archieftoegang 31375, inventarisnummer 501, pagina 37
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
10 juli 1957 Verlichting scholen (Gortzak e.a.) Verlichting scholen 815 Gemeenteblad afd. 2 den gebruikt.’ Deze mededeling spreekt naar zijn mening voor zichzelf. De gemeentelijke inspectrice schrijft: „Daar het hier een verlichtings-technische aangelegenheid betreft, leg ik mij gaarne neer bij het advies door Uw deskundige ambtenaar uitgebracht.” Het kan zijn, dat in het advies van die deskundige ambtenaar staat, dat de mededeling in de aanvrage enigszins overdreven is, doch spreker wil er op wijzen, dat dit advies niet bij de stukken is overgelegd. Hij moet dus aannemen, dat het advies in overeenstemming is met de aanvrage, want Burgemeester en Wethouders stellen voor, de aanvrage in te willigen. Spreker zou het zeer op prijs stellen, als in het vervolg een dergelijk advies ook werd overgelegd, want dan kunnen de raadsleden zelf beoordelen, of hetgeen Burgemeester en Wethouders mededelen, inderdaad juist is. De conclusies der preadviezen worden zonder hoofdelijke stemming goed- gekeurd; de Raad neemt mitsdien de bij de preadviezen overgelegde besluiten. 21° Preadviezen van Burgemeester en Wethouders van 28 juni 1957, op de aanvragen van bijzondere schoolbesturen, om beschikbaarstelling van gelden voor de aanschaffing van meubilair, leermiddelen enz. voor hun lagere scholen. De conclusies luiden, de gevraagde medewerking te verlenen. a Aanschafing gymnastiekmeubilair school Eerste Keucheniusstraat 32 (no. 619). De heer GORTZAK wil gaarne een vraag stellen ten aanzien van de onder b genoemde aanvrage van het R.K. Parochiaal Kerkbestuur van de H. Anna, om in de twee beneden-klaslokalen van de St. Gerardus Majellakleuterschool, Grote Wittenburgerstraat 9/17, een nieuwe elektrische verlichting aan te bren- gen. Hiervoor wordt een bedrag van f 500 gevraagd. Burgemeester en Wet- houders delen in het preadvies mede: ‚Aan de beoogde voorzieningen zal, gezien de huidige moeilijke financiële omstandigheden, eerst op een later tijd- stip uitvoering kunnen worden gegeven. Met het schoolbestuur zal daarover overleg worden gepleegd.” Door de Wethouder is gezegd, dat de laatste tijd veel van dergelijke aan- vragen zijn ingediend en dat Burgemeester en Wethouders het openbaar en het bijzonder onderwijs op gelijke wijze willen behandelen. Naar sprekers me- ning zou het een schandaal zijn, als het openbaar onderwijs bij het bijzonder onderwijs ten achter zou worden gesteld, maar daar gaat het thans niet om. Ook ten aanzien van een openbare school zouden onmiddellijk maatregelen genomen moeten worden, als de lichtleiding van die school gevaar zou op- leveren, vooral omdat het Gemeentebestuur voor een dergelijke school de directe verantwoordelijkheid draagt. Spreker is dus voor een gelijke behande- ling in die zin, dat noch in een openbare school, noch in een bijzondere school kleuters aan gevaren blootgesteld mogen worden, welke kunnen voortvloeien uit een slechte lichtleiding. Mocht derhalve inderdaad blijken, dat er in de bedoelde school acuut gevaar aanwezig is, dan hoopt spreker, dat Burgemeester en Wethouders direct de nodige maatregelen zullen nemen om dit gevaar op te heffen. Spreker doet het een weinig vreemd aan, dat deze f 500 de Gemeente de nek zou breken, maar het wordt nog vreemder, als men leest, op grond waarvan de aanvrage is ingediend. Uit de aanvrage citeert spreker: ‚De tegenwoordige verlichting verkeert in een dermate slechte toestand, dat ze niet meer zonder gevaar kan gebruikt worden.” Spreker neemt aan, dat het is, zoals het school- bestuur het heeft geschreven, want op grond van het rapport van een technisch ambtenaar gaat de Onderwijsinspectie met de aanvrage akkoord. De Gemeente wil dus tijdelijk f 500 niet uitgeven, doch wel de kinderen in de school in levensgevaar laten verkeren, omdat de elektrische leidingen niet in orde zijn en niet zonder gevaar kunnen worden gebruikt! Als de situatie inderdaad is, zoals in de aanvrage wordt gesteld — en hij neemt aan, dat dit het geval is, want anders zouden Burgemeester en Wethouders niet met het voorstel komen, de aanvrage in te willigen — dan is hij van mening, dat die leiding zo snel mogelijk in orde gemaakt moet worden, opdat zij geen gevaar voor de kleuters meer kan opleveren. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, merkt op, dat de mededeling, dat een verouderde voorziening gevaar oplevert, niet altijd juist is, aangezien de meeste mensen, die in een oud huis wonen en vernieuwing wensen, in de regel dit punt aanvoeren. Spreker kan niet zeggen, of in dit geval de mededeling juist is. Hij neemt aan, dat, als men een elektricien deze lichtleiding zou laten onderzoeken, deze ongetwijfeld zal zeggen, dat deze leiding wel eens gevaar kan opleveren. Het gaat hier echter om de vraag, of er sprake is van acuut gevaar. Burgemeester en Wethouders zullen dit laten onderzoeken en mocht blijken, dat er inderdaad acuut gevaar aanwezig is, dan zullen zij niet aarzelen, de nodige maatregelen te nemen. De VOORZITTER, wethouder DE ROOS, merkt op, dat hij de heer Gortzak tot op zekere hoogte kan geruststellen. Gebleken is nl. dat er geen acuut gevaar bestaat. Het is met deze verouderde elektriciteitsvoorzieningen meestal zo, dat vervanging wel degelijk gewenst is, zonder dat onmiddellijk tot vervanging behoeft te worden overgegaan. Burgemeester en Wethouders hebben de laatste tijd een reeks van dergelijke verzoeken van allerlei scholen, openbare zowel als bijzondere, ontvangen. Aangezien hun echter van een bij- zonder gevaar niets gebleken is, spreekt het welhaast vanzelf, dat zij op het ogenblik, een gelijke behandeling van het openbaar en het bijzonder onderwijs voor ogen houdende, de realisering van dergelijke aanvragen even laten rusten, totdat de financiële omstandigheden het weer mogelijk maken, de vele aan- vragen van deze soort in te willigen. Aangezien in het onderhavige geval dus niet gesproken kan worden van acuut gevaar, kan de Raad zonder bezwaar het voorgestelde besluit nemen. Ten overvloede zullen Burgemeester en Wet- houders echter nog laten nagaan, of inderdaad geen acuut gevaar aan- wezig is. Mocht het nodig zijn, bepaalde maatregelen te nemen, dan zullen Burgemeester en Wethouders ongetwijfeld zo spoedig mogelijk op deze zaak terugkomen. Blijkt de situatie geen onmiddellijk gevaar op te leveren, dan blijft deze aanvrage in portefeuille, totdat zij kan worden uitgevoerd. Wat betreft de opmerking van de heer Gortzak over een gelijke behandeling, wijst spreker er op, dat die gelijke behandeling vanzelfsprekend betrekking heeft op de aanvragen tot wijziging van de leidingen, die verouderd zijn. Hij heeft daarbij niet over gevaar gesproken. Als er acuut gevaar dreigt, dan moet er natuurlijk onmiddellijk ingegrepen worden. De heer GORTZAK merkt op, dat hij de Wethouder dankbaar is voor de toezegging, die door hem is gedaan. Spreker zou er echter op willen aandringen, de Raad voortaan beter in te lichten, want als de situatie is, zoals de Wet- houder het doet voorkomen, dan wordt de Raad in de stukken niet goed voor- gelicht en als de situatie is, zoals in de stukken staat, dan is de Wethouder niet juist ingelicht. In de aanvrage staat nl.: „De tegenwoordige verlichting ver- keert in een dermate slechte toestand, dat ze niet meer zonder gevaar kan wor-
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 501, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 2, deel 2 van 2, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/