archieftoegang 499, inventarisnummer 225, pagina 10
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Wat ook de betekenis is van het eetste deel van de zin in de Begeerte ( en in de oorkonden van Gwijde en Willem IV ), de Amsterdammers geven toe dat ' in besvoere kerve ' moet worden uitgezonderd . Indien zij over hun goederen buiten de vrijheid van Amsterdam in het geheel geen belasting hoeven betalen , vinden zij zelf dat de goederen ' in besvoere kerve ' van die vrijstelling zijn uitgesloten , evenals wanneer zij slechts binnen Amsterdam zouden moeten betalen over hun elders gelegen goederen . In dat geval gaat dat voor goederen ' in besvoere kerve ' niet op . Wat betekenen die drie woorden ? In het Middelnederlandsch Woorden- boek van Verdam wordt als betekenis van deze woorden gegeven onder het lemma ' besweren ': ' eene wettige bede ' en bij het lemma ' kerve ': ' volgens de wettige kerfstok ' 1 . Het bijvoegelij ke naamwoord ' besvoere ' uitgelegd als ' wettig ' zou dan kunnen staan tegenover ' onghelt ' in het eerste deel van de zin , uitgelegd met M . Lexer en A . Lubben 2 , in de door hen veronderstelde oorspronkelijke betekenis van een betaling zonder rechtsgrond , dus onwettig . ' Kerve ' is dan de kerfstok , de stok waarop voor de analfabeet de betaalde termijnen ( door kerven ) werden aangegeven . Daaruit viel af te leiden hoeveel termijnen nog betaald moesten worden . Op het eerste gezicht een voor de hand liggende en bevredigende ver- klaring , en de betekenis van de zin is dan dat het voorrecht slechts geldt voor die goederen waarover geen wettig verplichte betaling noodzakelijk is 3 . Toch wekt dit enige achterdocht . Want waarom zouden de Amsterdammers een voorrecht vragen tot niet betalen of tot betalen maar dan binnen Amsterdam van belastingen en waarom zouden zij wat wettig betaald moet worden daarvan uit- zonderen ? Was dan niet alles uitgezonderd behalve de onwettige bede , die ze natuurlijk niet hoefden betalen omdat die onwettig was ? De voorbeelden bij Lexer en Lubben geven het al aan . Ongeld is de belasting in de ruimste zin : tolgeld , accijns , belasting op levensmiddelen , etc . 4 . De achterdocht wordt ver- groot door Verdams ' twee voorbeelden , op basis waarvan hij tot ' wettige bede ' kwam . Allereerst geeft hij de tekst uit de Begeerte die hier behandeld wordt . De tweede tekst is afkomstig uit de rekening van Amstelland van rentmeester en baljuw Florans van der Bouchorst over 1344/5 . Is het al opvallend dat beide teksten uit dezelfde tijd en uit dezelfde omgeving stammen , opvallender is het dat de beide teksten geen duidelijke aanwijzing geven voor de veronderstelde betekenis ' wettige bede '. De tekst van de uitgaverekening luidt : ' Item van een sticke lants dat mijn here van Holknt in der ghesworen kerve tot Aemstelreveen ( heeft ) vanden scote 4 se . 8 d .' 1 , Met de abstracte betekenisverklaring van Schel- tema , Pijnacker Hordijk en Verdam komen we in deze uitgavepost niet ver . Het zou betekenen in het gunstigste geval dat de graaf over eigen land in het Amstel- veen d.w.z . in het veengebied aan de Amstel 2 de door hem zelf vastgestelde bede ( die natuurlijk wettig was ) aan zichzelf betaalde . Immers , hij was vanaf mei 1317 heer van Amstelland . Een nogal onlogische constructie . Ook het gebruik van het lidwoord (' in der ghesworen kerve ') doet geenszins aan de abstracte betekenis- bepaling van Verdam denken . Door het voorzetsel ' in ' lijkt meer een plaatsbe- paling bedoeld dan ' volgens de wettige bede '. Voor de gedachte , dat besvoere kerve een plaatsaanduiding is , kunnen niet weinig aanknopingspunten gevonden worden . In de eerste plaats is dat bij Wage- naar in zijn Beschrijving van Amsterdam . Bij zijn beschrijving van ' Voornaamste Bezittingen Amsterdams ' komt ook de ambachtsheerlijkheid Kudelstaart aan de orde . Amsterdam bezet deze heerlijkheid in de achttiende eeuw ' zover dit Am- bacht tot Holland behoort '. Het werd door Amsterdam aangekocht uit de graaf- lijkheidsdomeinen in 1724 3 , met de bedoeling , zegt Wagenaar , te waken tegen het ' verder slagturven of veenen , en voor ' t onderhoud van den weg of dijk in dit Ambacht , zynde den naasten ryweg naar Leiden , Gouda en Rotterdam : de doortogt naar welke steden verhinderd zou worden zo deeze weg bedorven werdt , door ' t veenen digt aan denzelven '. Wagenaar meldt 4 : " t Gene , in dit Ambacht , beoosten den dyk of ryweg , gelegen is , behoort , onder ' t Stigt van Utrecht , en aan de Proostdye van S . Jan aldaar : schoon het , voor een groot gedeelte , Hol- landsche lasten draagt . De weg zelf , zynde een Heerenweg , en ' t gene ten westen van den zelven legt behoort onder Holland . De Kerk van het Dorp staat op Stigtschen bodem , en onder den Classis van Utrecht '. Na mededelingen omtrent kerk en kerkmeesters ( gekozen door de schouten van Kudelstaart en van den Uithoorn ) volgt een kort verhaal over de kerkklok van de kerk : ' De Kerkklok , in ' t jaar 1747 , ter gelegenheid der verheffinge van Prinse Willem Karel Henrik Friso tot Stadhouder , aan stukken geluid zynde , werdt ' er , in ' t volgende jaar , een nieuwe klok in den tooren gehangen , waarop te lezen staat : Ook Scheltema , a.w ., p . 28 noot 2 . Resp . Mittelhochdeutsches Handwörterbuch , Leipzig , 1872-1878 en Mittelniederdeutsches Hand- wórterbuch , Leipzig , 1888 . Ook Pijnacker Hordijk , in Nieuwe Bijdragen voor Rechtsgeleerdheid en Wetenschap , deel V 1879 ( 6-57 naar Scheltema ): ' In gesworen ( besworen ) kerve : naar de kerven die door de gezworenen op den kerfstok gesneden waren ter bepaling van het aandeel , dat ieder in de grafelijke beden en belas- tingen te dragen had ; volgens de wettige kerfstok '. Lexer : ' indebitum quod vulgo ungelt dicitur ' ( oorkonde van 1290 ). Lubben naar Brinckmeyer- vexatio seu exactio quod vulgo dicitur ungelt ' en ' zol vel ungelt ' en ' assysiam seu collectam que ungelt vulgariter nuncupatur '. 1 Ed . H . G . Hamaker , in Werken van het Historisch Genootschap , nieuwe reeks , nr . 21 , 1875 , p . 354 . Verdam merkte terecht op dat het werkwoord schijnt te ontbreken . ' Heeft ' is wellicht te suggestief . 2 Van het dorp met de naam Amstelveen was nog geen sprake ; dat heette Nieuwer-Amstel naar Ame- stelle , dat Ouder-Amstel (= Ouderkerk ) is geworden na de afsplitsing . 3 GA Amsterdam , Archief Burg . Ambachtsheerlijkheid Rijnland , Port . 5 inv . 2 ° deel K 9-14 : Gondi- tiën en Voorwaarden van de verkoop door de Staten van Holland en West-Vriesland en de aankoopdoor burgemeester Johan van de Poll op 19 en 20 oktober 1724 . 4 J . Wagenaar , Amsterdam in zyne opkomst , aanwas , geschiedenisse , etc , Amsterdam , 1767 , Derdestuk , Vyfde deel , Tweede boek , Voornaamste bezittingen der stad , p . 75/6 . 14 15
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 225, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 64, 65 en 66, 1972-1974
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.