Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van herkende teksten

Fully AI-GeneratedGebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.


Een huis met erf in de Boterstraat in Schiedam moet worden getaxeerd door 4 personen:

Simon Cornelis Knappert krijgt daarna 14 dagen de tijd om te beslissen of hij het huis voor de getaxeerde prijs wil kopen. Hij moet dan zelf de kosten van de overdracht betalen.

Het huis grenst aan:

Het huis loopt van de straat tot aan de Schie. De overleden Adriaan van Schaak woonde hier zelf. Hij tekende dit document op 20 mei 1797.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 98  


Deze tekst beschrijft een uitbetaling van een erfenis. Simon Cornelis Knappert, secretaris van de stad, krijgt 2000 gulden. De tekst verwijst ook naar een eerder testament waarin staat dat de eerste en tweede dienstmeid na het overlijden van de langstlevende elk een jaarlijks bedrag krijgen. Ze ontvangen:

De tweede dienstmeid blijkt een aangetrouwde nicht te zijn. Ook worden Jacobus Knappert, een oud-schepen, en Cornelis van der Bijl uit Den Haag genoemd als uitvoerders van het testament.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 96  


Adriaan van Schaak en Catharina Hogeveen hebben op 7 februari 1788 in Rotterdam een gezamenlijk testament laten opstellen bij notaris Manta Meijndert van der Loeff. Ze stelden daarbij 3 mensen aan als beheerders van de erfenis:

Dit werd vastgelegd in Schiedam op 19 november 1790. Later is Ruth Verboon overleden, waarna Adriaan van Schaak als langstlevende echtgenoot een nieuwe beheerder moest aanstellen.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 95  


Samuel Pieter Ruer en Pieter Adrianus Martinius waren getuigen bij het opstellen van een testament in Rotterdam. Het testament werd opgesteld voor notaris M.M. van der Loeff. De testateurs (mensen die het testament maakten) wilden dat hun laatste wensen werden uitgevoerd na hun overlijden. Het document moest rechtsgeldig zijn als testament of codicil (aanvulling op een testament). Ze vroegen de notaris om hier een officiële akte van te maken.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 94  


Deze tekst beschrijft rechten en bevoegdheden van personen om:
Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 92  


De personen die dit testament opmaken bepalen dat na de dood van de langstlevende van hen, er uitvoerders moeten komen van dit testament. Deze uitvoerders zullen ook:

De testamentmakers of de langstlevende van hen zullen later nog bepalen wie deze uitvoerders precies worden. Ze geven deze uitvoerders alle macht die bij hun taken hoort. De uitvoerders mogen ook bezittingen verkopen, zowel via een openbare verkoop als onderhands, als dat nodig is om aan contant geld te komen.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 91  


De erfgenamen die meerderjarig zijn zullen bepaalde zaken direct mogen verdelen en gebruiken, zonder dat ze iets aan de minderjarige erfgenamen hoeven te betalen. Dit is een speciale regeling voor de meerderjarige erfgenamen. Als de langstlevende echtgenoot niet hertrouwt en overlijdt, moet deze op kosten van de gezamenlijke erfenis worden begraven, net zoals de eerst overleden partner. De langstlevende mag altijd zelf beslissen over zijn of haar helft van de erfenis. De erfmakers sluiten het volgende uit van hun nalatenschap: Dit alles met behoud van hun waardigheid en gezag.
Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 90  


De testateurs (mensen die een testament opmaken) bepalen het volgende:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 88  


De erflater bepaalt dat de langstlevende echtgenoot 100.000 gulden volledig vrij mag beheren en gebruiken, zonder verplichtingen richting anderen, behalve het uitbetalen van eerder genoemde legaten. Deze legaten moeten uit de gezamenlijke bezittingen worden betaald na het overlijden van de langstlevende. Als de erflater als eerste sterft en zijn weduwe hertrouwt, bepaalt hij dat deze 100.000 gulden in eigendom overgaat naar dezelfde erfgenamen die hij eerder heeft aangewezen voor het geval hij langstlevende zou zijn. Deze erfgenamen moeten dan wel nog in leven zijn. Voor hen gelden dezelfde voorwaarden voor het uitbetalen van de eerder genoemde legaten.
Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 87  


Als de langstlevende van de echtgenoten hertrouwt, dan krijgt deze het volledige erfrecht van de eerststervende, met uitzondering van een bedrag van 100.000 Gulden. Dit bedrag moet binnen 3 maanden na het overlijden van de langstlevende worden uitgekeerd in effecten of contant geld, naar keuze van de executeurs. Dit bedrag moet zonder aftrek van successierechten worden uitgekeerd aan de zijde van de eerststervende.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 86  


Bij een erfenis van 10.000 gulden gelden de volgende regels:

Niemand mag erven voor de leeftijd van 25 jaar. Als de erfgenamen overlijden, gaat het geld naar de door de erflater aangewezen vervangende erfgenamen die dan nog leven.

De erfenis wordt als volgt verdeeld:

Als een van deze 15 personen overlijdt, gaat hun deel naar hun wettige nakomelingen. Als die er niet zijn, gaat het naar de overige personen of hun wettige nakomelingen.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 80  


Er moeten na het overlijden van de erflater door de erfgenamen binnen 3 maanden contant geld worden uitgekeerd aan:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305739 / 81  


Op 25 april 1930 tijdens een avondzitting werd gesproken over de benoeming van een vaste bespeler voor de Stadsschouwburg. De discussie ging tussen twee kandidaten:

Kritiekpunten op Verkade:

Voordelen van de Koninklijke Vereniging:

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2982430 / 433  


Maerten Rouwenhove moet op woensdag 19 november 1702 om 9 uur 's ochtends in het Ambachtshuis in Ketel de volgende zaken overhandigen aan de schout en schepenen:

Dit document is ondertekend door:

Op 20 november 1702 heeft notaris Adriaen Agnus uit Schiedam deze aanzegging aan de vrouw van Rouwenhove overhandigd omdat hij niet thuis was. Dit gebeurde in aanwezigheid van getuigen Johannes Bos en Jasper Jansz van den Bosch. De notaris Jan Groe heeft dit bevestigd.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 1413171 / 248  


Op 2 april 1663 werd in Schiedam een financiële afrekening opgemaakt. Deze vond plaats in het huis van Neeltge Leenders aan de Dam in de Zuidbuurt. Het betrof een betaling van 6250 gulden met een rente van 3% per jaar aan de voogden van Cornelis Pietersz vander Weijde. De rente zou jaarlijks op 1 mei betaald worden, met de eerste betaling op 1 mei 1663.

Na verrekening van alle ontvangsten en uitgaven bleef er 1 gulden en 11 stuivers over. Notaris Maerten Kouwen stelde de rekening op.

Als getuigen waren aanwezig:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 1504889 / 271  


Na de inventaris van de nalatenschap van Jasper CaJansz Schilperoort waren er verschillende bezittingen die de erfgenamen gemeenschappelijk beheerden:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 1504889 / 341  


Op 14 mei 1764 kwamen de volgende personen bij notaris Cornelis Knappert in Schiedam:

De Verkade-familieleden waren kinderen van Maria van Watering en Michiel Verkade. Maria van Watering was ook een dochter van Claas Lambregtse van Watering. De meeste betrokkenen woonden in Schiedam, behalve Maarten Kleyweg en Adriana Verkade die in Overschie woonden.

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 1545831 / 147  


Er werd een veiling gehouden van huisraad in Amningedaan. De verkochte items waren onder andere klokken, spiegels, een wasvat en diverse kisten. De kopers waren:

De totale opbrengst was 449,65 gulden. De veiling vond plaats in het huis van Martinus Johannes Verkade. Als getuigen waren aanwezig Chriestoffer Masson (zonder beroep) en Menso van Gyzel (politieagent). Het document werd geregistreerd in Appangestem op 27 maart 1830. De registratiekosten waren 12,77 gulden. De tijdelijke ontvanger was Decock.

Bekijk transcriptie NL-GnGRA / 85 / 78 / 0228  


Het schip was teruggekeerd uit Perzië op 24 december en maakte zich klaar voor de terugreis naar het vaderland.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1616 / 0639  


Op 9 augustus 1847 om 9 uur 's ochtends kwamen bijeen:

Zij waren aangesteld als uitvoerders van het testament van Hendrik Maas Adrianuszoon, die op 20 juli 1847 in Schiedam was overleden. Hij had zijn testament op 11 juni 1845 laten opstellen bij notaris Joannes Henricus Knottenbelt in Vlaardingen.

De erfgenamen waren:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 4075456 / 35  


De erfgenamen van wijlen Pieter Verkade waren:

Bekijk transcriptie NL-SdmGA / 2305463 / 799  


Oranje Elzele van Brederode, gerechtsdienaar wonend te Appingedam, verklaarde op 17 maart 1830 dat hij geld had geleend van Janne Tiede Boer, die in Bijnemeer woonde. De afspraken waren:

De overeenkomst werd opgesteld door notaris Elicie Deuel in Appingedam.

Bekijk transcriptie NL-GnGRA / 85 / 78 / 0223  


Op een veiling werden huishoudelijke voorwerpen verkocht. De kopers waren onder andere:

Verkochte items waren onder andere koffiepotten, ketels, lantaarns, spiegels, theepotten, kandelaars, serviesgoed, glaswerk, kussens en bedden. De prijzen varieerden van 5 cent tot 12 gulden en 25 cent per item.

Bekijk transcriptie NL-GnGRA / 85 / 78 / 0226  


Op 24 december 1748 ging notaris Daniel van den Brink uit Amsterdam naar het huis van Gerrit Cramer. Hij deed dit op verzoek van mevrouw Beck en haar zoon. Ze wilden dat Cramer een wissel (een soort schuldbewijs) zou betalen. De vrouw van Cramer was thuis, maar zei dat haar man er niet was en dat zij geen opdracht had gekregen om te betalen. De notaris heeft toen officieel geprotesteerd tegen de niet-betaling. Dit gebeurde in het bijzijn van getuigen Gerrit Willem de Wolff en Hendrik Keijsbergh.

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510665 / 472  


Op 14 november 1748 werd in Rotterdam een betalingsopdracht uitgeschreven. Salomon Elias vraagt aan Alexander de Meij om 176 gulden te betalen binnen 5 weken. De betaling moet worden gedaan via het adres van Gerrit Cramer in de Staalstraat in Amsterdam. Salomon Elias draagt de opdracht over aan Adriaan van Willigen, die het vervolgens overdraagt aan de weduwe van Abraham Be en zoon.

Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510665 / 471  



Vorige paginaVolgende pagina

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/