris bevatte onder meer:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 235 / 0199 Op 6 maart 1867 kwamen de volgende personen bij elkaar:
Elisabeth Lampe had op 23 februari 1867 een volmacht getekend die op 2 maart 1867 werd geregistreerd in Haarlem. Ze werd op 20 februari 1867 benoemd tot voogd over haar kinderen door de kantonrechter van Alkmaar.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1972 / 235 / 0198 De volgende 99 mensen, zowel vrijen als slaven, hebben toestemming gekregen om te vertrekken op aandringen van de hooggeplaatsten. Dit zorgt voor wat ruimtegebrek op de schepen. Enkele zieken en kreupelen die hier waarschijnlijk niet zullen genezen, zullen later volgen. De opperstuurman van de Buijenskerck, Jan van de Sande, is eergisteren overleden aan hevige koorts. De opperstuurman van het Waterhoen is helemaal op en gaat ook weg, net als vaandrig Hans Hendrick Trapicus. Die laatste zou wel willen blijven maar kan niet meer. Ook de volgende mensen zijn ongeschikt voor dienst:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1271 / 1312 Een aantal slaven werd naar de gevangenis van de officier van justitie gestuurd. Andere slaven werden toegewezen aan de kinderen van Barent Samlant en hemzelf:
Op verzoek van Abraham Samlant, namens zijn vader, werden de volgende boeken uitgeleend:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 9388 / 0181 Dit is een lijst deelnemers (waarschijnlijk van een register of ledenlijst), met hun volgnummers. De namen zijn:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.01.02 / 1061 / 0004 Op 31 maart 1749 vermeldt deze tekst 3 verschillende betalingsopdrachten (wisselbrieven) vanuit Ceylon:
Het totaalbedrag was 6951 gulden en 2 stuivers.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 2745 / 1295 In 1776-1785 vonden diverse financiële transacties plaats tussen verschillende personen. De belangrijkste betrokkenen waren:
De transacties betroffen bedragen tussen de 4.200 en 18.000 gulden. Appollonius Jan Cornelis Lampsins had de functie van bewindvoerder en hoofdaandeelhouder. De betalingen vonden plaats op verschillende data tussen 3 december 1776 en juni 1785.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.01.02 / 641A / 0312 In deze huwelijksakte en testament staat dat erfenissen niet als winst werden gezien. De toekomstige bruid is niet aansprakelijk voor schulden van de bruidegom van vóór het huwelijk, en andersom. Als één van de echtgenoten overlijdt zonder kinderen, krijgt de langstlevende alle huisraad en 100 gulden uit de nalatenschap.
Het testament is opgemaakt op 9 augustus 1647 in Amsterdam door notaris Frans Uijttenbogaert. Anna van Heshuijsen, weduwe van Johannes Gunningh (voormalig rechter in Donbeeck in het land van Cleet), heeft haar erfenis als volgt verdeeld:
De erfenis bestaat uit haar bezit in het hof ter Dinckel en alle overige roerende en onroerende goederen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1936839 / 166 Volgens het kasboek is er een lijst van schulden van een overleden persoon in Amsterdam. De schuldenaren zijn:
De kosten van het sterfhuis zijn:
Daen Claessz verklaart op 28 oktober 1661 dat hij alles eerlijk heeft aangegeven. Als er later nog iets gevonden wordt, zal dit worden toegevoegd. Getuigen waren Otto van der Mijl en Benjamin de Roij, inwoners van Amsterdam.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 921529 / 215 De tekst bevat diverse wisselprotesten en wisselbrieven van notaris Cornelis Gerlings in Haarlem uit november en december 1838. Het gaat om verschillende handelstransacties waarbij betalingen niet of niet op tijd worden voldaan. De belangrijkste personen zijn:
De getuigen die bij de protesten aanwezig waren zijn Adam van der Zuider (borstelmaker) en Nicolaas van Dyk (twijnder). De documenten werden geregistreerd door D.F. Crommelin.
De bedragen van de wissels variëren van 120 tot 441 gulden. In veel gevallen wordt als reden voor niet-betaling opgegeven dat men "niet bij kas" is of dat de "kas niet toereikend" is.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1617 / 1755A / 0114 Als de erfgenamen van de testatrice voor haar overlijden sterven en wettige kinderen achterlaten, dan komen deze kinderen in plaats van hun overleden vader of moeder. Als iemand van de erfgenamen bezwaar maakt tegen dit testament, krijgt die persoon alleen het wettelijk minimum waar hij/zij recht op heeft.
Op 13 augustus 1647 om 4 uur 's middags verschenen voor notaris Frans Uijttenbogaert in Amsterdam de zilversmid Andries Lohans en zijn vrouw Margrita Roeloffs. Ze woonden in het Schoutensteeghje in het Hof van Genua in de stad. Ze waren gezond van lichaam en geest.
Ze bepaalden in hun testament:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1936839 / 167 Op juli 1812 is in Almelo een overeenkomst gesloten tussen Mozes Salomons, Antoni Koehorst, Gerrit Jan Brinkhuis uit Gammelke (gemeente Weerselo) en Jannes Hollink. De laatste twee stelden zich garant voor de uitvoering van de overeenkomst, specifiek voor de terugbetaling van bedragen en rente die Mozes Salomons namens Antoni Koehorst moest betalen. De overeenkomst werd getekend in het kantoor van notaris Jacobus van Riemsdyk in aanwezigheid van twee getuigen:
Bekijk transcriptie NL-ZlHCO / 0122 / 6 / 0007 De notaris Jacob de Winter uit Amsterdam maakte op 10 augustus 1676 een akte op over de overdracht van een grafplek. Abigael van Nieuwlandt, weduwe van Cors Jansz Buijck, droeg samen met andere erfgenamen de helft van een graf (nummer 32) in het hoogkoor van de Oude Kerk over aan de kinderen en kleinkinderen van Claes Jacobsz Gelthouwer.
Op 11 augustus 1676 werd een tweede akte opgemaakt waarin de erfgenamen van Jacob Claesz Gelthouwer de helft van een graf in de Oudezijds Kapel overdroegen aan Abigael van Nieuwlandt en andere erfgenamen van Cors Jansz Buijck.
Op 12 augustus 1676 verklaarden Cornelis Krijnen en Marritje Lamberts uit Beverwijk 468 gulden en 15 stuivers te hebben ontvangen van Jan Rijnier, een tabakshandelaar, als deel van een grotere lening van 3750 gulden.
Ook werd vastgelegd dat Adriaen Brouwer, vroeger provoost (bewaker) van de burgerwacht in Amsterdam, op 27 maart 1668 was overleden. Hij had zijn kinderen Dirck en Jacob Brouwer als erfgenamen aangewezen, met de bepaling dat zijn vrouw Elisabeth Hamel het beheer over alle bezittingen zou houden tot haar dood of hertrouwen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607601 / 88 Op 4 september 1676 verscheen Niclaes Kruijs, plaatsvervangend secretaris uit Loenen, samen met zijn zus Hendrickje Kruijs (24 jaar) bij notaris Jacob de Winter in Amsterdam. Ze waren de kinderen van Cornelia Buijck en Henrick Kruijs, en kleinkinderen van Cors Jansz Buijck. Ze verklaarden dat ze afzagen van hun erfenis van hun grootvader ten gunste van Abigael van Nieuwlandt, de laatste weduwe van Cors Jansz Buijck.
Op 5 september 1676 dienden de volgende personen een verzoek in bij het gerecht van Amsterdam:
Ze waren erfgenamen van Theunis Harmansz (scheepstimmerman) en Trincke Jans. Ze wilden toestemming om bezittingen te verkopen, waaronder:
Deze bezittingen werden verkocht aan Jan Theunisz. De schepenen Willem Kloecken, Boelensz, van Dijck en Popte keurden de verkoop goed.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607601 / 114 Geertruijd van Nieuwlandt, weduwe van Jan Hendriksz Konink, verklaarde op 12 oktober 1673 in Amsterdam een schuld te hebben bij Daniel Florianus, chirurgijn, van 300 Carolus guldens. Ze zou dit bedrag met 5% rente binnen een jaar terugbetalen. Abigael van Nieuwlandt, weduwe van Cors Jansz Buijk, stelde zich hiervoor borg. Later verschenen voor notaris Cornelis De Ghrijp:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937013 / 399 Alexander Engelbrecht kwam regelmatig bij de klager thuis in de Dolle Bagijnensteeg toen het regende. Hij eiste geld van de vrouw en zus van de klager en gebruikte dreigementen. Daarna vertrok hij naar een kaartenmaker in de Kalverstraat en ging bij het leger.
Jan Otten en Anna Catharina Mering verklaren dat Alexander Engelbrecht weer bij de klager kwam om geld te eisen. Toen hij niet kreeg wat hij wilde, trok hij zijn zwaard en bedreigde de klager. De vrouw van de klager viel flauw. Anna Catharina en de zus van de vrouw konden erger voorkomen.
Toen Alexander Engelbrecht naar 's-Hertogenbosch vertrok, kreeg hij van de klager:
Dit werd verklaard in Amsterdam op 8 april 1673 in aanwezigheid van:
Op 31 januari 1673 verscheen Abigael van Nieuwland, weduwe van Cors Jansz Buijck, met andere erfgenamen voor de notaris. Ze kwamen overeen de boedel te verdelen. Abigael kreeg haar eigen ingebrachte spullen terug en 4045 gulden voor haar ingebrachte kapitaal. De rest werd gelijk verdeeld tussen haar en de kinderen van Cors.
Dit werd vastgelegd in Amsterdam op 11 april 1673 in aanwezigheid van Gerrit Blijdenberg en Gerrit Vermaten.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607598 / 215 Jacob Cornelisz Batenburg en zijn vrouw Neeltje Cornelis uit Duinkerken, nu in Amsterdam, verkopen op 10 oktober 1676 twee obligaties aan Pieter Abels van Wesel. De obligaties:
Op 11 juni 1675 en 16 oktober 1676 maken de erfgenamen van Cors Jansz Buijck afspraken over zijn nalatenschap. De erfgenamen zijn:
Abigael van Nieuwlandt belooft de schulden van de nalatenschap te betalen. Daniel Florianus, chirurgijn in Amsterdam, stelt zich hiervoor borg. Catharina Buijck belooft op haar beurt haar man Cornelis Rademaecker te beschermen tegen mogelijke problemen door deze erfenis.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607601 / 147 Op 20 januari 1623 werd in Amsterdam een lijst opgesteld van huishoudelijke goederen, waaronder een houten kast, koperen spullen en sieraden.
Op 20 februari 1673 werd een inventarislijst gemaakt van de bezittingen van wijlen Cors Jansz Buijck en Abigael van Nieuwlandt. Dit werd gedaan door deurwaarder Pieter de Ruijter namens de weduwe Abigael van Nieuwlandt en andere erfgenamen:
De huisraad werd getaxeerd door Lijsbeth Martens en Grietje Arents, beëdigde taxateurs van de stad. De inventaris bevatte onder meer:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605104 / 177 Deze tekst gaat over een aantal erfenis-overeenkomsten uit de 17e eeuw. Abigael van Nieuwlandt, weduwe van Cors Jansz Buijck, sluit verschillende overeenkomsten met de erfgenamen van haar overleden man:
Bij deze overeenkomsten waren notaris Jacob de Winter en verschillende getuigen aanwezig, waaronder Johannes Booss, Jan Loaell, Johannes vanden Kerckhove, Jan Oorhhoorn en Joan Kes.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 607601 / 255 Op 15 augustus 1645 verklaarde Daniel Nieulant, 24 jaar oud en inwoner van Amsterdam, voor notaris Jan de Vos het volgende: Ongeveer 3 of 4 weken geleden was hij in de gevangenis waar hij Pieter Woutersz (een sleper) hoorde zeggen dat hij 600 gulden contant geld in zijn kist had. Woutersz was bang dat zijn schuldeisers dit zouden ontdekken. Kort daarna bracht de dochter van Pieter Woutersz hem een zwarte broek met 20 gulden in de gevangenis. Dit werd bevestigd door getuigen Joris de Wijse en Arent Bouton.
Op 17 juli 1647 verklaarde Jan Jansz Groen, een 40-jarige arbeider uit Amsterdam, op verzoek van handelaar Johannes Duijm het volgende: Hij had tussen 8 en 9 uur 's avonds op de Dwars Herengracht 7 kisten suiker helpen overladen van een steigerboot naar de kaagboot van Wouter Gerritsz. De kisten waren droog en in goede staat, maar werden wel snel en slordig in de kaag gegooid. Het was die avond droog weer, maar de volgende dag (vrijdag) regende het hard. Op zaterdag heeft Wouter Gerritsz de suikerkisten weer uitgepakt en verplaatst. Dit werd bevestigd door getuigen Gerrit Claesz en Tebbe Eversz.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1511033 / 94 Op 18 maart 1651 verscheen Bartram Bouton, een bode uit 's-Hertogenbosch, voor notaris Adriaen Lock. Hij trad op als voogd van het weeskind van Jacob van Nieulant en verklaarde het volgende:
Hij had met Claes van Zwieten, die optrad namens Joris Samuelsz, afgesproken dat Van Zwieten beslag mocht leggen op de huurinkomsten van een huis in het Boerensteegje binnen de stad. Dit zou geen afbreuk doen aan eerdere afspraken waarbij Joris Samuel geld tegoed had van Bouton, die hiervoor borg stond. Hij beloofde de betaling op tijd te voldoen.
Deze verklaring werd ondertekend in Amsterdam in aanwezigheid van de getuigen Pieter van Buijtene en Jan Gerrit Steman.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 965421 / 241 Op 12 april 1661 verscheen Jan Coops van Texel, voormalig schipper, voor notaris Willem van Veen in Amsterdam. Hij verklaarde voor Arent Hendrickzen en andere reders dat hij zijn best had gedaan om het schip 'Jan' uit de grond te halen toen het in Dublin was gezonken. Hij had het wrak verkocht voor 80 pond sterling. De kosten voor het bergen, reizen en verblijf tot zijn terugkeer in Amsterdam bedroegen 430 gulden. Hij had de matrozen hun halve loon uitbetaald, waarna ze vertrokken omdat ze niet langer bij het wrak wilden blijven.
Ook op 12 april 1661 ging notaris Willem van Veen naar het huis van Joris Nieulant in de Monnikenstraat in Amsterdam, op verzoek van huiseigenaar Lucas Claesen. Hij deelde Nieulant mee dat als deze in mei wilde blijven wonen, hij binnen 24 uur een huurcontract moest komen tekenen. De huur mocht alleen aan Claesen worden betaald. Als Nieulant geen contract zou tekenen, moest hij in mei vertrekken. Nieulant antwoordde dat hij niets met Claesen te maken had, omdat de persoon die hem het huis verhuurde betrouwbaar genoeg was. Dit gebeurde in aanwezigheid van getuigen Jan Schibdem en Lerijn Kerckberg.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937128 / 562 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/