archieftoegang 729, inventarisnummer 1904, pagina 33
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
hebben 1 w 13e r 18e bl het nominale bedrag van de door de vereeniging destijds te hunnen behoeve gestelde zekerheid heeft gestort, kunnen bij hun uittreden ten laste van het reservefonds aanspraak maken op één procent van het hoogste maximumbedrag, waar- voor te hunnen behoeve door de vereeniging zekerheid is gesteld. Artikel 43. Bij eventueele verhooging van het maximumbe- drag der zekerheid van eenig lid, is dat lid verplicht één procent van die verhooging te storten als inleggeld.— Bij tusschentijdsche verlaging van het maximumbedrag van de zekerheid van eenig lid, welke verlaging eerst kan ge- schieden zes maanden na daartoe strekkende opzegging, wor- den hem op den voet van in artikel 38 bepaald, terugbe- taald zijn depôts over het bedrag waarmede zijn zekerheid is verminderd. Artikel 44. Voor zoover de kosten van het beheer der ver- eeniging niet uit de renten van de belegging van het re- servefonds kunnen worden bestreden, zullen de leden geza- menlijk pro rata parte het meerdere van die kosten dragen. Artikel 45. Ieder lid, voor wien de vereeniging zekerheid heeft gesteld, is verplicht en neemt op zich de vorderin- gen, voortvloeiende uit de in artikel 2 genoemde bepalin- gen van den Staat der Nederlanden, stiptelijk binnen den daarvoor gestelden termijn te voldoen en zorg te dragen, dat de vereeniging niet worde aangemaand, noch verplicht, eenig bedrag voor hem te betalen. Artikel 46. Mocht desniettemin de vereeniging of een harer 1 w. 4e. v. 19e bl. Tiende leden ingevolge artikel 31 dezer statuten worden aange- maand om het verschuldigde voor een ander lid te betalen en zulks te wijten zijn aan diens schuld of onvermogen, dan verbeurt dat lid door die aanmaning alleen zijn aandeel de- pôt, onverminderd zijn verplichtingen om de vereeniging schadeloos te stellen. van datzelfde oogenblik af wordt hij geacht uit het lidmaat schap der vereeniging te zijn ontzet. Artikel 47. Commissarissen, gehoord den directeur, beslis- sen over de schuld of het onvermogen van het betrokken lid en zijn bevoegd de toepassing van artikel 46 geheel of ge- deeltelijk op te heffen. Hij, die zich door de uitspraak van commissarissen bezwaard acht, heeft beroep op de algemeene vergadering van leden, die alsdan in hoogste ressort hierover binnen een maand beslist. Artikel 48. Indien op de wijze, in artikel 47 omschreven, is vastgesteld dat de aanmaning niet aan de schuld of het onvermogen van het betrokken lid is te wijten, kan deze vol staan met de vereeniging geheel schadeloos te stellen door betaling van hoofdsom, kosten en intresten. Omslag bij aanmaning. Artikel 49. Zoodra de vereeniging of een harer leden door den Staat der Nederlanden wordt aangemaand of aangesproken om als borg voor een ander lid te betalen, treedt de direc- teur onmiddellijk in overleg met de commissarissen omtrent de te nemen maatregelen.
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/