Blader door transcripties » Noord-Hollands Archief
archieftoegang 1972, inventarisnummer 671, pagina 119



Gebruik tekstcoördinaten

Transcriptie

Jaagpad liggenden grond moet de fach
ter voldoende verkeering langs dat sad
stellen, bij nalatigheid in dezen verbeurt
hij telkens eene boete van vijf gulden
Behoudens die verplichting, zyn de pachters vrij
in het gebruik van den aangeplempten grond, be„
hoorende tot de Perceelen 31 en 33
Artikel 34. Het rietgewas, groeieerde tusschen het
Jaagpad en het Spaarne, mag over het pacht jaar
niet vroeger dan in Februari van het daarop vol„
gend jaar en nimmer als bladriet gesneden worden,
Onder verbeurte eener boete van vijftig gulden voor
iedere Overtreding
Met bevroren water kan het Suijden van het riet
tusschen het jaagpad en het Spaarne enkele dagen
vroeger door den Hoofd-Ingenieur van den Water.
staat te Haarlem worden toegestaan, doch moet
alsaan de schriftelijke vergunning van dien
Hoofdambtenaar vooraf aan den ontvanger
worden vertoond.

Artikel 35. De pachters moeten, zonder recht op
pachtvermindering te hebben, gedoogen, dat op de
gepachte gronden bagger of andere specie, afkom„
stig uit het spaarne en de belendende rijkswateren
wordt gelost en geborgen en dat die specie van
daar weder wordt weggehaald.
Eveneens moeten zij zich getroosten de aan de
genoemde gronden toegebrachte schade ten gevolge
van de uitvoering van rijkswerken aan de jaarka
den en de daarin liggende bruggen of het plaat„
sen van materialen ten dienste van die werken.
Artikel 36. Wanneer voor andere dan de gewone on„
derhouds- en herstellingswerken over ten minste een
twintigste gedeelte der bruikbare oppervlakte
van een pachtperceel is beschikt, wordt de pacht
verminderd in gelijke verhouding als het werke
lijk genot des pachters verminderd is, doch bij
Overstorten van baggerspecie alleen in het haar„
dat over de Oppervlakte is beschikt geworden
In de volgende jaren mag met goedvinden van
de Directie van den Waterstaat op dien aange„
plempten grond desverkiezende door de packters
geteeld worden
Ingeval die beschikking plaats heeft na de eer„
„ste doch voor de tweede smede van het gewas, bedraagt
de bedoelde pachtvermindering een derde van het
bedrag, waarmede de pacht zoude verminderi
zyn, als het genot over het geheele jaargemist
werd.
Hebben de pachters daarentegen gedurende het
vier
loopende pachtjaar reeds het volle genot van den
grond gehad, dan wordt de pacht niet vermin„
derd.
Artikel 37. De pachter van het Stukje land bui„
ten de beiisloot van het saagpad langs het Zuider
Spaarne, Perceel 31, is verplicht de omringende
sloot schoonen op behoorlijke diepte te houden,
daaromtrent te voldoen aan de verplichtingen
van den staat uit gemeente- of waterschapsveror
deningen voortolverende en alle boeten wegens over
treding dier verordeningen op zich te nemen.
De prachter van Perceel Nommer 33 is verplicht
de grensscheiding, zichtbaar en in goeden staat
te houden en te doen eerbiedigen
Nadat de Voorwaarden in het openbaar waren voor
gelezen, is tot de verpachting overgegaan en is de uit„
slag daarvan, als volgt:
Perceel Een is voor een honderd vijf en twintig gulden
gepacht door en gegeend aan Willem Hendrik de Vries,
handbouwer te Spaardam, voor wiei zich borgen
hebben gesteld Hendrik Willem de Huies en Dirk
Rastendorp, beiden Landbouwer, te Spaarn
dam, die allen onmiddellijk na voorlezing hebben
geteekend
WH de Vrien.
J6 Vde drer D. Harterdorp
Perceel Twee is voor zeventig gulden gepacht door en
gegund aan Marcelus Rutte, Landbouwer, te
Haarlemmerliede en spaarnwoude voor mee zic
borgen hebben gesteld Antonius Rutte en Hendr
cus de tries, handbouwers, aldaar die alhier om
middellijk na voorlezing hebben geteeken Nico.
laas Vriesekoop, handbouwers aldaar, die alhier
onmiddellyk na voorlezing hebben geteekend
M Rutte A Rutte Zn vriesckoop
Perceel Drie is voor Vier en zestig gulden gepacht
door en gegund aan Johannes van der Aar, hand
bouwer te Haarlemmerliede en Spaarwoude
voor wien zich borgen hebben gesteld Simon van
der dar en Jacobus van der Aan, Landbouwers
aldaar, die alhier ommiddellijk na voorlezing
hebben geteekend.
J V Daar D Van der Aar 1z
J JC van der Aar
Perceel Vier is voor twee honderd zestig gulden

Bronvermelding

Noord-Hollands Archief, archieftoegang 1972, Notariële akten van notarissen te Haarlem (Nieuw Notarieel Archief Haarlem), inventarisnummer 671, Loeff, Willem Karel (Carel), 1877-1909, Akten, 1899; nrs. 7484-7620



 Ga naar de vorige pagina (118) Nieuwe zoekopdracht

U bent nog niet ingelogd

Inloggen
Geen abonnee? Bekijk de abonnementen

Scan + Transcriptie


Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien

Kunstmatige intelligentie (AI)

De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/