archieftoegang 499, inventarisnummer 230, pagina 11
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
versité de Louvain ' van A . Schillings , lopende over de periode van 31 augustus 1485 tot 31 augustus 1527 . Want daarin kon men de inschrijving van 10 mei 1518 van een Cornelius , zoon van Anthonius , clericus van Amsterdam vinden , aan wie zowel Antoine de Smet in zijn artikel over de cartografische opleiding van Leu- ven , dat oorspronkelijk in 1967 verscheen en in 1979 werd herdrukt , voorbijging , als in 1983 C . Koeman in zijn grote werk over zes eeuwen kartografie van Neder- land . 5 Voor mij , die in 1986 met een speciaal artikel over Cornelis Anthonisz , ge- wijd aan al zijn facetten , kwam , was het echter geen excuus dat deze grote voor- gangers hem niet hadden genoemd , want ik had hem daar zeker als mogelijkheid moeten geven , toen ik daar zeer zorgvuldig alle personen van die naam de revue liet passeren . Pas dank zij het symposion werden mijn ogen voor deze inschrijving geopend . En zo wordt voor de eerste maal in dit Jaarboek in 1987 op deze inschrij- ving gewezen en het waarschijnlijke verband gelegd met de Amsterdamse kunste- naar , die zich zo veelzijdig toonde op verschillende gebieden . Uit het standaardwerk ' De Universiteit te Leuven ', dat in 1976 verscheen , vertel ik allereerst iets over de studie daar . Voor het afleggen van het baccalaureaat en het licentiaatsexamen en het behalen van de graad van magister moest men resp . de leeftijd van 14 , 18 en 19 jaar hebben bereikt . Toelatingsvoorwaarden bestonden er niet en dus ook geen leeftijd was vastgelegd . Vives vertelt uit de tijd van circa 1520 , dat er meestal vijf colleges per dag werden gegeven , één heel vroeg , twee voor de middag en twee na de middag . In de faculteit van de artes werd algemeen vormend onderwijs gegeven , philosophisch en natuurwetenschappelijk . Over de kosten van het studeren zijn alleen uit 1449 en circa 1500 gegevens te vinden . Een student blijkt in deze laatste periode gedurende twee jaar en drie maanden 134 £ en 3 schellingen gespendeerd te hebben . De studenten van 1518 deden in een opwindende tijd hun intree te Leuven . Het was allereerst de tijd van de oprichting van het College Trilingue , waar door drie professoren Latijn , Grieks en Hebreeuws werd onderwezen . Volgens een mede- deling van Erasmus studeerden in 1521 daar 500 studenten . Erasmus vertoefde van 1517 tot dat j aar 1521 in Leuven . Hij werd in 1519 zelfs verdacht daar de door Fro- ben in Bazel gedrukte sermoenen en 95 stellingen van Luther te hebben binnenge- smokkeld op het eind van het jaar 1518 . In 1519 kwam een protest hiertegen . In dat jaar kondigde Alardus van Amsterdam aan , dat hij in het College Trilingue over een theologisch werk van Erasmus wilde spreken . Daar hij niet op de rol van de Universiteit was ingeschreven kwam hiertegen verzet van de theologische fa- culteit . Groeperingen van studenten in naties waren er in deze tijd vermoedelijk nog niet en later , toen ze wel voorkwamen , speelden ze geen grote rol . Onder ' Hol- landia ' werden toen ook de andere noordelijke gewesten ondergebracht . Het aan- tal studenten uit het Noorden was van ouds groot . Van 1528 tot 1568 werden b.v . niet minder dan 222 Amsterdammers ingeschreven . Maar wat had men voor mogelijkheden om de cartografie te leren ? Bekend is , dat Leuven na 1530 een belangrijk middelpunt daarvoor werd . Die vraag stelde De Smet zich al in 1967 in een artikel in een Feestbundel voor L . G . Polspoel . Hij wees op het atelier van Gaspard van der Heyden , die te Leuven als artifex en mathema- ticus de eerste globe voor Franciscus monachus of Frangois de Malines maakte in 1528/29 . Deze Franciscus werd vermoedelijk in 1505 of 1510 als student inge- schreven . In 1520 werd de bekende cartograaf Jacob van Deventer op 24 april in- geschreven . In 1526 volgde Gemma Reyneri uit Groningen , die later als Gemma Frisius een grote rol aan de Universiteit van Leuven zou spelen . De beide laatsten werden opgeleid tot geneesheren . Ze moeten echter ook in het vak , waarin ze kter zouden uitmunten , onderwezen zijn . De Smet vertelt dan , dat vooral geneesheren de mathematica doceerden . Dat gebeurde al in de 15e eeuw . Voor het begin van de 16e eeuw noemt hij als de belangrijkste docenten Martinus Dorpius , Johannes Nijs Driedo of Driedoens uit Turnhout , die 24 april 1499 magister artium en 17 augustus 1512 doctor in de theologie werd , en Henricus Fine , die eerst artes , later geneeskunde beoefende en op 19 december 1516 op een drievoudig proefschrift promoveerde . Tenslotte volgen nog Ulbertus Pigghius , die in 1509 tot magister artium in Leuven promoveerde en daarna onder Driedo mathematica studeerde , en Cornelius Scepperus of de Schepper , geboren in 1503 in Nieuwpoort , die 3 de- cember 1522 in Leuven aan het college Trilingue werd ingeschreven . Cornelis Anthonisz werd - zoals ik reeds vertelde - niet door De Smet ge- noemd . Nu is het voor mij eenvoudiger na alle onderzoekingen om uit te maken , wie hier bedoeld kan zijn , dan dat in 1967 voor De Smet was . Twee candidaten , de schoenmaker- olieslager Cornelis Anthonisz en Cornelis Anthonisz Roothooft , vallen weg , omdat ze te jong zijn . Roothooft was in 1518/19 geboren en leefde zelfs misschien nog niet . Hier wil ik wel nog speciaal vermelden , dat het befaamde testament van 1539 van Cornelis Anthonisz , die de Keizer op zijn tocht naar Afri- ka zou vergezellen , van hem was en niet van de schilder ! Als serieuze candidaat blijft nog slechts één andere Cornelis Anthonisz over dan de schilder . Dat was Cornelis Anthonisz de wisselaar , die net als de laatste voor de eerste maal in 1527 in een akte optreedt . Hij werd in 1544 schepen en in 1547 raad , welke ambten de schilder daardoor ook al van ouds op zijn naam heeft gekregen . Gezien hun latere carrière is echter de schilder een veel aannemelijker candidaat voor de clericus Cornelis Anthonisz , die zich op 10 mei 1518 in Leuven liet inschrijven . We weten niet , hoe lang de jongeman , die toen blijkbaar voor de geestelijke stand bestemd was , daar heeft gestudeerd . Dat gebeurde echter stellig in de faculteit van de artes en zoals we van De Smet hebben geleerd , daar kon hij heel wat opsteken voor zijn latere diverse bezigheden . Tot nu toe heeft men zich over zijn veelzijdigheid verbaasd , maar met enige studiejaren in Leuven , van vijf colleges per dag , kan men heel wat bereiken . Het geld voor de studie was er zeker , althans bij zijn grootouders van moeders kant . Ook de bestemming tot geestelijke van de vermoedelijk oudste kleinzoon , lijkt daar bijzonder te passen . Van de lagere wijdingen - acolyth , exorcist , lector 16 17
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 499, Archief van het Genootschap Amstelodamum, inventarisnummer 230, AANVULLING 2006, Jaarboeken, nummers 1 - 92, 77, 78 en 79, 1985-1987
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie (AI)
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning.
De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
De transcriptie van het historische document is gemaakt met behulp van geautomatiseerde handschriftherkenning. Er kan hier ook geautomatiseerd een samenvatting van worden gemaakt in hedendaags Nederlands.
Om gebruik te maken van deze functionaliteit dient u een abonnement te hebben.