Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van herkende teksten

Fully AI-GeneratedGebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.


Een vrouw verklaart dat ze zag hoe een slaafgemaakte vrouw genaamd Mijntje uit het voorhuis wilde vluchten. De vrouw achtervolgde haar, bond haar vast en verkocht haar de volgende dag buiten Lier. Later kocht de moeder van de vrouw een slaafgemaakte vrouw die uit Madagascar kwam. Deze vrouw kreeg de naam Chora en woonde nog steeds bij haar. Zodra Chora in het huis kwam, kwamen jongens van ene Mensink, waaronder een zekere Gerrit, haar ophalen om bij Mensink te komen.

Toen Mensink hoorde dat er een nieuwe gouverneur en tweede persoon zou komen, kwam hij naar het huis van de vrouw. Hij toonde mondeling en schriftelijk berouw en vroeg om vergeving. Toen dat niet lukte, vroeg hij dominee Leboucq om te bemiddelen. De dominee verklaarde echter dat hij niet begreep wat voor persoon Mensink was.

Op een avond in oktober 1707 kwam Mensink naar het huis en ging naar achteren op het terrein. De vrouw werd argwanend omdat Chora daar ook was en ging kijken wat er gebeurde. Daar trof ze hem aan met de genoemde..

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10997 / 0718  


Op 16 november 1712 legde Elisabeth Lingelbagh, echtgenote van Willem Mensink, een verklaring af voor secretaris Daniel Thibault van de rechtbank. Ze deed dit op verzoek van Willem van Zutten, de officier van justitie. Ze verklaarde het volgende:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10997 / 0713  


De slavin Floroo was van haar meesteres naar het afdak achter in de tuin gestuurd omdat ze 's nachts te veel lawaai maakte. Een andere slavin sliep in de keuken. Meusink kwam regelmatig op bezoek bij de slavin in het afdak. Hij werd dan binnengelaten door de achterdeur.

Later moest de slavin van haar meesteres in het voorhuis slapen omdat het afdak te vochtig was. Meusink kwam daar nog steeds op bezoek, meestal door het raam. Twee keer liet de slavin hem binnen door de voordeur, waarna hij zich onder een bed verstopte.

Toen de meesteres argwaan kreeg, moest de slavin op zolder slapen. Meusink kwam daar ook, door het raam naar binnen klimmend met hulp van zijn slaven Isaac en Gerrit die een ladder neerzetten. De slavin moest van haar meesteres beloven dat ze zou waarschuwen als Meusink weer zou komen, maar ze deed dit niet op aandringen van Meusink.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10997 / 0753  


Bij het kabinet van de secretaris van Stellenbosch werd een verklaring afgelegd onder ede in het bijzijn van de gerechtsbode Sebastiaan Schreue en Augustus Meijhuijssen als getuigen. De officiële akte werd ondertekend door de getuigen en de secretaris Jan Mahei. Het document werd bekrachtigd door secretaris Chibault.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0074  


Op een dag heeft Marie van Chijlon onder dwang het volgende moeten ondergaan:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0070  


Henraath heeft op 1 juni een verklaring afgelegd over hoe koopman Jan Jansz uit Amsterdam op een indringende manier had gevraagd om een schriftelijk certificaat. Dit certificaat moest bevestigen dat Jan Jansz en zijn collega's al het mogelijke hadden gedaan om het gestolen hout van Dierck Meynerssoon terug te vinden. Jan Jansz wilde ook dat in het certificaat zou staan hoeveel uren zij in Amsterdam naar het hout hadden gezocht.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0068  


Op 7 juli 1710 vond er een verhoor plaats in het Kasteel de Goede Hoop. De ondervraagde zei dat hij niet kon komen omdat hij mank was en dat hij zich nooit had aangesloten bij de vluchtelingen. Hij was alleen gevlucht vanwege een zaak met kapitein Bergh. Het verhoor werd afgenomen door P. Swellengrebel en Hendrik Bouman, leden van de raad. Ze tekenden het document samen met de ondervraagde en de secretaris. Na het verhoor werd de verklaring voorgelezen aan de ondervraagde, die bevestigde dat alles correct was opgeschreven en dat er niets aan toegevoegd of verwijderd hoefde te worden.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0045  


De tekst is onduidelijk en gefragmenteerd. Het lijkt te gaan over een verhoor waarbij iemand wordt ondervraagd over een slaaf genaamd Claas die 3 à 4 maanden bij de landdrost was gebleven. Er wordt ook gesproken over een incident bij het gebergte achter Clorte. De getuige zegt meerdere keren "dat weet ik niet" en ontkent bepaalde beschuldigingen.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0044  


Een veldwachter vroeg om vergiffenis omdat hij zijn jongen had gestuurd om een schaapherder weg te jagen. Dit gebeurde omdat de schaapherder van Jan te dicht bij hun gebied kwam. Toen deze niet vrijwillig wilde vertrekken, hebben zijn zoon en slaaf hem zwaar mishandeld en hem een grote hoofdwond toegebracht.

De verdachte antwoordt dat hij zijn jongen niet heeft geslagen. Dit was ongeveer 3 weken eerder gebeurd, omdat deze het vee in het stro liet lopen. Hij zegt dat hij de jongen een paar klappen zou hebben gegeven als deze niet was weggerend.

Ongeveer een maand later is de slaaf overleden. Andries en Alexander waren naast anderen ook overleden. De verdachte heeft de slaaf, die om genade smeekte, geslagen toen hij hem bij Draakenstein tegenkwam.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0039  


Christoffel raakte in een ruzie verwikkeld. Hij ontkent sommige beschuldigingen. Hij zegt:

Er werd hem een boete van 6 gulden opgelegd.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0038  


Christoffel Boon en Coenraad Gerritsz waren veldwachters die door de landdrost waren gestuurd. In het jaar 1699 ging Willem Streefhals naar het huis van François Bastiaansz in De Peerl. Er was sprake van een slaaf die 3 of 4 maanden werd verborgen gehouden. De landdrost beschermde deze slaaf ook een tijd. Er werd beweerd dat zelfs als de landdrost met 10 veldwachters zou komen, men toch het wild voor zijn neus zou wegschieten.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0037  


Pieter Bekker en Hans Conterman hebben op 17 november 1698 een weggelopen slaaf genaamd Claas gestraft. Deze Claas was eerder naar de landdrost gegaan om te klagen dat Pieter Bekker zijn voorganger Andries Gousch zou hebben doodgeslagen. Claas werd vastgebonden, maar ontkent over een balk te zijn gehaald. Hij werd met een touw geslagen. Later is Claas weggelopen van de landdrost. De verdachte zegt hem te hebben achtervolgd naar Stellenbosch.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0036  


De soldaat Van Cubeek uit het Gulikkerland werd aangeklaagd. Hij diende onder kapitein Wees en werd beschuldigd van:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0034  


Pieter Bekker van Koningsbergen werd ondervraagd tijdens een rechtszaak. Hij was toen 37 jaar oud. Hij was 15 jaar eerder, in april, in Zuid-Afrika aangekomen als soldaat met een loon van 9 gulden per maand. Hij had 13 jaar voor de VOC gewerkt. Hans Contermen was ooit zijn knecht geweest. Hij woonde toen 5 of 7 jaar in het land buiten dienst van de VOC.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0035  


Op 14 juni 1710 werd in het Kasteel de Goede Hoop een verhoor afgenomen door Ejns Swellengnebel en Hendrik Bouman. Het ging over ernstige mishandelingen waarbij:

De ondervragers noemden dit barbaars en onchristelijk gedrag. Het document werd ondertekend door de ondervraagde persoon, de ondervragers en een secretaris.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0042  


Het verhaal gaat over een meisje (meid) die een hele nacht iets aan een ketting moest vasthouden bij het vuur. De vrouw ontkent dit. Er was ook sprake van een rat, genoemd naar Jochem, die stukken vel en vlees van een lichaam trok met een tang. Het dienstmeisje werd gedwongen dit vlees te kauwen en in het vuur te spuwen. Het meisje moest ook stukken vlees die op de grond vielen oprapen, in haar mond stoppen en kauwen.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0041  


De dienstmeid wordt ondervraagd over een voorval waarbij iemand haar mishandeld heeft. Matthijs Craal heeft de meid met zout en water bewerkt, daarna is ze met pis, zout en pek gewassen. Ze bevestigt dat ze aan een ketting in de schoorsteen is vastgemaakt en is geslagen met:

De meid werd ook aan een blok vastgeketend. Deze mishandelingen gingen door tot middernacht.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0040  


Dokter Justus Penning Benraath verklaart op verzoek van rechter Samuel Martini en met goedkeuring van gouverneur Louis van Assenburgh dat hij Marie, een mishandelde slavin van Pieter Bekker, heeft onderzocht en behandeld. De dokter constateerde dat er stukken vlees uit haar billen waren gesneden, waarschijnlijk met doornentakken of een ander scherp voorwerp. Het document werd ondertekend in Kaap op 16 juli 1710 en bevestigd door secretaris Thibault.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0065  


Dit is een beschrijving van een rechtszaak tegen landbouwer Pieter Bekker en Matthijs Craal. De zaak gaat over de mishandeling van een slavin genaamd Marie. De processtukken bevatten:

Het document is ondertekend door secretaris Shibault en P.M. de Neurs.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0097  


De tekst gaat over een rechtszaak aan de Kaap de Goede Hoop. De landdrost S.M. de Meurs klaagt 2 mensen aan:

Ze worden aangeklaagd voor:

De tekst beschrijft dat Pieter Bekker werd gekweld door een schuldig geweten. Dit zou erger zijn dan de zwaarste marteling. Zijn schuldgevoel wordt vergeleken met een donkere schaduw en een angstaanjagende kuil.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0085  


In het bijzijn van landmeter Samuel Marte Meurs en heemraden Dirk Coetzee en Warnar van den Brink werd een verklaring opgesteld over de mishandeling van een slavin. Deze verklaring werd ondertekend door de mishandelde slavin en secretaris Jan Maheu. E. Rhibault heeft als secretaris de juistheid van dit document bevestigd.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0071  


Op 6 mei 1710 legde Claas Elberth, een burger uit Stellenbosch, een verklaring af voor de secretaris Jan Maren van Stellenbosch en Drakenstein. Deze verklaring werd gedaan op verzoek van landdrost Samuel Martinis de Meurs.

Claas Elberth verklaarde dat hij op 25 april 1710 samen met Steeven ter Blancke naar het huis van Jan Roux in Drakenstein ging. Kort daarna kwamen Pieter Bekker, zijn vrouw en hun slavin daar ook aan. Pieter Bekker zei dat twee van zijn jongens dood waren en begraven waren. Hij beweerde dat hij hier getuigen bij had gehad.

De getuige zag dat de slavin er ziek en ellendig uitzag. Hij hoorde Pieter Bekker zonder reden zeggen "dat's voor de baas en dat's voor de juffrouw" terwijl hij in zijn handen wreef. Daarna vertrok de getuige met Steeven ter Blancke, zich ondertussen verwonderend over wat er was gezegd.

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0073  


Op 5 mei 1710 verschenen voor Jan Mahen, secretaris van Stellenbosch en Drakenstein, en twee commissarissen de burgers Steven ter Blanche en Pieter Mooij. Ze legden een verklaring af voor landdrost Samuel Martinis de Meurs.

Steven ter Blanche verklaarde dat hij op 25 april samen met burger Claas Elbertsz naar het huis van Jan Roux van Bloois in Drakenstein ging. Daar troffen ze Pieter Mooij aan. Even later kwamen Pieter Bekker, zijn vrouw en hun slavin binnen. Pieter Bekker vertelde dat zijn twee jongens over het rode land dood en begraven waren.

De slavin van Pieter Bekker was er slecht aan toe:

Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0077  


In Gent had een slavin, Marie, te maken met slechte behandeling door haar eigenaar Pieter Bekker.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0072  


De doktersrekening voor het genezen van de slavin van Pieter Bekker kostte 5 gulden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10996 / 0084  



Vorige paginaVolgende pagina

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/